Warme solidariteit is slechts beperking van de besparingsschade

Mohamed Hassan (public domain)

Nieuwe vormen van solidariteit zijn nu nodig. Maar zullen de redders van onze samenleving ook na de crisis nog gehoord worden?

Fourat Ben Chika is senator voor Groen en lid van de Raad van Europa

Ann Vermeulen is mensenrechtenactiviste en raadslid voor Groen in de gemeente Beveren

In tijden van crisis is de eensgezindheid groter dan ooit. Sommige stemmen roepen op om al te politieke reacties en analyses achterwege te laten. ‘Eerst samen deze horde overwinnen’, zo klinkt het. Toch worden nu onomwonden de pijnpunten blootgelegd die het gevolg zijn van de politieke keuzes.

Ongelijkheid wordt bevestigd, oude breuklijnen versterkt en nieuwe breuklijnen ontstaan. Om het even scherp te stellen: op zeer korte tijd vervagen grondrechten en mensenrechten voor een resem groepen aan de onderkant van de maatschappij. Met een overheid die gelijkwaardigheid al te scheefgezakt in de praktijk omzet.

Arbeiders moeten in de havens en fabrieken blijven werken en produceren. Kandidaat-asielzoekers en mensen zonder wettig verblijf ontberen opvang. Groepen in precaire levensomstandigheden worden geconfronteerd met dakloosheid en honger.

Er is veel warme solidariteit, en het optimisme daarover is terecht. Omdat in tijden van crisis de mazen in onze sociale netten groter worden en het bestaande sociale weefsel uiteenrafelt. Het is nodig is om nieuwe vormen van gemeenschap te vormen en bestaande initiatieven te versterken of te heroriënteren om daar een rol in te spelen.

Maar warme solidariteit alleen zal de ongelijkheid niet structureel veranderen. Ze is damage control, beperking van de schade, hoe levensbepalend ook in deze tijden.

Behandel iedereen op dezelfde manier

Gelijkheid en gelijkwaardigheid zijn principiële fundamenten van een democratie binnen de contouren van een rechtsstaat, en die stelt ook sociale en zorgende rechten centraal.

Het allereerste artikel van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens maakt meteen duidelijk wat onze missie zou moeten zijn: het garanderen van gelijkheid, gelijkwaardigheid en vrijheid voor alle mensen.

Mensenrechten gelden voor iedereen. Ook voor de mensen gevangen in een vluchtelingenkamp in Lesbos, ook voor de arbeiders in onze fabrieken die ons kapitalistisch systeem draaiende houden, voor dokwerkers in de haven, voor kinderbegeleidsters in de crèches, voor mensen zonder wettig verblijf.

En toch wordt de ongelijkheid zo scherpgesteld dat het weldra zal gaan over leven of dood. Social distance of afstand houden om besmetting te vermijden (wat trouwens beter physical distance, fysieke afstand, wordt genoemd) werd voor een aantal doelgroepen een noodzaak, voor anderen geen prioriteit. Telewerken is een must om bedienden en kaderpersoneel te beschermen, maar is onmogelijk voor een groot deel van onze werknemers.>

De samenleving en politiek zijn blind voor de overlevers: zij die weten wat het is om honger te hebben, om bang te zijn, om niet gezien of gehoord te worden.

De sociale gevolgen zullen enorm zijn, met zelfs een ongelijkheid binnen de ongelijkheid. Want een inkomen en statutaire bescherming zullen bepalend zijn voor je stabiliteit, een netwerk noodzakelijk voor je veerkracht, buitenruimte een luxe voor je mentale welzijn, zorg onbetaalbaar en toekomstkansen selectief.

Op andere plaatsen probeert men koste wat het kost om de economische motor te laten draaien. Werknemers worden geacht te blijven werken en de risico’s te negeren. Ze worden gesust met halve maatregelen en een applaus voor hun volgehouden inzet. Het is pas als vakbonden, koepels of een sectorvertegenwoordiging op de trommel slaan, dat men bijstuurt of sluit.

Zij blijven doorgaan, ook na de crisis?

Het belang van vertegenwoordiging en verzet wordt nu wel zeer duidelijk, en het gebrek eraan zorgt er helaas voor dat er in bepaalde sectoren helemaal niets beweegt. Net omdat de tentakels van het politieke landschap niet reiken tot in die rangen en omdat de syndicale vertegenwoordiging niet in elke sector even sterk aanwezig is, soms zelf onbestaande. Denk maar aan de seizoensarbeiders die nu vastzitten, ver weg van hun familie en veelal zonder inkomen.

Voor de gelukkigen zit het nu mee: met hun thuissituatie, intellectuele bagage, diploma, huidskleur, werkzekerheid, bescherming, netwerk. Een leven vol voorrang, privileges en bescherming. Niettemin is het een politiek gefabriceerd geluk. En het gevolg van een samenleving en beleid die verregaande ongelijkheid normaal vinden buiten deze crisis.

De samenleving en politiek zijn maar al te blind voor degenen die aan het overleven zijn. Zij die weten wat het is om honger te hebben, om bang te zijn, om niet gezien of gehoord te worden.

Levensnoodzakelijke sectoren draaien op volle toeren om onze maatschappij overeind te houden. Met de zorgsector op kop, maar het gaat veel breder: van kinderopvang, jeugdinstellingen, politie, onderwijs en vuilnisophaling tot supermarkten.

De redders van onze samenleving werden voordien veelal genegeerd in hun vraag naar betere werkomstandigheden, meer middelen, betere lonen en meer erkenning. De vraag is maar of ze gehoord zullen worden na deze crisis. Of zal de bestaande hiërarchie het terug overnemen? De witte woede bergen we maar beter niet op.

Middenklassebeleid

In deze coronacrisis zijn maatregelen, communicatie en noodfondsen vooral gericht op onze middenklasse.

De nevenschade voor kwetsbare minderheden wordt te weinig gezien. Bepaalde sectoren slagen erin om als eerste compensatiemaatregelen af te dwingen, sneller dan andere.

En de noodzakelijke communicatie over de te volgen richtlijnen bereikt lang niet iedereen. Het advies ‘Blijf in uw kot’ is onmogelijk voor mensen zonder een dak, voor mensen in een gemeenschappelijke opvang of voor mensen die onze maatschappij draaiende houden in deze crisistijden.

Noodzakelijke economische compensaties worden vrijwel meteen aangeboden voor bepaalde sectoren. Maar helaas is niet iedere groep even sterk vertegenwoordigd en zijn er zelfs groepen die totaal vergeten worden. Anderstalige communicatie werd opgesteld, maar sijpelt maar langzaam door in onze superdiverse samenleving. Zo zien we helaas meer doden in onder andere Brussel en slachtoffers in Limburg in Turkse middens.

Op plaatsen waar de noden het hoogst zijn, veren vrijwilligers meteen op. De initiatieven van burgers die het heft in eigen handen nemen, zijn talrijk. Dat is hoopgevend.

Wanneer mensen op de vlucht niet langer asiel kunnen aanvragen en daardoor ook geen opvang meer krijgen, staan nog meer mensen op straat. Om een antwoord te bieden op deze noodsituatie, zeker nu het Maximiliaanpark systematisch ontruimd wordt, staat het Burgerplatform voor overnachtingen meer dan ooit klaar om nog maar eens te tonen dat burgers de vangnetten vormen van een beleid vol hiaten. Zij bieden mensen een bed aan en zorgen voor crisisopvang in Brussel.

Wanneer daklozen en thuislozen niet langer terechtkunnen in inloopcentra, wanneer sociale restaurants sluiten en outreachend werk bijna onmogelijk wordt, worden op zeer korte tijd bijzonder sterke samenwerkingen opgezet tussen netwerken van vrijwilligers en bestaande werkingen en vzw’s. Er ontstaan prachtige initiatieven: het Gents Solidariteitsfonds in moeilijke tijden, Leuven helpt, Verspreid solidariteit, geen virus,…

De gevolgen van de besparingen

De gevolgen van de besparingen waren misschien nog niet voor iedereen duidelijk. Maar nu, in volle crisis, zorgen ze voor een pijnlijke realiteit: dat kwetsbaren nog kwetsbaarder worden. Heel wat steden en gemeenten creëren zelf netwerken, zetten nieuwe initiatieven op en leren van elkaar. Wanneer het bovenlokaal beleid onvoldoende investeert en ondersteunt, werkt men op lokaal niveau dubbel zo hard om grondrechten te garanderen.

Het ‘ieder voor zich’ en de idolatrie van de Vlaamse identiteit verdwijnen in het niets, nu we allen samen moeten overleven.

Men deed er alles aan om sociale vangnetten met besparingen te breken, om het middenveld te ondermijnen, om etnisch-culturele organisaties het zwijgen op te leggen.

De ‘noodzakelijke’ besparingen in de zorg en de kritiek op onze sociale zekerheid weerklinken nu niet langer in de politieke arena. Het is afwachten of het politieke debat in post-coronatijdperk politici zal aanzetten om duurzame en sociale beleidskeuzes te maken. Of zullen ze net nog meer dan ooit vasthouden aan een economisch denken, gebaseerd op de geijkte en gevestigde waarden?

Vlaanderen ging zorgen voor ons, dat de vrije markt zou ons dragen, de individuele ontplooiing en excellentie zouden ons zekerheid en toekomst geven. Die illusies zijn nu doorprikt. Het aangeleerde ‘ieder voor zich’ en de idolatrie van de Vlaamse identiteit verdwijnen nu in het niets, op het moment dat we allen samen moeten overleven, dat we allemaal samen moeten werken om hier uit te raken.

We zullen ons moeten verenigen, samenwerken en samen onze maatschappelijke structuren en economie overdenken en reorganiseren.

Solidariteit als antwoord

We staan nog maar aan het begin van een ongekende crisis, die genadeloos zal toeslaan en vele zichtbare en onzichtbare gevolgen zal hebben. Dit is een appel aan de overheid, aan het middenveld, aan burgers. Er is nood aan een gezamenlijke zorg, een gedeelde verantwoordelijkheid, een globale aanpak.

Het is nu aan ieder van ons om ons maximaal in te zetten. Om solidariteit te organiseren, om creativiteit en empathie boven te halen. Maar het is ook aan de overheid om in deze corona-aanpak en in een post-coronatijdperk er alles aan te doen om die gelijkheid en gelijkwaardigheid te gebruiken als kompas tijdens crisisbeleid, herstelprogramma’s en communicatie.

Er kunnen levens gered worden, er kunnen drama’s vermeden worden, er kan geschiedenis geschreven worden. Maar laat ons de toekomst ook vandaag uitbouwen, en “het politieke” niet uitschakelen. We bouwen nu aan sociale gemeenschap, via formele en informele sociale initiatieven. Maar die zullen het fundament moeten zijn voor een politieke gemeenschap die de ongelijkheid zal bestrijden en overstijgen.

We zullen het samen moeten doen, met en voor iedereen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2388  proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift