Turkije: Moderniteit tegen traditionalisme? Voorbij het cliché

Stan De Spiegelaere (Poliargus)

Opinie

Turkije: Moderniteit tegen traditionalisme? Voorbij het cliché

10 juni 2013
Turkije: Moderniteit tegen traditionalisme? Voorbij het cliché
Turkije: Moderniteit tegen traditionalisme? Voorbij het cliché

Sinds 28 mei is het onrustig in Turkije. Internationale media berichten uitgebreid over het politiegeweld en zoeken naar oorzaken van het protest. Daarbij wordt vaak een tegenstelling gezocht tussen moderniteit en traditionalisme, of islam en secularisme. In deze tekst proberen we aan te tonen dat dergelijke verklaringen geweld doen aan de complexiteit op het veld. De opstand in Turkije is er geen van ‘de verlichten’ tegen ‘de reactionairen’. De opstand in Turkije is een strijd om redelijkheid.

Secularisme vs. Islam; Moderniteit vs. Traditionalisme?

De directe aanleiding voor de massademonstraties was het plan om enkele bomen te kappen in het centrum van Istanbul. Enkele actievoeders die kampeerden in het kamp werden op zeer brutale wijze door de politie verdreven. Ondanks de mediastilte rond deze evenementen, stonden de sociale media in rep en roer en was het startschot gegeven voor massabetogingen die nu reeds een dikke week aanslepen. Het einde is nog niet in zicht.

Wie op zoek gaat naar de oorzaak van de conflicten in Turkije, moet eerst en vooral vaststellen dat de Turkse samenleving sinds het ontstaan van de Turkse republiek zeer gepolariseerd is. Verschillende groepen in de samenleving staan tegenover elkaar. Deze tegenstellingen zijn politiek (extreem links vs. extreem rechts), religieus (Sunni, Alevi, seculieren), regionaal (kuststeden vs. Het Anatolische binnenland), etnisch (Koerden, Turken, Armeniërs etc.) maar ook voetbalgerelateerd (Galatasarayfans, Fenerbahcefans & Besiktasfan). In de hele geschiedenis van Turkije leidde dit regelmatig tot straatgeweld en greep het leger verschillende malen in om de zaak te ‘pacificeren’.

In de zoektocht naar verklaringen is het dan ook gemakkelijk om naar dergelijke tegenstellingen terug te grijpen. Zeker omdat de AKP van Erdogan zich openlijk profileert als een ‘moslimdemocratische’ partij, wordt het conflict vaak verklaard door te wijzen op de tegenstellingen tussen ‘seculieren’ en ‘moslims’. De seculieren zijn dan de aanhangers van de grootste oppositiepartij CHP, en de moslims de voorstanders van Erdogan. Moderniteit tegen traditionalisme. Of Westers gerichte Turken tegen Oosters gerichte Turken. Het lijkt wel alsof de ‘Botsing der Beschavingen’ uitgevochten wordt in de straten rond het Taksimplein.

De AKP: een moderne maar ook conservatieve partij

Maar zo’n verklaring gaat voorbij aan de realiteit om verschillende redenen. Ten eerste gaat een dergelijke zienswijze voorbij aan het karakter en de verdiensten van de AKP van Erdogan. Op economisch vlak is de partij zonder meer kapitalistisch of zelf neo-liberaal te noemen. Tijdens de AKP regeerperiode werden vele diensten geprivatiseerd en werden in alle steden gigantische (soms megalomane) bouwprojecten doorgeduwd. Daarnaast zorgde de AKP voor stabiele regeringen (na woelige jaren), een ongekende economische groei, een nieuwe (civiele) grondwet, een toenadering naar Europa, een pacificatie van de Koerdische kwestie (of dat hopen we toch), een inperking van de rol van het leger in de politiek, een sterke verbetering van de diplomatieke relaties met de buurlanden en een diversificatie van het buitenlands beleid, directe democratie in de vorm van referenda en nog zoveel meer. Tijdens de AKP regering ging het vele Turken (en ook vaak tegenstanders van het regime) financieel voor de wind. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat de partij verkiezingsoverwinning na verkiezingsoverwinning behaalt.

De AKP is een moderne partij die Turkije verregaand democratiseerde. Dit deed ze natuurlijk deels uit eigenbelang. De AKP is een volkse partij die kan rekenen op brede steun in het binnenland van Turkije en uit groepen die vroeger misschien minder goed vertegenwoordigd waren. De AKP democratiseert dus wel, maar weet dat ze daar momenteel enkel bij kan winnen. Wat de AKP bijvoorbeeld niet doet is de kiesdrempel van 10% verlagen of bespreekbaar stellen. Een dergelijke zet zou de weg naar het parlement vrijmaken voor kleinere (onder andere Koerdisch gezinde) partijen en zou misschien betekenen dat de AKP zijn absolute meerderheid verliest.

De meeste demonstranten willen simpelweg een terugkeer naar het ‘redelijke’.

De AKP is met andere woorden een partij zoals alle anderen die zijn belangen kent en deze probeert te verdedigen. De AKP is dan ook geen partij van crypto-islamisten die Turkije richting Iran willen sturen, noch is het een partij die als een heilige de belangen van de kleine mens verdedigt.

De betogers: een diverse groep van ongebonden ontevredenen.

Ten tweede doet een verklaring in termen van ‘secularisme tegen islam’ onrecht aan het profiel van de betogers. Een heel recente studie van de Bilgi Universiteit bij 3000 betogers toonde aan dat ongeveer alle deelnemers van de betogers zeggen dat ze daar staan voor de bescherming van hun vrijheden (zie verder). Hoewel een meerderheid zichzelf omschrijft als ‘seculier’, omschrijven ze zich ook als apolitiek en hebben ze vaak geen enkele link met een politieke (oppositie)partij. 57% van de betogers geeft trouwens aan dat ze nooit eerder deelnamen aan een betoging. Ook de slogans die de ronde gaan geven aan dat de betogers zich vaak omschrijven als politiek onafhankelijk en weigeren zich aan te sluiten bij de traditionele kampen in de Turkse maatschappij. De betogers vormen dus geen homogene groep van seculiere leden van de grootste oppositiepartij CHP. Meer zelfs, zo’n 37% van de betogers roept op tot het stichten van een nieuwe politieke partij. En vergis je niet, het is niet omdat (een meerderheid van) de betogers zich omschrijft als ‘seculier’, dat ze daarom geen moslims zijn. Enkele foto’s van de protesten tonen goed hoe de politie staat tegenover duizenden biddende betogers.

Hoe zit het dan wel?

De uitleg in termen van ‘moderniteit tegen traditionalisme of islam’ getuigt dus van een eerder oriëntalistische kijk op de zaken. Om te kijken hoe het dan wel zit, moeten we dieper ingaan op de recentere geschiedenis in Turkije.

Zoals eerder beschreven heeft de AKP voor velen geen slechte beurt gemaakt. Het kreeg in ruil daarvoor enkele klinkende verkiezingsoverwinningen.

Maar in de laatste jaren zijn er enkele dingen veranderd. Toen de AKP in 2002 aan de macht kwam, vond ze een staatsapparaat dat helemaal niet AKP gezind was. De president (die zijn veto kon stellen tegen wetten) was niet AKP gezind, het leger was ronduit vijandig, de universiteiten zaten vol ‘witte Turken’ (seculiere, oppositie gezinde Turken) en zo ook de rechterlijke macht. Ondertussen is de president een ex-AKP minister, is het leger bedwongen en heeft de AKP ook zo goed als de rechterlijke macht en de universiteiten onder controle. Samen met de absolute meerderheid van Erdogan krijg je een enorme machtsconcentratie. En machtsconcentraties bij bepaalde personen, dat betekent meestal niet veel goeds.

Meer en meer drukt de AKP zijn agenda door en doet daarbij geen enkele poging om te overleggen met andere politieke actoren. Enkele voorbeelden van (recente) AKP maatregelen die op veel verzet stootten zijn:

  • De verhogingen van de taksen op alcohol en het geplande verbod op reclame

  • Het plan om de  regelgeving rond abortus te verstrengen

  • De inperking van de macht van het (zeer seculiere) Turkse leger

  • Een verbod op stakingsacties in de luchtvaartsector

  • Het verbod om 1 mei te vieren op het symbolisch belangrijke Taksimplein

  • Een onderdrukking en intimidatie van de (kleinere) vakbondsconfederatie uit de publieke sector, KESK

  • Een aanpassing van het politiek systeem richting presidentieel regime naar Frans model, met de bedoeling dat Erdogan natuurlijk de volgende president wordt

  • De beknotting van de persvrijheid. Zo ‘vraagt’ Erdogan regelmatig aan de pers om niet te communiceren over bepaalde onderwerpen

  • De communicatie en regeringsstijl van Erdogan: de vele beledigingen van Erdogan als het gaat over mensen die alcohol drinken, kussen op straat of manifesteren.

De gewelddadige uitzetting van demonstranten op het Taksimpark was dus de spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen. De demonstranten komen op straat omdat ze de arrogantie van de macht beu zijn. Maar vergis je niet.  Dit zijn geen revolutionairen die vechten voor een ‘regime change’. Daarvoor hebben de demonstranten veel te veel te verliezen. Getuige daarvan is het protest de laatste dagen. In het weekend werd de hele dag door actiegevoerd op verschillende fronten, maar met het aanbreken van de werkweek gingen de meeste betogers weer naar het werk. Wel werd er van de middagpauze gebruik gemaakt om de media te bestoken en kwam iedereen ’s avond, na het werk, en dichter bij huis weer op straat.

De betogers zijn en blijven ook democraten (een kleine 6% die een militaire interventie wenst niet te na gesproken). Ze roepen dan wel om ontslag van Erdogan, maar beseffen maar al te goed dat hij democratisch verkozen is en nog steeds een steun geniet bij brede lagen van de bevolking. Wat ze willen is dat de AKP de democratie niet enkel invult als ‘het regeren van de meerderheid’. Ze willen een democratie waar het mandaat van de kiezer niet geïnterpreteerd wordt als een vrijgeleide om het eigen gelijk door te drukken.

De meeste demonstranten willen simpelweg een terugkeer naar het ‘redelijke’. Een redelijke AKP die luistert naar de verzuchtingen van alle groepen van de Turkse samenleving en niet zomaar compromisloos zijn wil doordrukt. Een redelijke politie die optreedt als het moet, maar er vooral is om te beschermen, niet om te onderdrukken. Een redelijke pers die alle kanten van het verhaal toont en zich niet laat dirigeren door de richtlijnen van de eerste minister. Een redelijk parlement dat niet om de haverklap wetsvoorstellen doet over het beperken van abortussen of het recht op staken. Een redelijke eerste minister die zijn volk niet beledigt of simpelweg negeert. Ze willen kortweg een volmaaktere democratie, met de AKP als dat kan, zonder als het moet.

Stan De Spiegelaere is verbonden aan Poliargus, een onafhankelijke denktank binnen de democratisch socialistische en ecologische beweging, www.poliargus.be.