Een nieuw jaar, een nieuwe voedselcrisis?

Dit weekend (15 en 16 januari) voert de ngo Vredeseilanden in heel Vlaanderen campagne met de slogan ‘Boeren verdienen meer’. In deze campagne wordt opnieuw aandacht en steun gevraagd voor boerenfamilies wereldwijd. In dit opiniestuk legt Luuk Zonneveld van Vredeseilanden uit waarom deze campagne zo belangrijk is.

Tunesië en Algerije kraken momenteel onder de sociale onrust. Een cocktail van onvrede met een autoritair regime, torenhoge werkloosheidscijfers en piekende voedselprijzen drijft de stedelijke bevolking tot driest protest. Het is slechts een voorbode, want in 2011 is de voedselcrisis en de daarmee gepaarde onrust terug van nooit helemaal weggeweest.

De vicieuze cirkel van afhankelijkheid

Net als in 2008 zien we dat stijgende voedselprijzen het hardst toeslaan in die regio’s die afhankelijk zijn van import zoals Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Zij draaien stilaan de laatste bladzijden van een failliet scenario.

Dat scenario leest ongeveer als volgt. Men verwaarloost de eigen landbouw en het platteland. Mensen trekken er weg, richting steden. Daar is ook amper werk, maar de mensen moeten er wel eten. Eten dat van het platteland zou moeten komen, maar daar ligt de landbouw lam of rest er enkel nog exportgerichte landbouw. Dan maar voedsel importeren en/of beroep doen op voedselhulp. Zo goedkoop mogelijk, want anders mort het volk. De lokale landbouw kan niet concurreren met de import en glijdt nog verder weg, waardoor nog meer mensen het platteland verlaten richting steden.

Aanvankelijk lijken de gevolgen nog mee te vallen. Landen als Tunesië, Egypte of Senegal slaagden er zelfs lange tijd in een façade van stabiliteit en economische vooruitgang op te houden. Tot de prijzen op de wereldmarkt stegen. Veel is er niet nodig om zulke schokken te veroorzaken op de sowieso al instabiele internationale voedselmarkten: berichten over mislukte oogsten, druk van speculanten, stijgende consumptie in groeilanden, stijgende vraag naar agrobrandstoffen. Rationeel of irrationeel? Feit is: de prijzen schieten op korte tijd de hoogte in. En dan stort het kaartenhuis in elkaar. De prijzen maken kwantumsprongen. Rellen en instabiliteit zitten bij in het pakket, wanneer miljoenen mensen in voedselonzekerheid gedreven worden.

De weg uit de vicieuze cirkel

Die vicieuze cirkel is te doorbreken, maar vergt wel een duidelijke politieke keuze: de (weder)opbouw van de eigen familiale landbouw. Wat daarvoor nodig is? Veel, maar in de eerste plaats wat iedere economische sector nodig heeft: investeringszekerheid. En dat vraagt op zijn beurt: stabiele, kostendekkende prijzen, over een langere periode.

Het is een cruciale keuze, waarvan we de consequenties niet moeten verhullen. De keuze voor een landbouwbeleid gericht op de voedselzekerheid van de eigen bevolking zonder afhankelijk te zijn van import, botst met de korte termijn doelstelling van goedkoop voedsel voor de steden. Tot nu vormde dat de kern van het beleid in tal van landen. In die mate dat de import van voedsel verweven is geraakt met de macht van een “importbourgeousie” . Mensen binnen regeringen verdienen dikwijls een aardige percent aan import en houden kiezers koest door voedsel uit de delen.

Groei dankzij familiale landbouw, die op een stevig kader van de overheid kan rekenen is geen naïef droomverhaal.

Wie kan daar iets aan doen? Uiteindelijk alleen een sterke civiele maatschappij. Boerenorganisaties op kop, die transparantie en democratisering afdwingen. Die eisen om de import te stabiliseren door taksen te innen en daarmee de eigen landbouw duurzamer en performanter te maken.

Wat als de kostendekkende prijzen voor de boeren te hoog zijn voor de armsten in de steden? Honger is in dat geval zeer duidelijk geen gevolg van een tekort aan voedsel, maar van een gebrek aan inkomen om eten te kopen. De kosten van een sociaal vangnet om dat gebrek aan koopkracht op korte termijn te compenseren, vervallen in het niets bij het drama van een verpauperde landbouw waarbij boeren niet kunnen leven van hun werk .

Bestendige economische en sociale ontwikkeling creëer je tenslotte niet op een wankele basis van een verarmd platteland. Groei dankzij familiale landbouw, die op een stevig kader van de overheid kan rekenen is geen naïef droomverhaal. Het is de weg die de EU, de VS, Zuid-Korea en vele andere geïndustrialiseerde landen volgden. En in Afrika is Ghana — dat 10% van zijn budget investeert in landbouw — bijvoorbeeld goed op weg een Afrikaanse tijger te worden.

Op die weg vindt een noodzakelijke schaalvergroting plaats van de familiale landbouwbedrijven tot robuuste KMO’s. En ja, daardoor stromen veel mensen uit die landbouw. Maar voor hen is er tenminste een perspectief in de sectoren die zich over de jaren complementair aan de landbouw kunnen ontwikkelen.

Sans loi, pas notre voix

Ook in een geplaagd land als Congo is zo’n succes mogelijk. Daar strijden de prille boerenorganisaties op dit moment om een kaderwet voor landbouw gestemd te krijgen. “Sans notre loi, pas de voix”, sms’en ze massaal naar hun parlementsleden. Want ze kennen het belang van elke sprankel zekerheid die zo’n wet biedt. Voor de wettelijke aanspraak op de grond die ze bewerken. Voor de noodzakelijke investeringen in wegen, verwerkingseenheden, silo’s, onderzoek. Investeringen die cruciaal zijn om de transactiekosten tussen producent en consument te drukken.

Stuk voor stuk zaken die belangrijker zijn dan de laatste spitstechnolgie op landbouwgebied. Want wat ben je met gesofisticeerde machines en zaden als je oogst nu al wegrot bij gebrek aan opslag? Of als je geen enkele zekerheid hebt dat je investering zich terugverdient omdat de prijzen niet kostendekkend zijn?

De prijsschokken die we meemaken op de wereldvoedselmarkt, vloeien grotendeels voort uit de vele onzekerheden waarmee landbouw af te rekenen heeft. Met de wijzigende klimaatomstandigheden worden die onzekerheden er alleen maar groter op, zie de productieproblemen in Oekraïne, Australië en Rusland. De eigen landbouw verwaarlozen en gokken op bevoorrading via import, is een blind risico dat geen enkele regio zich nog kan veroorloven.

Luuk Zonneveld is directeur van Vredeseilanden — www.vredeseilanden.be

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3030   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Met de steun van

 3030  

Onze leden

11.11.1111.11.11 Search For Common GroundSearch For Common Ground Broederlijk delenBroederlijk Delen Rikolto (Vredeseilanden)Rikolto ZebrastraatZebrastraat Fair Trade BelgiumFairtrade Belgium 
MemisaMemisa Plan BelgiePlan WSM (Wereldsolidariteit)WSM Oxfam BelgiëOxfam België  Handicap InternationalHandicap International Artsen Zonder VakantieArtsen Zonder Vakantie FosFOS
 UnicefUnicef  Dokters van de WereldDokters van de wereld Caritas VlaanderenCaritas Vlaanderen

© Wereldmediahuis vzw — 2024.

De Vlaamse overheid is niet verantwoordelijk voor de inhoud van deze website.