De strijdpunten van feministen blijven groot

In Congo worden vrouwen niet één dag maar een hele maand gevierd

© MONUSCO/Abel Kavanagh (CC BY-SA 2.0)

 

Jackie Ndona is de medisch directeur van het BDOM( Bureau Diocésain des Oeuvres Medicales) in Kisantu, in het zuidwesten van de DRC. De afgelopen 6 jaar hebben zij en haar team bijgedragen aan de verbetering van de sociale gezondheidsomstandigheden van de lokale gemeenschappen in het bisdom Kisantu en aan de versterking van de gezondheidssystemen. Jackie is arts van opleiding en heeft een masterdiploma in volksgezondheid. Zij is de eerste vrouw die de functie van BDOM-directeur in Kisantu bekleedt.Elk jaar op 8 maart vullen de straten van de Congolese hoofdstad Kinshasa zich met een menigte van vrouwen en meisjes, van wie de meesten gekleed gaan in een voor de gelegenheid speciaal geprinte stof. Al mag de dag van de rechten van de vrouw niet gereduceerd worden tot het dragen van gekleurde en feestelijke stoffen. Naast de feestelijke gebeurtenissen is de maand maart vooral een geprivilegieerd moment van bewustwording en reflectie over de toestand van vrouwen in Congo.

In het hele land worden er dagen van bezinning, demonstraties en conferenties georganiseerd, vaak door de kerk. De maand maart is dus een gelegenheid om gendergelijkheid op de agenda te plaatsen en vrouwen bewust te maken van de ongelijkheden en onrechtvaardigheden die zij nog dagelijks ondervinden.

Natuurlijk wil ik de vooruitgang die vrouwen recent in DRC hebben geboekt niet ontkennen, wel wil ik tonen welke weg we nog hebben af te leggen. Tot voor kort moesten bijvoorbeeld veel getrouwde vrouwen toestemming vragen aan hun man om een arbeidscontract te ondertekenen. Een gelijkwaardigheidswet, die enkele jaren geleden werd ingevoerd, schaft deze toestemming af.

De staat moedigt bovendien een minimum quotum voor vrouwen van 30% in overheidsinstellingen aan. Helaas is dit cijfer nog lang niet bereikt. Het volstaat om naar de resultaten van de laatste parlementsverkiezingen in 2018 te kijken om dit te realiseren: minder dan 10% van de gekozen leden van het parlement is vrouwelijk. Een verbetering ten opzichte van de verkiezingen van 2011….. maar de vereiste aanwezigheid van vrouwen blijft ver achter bij de doelstellingen.

De strijdpunten van feministen blijven dus groot, waaronder de bevordering van de rechten van plattelandsvrouwen. Sinds enkele jaren stel ik wel met trots vast dat het aantal vrouwelijke artsen in Congolese ziekenhuizen toeneemt. In het Sint-Lucas Ziekenhuis in Kisantu bijvoorbeeld, zijn bijna de helft van alle medische stagiairs vrouwen. De meeste van deze meisjes komen echter uit grote steden zoals Kinshasa, terwijl vrouwelijke studenten afkomstig van het platteland zeldzaam zijn. Het armoedepercentage in rurale gebieden ligt veel hoger dan in stedelijke gebieden en daarom zijn de mogelijkheden voor plattelandsvrouwen op het gebied van onderwijs en werkgelegenheid erg beperkt.

Plattelandsvrouwen werken veel, maar worden hier niet voor betaald. Paradoxaal genoeg zijn ze verantwoordelijk voor alle huishoudelijke kosten.

Toch spelen vrouwen een cruciale rol in plattelandsgemeenschappen. Ze dragen in belangrijke mate bij aan de voedselproductie, de voedselzekerheid, de opvoeding van kinderen, de watervoorziening van huishoudens en de bevoorrading van brandhout. Zij voeren ook het merendeel van de huishoudelijke taken en zorgactiviteiten binnenshuis uit. Plattelandsvrouwen werken veel, maar worden hier niet voor betaald en vaak zelfs niet erkend.

Paradoxaal genoeg zijn deze vrouwen verantwoordelijk voor alle huishoudelijke kosten (voeding, gezondheidszorg, onderwijs en andere basisbehoeften). Deze lasten liggen op hun schouders en verhinderen dat vrouwen op het platteland kunnen floreren, laat staan economisch onafhankelijk zijn.

De staat moet daarom bijzondere aandacht besteden aan vrouwen en meisjes die in deze gebieden wonen. Het is van essentieel belang om bewustmakingsactiviteiten te organiseren voor dit publiek. Veel plattelandsvrouwen zijn het slachtoffer van gender gerelateerd geweld en houden hun situatie stil. Zij moeten leren zich uit te drukken, de wantoestanden aan de kaak te stellen en zich hiertegen te verdedigen. We moeten de tongen losmaken. Dit is de volgende grote strijd die we moeten leveren!

Ook in België is 8 maart een gelegenheid om het debat te openen en na te denken over de plaats van de vrouw in de wereld. Ter voorbereiding van dit artikel kwamen verschillende vrouwelijke medewerkers van Memisa in België rond de tafel om te bepalen vanuit welke invalshoek de Dag van de Rechten van de Vrouw benaderd moet worden. Uit dit brainstormingsproces ontstond het idee om een stem te geven aan onze vrouwelijke collega’s en partners in Congo, sterke vrouwen met veel verantwoordelijkheden, zoals Jackie Ndona.

Opgetekend door Oriane Delannoy, projectmedewerker bij Memisa

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift