Dossier: 

Van #PanamaPapers tot #Hetgeduldisop

Rijke en machtige mensen maken gebruik van offshores en dure advocaten om belastingen te ontlopen, volgens de PanamaPapers. Als dat mag van de wet, dan moet de wet veranderen. En als het tegen de wet is, moet de overheid beter controleren. Politici hebben nog even de tijd om te handelen, maar de populistische klok tikt.

  • © Nick Hannes Wie belastingparadijzen voor de ene creëert of tolereert, is ook verantwoordelijk voor de armoede en de woede van de andere (foto: op het strand van St. Tropez) © Nick Hannes

Gie Goris

MO*redactie
Hoofdredacteur, Azië, religie & conflict
5 april 2016

In IJsland komen de mensen op straat omdat hun premier zijn aandelen in een offshore bedrijf niet gemeld had. De regeringen van Frankrijk, Spanje, Australië, België en zelfs Panama hebben onderzoeken aangekondigd naar aanleiding van wat er tot nu toe al gepubliceerd werd in het kader van het grootste journalistieke onderzoek op het grootste gegevenslek ooit.

So far so good. Want het hoort niet dat toppolitici en superrijken hun macht en hun middelen inzetten om de democratisch gestemde wetten te ontwijken of te ontduiken. Ook niet als ze dat doen door ingewikkelde constructies op te zetten in gebieden die zich specialiseren in het verbergen van ware identiteiten, eigenaarschap en winst.

Kristof Clerix, die voor MO* eerder al de Luxleaks en Swissleaks onderzoeken deed en nu ook de PanamaPapers publiceert op MO.be (in samenwerking met zijn nieuwe werkgever, Knack), heeft altijd benadrukt dat schermbedrijven op zich niet onwettig zijn. Dat klopt, en die houding heeft er ook steeds voor gezorgd dat MO* zich in deze dossiers niet heeft laten verleiden tot een heksenjacht of het besmeuren van de naam of reputatie van individuen.  Alleen is die vaststelling uiteraard niet het einde van het verhaal, maar het begin.

© Nick Hannes

Wie belastingparadijzen voor de ene creëert of tolereert, is ook verantwoordelijk voor de armoede en de woede van de andere (foto: op het strand van St. Tropez)

Telkens wanneer blijkt hoe goed grote bedrijven, superrijken of machtigen gebruik weten te maken van wettelijk voorziene mogelijkheden om aan “fiscale optimalisatie” te doen, zien we een opstoot van publieke verontwaardiging. En die is volkomen terecht, want onrecht is veel ruimer dan onwettelijk.

Van de overheid mogen burgers minimaal verwachten dat ze iedereen houdt aan de wetten die ze zelf stemt en oplegt. Toch toont onderzoek na onderzoek aan dat onze overheden, ook in democratische landen, schromelijk tekortschieten. De belastingadministraties krijgen niet de middelen die nodig zijn om hun opdracht succesvol te vervullen.  Dat is een politieke keuze. Nochtans weten we dat meer en beter gevormde belastingcontroleurs meteen extra inkomsten voor de staat opleveren. In de VS rekent men dat elke dollar die in bijkomende controlecapaciteit geïnvesteerd wordt, zes dollar in bijkomende inkomsten opbrengt.

In de VS rekent men dat elke dollar die in bijkomende controlecapaciteit geïnvesteerd wordt, zes dollar in bijkomende inkomsten opbrengt.

De Belgische regering doet het tegenovergestelde. ‘Sinds 2006 vervangen wij [op de FOD Financiën] maar twee op de drie mensen die afvloeien. In het laatste jaar is dat zelfs minder, want we zitten in een besparingsoperatie’, zei topman Hans D’Hondt al enkele jaren geleden. Belga berichtte begin dit jaar dat er op Financiën vandaag een derde minder mensen werkt dan twintig jaar geleden, en die daling zet zich door met nog eens 15 procent tegen 2020. Het enige lichtpuntje zjin de extra aanwervingen op de Bijzondere Belasting Inspectie (99 mensen).

Een regering die beknibbelt op de capaciteit van haar eigen controle-administraties, weet ze dat ze de deur openzet voor meer misbruik. En dat misbruik verloopt recht evenredig met wat iemand bezit: de kleine zelfstandige of de steuntrekker die fraudeert, kost de gemeenschap veel minder dan de rijkste families van het land die een stel dure advocaten aan het werk zetten om fiscaal te optimaliseren.

Dat minister van Financiën Van Overtveldt al zondagavond, kort na het verschijnen van de eerste artikels van de PanamaPapers, twitterde: ‘BBI onderzoekt Panama Papers. Bij fraude hoort vervolging. Bij belastingontwijking kan Kaaimantaks in actie treden’, is dus goed nieuws. Dat hij bij de betrokken media alle gegevens opvraagt, getuigt van voldoende besef van urgentie. Wij kijken uit naar de concrete stappen, de rapporten, de vervolgingen, de resultaten.

Dat diezelfde minister maandag, in de schaduw van het aanzwellende rumoer rond de PanamaPapers, aankondigde dat hij in beroep gaat tegen de Europese veroordeling van de Belgische rulings, is dan weer een klap in het gezicht van iedereen die hoopt dat degelijke journalistiek maatschappelijke impact kan hebben. De Europese Commissie had immers, in de nasleep van LuxLeaks, de Belgische voordeelafspraken met internationale bedrijven tegen het licht gehouden en vastgesteld dat die rulings de Belgische staat minstens 700 miljoen euro aan onterecht gederfde inkomsten gekost hadden.

Eenmaal de publieke verontwaardiging wegebt, verdwijnt ook het activisme van de regering

De minister wil er echter alles aan doen om de multinationals te behoeden voor een vordering die de Belgische staat volgens Europa moet instellen. Impliciet zegt hij ook: eenmaal de publieke verontwaardiging wegebt, verdwijnt ook het activisme van de regering. Die gaat dan gewoon terug haar eigen spel spelen, en dat is blijkbaar niet het behoeden van de belangen van de gewone burger, maar het vrijwaren van de privileges van de rijken en de machtigen.

De politieke consequentie van de opeenvolgende dossiers over offshores, rulings en andere financiële en fiscale constructies zou moeten zijn dat parlementen over de hele wereld strengere wetten stemmen –zodat er een einde komt aan de straffeloze inzet van ongelijkheid bevorderende systemen- en dat regeringen in het kader van alle relevante internationale fora zoals OESO, EU, G20 en Verenigde Naties bindende afspraken maken over het toepassen van nationale wetten en internationale afspraken. En als zou blijken –wat velen vrezen- dat toppolitici niet geneigd zijn de tak af te zagen waarop ze hun eigen fortuin bouwen, dan moet de bevolking andere politici eisen. Het is onze verdomde burgerplicht om niet te dulden dat het belang van de samenleving geschaad wordt door degenen die dat belang in onze naam mogen dienen en verzekeren.

Het droogleggen van de belastingparadijzen en het ontmantelen van alle bewust ingewikkelde structuren, is een kwestie van fundamentele rechtvaardigheid

Het droogleggen van de belastingparadijzen en het ontmantelen van alle bewust ingewikkelde structuren waarmee de rijken ervoor zorgen dat ze zo weinig mogelijk bijdragen aan het onderwijs, de gezondheidszorg, de mobiliteit, de informatie en de sociale zekerheid van iedereen, is niet alleen een kwestie van fundamentele rechtvaardigheid binnen elk land. Het is ook een noodzaak indien de wereldleiders hun belofte op duurzame ontwikkeling willen waarmaken.

Het World Economic Situation and Prospects 2015 -rapport schat de niet-belaste kapitaalberg die zich in belastingparadijzen bevindt tussen 21 en 32 biljoen dollar. Als dat bedrag aan bodemtarieven belast zou worden, zou het jaarlijks meteen 189 miljard dollar nieuwe inkomsten opleveren –meer dan wat de rijke landen nu aan ontwikkelingshulp geven. Een oudere studie van de Britse ngo Christian Aid (2008) schatte het verlies aan inkomsten voor ontwikkelingslanden door commerciële belastingontduiking op een jaarlijkse 160 miljard dollar. Andere studies schatten het verlies voor Afrika op 50 miljard dollar per jaar.

De journalisten van ICIJ hameren nu al jaren op dezelfde kop. Van Offshore-leaks over LuxLeaks en SwissLeaks tot PanamaPapers: telkens blijkt in pijnlijk detail dat rijkdom op industriële schaal verborgen wordt om belastingen of openbaarheid te vermijden of ronduit te ontduiken. Telkens volgen er beloftes, onderzoekscommissies en bijzondere zittingen, een mediastorm en luid geroep op sociale media –naast naakte ontkenningen, samenzweringstheorieën en ingewikkelde verhalen over het belang van geheimhouding voor het Grote Goed van Economische Groei.

Het is nu tijd om te doen wat beloofd wordt: een gelijk speelveld creëren voor iedereen, duidelijke en transparante regels, en een overheidsapparaat dat de ambitie, het mandaat én de middelen heeft om een en ander af te dwingen. De wet moet rechtvaardig gemaakt worden en nageleefd. Als de politiek dat blijft nalaten, is elke toekomstige verwondering over de opkomst van populisme en antipolitiek slecht theater. Het punt is gemaakt, het geduld is op. Tijd voor daden.

Meer uit het dossier #PanamaPapers

Public domain (CC0)
Het Internationaal Consortium van Onderzoeksjournalisten (ICIJ) is bekroond met een Pulitzerprijs voor de PanamaPapers.
© Belfius
Onderzoeksjournalisten Kristof Clerix (Knack/ex-MO*) en Lars Bové (De Tijd) winnen de Prijs voor de Democratie 2016 omwille van hun journalistieke bijdrage aan de PanamaPapers.
Global Alliance for Tax Justice / Flickr - (CC BY-NC 2.0)
9 juni is Tax Justice Day, een oproep voor een eerlijker belastingsysteem.
Nico2panama (CC by-sa 3.0)
Minstens 117 Belgische advocaten, boekhouders en financieel adviseurs stonden in contact met Mossack Fonseca om bedrijven op te richten in belastingparadijzen.

Meest recent van Gie Goris

(c) Tom Nicholson
Wie over macht spreekt, moet het koloniale systeem ontmantelen
Indonesië heeft 350 jaar onder Nederlands koloniaal bestuur gestaan.
CC Gage Skidmoer (CC BY-SA 2.0)
Amerikaanse president speelt Russische roulette met Iran
Voor 15 oktober moet de Amerikaanse president zich uitspreken over de vraag of het nucleair akkoord met Iran in het belang is van de Amerikaanse nationale veiligheid.
AK Rockefeller (CC BY-ND 2.0)
Europalia en hét cruciale jaar uit Indonesische geschiedenis
Europalia richt de blik dit jaar op Indonesië. Dat is een moedige keuze, want de Zuidoost-Aziatische grootmacht wordt in de regel genegeerd, en niet alleen in culturele middens.
Russel Davies (CC BY-NC 2.0)
Het “mediadebat" gaat over méér dan over economie
Een bits debat op De Afspraak, een boze brief van de mediamonopolies, en twee  liberale ministers die hun kans schoon zien om van media nog wat meer markt te maken.