Europese consument zit niet op GGO-friet te wachten

Begin deze week kondigden het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB), het Instituut voor Landbouw en Visserijonderzoek (ILVO) en de UGent aan dat ze nieuwe veldproeven met genetisch gemanipuleerde aardappelen aan het voorbereiden zijn voor 2017 - 2018. Barbara Van dyck, onderzoekster aan de Katholieke Universiteit Leuven, heeft haar bedenkingen.

  • Lieven Soete (CC by-nc-sa 2.0) En welke consument zal nog geïnteresseerd zijn in de Belgische diepvriesfriet wanneer deze uit genetisch gemanipuleerde aardappelen gesneden wordt? Lieven Soete (CC by-nc-sa 2.0)

Ditmaal gaat men aan de slag met Bintje, de meest geteelde aardappelvariëteit in België, om er BintjePLUS van te maken. Volgens prof. Gheysen van de UGent, een aardappel die ‘geliefd is vanwege zijn smaak en verwerkingskwaliteiten, maar eveneens zeer gevoelig voor Phytophthora’. Phytophtora is de schimmel die mee verantwoordelijk is voor het uitbreken van de aardappelziekte.

Scheiden van productie en consumptie

De Boerenbond en de Belgische aardappelindustrie volgen het project met grote belangstelling op. België is vandaag immers de grootste uitvoerder van diepvriesaardappelproducten ter wereld. Daarvoor heeft de industrie aardappelen nodig als input, veel aardappelen.

België is één van de grootste invoerders van aardappelen ter wereld.

Greenyard foods (ex-PinguinLutosa), gedeeltelijk in handen van de Boerenbond en de grootste aardappelverwerker van België, alleen al verwerkt zo’n 750.000 ton aardappelen per jaar. In 2014 verwerkte de Belgische aardappelindustrie in totaal 3,8 miljoen ton (tegenover 0,5 miljoen ton in 1990) om er frietjes, kroketten, chips en andere aardappelproducten van te maken. Een groot deel van die aardappelen wordt in België geteeld.

Het Belgische aardappelareaal bedroeg in 2014 een historische 81.000 ha, bijna een vijfde meer dan in 2009. Maar hier zit niet veel rek meer op en dat is lang niet genoeg om de honger van de diepvriesindustrie bovenop die van de Belgische consument te stillen. België is daarom ook één van de grootste invoerders van aardappelen ter wereld. Een ogenschijnlijke tegenstelling die deel uitmaakt van een trend waarin we steeds meer produceren wat we niet consumeren, en consumeren wat we niet produceren.

Het scheiden van productie en consumptie, van boer en eter maakt de echte prijs van ons voedsel onzichtbaar. We weten wat we betalen voor een kg aardappelen in de winkel, maar hebben geen idee van de prijs die de boer er voor krijgt of wat de gevolgen van de gebruikte teeltmethoden en distributiemodellen op het leefmilieu zijn. Wanneer er plagen opduiken, bodems uitgeput geraken of landbouwbedrijven failliet gaan is het vaak niet makkelijk om de wortels van het probleem te vatten.

Een zwak voor Bintje, het zwakke broertje van de aardappelfamilie

Zo is er het ‘probleem’ aardappelziekte. In hun promotie voor de genetisch gemanipuleerde aardappelen beklemtoont het VIB steeds opnieuw dat de boeren de aardappelvelden vandaag tot twintig keer per jaar met gif sproeien, wat ongezond en slecht voor het milieu is, en dat dit handenvol geld kost. Daarom wil men de aardappelen genetisch wijzigen zodat ze beter bestand zijn tegen de schimmel die de aardappelziekte veroorzaakt.

Met alleen een hamer in de hand is elk probleem een spijker

Laten we de effectiviteit van die nieuwe GG-aardappel, en gevolgen op gezondheid en milieu (voorlopig allemaal onbekenden!) buiten beschouwing en concentreren we ons op de gedachtegang achter de keuze voor genetische manipulatie van Bintje. Het heeft wat van de hamer en de spijker; met alleen een hamer in de hand is elk probleem een spijker.

De logica van de VIB-onderzoekers lijkt als volgt te gaan: ‘De aardappelziekte is een veel voorkomende plaag in België. Voor Bintje, de meeste geteelde aardappelvariëteit in België, in het bijzonder is dit een probleem. Phytophtora heeft immers een zwak voor Bintje, en de aardappelindustrie heeft een zwak voor Bintje. Het VIB ontvangt jaarlijks een Vlaamse dotatie van 43,8 miljoen euro (in 2014 was dat op een totaal van 60,9 miljoen euro subsidie inkomsten), om gentechnologisch onderzoek te doen. Voor elke Vlaamse euro investering, moet VIB op zoek gaan naar een euro elders, bijvoorbeeld door Europese subsidies, samenwerking met bedrijven, door patenten te nemen en te verhandelen, of door start-ups op te richten en te verkopen.’

Als je de het zo bekijkt is het genetisch manipuleren van Bintje zodat die minder makkelijk prooi wordt voor Phytophtora een logische aanpak voor de aardappelziekte. Een project dat straight forward is, patenteerbare en vermarktbare resultaten oplevert en het bespaart de moeite om op zoek te gaan naar de grondoorzaken van de aardappelziekte in België.

De kar wordt met andere woorden voor het paard gespannen. De institutionele context bepaalt grotendeels de keuze voor een technologische oplossing, zonder het probleem volledig in kaart te brengen. Waarom wordt er zo veel gif ingezet in de aardappelteelt? Waarom verspreidt de aardappelziekte zich makkelijk in België? Is het wel een goede keuze om in te zetten op een landbouwmodel dat inzet op overproductie en volledig afhankelijk is van import en export? Hoe gaan we om met de zwarte gaten in het biotechnologisch onderzoek (we weten immers niet wat we niet weten)?

Boeren hier uitspelen tegen boeren elders?

Het kan ook anders. Wetenschappers uit verschillende disciplines (en waarom niet samen met boeren, burgers en beleidsmakers?) zouden een beeld kunnen schetsen van waaróm de gangbare aardappeltelers vandaag 20 maal gif moeten spuiten.

Een beter zicht op de verweven landbouw-technische, sociale, ecologisch en economische facetten van de aardappelteelt reikt misschien wel onverwachte oplossingspistes aan, die dan tegen elkaar afgewogen kunnen worden door vragen te stellen als: Wie wordt er beter van welke keuzes? Welke toekomstmogelijkheden verdwijnen door in te zetten op de genetisch gewijzigde aardappel? Wat is de economische, sociale en milieu impact van de aardappelteelt vandaag? Wat zijn de gevolgen wanneer Vlaanderen resoluut kiest voor een meer gediversifieerde boerenlandbouw op basis van korte ketens, eerlijke prijzen en minder gif? Hoe ziet een landbouwmodel gebaseerd op solidariteit met boeren en boerinnen en respect voor de voorzorgsprincipes er uit?

Vandaag zijn het voornamelijk de melkboeren die aan de alarmbel trekken. Morgen kunnen het de aardappelboeren zijn.

Vragen die meer dan ooit relevant zijn, maar taboe blijven. Boeren en boerinnen houden wegblokkades over gans Europa om hun precair bestaan aan de kaak te stellen. Een voorsmaakje, noemen ze het, van hun plan om Brussel te bezetten op de speciaal bijeengeroepen landbouwtop 7 September.

Vandaag zijn het voornamelijk de melkboeren die aan de alarmbel trekken. Morgen kunnen het de aardappelboeren zijn. Ook daar heeft de race naar steeds meer en groter zich ingezet. Steeds meer boeren zien zich verplicht te werken als loonwerkers voor de aardappelindustrie om zich zo in te dekken tegen sterk fluctuerende marktprijzen. Vorig jaar nog kelderden de aardappelprijzen tot 10 euro per ton! Het Algemeen Boerensyndicaat zei toen: ‘Er staan te veel aardappelen. Systematisch het areaal uitbreiden en voor een goede prijs hopen op calamiteiten, maar dan liefst bij de buren, is geen gezonde strategie.’ Als we boeren in België uitspelen tegen boeren elders is het niet verwonderlijk dat we in situaties als vandaag terechtkomen.

Boeren in verschillende Europese lidstaten trachten eigenhandig import te verhinderen door het bezetten van een luchthaven en autostrades aan grensposten. Europese boerenbonden waarschuwen voor zelfmoord, depressie en toenemende schuldenlasten bij boeren en een generatie van jonge boeren zonder toekomstperspectief.

Maandag nog, net dezelfde dag dat het plan voor BintjePLUS aan de pers werd voorgesteld, schreef Geert Van Istendael op mo.be een pakkende getuigenis over de zelfmoord van zijn vriend, een Frans landbouwer. Van Istendael schrijft een getuigenis over een man die zijn leven beschreef als dat van een dwangarbeider. Sterke woorden over boeren die tot wanhoop gedreven worden wanneer ze zich verplicht zien om hun kuddes of land te verkopen om hun schulden te kunnen inlossen. 

De hamvraag

En of de Belgische aardappelindustrie echt beter zal worden van het BintjePLUS project is nog maar de vraag. Hoe lang zal het duren voor de phytophtora schimmel de gestapelde resistentie weet te omzeilen? Experten verwachten dat de schimmel zich zal aanpassen aan de nieuwe technofix.

Wie heeft de patenten in handen van de genen en technieken die men wil gebruiken voor BintjePLUS? Weinig waarschijnlijk dat dat de West-Vlaamse aardappelverwerkende bedrijven zijn. Welke voorwaarden zullen patenthouders opleggen om BintjePLUS op de markt te brengen?

En welke consument zal nog geïnteresseerd zijn in de Belgische diepvriesfriet wanneer deze uit genetisch gemanipuleerde aardappelen gesneden wordt? De Europese consument zit alvast niet op GGO-friet te wachten, en net zij zijn de grootste afnemers van de Belgische diepvriesaardappel.

Misschien toch nog eens nadenken voor we extra belastinggeld, energie en onderzoekstijd investeren in BintjePLUS. 

Barbara Van Dyck is onderzoekster en activiste. Ze is verbonden aan de KULeuven in de onderzoekseenheid Planning & Ontwikkeling en erg begaan met de relaties tussen wetenschap en maatschappij.  

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2838   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift