De ICT-toeleveringsketen moet eerlijker worden

Vandaag krijgen we een historische kans om onze economie herop te bouwen, laten we beginnen met onze toeleveringsketen

© Silke Ronsse _ CATAPA

Door het coronavirus komen veel fouten aan het licht die we gemaakt hebben in de samenleving. ICT-merken, bijvoorbeeld, creëerden een wedloop naar altijd maar het meest recente model. Welke richting willen we vanaf nu inslaan? De ngo CATAPA onderzocht de ICT-markt en vindt dat het hoog tijd is voor een eerlijke en duurzame transformatie van de toeleveringsketen.

In heel wat landen beginnen de mensen licht te zien aan het eind van de tunnel, naarmate de COVID-19-pandemie minder acuut wordt en de noodmaatregelen worden versoepeld. Overal ter wereld ontstaan post-coronabewegingen en ze groeien almaar aan. Allemaal bekijken ze de problemen van het verleden en zoeken ze oplossingen voor een betere samenleving in de post-coronaperiode die eraankomt. Deze bewegingen belichamen een mondiale roep om sociale en milieurechtvaardigheid.

Intern en extern verloopt de communicatie via digitale apparaten. Dit soort instrumenten heeft zijn ware potentieel laten zien in ons dagelijks leven tijdens de corona-afzondering, vooral door ons de kans te geven te communiceren in alle omstandigheden – of we nu gezond of ziek waren – met verwanten en dierbaren. Meer dan ooit zien we nu hoezeer smartphones, laptops en andere elektronische apparaten essentiële dagelijkse hulpmiddelen zijn geworden.

Ontginnen van metalen

In de loop van de jaren zijn de ICT-merken (ICT = Information and Communication Technologies) erin geslaagd nieuwe behoeften te creëren en de wedloop naar het meest recente model aan te wakkeren – denk aan de lange wachtrijen voor de winkels overal ter wereld om toch maar de nieuwste iPhone te kunnen kopen. Het komt de bedrijven goed uit dat de marketingstrategieën onze aandacht afgeleid hebben van wat er met hun mondiale toeleveringsketens gepaard gaat, te beginnen bij het allereerste stadium: het ontginnen van de metalen.

De ontginning gaat ten koste van ecosystemen – en zo ook van het levensonderhoud van toekomstige generaties.

Over de hele wereld zijn er de laatste vijf jaar ongeveer 1,4 miljard smartphones per jaar verkocht in een sector die maar blijft groeien. Om één enkele smartphone te maken worden zo’n zestig verschillende elementen – hoofdzakelijk metalen – gebruikt. Onder andere tin, lood en zilver heeft de elektronische industrie nodig voor haar toestellen. Deze metalen moeten ergens ontgonnen worden, en dat gebeurt vooral in ontwikkelingslanden waar de mijnindustrie overwegend opereert.

Alleen al in de ontginningsfase is de impact van de mijnactiviteiten bijzonder sterk. De ontginning gaat ten koste van ecosystemen – en zo ook van het levensonderhoud van toekomstige generaties. Toch is zij tegelijkertijd een belangrijke bron van inkomen voor de gemeenschappen in de omgeving van de mijnen. Het valt echter geenszins te ontkennen dat deze gemeenschappen voortdurend blootgesteld zijn aan veiligheidsrisico’s, aan ongezonde chemicaliën en andere gezondheids- en milieuproblemen. Dit alles voor de ontginning van de metalen waaruit de ICT-apparaten bestaan.

Dergelijke situatie treffen we aan in het Departement Oruro, in west-centraal-Bolivia. Zoals blijkt uit het veldonderzoek Naar een eerlijker toeleveringsketen voor de ICT van de non-profitorganisatie CATAPA, worden de landbouwers van Oruro door de milieueffecten van de mijnbouw gedwongen om mijnwerker te worden of te migreren omdat hun gronden te vervuild en onvruchtbaar zijn geworden. Het is in dit geval moeilijk om alle negatieve effecten te becijferen en dus ook om er een gepaste oplossing voor te vinden. Het rapport laat goed zien hoe zorgwekkend de werkomstandigheden van de coöperatieve mijnwerkers zijn, met langetermijngevolgen zowel op sociaal vlak, als wat de gezondheid betreft – in vele gevallen worden de mensenrechten en de werknemersrechten geschonden.

Dit is een business waarin de hoogst belangrijke mijnwerkers de zwakste rol in de keten krijgen.

Een van de hoofdaspecten in het rapport is het gebrek aan maatregelen voor gezondheid en veiligheid, evenals het oneerlijke loon dat de arbeiders in de coöperaties krijgen, want dat hangt af van de hoeveelheid mineralen die ze vinden. Zo werken vrouwen bijvoorbeeld buiten de mijnen en weten ze niet eens of de ertsen die ze verzamelen wel genoeg mineralen bevatten om er aan het eind van de maand een inkomen uit te halen. De prijzen voor mineralen worden vastgelegd door een beperkt aantal spelers op de internationale markt en de kosten voor het smelten van de mineralen worden afgetrokken van het inkomen van de mijnwerkers. Dit is een business waarin de hoogst belangrijke mijnwerkers de zwakste rol in de keten krijgen.

Ketenverantwoordelijkheid

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Bolivia, een van de grootste tin- en zilverexporteurs ter wereld, wordt op sociaal en ecologisch vlak geconfronteerd met verschillende gevolgen van de extractieve industrie. Het onderzoek dat in Oruro werd gevoerd, laat overduidelijk zien dat er een gebrek is aan bewustzijn en verantwoordelijkheid doorheen de hele toeleveringsketen, vooral bij de bedrijven die voordeel halen uit de handel in metalen uit deze regio. Dat deze internationale metaalopkopers hun verantwoordelijkheid op deze manier ontlopen, mogen we niet over het hoofd zien, want zij zijn verplicht de Richtlijnen van de OESO over Ketenverantwoordelijkheid voor mineralen afkomstig uit conflictgebieden en locaties met een verhoogd risico te respecteren.

“Ketenverantwoordelijkheid” is een ‘permanent, proactief en reactief proces, waardoor bedrijven kunnen garanderen dat ze de mensenrechten respecteren; het helpt ze ook om de internationale wetgeving na te leven’. Dit principe is een fundamenteel proces dat in elke schakel van de mondiale toeleveringsketen gerespecteerd dient te worden, en het is ook verankerd in het wettelijk kader van de EU.

De bedrijven die de ertsen verhandelen en smelten nemen hun verantwoordelijkheid niet en gaan door met business-as-usual.

Toch toont het rapport aan dat het niet wordt nageleefd door de grootste opkopers van in het departement Oruro ontgonnen tin, zink, lood en zilver: Korea Zinc (Zuid-Korea), Glencore (geregistreerd in Zwitserland) en Trafigura (geregistreerd in Zwitserland; belangrijke aandeelhouder van het Belgische Nyrstar). De bedrijven die de ertsen verhandelen en smelten nemen hun verantwoordelijkheid niet en gaan door met business-as-usual.

We zijn vandaag nog ver verwijderd van een eerlijke en duurzame ICT-toeleveringsketen. We hebben nu echter de kans om onze economie opnieuw vorm te geven, dus laten we beginnen met de dagelijkse producten.

Mineralen horen niet ontgonnen te worden in omstandigheden die niet voldoen aan de mensenrechten, de rechten van werknemers en aan de milieuwetgeving. Bovendien zouden ze niet op de internationale markt gecommercialiseerd mogen worden.

Ook moet van bedrijven geëist worden dat ze deelnemen aan internationale programma’s om een behoorlijk leven te garanderen voor de lokale gemeenschappen waarop hun winsten gebaseerd zijn. Laten we dus binnen de VN en de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) internationale toezichthoudende structuren opzetten en integreren waardoor we zicht krijgen op de aansprakelijkheid van onze bedrijven en transparantie realiseren, zodat bewuste keuzes kunnen worden gemaakt voor een mondiale verandering ten goede.

Opinieartikel door CATAPA vzw, een sociale en milieubeweging die zich bezighoudt met de effecten van mijnbouw op mensen en gemeenschappen in Latijns-Amerika en Europa, gebaseerd op het recente rapport Hoe kan de ICT-toeleveringsketen eerlijker?

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2771   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift