Kunst en ongelijkheid in drie vragen

Paul Dujardin, ceo en artistiek directeur van het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel, gaf enkele weken geleden de openingstoespraak op het European Forum Alpbach,  “het alternatief voor Davos”. Het bestaat sinds 1945 en is een van de oudste dialoogplatforms in Europa. Thema van het forum in 2015 was ongelijkheid.

Ongelijkheid houdt het kapitaal in de 21ste eeuw in stand, maar verschillen blijven de stuwende kracht voor kunst en cultuur. Verschillen maken samenlevingen sterker en zorgen ervoor dat ze beter kunnen reageren op de uitdagingen van een globaliserende wereld.

Ik wil u iets laten zien.  

Wat we gezien hebben is een video gemaakt door pro-Russische separatisten in Donetsk, in Oost-Oekraïne. Zij hebben een kunstwerk opgeblazen. Het werk heet “Transform” en is gemaakt door Pascale Marthine Tayou, een kunstenaar die in Kameroen is geboren en tussen Afrika en Europa pendelt.

In zijn werk overschrijdt Tayou grenzen: tussen mannen en vrouwen, tussen Europa en Afrika, tussen plaatselijk en mondiaal. 

Laten we nu even kijken hoe ‘Transform’ er in betere tijden uitzag. 

Het kunstwerk “Transform”, van Pascale Marthine Tayou
 

Zoals u ziet, was ‘Transform’ een gigantische lippenstift boven op een fabrieksschoorsteen. Het was een eerbetoon aan alle vrouwen die na de Tweede Wereldoorlog bij de heropbouw van de stad Donetsk hebben geholpen. De leider van de separatisten verklaarde later dat het werk vernietigd moest worden ‘omdat het helemaal geen kunst was’.

***

Als CEO en artistiek directeur van het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel zou ik met u van gedachten willen wisselen over ongelijkheid en cultuur, en de impact van een vernielde, enorme lippenstift. 

Ik ben geen politicus, geen sociaal assistent en ook geen econoom. En ik ben ook geen kunstenaar. Ik geef het werk van kunstenaars en denkers ruimte en zichtbaarheid in de hoofdstad van Europa. 
 
Vandaag wil ik u drie vragen stellen. We beginnen met deze:

1. Wordt alle kunst gelijk gecreëerd?

Dankzij de Franse econoom Thomas Piketty bestaat er een wereldwijde consensus dat er almaar meer ongelijkheid is en dat dat slecht is voor de samenleving. Een recente studie van de OESO (de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) vat dat samen onder de titel ‘Samen staan we sterker: Waarom minder ongelijkheid goed is voor iedereen’.

Even kort samenvatten? ‘Sinds de crisis is de kloof groter geworden en in heel wat OESO-landen staat de ongelijkheid op het hoogste peil sinds er gegevens worden verzameld. Die stijging van de inkomensongelijkheid op lange termijn baart niet alleen economische en politieke zorgen maar ook economische; inkomensongelijkheid leidt meestal tot een vertraging in de groei van het BBP en dat wordt veroorzaakt door de groeiende kloof tussen de onderste 40% en de rest van de samenleving.’  

Ik zal u niet lastigvallen met een massa cijfers en statistieken, maar één culturele trend wil ik toch met u delen.

Een belangrijke barometer waaraan we integratie in de samenleving kunnen afmeten, is culturele participatie.

In Brussel, de stad waar ik geboren ben en waar ik werk, leeft één op de vier kinderen (25%) in een gezin waarin niemand werk heeft. Dat is dus de realiteit in Brussel, de hoofdstad van Europa. Niet in Athene. 

Armoede leidt tot isolatie en verhindert dat mensen zich in een samenleving integreren. Een belangrijke barometer waaraan we dat kunnen afmeten, is culturele participatie.

Slechts één op vijf mensen (20%) in Brussel is betrokken bij activiteiten op het vlak van sport, vrijetijdsbesteding of kunst. In de veel rijkere regio Vlaanderen is dat meer dan één op drie (33%). 

In 2013 werd voor het eerst na de financiële crisis opnieuw een Euro-barometer opgemaakt en daaruit bleek dat geldgebrek de belangrijkste reden is voor die trend. In Griekenland – dat vaak ‘de wieg van de Europese cultuur’ wordt genoemd – neemt slechts 5 procent van de bevolking deel aan culturele activiteiten.  Uit het Europese gemiddelde blijkt dat er op het vlak van culturele participatie een grote ongelijkheid bestaat tussen het noorden en het zuiden. 

Ik zou hieruit kunnen besluiten dat de crisis de oorzaak is van de toenemende culturele ongelijkheid in Europa. En dat culturele ongelijkheid een belangrijk waarschuwingssignaal is voor een samenleving die in verval is. 

En dan zou ik kunnen pleiten voor meer steun aan de culturele sector, met overheidsgeld, publiek-private samenwerkingen of burgerinitiatieven. Maar zou het probleem daarmee opgelost raken? 

Gaat het bij culturele ongelijkheid alleen over goedkope kaartjes en toegankelijkheid? 

Echte artistieke en culturele gelijkheid betekent dat een samenleving respect heeft voor alle vormen van cultuur. 

Michelangelo Pistoletto, de visionaire Italiaanse kunstenaar en een van de grondleggers van arte povera, heeft onlangs een boekje uitgegeven met de titel “Impliquons-nous”, in het Nederlands is dat: “Laten we ons engageren”. Het is een lang gesprek met de Franse filosoof Edgar Morin. Ze willen opnieuw een positieve beweging op gang brengen, zoals Stéphane Hessel dat in 2010 deed met zijn pamflet “Neem het niet!” Maar engagement veronderstelt meer verantwoordelijkheid dan verontwaardiging. 

En ik citeer Pistoletto: 

‘Om met de ander te communiceren moet je in de ander verschillen herkennen maar ook gelijkenissen. Je hebt ze allebei nodig, gelijkheid en verschil. Die diametraal tegenover elkaar staande concepten moeten absoluut met elkaar verzoend worden.’

Die opmerking geldt ook voor kunst. Kunst is altijd anders, maar kunstwerken worden wel gelijk gecreëerd. Met andere woorden: echte artistieke en culturele gelijkheid betekent dat een samenleving respect heeft voor alle vormen van cultuur

De cultuur van de rijken
De cultuur van de armen
De cultuur van de jongeren
De cultuur van de ouderen
Cultuur uit de hele wereld.

In een samenleving die alleen het recht van de sterkste erkent, zal alleen de cultuur van de machthebbers het goed doen. Alle andere vormen van artistieke expressie zullen belachelijk gemaakt of zelfs verboden worden. 

In een cultureel verdeeld land als Oost-Oekraïne haten ze het Europese model van ‘eenheid in verscheidenheid’

Laten we Oost-Oekraïne als voorbeeld nemen. Waarom hebben de separatisten een kunstwerk vernietigd? Het was zeker geen vorm van kunstkritiek. Ten eerste houden de separatisten niet van kunst die gemaakt is door een Afrikaanse kunstenaar die een eerbewijs brengt aan vrouwen. In een cultureel verdeeld land haten ze het Europese model van ‘eenheid in verscheidenheid’. En tot slot hebben ze de pest aan de vrijheid van meningsuiting. Ze hebben een hekel aan kunst. Het is een voorbeeld van een beeldenstorm in de complexe wereld van vandaag.

In het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel hebben we veel opgestoken van de Cittadelarte die Michelangelo Pistoletto heeft opgericht. Het is een prachtig laboratorium voor de wereld van morgen in de Italiaanse stad Biela. Ons Paleis in Brussel is geen ‘kunsttempel’, geen chique ontmoetingsplaats voor de elite. We willen dat het een platform voor verscheidenheid is. Een ‘agora’ waar we – zoals Pistoletto het ooit beschreven heeft –  de taak op ons nemen om banden te smeden tussen alle andere menselijke activiteiten, zowel economie als politiek, zowel wetenschap als godsdienst, zowel opvoeding als gedrag. 

Alle menselijke activiteiten, behalve oorlog

Pascale Marthine Tayou is niet onze enige gast deze zomer. We stellen ook werk tentoon van Mekhitar Garabedian, een kunstenaar die in Aleppo is geboren en tijdens de oorlog als kind naar Libanon vluchtte. Eerder, in 1915, gingen zijn grootouders ook al op de vlucht, voor de Armeense genocide. 

Op de laatste Biënnale van Venetië heeft Garabedian, samen met andere kunstenaars uit de Armeense diaspora, de Gouden Leeuw voor het beste nationale paviljoen gewonnen. Zijn expositie in Brussel maakt deel uit van een groter programma over de Kaukasus en de honderdste verjaardag van de genocide. Is dit een politiek-artistiek statement? Het is op zijn minst een teken van engagement – maar bij onze keuzes sluiten we niemand uit.

In oktober starten er bij ons twee grote tentoonstellingen over Turkse cultuur, in het kader van Europalia Turkije. Samen met het Kunsthistorisches Museum Wien en het National Museum in Krakow organiseerden we een tentoonstelling over de Ottomaanse wereld in de kunst van de renaissance.

De Europese Unie belangt ons allen aan: de interne solidariteit, de relatie van Europa met de buurlanden, de plaats van Europa in de wereld… Ook kunstenaars, en intellectuelen zoals filosoof Jürgen Habermas nemen deel aan het Europese debat,  ze schrijven mee aan het verhaal dat Europeanen samenbrengt.

Het Paleis voor Schone Kunsten vervult een taak op Europees niveau. 
 
Ik heb veel geleerd uit het visionaire essay over Europa en de Europese instellingen dat de Duitse filosoof Peter Sloterdijk heeft geschreven: “Europa, mocht het ooit wakker worden – ideeën voor het program van een wereldmacht aan het einde van het tijdperk van haar politieke absentie”, uitgegeven in 1994. 

Er groeide een consensus dat Europa alleen kon overleven als het vasthield aan zijn diversiteit en erkende dat we allemaal anders zijn, maar toch… gelijk.

Twee jaar na het Verdrag van Maastricht herinnerde Sloterdijk er ons aan dat van 1494 tot 1945 – van Columbus tot Hitler – de Oude Wereld de hele wereld een gevoel van eenheid gaf door wetenschap (cartografie), kolonialisme en… oorlog. 

Tijdens de Koude Oorlog liet het Europese project zich van een andere kant zien: vrede door meer internationale samenwerking.  Er groeide een consensus dat Europa alleen kon overleven als het vasthield aan zijn diversiteit en erkende dat we allemaal anders zijn, maar toch… gelijk. Het politieke Europa moet zijn internationale verantwoordelijkheid nemen, maar zonder in het oude, imperialistische recept te vervallen. Verenig en heers – in plaats van verdeel en heers.

Het belang van de Raad van Europa kan niet genoeg benadrukt worden. Reeds in 1954 ondertekende die het Europees Cultureel Verdrag. Die instelling plaatst mensenrechten, democratie en rechtshandhaving hoog op de internationale agenda. Momenteel telt de Raad 47 lidstaten, waaronder Rusland en Turkije, en op diplomatiek vlak speelt hij een belangrijke rol. De Raad van Europa kan ons, Europese burgers, nog altijd inspireren om ons meer te engageren. 

Dat brengt me bij mijn tweede vraag:

2. Kan kunst gelijkheid creëren?

Mag ik u vragen over uw voorhoofd te wrijven?  U hoeft niet bang te zijn, voel gewoon even aan uw voorhoofd.

Hebt u een “high brow”, een hoog voorhoofd? Als dat zo is, bent u – toch volgens een pseudowetenschappelijke theorie uit de negentiende eeuw – intelligenter dan uw buurman met een “low brow”, een laag voorhoofd. Aan die dubieuze theorie heeft de culturele wereld de termen ‘highbrow’ en ‘lowbrow’ ontleend.

In het begin van de 20ste eeuw werd de term “middelbrow” geïntroduceerd. Die was absoluut niet bedoeld als compliment. Schrijfster Virginia Woolf zei het zo: ‘Als een levend wezen, ongeacht of het een man, een vrouw, een hond, een kat of een half geplette worm is, het ooit waagt me een ‘middlebrow’ te noemen, dan neem ik mijn pen en steek ik het dood.’

Om echt het verschil te maken, moeten Kunst en wetenschap exclusief zijn, in de zin van uitmuntend, gefocust, radicaal, vernieuwend.

De opkomst van de middelbrow-cultuur verloopt parallel met de democratisering van de samenleving. Het is bewezen dat dat een positieve evolutie is. Hoge cultuur werd toegankelijker, populaire cultuur werd ambitieuzer, tot het verschil tussen die twee helemaal wegviel.  

Toch wil ik benadrukken dat kunst en wetenschap – om echt het verschil te maken – exclusief moeten zijn, in de zin van uitmuntend, gefocust, radicaal, vernieuwend. Vrijheid en een exclusieve aanpak zijn noodzakelijk; alleen dan kunnen we af en toe Eureka! roepen. Dat betekent niet dat cultuur elitair is. Integendeel! Het is onze taak ervoor te zorgen dat cultuur en de resultaten van wetenschappelijk onderzoek binnen ieders bereik komen. 

De democratische revolutie na de Tweede Wereldoorlog  werd aangewakkerd door hogere lonen, meer vrije tijd, een betere toegankelijkheid tot hoger onderwijs en kunst. 

We moeten de crisis bestrijden en de sociale diversiteit proberen te bewaren.  
Dat in Griekenland slechts 5% cultureel participeert, is een schande. Culturele instellingen in heel Europa moeten sterkere openbare platforms worden. 

Samenwerking, gastvrijheid en gulheid moeten de essentie vormen. We willen de wereld niet buitensluiten. We willen hem omarmen. 

Michelangelo Pistoletto – alweer hij – zegt: ‘Het gaat niet langer over kunst omwille van de kunst, maar om esthetica die op zoek is naar ethiek. Vanaf nu hebben we een esthetica nodig die een ethische verandering voorstelt. Laten we het een ethische esthetica noemen.’ 
En hij besluit: ‘Alle ideeën over de wereld moeten focussen op verandering.’

Na de Tweede Wereldoorlog heeft de kunstwereld bewezen dat hij een belangrijke factor voor verandering is. In het Paleis voor Schone Kunsten zijn we vertrouwd met het beeld van kunstenaars die hun ateliers verlaten en zich in politieke of ideologische debatten mengen. In mei 1968 hebben kunstenaars het Paleis voor Schone Kunsten bezet. 

Op onderstaande foto ziet u de beroemde Belgische kunstenaar Marcel Broodthaers tijdens een van de eerste “assemblées libres”, “openbare bijeenkomsten” in onze lobby.

Kunstenaars en schrijvers waren geïnspireerd door de studenten die de universiteiten bezetten. Overal in West-Europa toonden kunstenaars, zoals Joseph Beuys in Düsseldorf, hun sociaal en politiek engagement. 

Kunstenaars klaagden dat curatoren en museumdirecteurs te autoritair waren, te conservatief en niet transparant genoeg. Ze eisten respect voor ‘hun kunst’. Ze vochten voor ‘culturele’ en ‘artistieke gelijkheid’. 

Het is tijd om ons te laten inspireren door Bob Dylan, een monument uit het artistieke milieu:

“Come writers and critics
who prophesize with your pen
and keep your eyes wide
the chance won’t come again
and don’t speak too soon
for the wheel’s still in spin
and there’s no tellin’ who
that it’s namin’.
For the loser now
will be later to win
for the times they are a-changin’.”

**

Vandaag komen de positieve veranderingen niet van de politiek, de godsdienst of de economie. Ze komen van de samenleving als geheel. Er zijn talloze initiatieven – overal ter wereld en vooral in Europese steden – waarbij mensen samenwerken om een wereld te creëren die niet gebaseerd is op de concentratie van geld of macht. Mensen beginnen hun eigen boerderijen, cofinancieren hun eigen projecten, produceren hun eigen zonne- en windenergie, eisen de openbare ruimte op, delen hun bezittingen en diensten en gaan voor gemeenschappelijkheid. 

In 2013 startte het Goethe Institut met het project We-Traders. Ruil crisis voor stad. Dat leidde tot een platform voor burgerinitiatieven van kunstenaars, designers, activisten en tal van andere inwoners uit Lissabon, Madrid, Toulouse, Turijn en Berlijn. Het Paleis voor Schone Kunsten was de gastheer voor de editie in Brussel. De artistieke verovering van openbare ruimtes: dat is het onderwerp van een van de seminars deze week.

Maar wees op uw hoede. De kunstwereld is geen paradijs. Op veilingen worden obscene bedragen betaald voor klassieke en moderne kunst.

Maar wees op uw hoede. De kunstwereld is geen paradijs. Op veilingen worden obscene bedragen betaald voor klassieke en moderne kunst. Tegenwoordig kun je geld lenen om een schilderij te kopen dat 50 miljoen dollar waard is en het de volgende dag voor nog meer geld verkopen. Het veilinghuis is een alternatief geworden voor de beurs en het casino.

Dat helpt niet om de culturele en economische ongelijkheid te verminderen, integendeel. 

Kunstenaars moeten zich bewust worden van hun ethische verantwoordelijkheid. Waarom zouden we hun niet vragen – als ze rijk en beroemd worden – een deel van hun culturele kapitaal terug te geven aan de scholen, galeries en musea die hen beroemd hebben gemaakt? Verschillende kunstenaars, overal in de wereld, nemen inderdaad het voortouw. Hun persoonlijke initiatieven hebben een grote educatieve en sociale impact. 

Denk maar aan:

De Daniel Bairenboim Stiftung en haar East-Western Divan Orchestra
The Land Foundation van de Thaise kunstenaar Rirkrit Tiravanija
De IJslandse kunstenaar Olafur Eliasson en zijn Institut für Raumexperimente
Het internationale programma voor muziekopleiding El Sistema dat José Abreu in Venezuela heeft opgericht en dat veel steun krijgt van dirigent Gustavo Dudamel.

De kunstwereld heeft heel wat goede projecten opgezet die ons allemaal zouden moeten inspireren. 

Als besluit haal ik graag nog twee voorbeelden aan.

Museum of the Other and the Elsewhere, Rome

In Rome gebruikt het Museum MAAM – the Museum of the Other and the Elsewhere – de speciale positie van kunstenaars om de meest kwetsbare mensen te beschermen: vluchtelingen

In een vervallen fabriek die door Roma was gekraakt, hebben Italiaanse kunstenaars ateliers ingericht. Door de gekraakte fabriek om te vormen tot een museum beschermen de kunstenaars de Roma tegen raids, arrestaties en uitzetting. De kunstliefhebbers die een bezoek brengen aan het MAAM kijken verrast op als ze de Roma-kinderen in de ateliers van de kunstenaars zien spelen. 

Het museum en de ‘echte’ wereld smelten samen. 

Migratie als gevolg van oorlog en terrorisme zal waarschijnlijk de belangrijkste bron van culturele ongelijkheid worden in het 21ste-eeuwse Europa. De ethische vraag wordt almaar scherper: op de Griekse eilanden, in de landen rond de Middellandse Zee, in Calais. 

Zal Europa voor die test slagen?

 

Renzo Martens, Institute of Human Activities

In Congo heeft de Nederlandse kunstenaar Renzo Martens zijn Institute of Human Activities opgericht. Dit artistieke en tegelijk economische experiment inzake gentrificatie gebeurt in het midden van de jungle. Congolese mannen en vrouwen verbouwen er cacao op een plantage en na het werk maken ze beelden van klei. 

De beeldhouwwerken weerspiegelen hun pijn en lijden uit de tijd dat ze kindsoldaten waren. Deze kunstwerken worden gescand en in 3D geprint in… Belgische chocolade. De kunstwerken, gesigneerd door de Congolese kunstenaars, worden tentoongesteld in galeries en musea en verkocht aan verzamelaars overal in de wereld. Renzo Martens gaat er prat op dat zijn boeren-kunstenaars 7000 keer meer betaald krijgen voor hun cacao dan de Congolese boeren die hun oogst aan Unilever verkopen.

De mensen achter het MAAM en Renzo Martens zijn geen romantici, zij zullen niet – zoals Lord Byron dat wel deed – de wapens opnemen om de Grieken in hun onafhankelijkheidsoorlog te helpen. Maar ze zijn even vastberaden om verandering teweeg te brengen en het ideaal van gelijkheid na te streven. 

Mag ik u eraan herinneren dat Lord Byron in Griekenland tegen de Ottomanen vocht. Maar zijn grootste vijand was Lord Elgin, de Engelse aristocraat die in Athene de marmeren friezen van het Parthenon stal en ze naar het British Museum verscheepte. In Byrons gedicht “The Curse of Minerva” spreekt de godin van wijsheid en kunst een vloek uit over Lord Elgin. Hij zal voor altijd gehaat worden. 

De strijd tegen de Lord Elgins van deze wereld en de strijd voor meer culturele gelijkheid in Europa duurt nog altijd voort. Kunstenaars moeten een vloek uitspreken over mensen die zich tegen positieve veranderingen verzetten. Ze moeten zich engageren. 

En dat brengt me bij mijn laatste vraag:

3. Hebt u zich al geëngageerd?

Paul Dujardin is ceo en artistiek directeur van het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2925   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift