Podcast met ACV-voorzitter over ongelijkheid en de nood aan een ander beleid

Marc Leemans: ‘Medestanders in de strijd tegen belastingontduiking zitten niet in regeringspartijen’

© Kilian de Jager

ACV-voorzitter Marc Leemans

Marc Leemans is voorzitter van ACV en daarmee een van de belangrijkste middenveldspelers van dit land. MO* sprak met hem over ongelijkheid de verantwoordelijkheid van de overheid en belandde zo, onvermijdelijk, bij de vraag hoe het zit met de relatie met CD&V.

Beluister hier de podcast.

Hier enkele opvallende citaten uit het gesprek:

‘Ongelijkheid is niet per definitie fout. Er is verschil tussen jong en oud, dik en dun, man en vrouw. Er zijn vele vormen van ongelijkheid: inkomensongelijkheid, vermogensongelijkheid, kansenongelijkheid, ongelijkheid op het vlak van toegang tot de arbeidsmarkt… Het wordt vooral problematisch als die verschillende ongelijkheden een gordiaanse knoop beginnen vormen: als mensen door inkomens- of vermogensongelijkheid minder toegang tot waardig werk of vorming krijgen.’

‘In België is nu al meer dan 15 procent van de mensen arm en groeit 1 op 7 kinderen op in armoede’

‘Als men vandaag zegt dat de helft van de wereldbevolking niet meer arm is, dan vraag ik me af welke norm men daarvoor gebruikt. In onze eigen samenleving stijgt de armoede in elk geval en is nu al meer dan 15 procent van de mensen arm en groeit 1 op 7 kinderen op in armoede.’

‘Als vakbond hebben we geen probleem met verschil: we willen niet alle mensen op dezelfde maat hebben. Alleen doen we er alles aan om die ongelijkheid niet te laten doorschieten. Daar dienen onder andere de collectieve arbeidsovereenkomsten voor, die ook gelden voor mensen die in bedrijven werken waar geen vakbond actief is.’

‘Waar extreme ongelijkheid toe kan leiden, is duidelijk geworden met de financiële crisis van 2008, want die ontstond door een veralgemeende bonus- en graaicultuur in de banken en financiële wereld. Hun crisis heeft heel veel gewone mensen getroffen. België heeft die schok beter doorstaan omdat we sociale stabilisatoren hebben, zoals tijdelijke werkloosheid. Het belangrijkste is het uitgebreide systeem van sociale bescherming en centraal overleg tussen vakbonden en werkgevers. Die vormen echter geen afgewerkt huis. Vooral werkgevers lijken te willen knagen aan die hoekstenen van onze samenleving, zoals de gelijke verdeling van de opbrengst en winst van productiviteitsgroei. Men wil alles individualiseren, en daarvoor probeert men de organisaties die werkers vertegenwoordigen criminaliseren. Daardoor rolt men de rode loper uit voor groeiende ongelijkheid. Je kan groeiende ongelijkheid alleen tegenhouden door niet enkel in te zetten op rechten van individuele werknemers, maar door ook aan collectieve belangenbehartiging te doen.’

‘Je kan groeiende ongelijkheid alleen tegenhouden door niet enkel in te zetten op rechten van individuele werknemers, maar door ook aan collectieve belangenbehartiging te doen’

‘Sinds de financiële crisis hebben we heel erg moeten inzetten op behoud, op defensie, omdat de overheid als belangrijke partner in het driehoeksoverleg heel sterk de kaart getrokken heeft van klassieke neoliberale concepten zoals “het gezond maken van de publieke financiën”. Werkgevers gaan vanzelf dat beleid steunen, en dus komen wij noodgedwongen in een defensieve houding terecht. Maar ik voel dat dit begint te kantelen. Mensen beginnen te beseffen dat het niet volstaat om alles hyperindividueel te benaderen. Dat biedt nieuwe kansen om offensief te worden.’

‘Een maximaal toelaatbare ongelijkheid op wereldschaal is misschien moeilijk te realiseren. Als je Belgische arbeiders vergelijkt met hun collega’s in Bangladesh, dan zit je wellicht al met een ongelijkheid die groter is dan een factor 30. Maar binnen bedrijven of organisaties zijn wij voor een loonspanning van maximum 1 op 7. Binnen het ACV bedraagt die loonspanning 1 op 4, maar in heel veel bedrijven is dat véél meer.’

Geen politieke wil

‘Er is op dit moment geen politieke wil om in te grijpen op de vermogensongelijkheid, ook al is die veel groter dan de inkomensongelijkheid -al hebben we weinig zicht op hoe groot de vermogens echt zijn. We zijn heel goed in het bepalen van wie arm is en hoe arm die is, maar we zijn heel slecht in het bepalen van hoeveel mensen rijk zijn en hoe groot hun vermogen is. Het vermogenskadaster, een essentieel element daarvoor dat in heel veel landen gehanteerd wordt, is hier dan ook taboe.’

‘Onze grootste medestanders in de strijd tegen fiscale vlucht of fraude zitten niet in de huidige regeringspartijen, maar in internationale instellingen zoals IMF of OESO. Zij stellen vast dat de fiscale ongelijkheid en de belastingparadijzen het gelijke speelveld van de economie begon te ontwrichten. De Belgische regering schiet in de aanpak daarvan tekort en de minister van Financiën staat eerder op de rem dan op het gaspedaal.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
‘Ook ongelijkheid op basis van gender of afkomst is een belangrijk aandachtspunt. Bij het bepalen van standpunten doen we een gendertoets en een generatietoets. Het principe van gelijk loon voor gelijk werk is wel verworven, maar de praktijk volgt nog niet altijd. Bovendien blijft het glazen plafond een realiteit. Ook binnen de eigen organisatie is er nog werk om dit soort ongelijkheid weg te werken. We maken wel werk van een beleid dat kansen creëert voor mensen die er minder kregen, soms betekent dat ook mensen “ongelijk” behandelen door de zwaksten meer kansen te bieden.’

‘Vakbonden hebben in België 3,2 miljoen leden, maar tegelijk zien we dat mensen regering verkozen hebben die een rechts beleid uitvoeren. Dan kan je alleen maar vaststellen dat we als vakbond tekort hebben geschoten’

‘Vakbonden hebben in België 3,2 miljoen leden, maar tegelijk zien we dat kiezers regeringen verkozen hebben die een rechts beleid uitvoeren. Dan kan je alleen maar vaststellen dat we als vakbond tekort hebben geschoten, of dat we onze leden te weinig hebben kunnen waarschuwen voor de effecten van hun politieke keuzes -die meer ongelijkheid creëren, wat dan weer verder uitgebuit kan worden door populisten. Niet dat wij oproepen om voor een bepaalde partij te stemmen. Dat zou niet meer lukken, niet meer kunnen, niet meer opportuun zijn. Maar we moeten mensen ook tot politiek inzicht brengen.’

‘Wij zijn geen verantwoording verschuldigd aan een politieke partij, wel aan twee “partijen”: onze leden die lidgeld betalen en ons dus sterk maken om voor hen te onderhandelen, en onze waarden: streven naar gelijkheid. Wij zijn dan ook zeer kritisch tegenover een regeringsbeleid en elke partij die tot die regering behoort.’

‘Er is een hele evolutie bezig wat betreft de verhouding met de politieke partij. Voorlopig zijn zowat alle kandidaten die zich kunnen profileren in de publicaties van beweging.net verbonden met één partij, maar daar komst steeds meer discussie over. De exclusieve band van een beweging met één partij wordt in vraag gesteld, zeker nu we geconfronteerd worden met de resultaten van dit politiek beleid. Ook hierover wordt serieus gediscussieerd en kunnen er andere keuzes gemaakt worden.’

“Een ander beleid is mogelijk”, wordt de slogan waaronder wij actie zullen voeren in de aanloop naar de Vlaamse, federale en Europese verkiezingen van mei 2019. We stellen vast dat het huidige beleid niet is wat we willen, maar we gaan op heel veel plaatsen met mensen in gesprek gaan om dat “andere” beleid met hun verwachtingen in te vullen, in confrontatie met ons eigen memorandum. Zo willen we mensen ook vormen om achteraf politieke partijen af te rekenen op het gekozen beleid en op het resultaat van dat beleid.’

Deze podcast kwam tot stand in samenwerking met BRUZZ.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur