Dossier: 
'We rekruteren brandweerlieden pas nadat een brand uitbreekt, om dan slechts een paar kamers te blussen'

Om beter uit deze wereldwijde crisis te komen, is universele sociale bescherming essentieel

Rasande Tyskar (CC BY-NC 2.0)

 

Deze crisis biedt ons vele lessen, stellen VN-kopstukken Michelle Bachelet en Olivier De Schutter, en Guy Ryder, directeur-generaal van de Internationale Arbeidsorganisatie. ‘Een daarvan is dat voor een betere wederopbouw internationale solidariteit en een betere sociale bescherming voor iedereen nodig zijn. Als we dat negeren, bestaat de kans dat toekomstige generaties ook het lijden van vandaag zullen moeten doorstaan.’

De COVID-19-pandemie zorgde voor een sociale en economische ontwrichting in onze samenleving. Regeringen reageerden daarop met een reeks ad-hocmaatregelen, zoals betaalde verlofdagen, geldtransfers en steun voor gezinnen. Hoewel die plannen lovenswaardig zijn, delen ze toch twee tekortkomingen.

Ten eerste, zijn vele regelingen kortetermijnoplossingen om de lockdown of een vastgelegde periode te overbruggen totdat economisch herstel op gang komt. Maar ze helpen niet om de onderliggende factoren te veranderen die vele miljoenen mensen kwetsbaar hebben gemaakt, noch om hen beter voor te bereiden op toekomstige crises.

Ten tweede, bieden de maatregelen eenvoudigweg geen oplossing voor de levensbedreigende situaties waarmee veel van de zwaarst getroffen gemeenschappen in de wereld worden geconfronteerd. Hoewel de wereldwijde overheidsuitgaven voor de COVID-19-bestrijding 11 biljoen dollar (of 9,35 biljoen euro) overstijgt, komen veruit de grootste bijdragen uit rijke landen. Zo heeft de Europese Unie onlangs een herstelplan van 750 miljard euro aangenomen (wat overeenkomt met 6 procent van haar BBP), terwijl het economische herstelplan van Japan overeenkomt met 22 procent van het BBP (of 1,1 biljoen dollar). Bij ontwikkelingslanden met lage inkomsten bedraagt de fiscale bijdrage gemiddeld 1,2 procent van het BBP.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Fundamentele veerkracht

Ontwikkelingslanden zijn gewoon niet in staat om de brede crisismaatregelen te treffen die hun bevolking nodig heeft.

Ontwikkelingslanden, vooral de landen met lage inkomsten, beschikken over beperkte binnenlandse middelen. Dat wordt verergerd door de daling van sommige grondstoffenprijzen voor export. Zij zijn gewoon niet in staat om de brede crisismaatregelen te treffen die hun bevolking nodig heeft, laat staan een sociaal beschermingssysteem op te zetten dat op lange termijn meer fundamentele veerkracht zou creëren.

Nog voor COVID-19 was 69 procent van de wereldbevolking niet of slechts gedeeltelijk gedekt door sociale zekerheid. Bijna twee derde van de kinderen in de wereld had geen sociale bescherming. Slechts 22 procent van de werklozen ontving een werkloosheidsuitkering en slechts 28 procent van de personen met een ernstige beperking kreeg een invaliditeitsuitkering.

Wereldwijde crises zoals deze pandemie kennen geen geografische of politieke grenzen. We zijn maar zo sterk als de zwakste onder ons. Als we een grotere veerkracht willen opbouwen en doeltreffender kansen willen creëren om ervan te herstellen, dan moeten we alle landen ondersteunen bij het ontwikkelen van robuuste sociale beschermingsvloeren. De huidige stapsgewijze aanpak is zoals brandweerlieden rekruteren nadat er een brand is uitgebroken, om hen dan slechts een paar kamers in het brandende gebouw te laten blussen.

Internationale solidariteit is essentieel

De huidige aanpak is er een van brandweerlieden rekruteren pas nadat er een brand is uitgebroken.

Het is duidelijk dat dit niet werkt. In deze omstandigheden is internationale solidariteit essentieel, en in ieders belang.

Sociale beschermingsvloeren voor iedereen zijn betaalbaar. Het financieringstekort voor alle ontwikkelingslanden — het verschil tussen wat deze landen al investeren in sociale bescherming en wat een volledige sociale beschermingsvloer (inclusief gezondheid) zou kosten — is dit jaar ongeveer 1.191 miljard dollar. De impact van COVID-19 werd daarbij meegerekend. Maar het tekort voor de lage-inkomenslanden is slechts zo’n 78 miljard dollar, een verwaarloosbaar bedrag in vergelijking met het BBP van de geïndustrialiseerde landen. Toch bedraagt de totale officiële ontwikkelingshulp voor sociale bescherming slechts 0,0047 procent van het bruto nationaal inkomen van de donorlanden.

Internationale mensenrechtenwetgeving stelt dat rijke staten de plicht hebben om de sociale rechten te helpen realiseren in landen met beperktere middelen. Een aantal stappen zijn al gezet om dit engagement om te zetten in concrete hulp. In 2011 heeft een adviesgroep van deskundigen donorlanden aanbevolen een voorspelbare, meerjarige financiering te verstrekken om de sociale bescherming in de ontwikkelingslanden te versterken. In 2012 hebben twee onafhankelijke VN-mensenrechtendeskundigen een voorstel gedaan voor een Wereldwijd Fonds voor Sociale Bescherming om lage-inkomenslanden te helpen om sociale beschermingsvloeren voor hun bevolking te creëren. Datzelfde jaar steunden de leden van de Internationale Arbeidsorganisatie (regeringen, werknemers en werkgevers uit 185 landen) unaniem het idee van een allesomvattende sociale bescherming en om ‘sociale beschermingsvloeren op te richten en te behouden als een fundamenteel element van hun nationale socialezekerheidsstelsels’.

We kunnen alleen beter uit deze crisis komen als iedereen een minimum aan sociale bescherming heeft, ook de armsten en de meest gemarginaliseerden.

We horen regelmatig pleidooien dat we beter uit de huidige crisis moeten terugkomen. We kunnen dit alleen doen als iedereen een minimum aan sociale bescherming heeft, ook de armsten en de meest gemarginaliseerden.

Landen moeten maximaal hun beschikbare middelen inzetten zodat iedereen sociale bescherming heeft. Hiervoor kunnen bijvoorbeeld belastingheffing en corruptiebestrijding beter aangepakt worden. Op lange termijn zal die herverdeling van middelen helpen om ongelijkheid en discriminatie tegen te gaan en de belofte van Agenda 2030 voor Duurzame Ontwikkeling om ‘niemand achter te laten’ waar te maken.

Deze crisis biedt ons vele lessen. Een daarvan is dat voor een betere wederopbouw internationale solidariteit en een betere sociale bescherming voor iedereen nodig zijn, niet alleen voor degenen die het zich nu al kunnen veroorloven. Als we deze boodschap negeren, dan bestaat de kans dat toekomstige generaties ook het lijden van vandaag zullen moeten doorstaan. En dat is zeker een onaanvaardbaar vooruitzicht.

Michelle Bachelet is Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties. Olivier De Schutter is Speciale VN-Rapporteur voor extreme armoede en mensenrechten. Guy Ryder is directeur-generaal van de Internationale Arbeidsorganisatie.

 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2838   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift