Dossier: 
Universele Verklaring van de Rechten van de Mens kan ons helpen

Welke adequate definitie voor racisme?

Colin Charles (CC BY-NC-ND 2.0)

 

Antropoloog Martijn De Koning zet de puntjes op de i in het debat over racisme en islamofobie (MO* 13 augustus). Toch vind ik dat we beschikken over een sterk instrument waarmee we kunnen aftoetsen of een opvatting of gedrag al of niet racistisch is. Namelijk de Universele verklaring van de Rechten van de Mens (UVMR) die dateert van 1948. Racisme is een schending van de twee eerste artikels uit die UVMR. Racisme dient om mensen te verdelen en zo makkelijker de sociale grondrechten uit die verklaring te kunnen afnemen. Daarom dient antiracisme mensen te verenigen door ervaringen te laten delen in het samen opkomen voor die rechten.

Mijn gedeelde ervaring

Ahmed is patiënt bij mij. Hij werkt in een chemisch bedrijf in de Kempen en pendelt iedere dag op en  neer naar Antwerpen. Hij heeft drie kinderen en zijn vrouw werkt deeltijds. Ahmed werkt al meer dan 15 jaar in die fabriek en is er verkozen tot syndicaal afgevaardigde.  Al maanden komt hij op consultatie met een slecht gemoed. Het gaat van kwaad naar erger. Hij zweeft tussen een beginnende burn-out en een depressie. De laatste keren zat hij volledig aan de grond. Ahmed begon telkens te huilen. Ook zijn vrouw had me al gebeld. Het was geen leven meer thuis. Ahmed heeft slapeloze nachten. Het ploegensysteem doet er ook geen goed aan. Ahmed consulteert ook Hamza, de psycholoog van onze groepspraktijk. Ahmed wil weg op zijn werk. Het maakt hem zo ziek dat ook de psycholoog en uiteindelijk de arbeidsgeneesheer tot het besluit kwamen dat Ahmed best ontslagen zou worden omwille van medische redenen. Ondanks zijn syndicale bescherming die hij als vakbondsafgevaardigde geniet.

De reden voor Ahmed zijn lijden is het racisme op het werk. Sinds de aanslagen van IS was dit weer enorm opgerakeld. De laatste keren dat hij geconfronteerd werd met zulke golf van racisme was bij de Golfoorlog en na 9/11. Het was bovendien niet de discriminatie van hemzelf dat het zwaarste woog bij Ahmed, want daar kon hij zich nog goed tegen weren. Het waren de racistische pesterijen en discriminatie tegen andere werkmakkers van allochtone oorsprong. Zij moesten de vuilste jobs doen, hadden de meest onregelmatige uren, moesten werken met week en zelfs dag contracten zonder enig perspectief en werden dan nog het meeste afgeblaft, zonder enig respect, door de onderaannemers voor wie ze werkten. Die confrontatie en het gevoel van daartegenover machteloos te staan, maakte Ahmed ziek.

We hebben 4500 ingeschreven patiënten op onze groepspraktijk van Geneeskunde voor het Volk in Deurne. Daarvan is een kleine helft, ongeveer 2000 mensen, moslim. Wat ik de laatste jaren vaststel voor die hele groep van moslims is dat zij als maar toenemend slachtoffer zijn van discriminatie en pesten tot expliciete rassenhaat: discriminatie op de woningmarkt, op de arbeidsmarkt, in het onderwijs, in de toegang tot de gezondheidszorg en bij de jongeren etnische profilering bij politiecontroles. Zowel hooggeschoolden als laagopgeleiden, zowel zij die een job hebben als zij die er geen hebben, ze hebben allemaal al eens te maken gehad met discriminatie of racistische vernedering die diep in hun ziel heeft gekerfd.

Hun verhalen over discriminatie zijn niet anekdotisch. Ze worden gedocumenteerd in de Pisa studies over de ongelijkheid in het onderwijs, in de diversiteitsrapporten van Unia en talrijke andere universitaire onderzoeken.

Universele Verklaring van de Rechten van de Mens

Op 10 december 1948 kondigt de algemene vergadering van de Verenigde Naties de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) af. Deze verklaring is er gekomen als antwoord op het racisme van de Naziterreur. De verklaring begint met artikel 1: ‘Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten, en behoren zich jegens elkander in een geest van broederschap te gedragen.’ Artikel 2 luidt: ‘Eenieder heeft aanspraak op alle rechten en vrijheden, in deze Verklaring opgesomd, zonder enig onderscheid van welke aard ook, zoals ras, kleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging, nationale of maatschappelijke afkomst, eigendom, geboorte of andere status.’

De verklaring is een uitstekend werkmiddel om adequaat te definiëren wat racistische opvattingen of daden zijn

De verklaring is m.i. een uitstekend werkmiddel om adequaat te definiëren wat racistische opvattingen of daden zijn, namelijk de schending van deze twee artikelen. De discriminatie waartegen artikel twee ingaat wordt meestal verrechtvaardigd door de schending van het eerste artikel. In het racistisch denken worden mensen niet meer als gelijkwaardig beschouwd. Ze worden ontmenselijkt, precies om hun discriminatie bij het brede publiek ‘aanvaardbaar’ te maken.

Maar de UVRM bevat nog veel meer artikelen die interessant zijn in deze discussie. Het gaat om de artikelen die de sociale grondrechten definiëren. Artikel 22: ‘ Eenieder heeft recht op maatschappelijke zekerheid (…)’, artikels 23 en  24:’ Eenieder heeft recht op arbeid, op gelijk loon voor gelijk werk, op vakvereniging (…) op periodieke vakanties met behoud van loon’, artikel 25: ‘Eenieder heeft recht op een levensstandaard, die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin (…)’, artikel 26: ‘‘Eenieder heeft recht op onderwijs (…) dat het begrip, de verdraagzaamheid en de vriendschap onder alle naties, rassen of godsdienstige groepen bevorderen’, artikel 27: ‘‘Eenieder heeft het recht om vrijelijk deel te nemen aan het culturele leven van de gemeenschap, om te genieten van kunst en om deel te hebben aan wetenschappelijke vooruitgang en de vruchten daarvan.’  Sinds 1994 staan die sociale grondrechten ook ingeschreven in de Belgische grondwet.

De discriminatie heeft vooral betrekking op de sociale grondrechten

De discriminatie waarover artikels één en twee uit de UVRM gaan heeft vooral betrekking op één of meer van die sociale grondrechten. Discriminatie op de werkvloer en de arbeidsmarkt, op de woonmarkt, in het onderwijs, in de vrije tijd en cultuur. Dit racisme laat toe om de gediscrimineerde bevolkingsgroepen nog meer uit te buiten. Maar er is meer.

De agenda van het establishment bestaat erin om via racisme de bevolking te verdelen om beter te kunnen heersen

De agenda van het establishment bestaat erin om via datzelfde racisme de bevolking te verdelen om beter te kunnen heersen. Via het verspreiden van racisme willen ze ieder verzet tegen de aantasting van die sociale grondrechten, de sociale verworvenheden van het overige deel van de bevolking, verzwakken.

Daarvoor is het interview met Christopher Wylie de klokkenluider van Cambrigde Analytica in De Standaard ontluisterend (DS 14 juli 2018). Cambridge Analytica werd door het campagneteam van Donald Trump ingehuurd en verzamelde van 87 miljoen Amerikanen – zonder hun toestemming – de Facebookgegevens om hen op basis van psychologische profilering te bestoken met gepersonaliseerde propaganda. ‘De reden die hij aangeeft voor zijn vertrek bij Cambridge Analytica, is dat Steve Bannon, de strateeg van de Trump-campagne, vroeg om de psychologische basis van racisme te onderzoeken, met als doel dat soort gevoelens bij bepaalde kiezers aan te wakkeren. Dat vond Wylie onethisch’, schrijft de krant.  Christopher Wylie: ‘Steve Bannon wist dat er bij de Amerikaanse kiezers een stille meerderheid was die aanleg had voor racisme en wilde bij hen het vuur aan de lont steken. Door gerichte propaganda probeer je bij hen onderhuidse vooroordelen aan te wakkeren. (…) Steve Bannon gebruikte militaire strategieën om bevolkingsgroepen tegen elkaar op te zetten, mensen te misleiden, zwarte kiezers te demotiveren. (…) Door groepen niet als één blok maar als een complex amalgaam te zien, kun je dankzij data en algoritmes uitklaren welk deel van hun persoonlijkheid je precies moet bespelen.’

In zijn boek “Nieuw Rechts” legt Ico Maly de ideologische netwerken bloot die het rechtsconservatisme van de N-VA verbinden met de Amerikaanse president. Maly: ‘Rechts is heel lang rechts geweest binnen een democratisch kader. Na de Holocaust werden de rechten van de mens uitdrukkelijk aanvaard, en hield rechts publiekelijk afstand van alles wat naar fascisme rook. De laatste jaren zet rechts zich weer meer en meer buiten dat kader. Dat noem ik nieuw rechts. Sommige principes van het conservatief-fascistisch gedachtegoed van de jaren 30 komen daarin terug naar boven.’ 

Het is geen toeval dat de vader van het neoliberalisme Friedrich von Hayeck  destijds hevige tegenstander was van de UVRM en dat de hevigste neoliberalen die vandaag aan de macht zijn van Donald Trump, tot Bart De Wever en Theo Francken, die door de New York Times de “Belgische Trump” wordt genoemd, vandaag die mensenrechten terug beginnen in vraag te stellen. Steve Bannon werkt nu in Brussel aan de opbouw van een rechts-conservatieve beweging en Theo Francken brengt zijn volgende boek eerstdaags ook in de Franse taal uit. We zijn gewaarschuwd.

Christopher Wylie vertelt verder: ‘We gebruikten onderzoek om een deel van de mensen te ontmoedigen om te gaan stemmen, we zetten bevolkingsgroepen tegen elkaar op en gaven aan verschillende mensen andere en soms verkeerde informatie. Die fragmentatie is gevaarlijk, omdat mensen dan geen gedeelde ervaringen meer hebben.’

“In de mijn ziet iedereen zwart” luidde de slagzin van de stakende mijnwerkers midden de jaren ’80 in hun strijd tegen de mijnsluitingen.

Wylie slaat hier de nagel op de kop wat betreft de strategie van het racisme, maar ook voor de strategie om het racisme juist te kunnen bekampen. Ervoor zorgen dat mensen gedeelde ervaringen hebben. Gedeelde ervaringen in het dagelijks samenleven en gedeelde ervaringen in de strijd voor de sociale grondrechten. “In de mijn ziet iedereen zwart” luidde de slagzin van de stakende mijnwerkers midden de jaren ’80 in hun strijd tegen de mijnsluitingen.

Gedeelde ervaringen op onze huisartsenpraktijk

Het is de eerste keer dat ik een huisarts in opleiding heb die een hoofddoek draagt. En in Deurne, waar in 2006 het Vlaams Belang nog een monsterscore van 44 procent neerzette, is dat een klein avontuur. Maar de medische competentie en de patiëntgerichtheid van Aicha doet alle vooroordelen wegsmelten. Al van in de eerste maanden waren haar consultaties volgeboekt. Dat leidde tot grappige toestanden zoals toen we de ene witte patiënte tegen de andere in de wachtzaal hoorden zeggen: “ziede ga dat er oek slimmen tussen zitten”. 

Dirk Van Duppen is huisarts bij Geneeskunde voor het Volk en co-auteur van De Supersamenwerker (EPO 2016)

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift