Niet elk tropisch woud herstelt even snel

‘Het Congolese regenwoud herstelt niet even snel als het Amazonewoud’

© Viktor Van de Velde

MO* bracht recent goed nieuws: tropische bossen blijken opvallend snel te herstellen na ontbossing. Of toch niet? Het onderzoek dat tot die conclusie kwam beperkte zich vooral tot het Amazonewoud en hield geen rekening met ‘s werelds tweede grootste tropisch bosgebied: het Congolese regenwoud. Dat schrijven onderzoekers van de UGent en hun collega’s uit Congo.

‘Het bos is onze rijkdom’, zo vertelt de chef van een dorp gelegen midden in het tropische regenwoud in de Congolese provincie Tshopo. De woningen in dit dorp zijn vervaardigd uit klei met een skelet van takken. Het dak wordt dicht gelegd met bladeren van een snelgroeiende bosplant.

© Viktor Van de Velde

Lianen in het bos voorzien de lokale bevolking van drinkwater, bomen leveren vruchten en herbergen eiwitrijke rupsen, en nog zo veel meer. Het bos is hun rijkdom en voor sommigen zelfs hun hele leefwereld. Het zorgt voor voedselvoorziening, brandstof, een leefomgeving en inkomsten.

Deze dorpsbewoners, zonder huizen met stenen muren en verharde wegen waarderen deze ecosysteemdiensten van “hun” bossen. Daartegenover blijkt de brede wereldbevolking veelal blind voor het feit dat ditzelfde regenwoud een van de motors is van het klimaat. Het houdt de globale koolstof- en watercyclus mee in balans.

Het regenwoud in Centraal-Afrika, en voornamelijk het Congobekken, vormt het op één na grootste aaneengesloten stuk regenwoud op aarde. Toch staat deze regio vaak in de schaduw van het Amazonewoud, onder andere bij onderzoek naar de verstoring van deze bosecosystemen en klimaatverandering.

Niet onverwoestbaar

Recent verschenen onderzoek in het wetenschappelijk tijdschrift Science concludeerde dat tropisch bos zich al na 20 jaar voor 80% kan herstellen. Daarmee wordt de indruk gewekt dat tropische bossen onverwoestbaar zijn.

Maar dit onderzoek baseert zich voornamelijk op het Amazonewoud. Het ontbreekt aan gelijkaardige gegevens van Centraal-Afrika en met name het Congobekken. Onlangs publiceerden we als onderzoekers van de UGent samen met onze Congolese collega’s die gegevens.

Doordat er geen rekening wordt gehouden met het Congolese regenwoud, geeft het onderzoek een vertekend beeld. Er zijn grote verschillen tussen het Amazonewoud en het Congolese woud: gaande van de reden van ontbossing tot de ecosystemen zelf.

In Sub-Sahara-Afrika dient ontbossing in 85% van de gevallen voor kleinschalige familielandbouw.

Zo wordt in Zuid-Amerika vooral ontbost om plaats te maken voor grootschalige plantages, zoals voor soja. In Sub-Sahara-Afrika dient ontbossing in 85% van de gevallen voor kleinschalige familielandbouw. Meestal gaat het dan om een vorm van brandlandbouw, ofwel slash and burn. Die techniek vormt een aanslag op de rijkdom van de bossen.

Door de verwachte verviervoudiging van de Afrikaanse bevolking tegen 2100 wordt een grote druk op de voedselproductie verwacht. Daarom is onderzoek naar het behoud en herstel van bossen in het Congobekken enerzijds, en een duurzame intensificatie van de voedselproductie anderzijds van groot belang. Want de bevolkingstoename, die veel hoger zal zijn dan elders in de wereld, zal een grote impact hebben op landgebruik en een degradatie van primair tropisch woud met zich meebrengen als er geen aandacht is voor een verbeterde voedselproductie.

Ondanks hun verschillende ecosystemen, worden het Amazonewoud en het Congolese regenwoud vaak in één adem tropisch bos genoemd.

Ondanks hun verschillende ecosystemen, worden het Amazonewoud en het Congolese regenwoud vaak in één adem tropisch bos genoemd. Daardoor is er ook een verschil in de indicatoren die het onderzoek in Science aanhaalde voor bosherstel.

Een eerste indicator, de boomsoortenrijkdom, herstelt in beide ecosystemen binnen enkele decennia. In het Congobekken werd zo goed als volledig herstel opgetekend na 60 jaar.

Maar voor de twee andere indicatoren, de maximale boomdiameter en bodemvruchtbaarheid, gelden wel grote verschillen. In het Amazonewoud worden gemiddeld meer, maar dunnere bomen geobserveerd. In Centraal-Afrika zien we minder bomen, maar het aantal zeer dikke bomen is groter. De biomassa van deze woudreuzen is daarom van cruciaal belang voor koolstofopslag en -herstel van het Congobekken.

Op basis daarvan spreken de onderzoekers in Science over 90% herstel van koolstofopslag na 125 jaar. Ons onderzoek in Congo toont aan dat na 200 jaar slechts 57% herstel van de koolstofopslag optreedt. Onderzoek in andere regio’s van het Congolese regenwoud bevestigt die resultaten. Na 60 jaar is koolstofopslag nog maar tot 43% hersteld ten opzichte van de oorspronkelijke capaciteit van het oerbos.

Een goede bodemvruchtbaarheid is belangrijk voor de veerkracht van een bos. Wat na boskap gebeurt, zoals gewassenteelt, beïnvloedt die bodemvruchtbaarheid sterk.

In het onderzoek naar herstel in het Amazonewoud in Science worden de stikstof- en koolstofgehaltes gebruikt om na te gaan hoe de bodemvruchtbaarheid evolueert. Stikstof is één van de belangrijkste plantennutriënten, maar daarnaast moet ook rekening gehouden worden met andere plantenvoedingsstoffen zoals fosfor, kalium, calcium en magnesium. Alleen zo kan een volledig beeld gevormd worden over het herstel van bodemvruchtbaarheid.

Ons onderzoek in Congo toonde aan wat de impact was van meerdere cycli van brandlandbouw op de aanwezigheid van die essentiële voedingsstoffen. We zagen dat die sterk dalen. Vooral calcium, maar ook kalium en magnesium blijken schaars te worden. Dat kan de snelheid van bosherstel en de veerkracht van secundaire bossen negatief beïnvloeden.

© Viktor Van de Velde

Om deze redenen kunnen de optimistische hersteltrajecten die onderzoekers in Zuid-Amerika zien niet veralgemeend worden tot alle tropische ecosystemen. Dat verandert de kernboodschap van het onderzoek niet: dat secundaire bossen gezien kunnen worden als een goedkope, natuurlijke oplossing voor ecosysteemherstel, mitigatie van de klimaatsverandering en behoud van biodiversiteit.

De optimistische hersteltrajecten die onderzoekers in Zuid-Amerika zien kunnen niet veralgemeend worden tot alle tropische ecosystemen.

Maar op basis van dat onderzoek concluderen dat alle tropische bossen en hun bodems zeer veerkrachtig zijn, dat is te kort door de bocht. Bovendien is bosherstel in Centraal-Afrika onlosmakelijk verbonden met betere maar intensievere landbouwpraktijken.

Viktor Van de Velde, Marijn Bauters en Pascal Boeckx zijn verbonden aan het Isotope Bioscience Laboratory (ISOFYS), van de vakgroep Groene Chemie en Technologie, aan de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen aan de UGent.

Isaac Makelele is verbonden aan het departement Biologie van de Université Officielle de Bukavu in de Democratische Republiek Congo.

Corneille Ewango is verbonden aan de het departement Renewable Natural Resources Management aan de Université de Kisangani in de Democratische Republiek Congo.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift