Het Globaal Fonds beleeft moeilijke tijden

Het Globaal Fonds ter bestrijding van Aids, Tuberculose en Malaria (beter bekend als  “the Global Fund”) zit sinds 23 januari in het oog van een wereldwijde mediastorm. Vooralsnog is die storm nog niet echt uitgedijd naar België – allicht omdat we hier wel andere besognes hebben tegenwoordig — maar dat lijkt een kwestie van tijd.

Op 23 januari verscheen via The Associated Press een artikel dat zinspeelde op uitgebreide corruptie bij het GF. Het artikel werd nadien overgenomen door honderden media in de VS en in andere landen. Ter illustratie van de teneur, de versie van de Washington Post: “A $21.7 billion development fund backed by celebrities and hailed as an alternative to the bureaucracy of the United Nations sees as much as two-thirds of some grants eaten up by corruption, The Associated Press has learned.” Veel meer hebben de Derk Jan Eppinks van deze wereld niet nodig om de messen te wetten. 

Een aantal donorlanden van het GF reageerden – althans publiekelijk — verontrust, en schortten hun bijdragen aan het GF op, minstens voorlopig. Beetje vreemd toch, want eigenlijk waren de donoren al lang op de hoogte van een en ander, via hun vertegenwoordigers in het GF. Maar goed, onder meer Duitsland, Zweden, Ierland en Denemarken hebben ondertussen dus aangekondigd dat ze er even moeten over nadenken. Nu er overal overheidsdeficits moeten aangepakt worden in het Westen is zo’n sappig “corruptieschandaal” op het eerste zicht een geschenk uit de hemel voor de talloze politici die willen snoeien in buitenlandse hulp. Het is bijvoorbeeld allicht geen toeval dat het AP artikel in Nederland al tot enige media-commotie heeft geleid. Officieel heet het echter dat beleidsmakers eerst van het GF meer uitleg willen krijgen over de fraude, en wat er concreet aan gedaan wordt. In een aantal gevallen – zoals in Zweden, dat het kind zeker niet met het badwater lijkt te willen weggooien – klopt dat allicht nog ook. In veel donorlanden spelen naast financiële echter ook interne politieke redenen een rol.

Amerika

Nergens geldt dat meer dan over de oceaan. Iedereen in de “global health community” kijkt met argusogen naar de mogelijke impact van het verhaal in de VS. Daar hebben nogal wat invloedrijke Tea Party-politici (zoals Rand Paul), en via hen de Republikeinen in het algemeen, het zo al niet begrepen op buitenlandse hulp. In een land waar ontelbare Fox kijkers denken dat de VS liefst 25 % van het overheidsbudget spenderen aan buitenlandse hulp (terwijl het in werkelijkheid om minder dan 1 % gaat), hebben de Republikeinen het ook erg makkelijk als ze pleiten voor minder uitgaven voor buitenlandse hulp. De oneliners vliegen dus al in het rond in bevoegde Congrescommissies en tv-studio’s: “We gaan toch geen massa’s geld lenen in China, om het dan stoemelings aan de Afrikanen weg te geven, zeker?” Voeg daar aan toe het nieuws dat nu uit Egypte binnenstroomt – dat land krijgt zoals bekend veel buitenlandse hulp van de VS – en Republikeinse politici wrijven zich letterlijk in de handen. “Geld geven aan dictators in Afrika, in deze tijden van budgettaire crisis, wat is dat nu voor onzin?” Enfin, je begrijpt het plaatje.

Ondertussen verscheen al een tweede, en meer genuanceerd verhaal in AP. De fraude wordt in een correcter daglicht geplaatst, en het artikel maakt duidelijk dat het Global Fund het er in verhouding tot andere donoren, zowel bilaterale als multilaterale, zeker niet slechter vanaf brengt qua bestrijding van corruptie, transparantie en dergelijke meer. Eerder het tegenovergestelde lijkt waar, zelfs in fragiele staten, waar je toch vaak de grootste cowboyverhalen over hoort. Bernard Rivers, misschien wel de belangrijkste onafhankelijke GF-expert, zette in een verhelderend artikel ondertussen ook al de puntjes op de i, en het Global Fund reageerde uiteraard ook zelf in een officieel statement op de corruptie-aantijgingen.

Nood aan nuance

Maar de zenuwen staan dus strak gespannen bij het GF, ook al slaan de 39 miljoen dollar waarover commotie is slechts op 0.3 % van de miljarden dollars die het Fonds de afgelopen jaren heeft uitgekeerd via Principal Recipients (in de ontvangende landen) en Sub-Recipients.  Het fonds is immers niet zelf ter plaatse in de ontvangende landen, zoals andere donoren, maar keert ingezameld geld uit aan ontvangende organisaties – die geselecteerd werden door een groep van sleutelorganisaties in het land, op basis van hun capaciteit en geloofwaardigheid. Daarbij onder meer ministeries van gezondheid, organisaties van de VN, internationale, nationale en lokale NGOs.

Eigenlijk bevat het AP artikel niet echt ‘nieuws’, laat staan dat de informatie ‘ontdekt’ werd door de journalisten van AP: het Global Fund had een paar maanden geleden zelf al bericht over de problemen in landen als Mali, Mauritanië, en Zambia, en had in een aantal gevallen financiering al stopgezet en bedragen teruggevorderd. Auditing is echter nog niet in alle landen gebeurd, allicht zijn er dus nog meer landen waar problemen kunnen opduiken. Rivers schat dat het maximale percentage van GF geld dat niet helemaal koosjer werd besteed uiteindelijk 1 % zou kunnen bedragen. Een percentage dat dus op het eerste zicht wel meevalt, in de moeilijke omstandigheden die iedereen kent – bij miljardenhulp aan ontwikkelingslanden kan er nogal wat fout gaan, zeker nu er sinds de ‘Paris Declaration’ terecht ook gepleit wordt voor “country ownership” van de ontvangende landen. (Overigens hebben ontwikkelingslanden zeker geen monopolie op corruptie: vraag dat maar aan de defensie-contractors in de VS, of aan KP-apparatsjiks in China. Of herinner u onze eigen Agusta-affaire.)

Ernstige reputatieschade dreigt dus voor het Global Fund, dat tot voor kort een Mr. Proper imago had inzake corruptie en transparantie.
Tenslotte zou het zeker niet in alle gevallen gaan om echte fraude. Soms gaat het bijvoorbeeld om het niet kunnen bewijzen met ‘receipts’ door Principal Recipients, dat er effectief legitieme uitgaven zijn gebeurd.

Die nuances dreigen echter verloren te gaan in een debat dat in almaar meer westerse landen heviger en heviger emoties oproept. Overigens speelt niet alleen het weinig rooskleurige budgettaire plaatje in veel Westerse landen een rol in deze, zoals bekend worden al een tijdje ook meer existentiële vragen gesteld over zin en onzin van ontwikkelingshulp. Goed om weten in dit verband: het Global Fund haalde bij de laatste financieringsronde minder dan de beoogde 13 miljard dollar op, het minimale scenario – eigenlijk hoopte men op 20 miljard dollar. Met andere woorden: het Fonds zit eigenlijk al krap bij kas. En nu dit.

Reputatieschade

Ernstige reputatieschade dreigt dus voor het Global Fund, dat tot voor kort een Mr. Proper imago had inzake corruptie en transparantie. Kazatchkine, de baas van het GF, bevestigde vorige week nog het zero tolerantie-beleid van de organisatie, maar veel gaat dat in deze fase allicht niet meer uitmaken. Waar rook is, is vuur, denken veel mensen. En ze hebben de laatste tijd net iets te veel verhalen gehoord over “zaken die uit verband getrokken zijn”. Laat er overigens geen misverstand over bestaan: echte corruptie en fraude moeten altijd en overal bestreden worden, want ze zorgen er uiteindelijk voor dat minder geld mensen in nood bereikt.

Soit. Uit het voorgaande blijkt dat de reputatieschade die het GF dreigt op te lopen grotendeels onterecht is. Het risico bestaat dat de voorbeeldfunctie van het GF inzake transparantie – het GF doet audits op regelmatige basis, en is daar transparant over; diezelfde audits duiken nu in de media op, vaak echter met een sausje erbovenop – weinig appetijt zal wekken bij  andere donoren om ook voor meer transparantie te gaan. Terwijl dat nochtans broodnodig is anno 2011.

En dus “zal het Global Fund allicht bloeden”, zoals je in de coulissen nu al kunt horen. De kans is overigens groot dat, zeker in de VS, een en ander niet beperkt zal blijven tot het GF. Ook VN-instellingen komen in het vizier. Die laatste zijn trouwens in veel gevallen een makkelijker schietschijf dan het Fonds – zoals uit het tweede artikel van AP bleek, dat onder meer op het gebrek aan transparantie bij UNDP in ging. En laat de UNDP nu net een belangrijke Principal Recipient zijn van het GF, en zich niet willen onderwerpen aan bijkomende audits door het GF.

Tot slot nog deze bedenking. Bij steun aan gezondheidszorg in het Zuiden moet een evenwicht gevonden worden tussen transparantie en voldoende externe controle enerzijds, en een focus op resultaten en “country ownership” van ontvangende landen anderzijds. Landen in Sub-Sahara Afrika moeten dus voldoende speelruimte blijven krijgen om naar eigen inzichten, bijvoorbeeld op basis van hun nationaal gezondheidsplan, voorstellen in te dienen om financiering van het GF te krijgen. Als het GF in de toekomst alle risico wil vermijden, opgejaagd door dit soort mediaverhalen, zou het wel eens kunnen dat minder resultaten geboekt zullen worden. Resultaten waar het GF nu terecht trots op is.

De afgelopen jaren heeft het Global Fund, een high-profile financieringskanaal dat op de expliciete steun van tal van beroemdheden kan rekenen, machtige vijanden gecreëerd, onder meer bij de meer traditionele ontwikkelingsorganisaties. Hoge bomen vangen veel wind.  En het Global Fund heeft er zeker in de beginjaren misschien een beetje te veel de klemtoon op gelegd dat het de “zaken anders wou aanpakken”, en daarmee andere spelers in het veld onnodig geschoffeerd. De opgelopen reputatieschade, ook al is ze onterecht, moet dus niet overdreven worden, zou je kunnen denken.  Misschien gaat het GF nu een toontje lager zingen.

Maar dan verlies je uit het oog dat hier onnoemelijk veel mensenlevens van afhangen. Als donoren zich krenterig tonen, of de kraan gewoonweg dichtdraaien als gevolg van deze mediaberichten, zijn uiteindelijk onschuldige slachtoffers de klos: patïenten die afhangen van AIDS-remmers of kinderen die zonder malarianetten een vogel voor de kat zijn.

Dit is de Wetstraat niet.

Voor de laatste ontwikkelingen in de Global Fund-zaak: zie Bernard Rivers in Aidspan: http://www.aidspan.org/index.php?issue=140&article=1 - zie ook: http://www.theglobalfund.org/en/pressreleases/?pr=pr_110204

Kristof Decoster werkt voor het op het Departement Volksgezondheid, eenheid Gezondheidsbeleid en Gezondheidsfinanciering van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) in Antwerpen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift