Iran is een vierletterwoord

Een vierletterwoord wordt in Amerika niet voluit geschreven, want het is een godslasterlijk woord, zoals f*** of sh**. Iran is ook een scheldwoord geworden, maar het wordt bij herhaling en voluit gebruikt door de president.
Alle ogen zijn op Iran gericht. Het veronderstelde atoomwapenprogramma van de Islamitische Republiek zorgt voor hoogspanning in de Veiligheidsraad, de steun van Iran aan Hezbollah is niet vergeten en de onthullingen over de betrokkenheid van Iraanse militaire eenheden bij het leveren en het maken van dodelijke explosieven in Irak scherpen de aanklacht tegen Teheran verder aan.
Die internationale focus op Iran is een eerste overwinning voor de Amerikaanse strategen, die het geweld in Irak en dus de mislukking van de Amerikaanse aanpak van het Midden-Oosten van de publieke radar willen doen verdwijnen.

Toch is het dossier tegen Iran eerder ideologisch dan spijkerhard. De beschuldigingen dat Teheran wapens levert aan sjiitische milities, blijken alvast weinig mensen te overtuigen. Het wapentuig dat opgevoerd werd als bewijsmateriaal had bijvoorbeeld inscripties in het Engels in plaats van het Farsi, en de datumaanduiding was typisch Amerikaans, met het jaar voorop, dan de maand, dan de dag.
Minister van Defensie Robert Gates houdt intussen niet op te herhalen: ‘Wij plannen geen oorlog tegen Iran.’ De Engelstalige media zijn er niet gerust op, na de Irak-propaganda zijn ze achterdochtig geworden. Zij vrezen dat als er geen geplande oorlog komt, er wel een geprovoceerd conflict of een oorlog-per-ongeluk zal komen.
The Economist waarschuwt dat een wanhopige president Bush wel eens voor een Wagneriaans einde aan zijn achtjarige presidentschap zou kunnen zorgen, het linkse Amerikaanse weekblad The Nation gebruikt het beeld van Thelma and Louise, de film waarin de twee vrouwelijke hoofdpersonages nog maar één uitweg zien uit hun steeds gewelddadiger wordende escapade: zichzelf met auto en al de ravijn in inrijden. Kortom: de wereld is bezorgd dat een irrationeel handelende Amerikaanse president voor een uitslaande wereldbrand kan zorgen.

Iran is mee verantwoordelijk voor de oplopende spanningen, daarover bestaat geen twijfel. President Mahmoud Ahmadinejad is de voorbije jaren veel effectiever geweest is het isoleren van zijn land dan alle CIA-propaganda voorheen vermocht. Zijn oproep om de zionistische staat Israël van de wereldkaart te verwijderen, zijn onbuigzaamheid in het nucleaire dossier, zijn enorme populariteit onder extremistische gewapende groepen in het Midden-Oosten: het zijn even zovele argumenten waarmee de Amerikaanse hardliners gematigde politici overal ter wereld kunnen overtuigen van de dreigende schaduw die Iran over het hele Midden-Oosten werpt.
Met name de pro-westerse, Arabische en soennitische regimes in Egypte, Saudi-Arabië en Jordanië zien Iran met lede ogen machtiger worden. En een atoomwapen in handen van de sjiitische en Perzische erfvijand is voor hen geen optie.

Iran is inderdaad betrokken bij het conflict in buurland Irak, zoals het ook betrokken partij is bij het minder gemediatiseerde maar bijna even uitzichtloze conflict in zijn andere buurland Afghanistan. Teheran heeft bijvoorbeeld massaal geïnvesteerd in de wederopbouw van beide landen.
Vorig jaar voorzag de Iraanse regering 760 miljoen euro voor het herstellen van het elektriciteitsnet en van andere basisinfrastructuur in Irak. Iraanse hulporganisaties stuurden ambulances naar Irak en Iraanse bedrijven investeren in de zuidelijke, sjiitische regio van Irak. In Newsweek vertelt Jim Dobbins, de eerste gezant van de VS in post-Taliban Afghanistan, dat het de Iraniërs waren die de nieuwe machthebbers in Kaboel ervan overtuigden akkoord te gaan met Hamid Karzai als president en met een bredere coalitieregering. Teheran legde meteen ook 500 miljoen dollar op tafel voor heropbouw, wat toen het dubbele was van het bedrag dat de VS daarvoor beschikbaar stelden.
Elke blijk van diplomatieke goodwill vanuit Teheran werd de voorbije jaren echter beantwoord met een stevige natrap vanuit Washington. Dat verklaart wellicht voor een deel waarom Teheran het geweer van schouder veranderd heeft en weer volop voor de confrontatie gekozen heeft. Het is de allerhoogsdte tijd om het opbod te stoppen en beide partijen kans te geven op een waardige manier tot een diplomatiek vergelijk te komen. België is binnen de VN Veiligheidsraad voorzitter van het opvolgingscomité rond de kwestie Iran en kan dus het verschil maken.
Karel De Gucht, de geschiedenis wenkt!

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3210   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur