‘Alle deserteurs en gewetensbezwaarden verdienen onze steun’

Sam Biesemans, Ludo De Brabander en Kornee van der Haven

Opinie

Waarom een andere vredespolitiek nodig is

‘Alle deserteurs en gewetensbezwaarden verdienen onze steun’

03 februari 2023
‘Alle deserteurs en gewetensbezwaarden verdienen onze steun’
‘Alle deserteurs en gewetensbezwaarden verdienen onze steun’

Hoe kunnen we het oorlogsgeweld in Oekraïne stoppen? Volgens enkele vredesactivisten is meer wapens sturen niet de juiste aanpak. Ons land zou aan de-escalatie moeten werken door onder meer asiel te verlenen aan de mensen die niet langer het vuile werk willen opknappen.

Een verlaten tank in de Oekraïense stad Chernihiv.

Oleksandr Ratushniak / UNDP Ukraine (CC BY-ND 2.0)

Hoe kunnen we het oorlogsgeweld in Oekraïne stoppen? Volgens vredesactivisten Sam Biesemans, Ludo De Brabander en Kornee van der Haven is meer wapens sturen niet de juiste aanpak. Ons land zou aan de-escalatie moeten werken door onder meer asiel te verlenen aan de mensen die niet langer het vuile werk willen opknappen. ‘De mensen die deze risico’s nemen en breken met de oorlogspolitiek van hun staat en leiders, verdienen onze waardering en onze steun.’

Oorlogen worden gevoerd door staten maar het zijn hun inwoners die de prijs betalen. Zo moeten Oekraïense burgers na de Russische invasie toezien hoe dorpen en steden verwoest worden, of ze worden als soldaten het slagveld opgestuurd. Om het oorlogsgeweld te stoppen kunnen we ons richten op de staten en ze tot onderhandelen aanmanen. Ook kunnen we een van de partijen ondersteunen met wapentuig om het evenwicht naar een gewenste kant te doen overhellen.

Dat laatste is wat er nu massaal gebeurt bij de oorlog in Oekraïne. Het is zelfs de voornaamste strategie die EU-landen als België momenteel volgen om de oorlog in Oekraïne te beëindigen, namelijk via het voeden van diezelfde oorlog met meer wapens. Vredespolitiek is oorlogspolitiek geworden en de vredesduif is veranderd in een luipaard. Dit terwijl landen als België ook kunnen werken aan een de-escalatie van het conflict met vreedzame middelen. Asiel verlenen aan de mensen die niet langer het vuile werk willen opknappen, is daar een voorbeeld van.

De oorlogsbereidheid van burgers is de ruggengraat van de oorlogspolitiek van de twee staten.

Zeker de mensen die de oorlog effectief de rug toekeren door het slagveld te verlaten, of daar zelfs niet heen te gaan, vormen de achilleshiel van zowel het Russische als het Oekraïense leger. De oorlogsbereidheid van burgers is immers de ruggengraat van de oorlogspolitiek van de twee staten.

Het opvangen van met name Russische soldaten die niet langer wensen te vechten, of burgers die legerdienst weigeren, is het minste dat we kunnen doen om zand te strooien in de raderen van Poetins oorlogsmachine.

Vechten uit vrije wil?

Al sinds september 2022 discussieert de EU over wat te doen met deze Russische vluchtelingen. Alle argumenten die politici ondertussen aandragen om geen opvang te verlenen, missen grond. De Belgische premier De Croo stelde in De Zevende Dag (25 september 2022) dat ‘het een moeilijk signaal zou zijn ten opzichte van de vele Oekraïense vluchtelingen om opeens ook Russen te gaan opvangen’. Dat argument snijdt logisch en beleidsmatig natuurlijk geen hout. Zowel Russische als Oekraïense vluchtelingen zijn immers het slachtoffer van Poetins oorlogspolitiek.

Oordelen als die van De Croo zijn gebaseerd op een tweedeling tussen Russische en Oekraïense burgers. Dat onderscheid is gebaseerd op de illusie dat burgers van die twee staten uit eigen beweging zouden gaan vechten. Daarmee zouden ze immers ook een persoonlijke verantwoordelijkheid dragen voor de oorlog. Op basis daarvan vellen velen vervolgens een moreel oordeel: Oekraïense soldaten zijn dapper, Russische soldaten zijn bijna bij voorbaat oorlogsmisdadigers. Nochtans is vechten zelden een kwestie van een vrije keuze.

Volwassen mannen in Oekraïne die weigeren om te vechten kunnen voor jaren in de gevangenis belanden. Bij dienstweigeraars gaat het meestal om gevangenisstraffen van drie jaar. Voor deserteurs heeft het land die straf onlangs opgetrokken tot maar liefst twaalf jaar. Russische deserteurs riskeren tien jaar gevangenisstraf, of de doodstraf in het geval van de huurlingen van Wagner.

Achter de geroemde of juist verfoeide ‘wil’ om te gaan vechten gaat in veel gevallen een morele en politieke dwang schuil: mensen kunnen vaak niet anders dan vechten en hun leven op het spel zetten voor ‘het vaderland’. Het is tekenend voor die situatie dat Oekraïne in september het internationaal algemeen erkende recht van gewetensbezwaarden op dienstweigering heeft opgeschort.

De stap zetten om dienst te weigeren of te deserteren heeft momenteel in Rusland en Oekraïne grote juridische consequenties. Het is daarmee een stap die je alleen uit overtuiging zet. De mensen die deze risico’s nemen en breken met de oorlogspolitiek van hun staat en leiders, verdienen onze waardering en onze steun. Hoe anders kan de spiraal van geweld die met name de Russische staat veroorzaakt, doorbroken worden?

De Belgische regering kan een voorbeeld nemen aan de Duitse, die al in september aangaf bescherming te willen bieden aan deserteurs en dienstweigeraars uit Rusland.

De Belgische regering kan een voorbeeld nemen aan de Duitse, die al in september aangaf bescherming te willen bieden aan deserteurs en dienstweigeraars uit Rusland. Dat die stap hier niet gezet wordt, heeft in hoge mate met de genoemde tweedeling te maken, die helaas ook door de media in stand gehouden wordt.

In haar hoofdredactioneel commentaar van 21 januari heeft De Standaard het over Oekraïense soldaten die ‘gesneuveld’ zijn en over 100.000 Russen die ‘uitgeschakeld’ zijn. Die dehumanisering van de Russische soldaat is gevaarlijk. Je kunt een kerncentrale afschakelen; een stofzuiger of computer uitschakelen, maar een mens?

Veel van deze ‘uitgeschakelde’ Russische soldaten vechten onder dwang. De algemene mobilisatie geeft mensen in Rusland weinig andere keuzes dan te vechten. De moedige burgers die beslissen om legerdienst te weigeren zijn een uitzondering, maar ook het zich onttrekken aan de militaire dienstplicht door het land te verlaten mag als een vorm van dienstweigering uit gewetensbezwaar beschouwd worden.

Deserteurs en dienstweigeraars verdienen onze steun, zoals eenieder steun verdient die om principiële redenen weigert een land te verdedigen door burgers en soldaten van een ander land te doden. De dreiging van jarenlange gevangenisstraffen voor deze mensen is reëel, ook voor gewetensbezwaarden. Op grond van die vervolging en het schenden van dit basisrecht kan aan deze mensen asiel worden verleend. De tijd dringt dat de politiek dit recht ook voor deze specifieke groepen garandeert.

Sam Biesemans (Europees Bureau Gewetensbezwaarden), Ludo De Brabander (Vrede vzw), Kornee van der Haven (Quakers Gent).

Op 26 februari vindt in Brussel een nationale manifestatie tegen de oorlog in Oekraïne plaats met het recht op asiel voor gewetensbezwaarden als een van de eisen.