Internationale erkenning ebola-epidemie in Oost-Congo

Ebola in Congo: de bevolking wantrouwt de bestrijders meer dan de ziekte

WHO (CC BY-SA 2.0)

Een ebola-bestrijder (niet in Oost-Congo) in 2015

De ebola-epidemie in Oost-Congo is als vanzelfsprekend een bedreiging voor de regio. Dat is ze altijd geweest, vanaf de eerste dag dat ze werd vastgesteld in dat dichtbevolkte grensgebied.

Toch heeft het expertencomité van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) tot drie keer toe geweigerd om de internationale draagwijdte van de ebola-epidemie te erkennen. Nu is dat veranderd: twee feiten hebben het WHO-comité ervan overtuigd om in een vierde zitting deze epidemie uit te roepen tot een internationale noodsituatie.

Er was een eerste ebola-geval in een gemengde Oegandees-Congolese familie in het Oegandese grensdorpje Bwera, vorige maand. De overlevende zieken werden naar Congo teruggestuurd voor behandeling. En er was een predikant in de stad Goma deze week (op de grens met Rwanda), die stierf tijdens zijn terugreis naar het behandelingscentrum van Butembo.

Erkenning werkt averechts

De internationale gemeenschap verheugt zich over de beslissing van de WHO, maar het ziet ernaar uit dat het nieuws in Congo het omgekeerde effect heeft. Het is al erg moeilijk ebola aan te pakken in de context van voortdurende aanvallen van gewapende groepen en veralgemeende onveiligheid. Maar de grote reden waarom deze uitbraak maar niet onder controle geraakt, is het dominante gevoel bij de bevolking dat de epidemie winstgevend is voor een kleine elite.

De bestrijding van het virus brengt 'te veel geld' binnen, waar een geprivilegieerde elite van profiteert, redeneert men.

Daarom, is de redenering, wordt er veel te weinig gedaan om echt komaf te maken met het virus. De ebola-bestrijding brengt te veel geld binnen in het land, en daar profiteren niet de mensen maar de weinige geprivilegieerden van. De minister en het hele bestrijdingsteam worden er door steeds meer mensen, inclusief een groeiend aantal intellectuelen, van verdacht de epidemie aan de gang te houden, om nog meer te kunnen profiteren.

Die redenering heeft uiteraard een fnuikend effect op de houding van vele ebola-zieken. Ze geven zich niet spontaan aan bij de eerste symptomen, omdat ze vrezen te worden misbruikt als een van de nu meer dan 1600 doden die elke dag in kille statistieken opduiken.

De kersverse beslissing van het WHO-comité versterkt dat gevoel. ‘Dat is precies waar het bestrijdingsteam nu al maanden op aanstuurt’, hoorde ik gisteren uit de mond van enkele mensen. Mensen die niet de minste twijfel hebben over het bestaan van het ebolavirus, maar die wel beseffen welk pervers effect deze beslissing zal hebben op zoveel mensen wiens vertrouwen in de hele ebola-bestrijding al erg laag was.

‘Ik moet zo snel mogelijk aan een vaccin zien te geraken’, hoorde ik iemand zeggen, ‘want het aantal nieuwe besmettingen zal door deze beslissing nu opnieuw stijgen.’

De rangen sluiten

De minister van Gezondheid hoort steeds luidere oproepen tot zijn ontslag opduiken wegens incompetentie. Hoewel hij in zijn officiële bericht de beslissing van het WHO-expertencomité aanvaardt, voelt hij van waar de wind waait. Hij zegt letterlijk, en dat vanaf de tweede zin in het bericht:

‘Ik hoop dat deze beslissing niet ingegeven is door de groeiende druk van betrokken partijen om meer middelen vrij te maken voor humanitaire actoren, ondanks de potentieel nefaste en onvoorspelbare gevolgen voor de getroffen gemeenschappen, die voor hun overleven afhangen van de grensoverschrijdende handel.’

En dan probeert hij zich af te schermen tegen de groeiende beschuldigingen van eigenbelang, bij wat wordt gezien als het bestendigen van de ebola-epidemie in plaats van de bestrijding ervan. In het persbericht zet hij de regering uit de wind en valt hij zijn partners aan:

‘Terwijl de regering openlijk met partners en donoren blijft delen op welke manier de toegekende middelen worden aangewend, hopen we op een grotere transparantie in de verantwoording van de fondsen die de humanitaire actoren ter beschikking worden gesteld.’

Dit is niet de manier waarop je de rangen sluit, zo verbreek je ze. Hoeveel energie zal nu weer niet worden verkwanseld om de gebroken potten te lijmen?

De beslissing van het WHO-expertencomité vergroot in één klap het wantrouwen.

Ook al heeft de WHO uitdrukkelijk gezegd dat er geen reden is om grenzen te sluiten of reizen te ontmoedigen, het echte probleem is en blijft het vertrouwen van de mensen in de motieven van diegenen die het virus bestrijden. De beslissing van het expertencomité vergroot in een klap het wantrouwen, zelfs bij diegenen die tot nu toe het voordeel van de twijfel gaven aan de bestrijdingsteams.

De intentie van het WHO-expertencomité en de perceptie van hun beslissing door de burger staan diametraal tegenover elkaar. Voor een groeiende groep mensen is de internationale gemeenschap nu medeplichtig aan het bestendigen van de epidemie.

Dit had moeten en kunnen worden voorkomen door vooral meer te investeren in betere en hechtere connecties tussen de bestrijdingsteams en de bevolking. Daar kan geen enkel internationaal noodsignaal iets aan veranderen. Integendeel, dat maakt de achterdocht alleen maar groter.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Globochtoon

    ‘Van waar ben je?’. De vraag zet me elke keer aan het denken. Van waar je geboren bent? Dan ben ik van Rwanda. Van waar je ouders komen?