Niet-begeleide vluchtelingen in Genève

Zwitserland: 539 minderjarige vluchtelingen verdwenen

edouardv66 CC BY-NC-ND 2.0

 

Sinds de piek van de vluchtelingencrisis in 2015 zochten iets meer dan 5000 niet-begeleide minderjarige vluchtelingen hun toevlucht in Zwitserland. De meerderheid daarvan komt uit Eritrea, met de Afghanen op een nipte tweede plaats. Voor vluchtelingen lijkt Zwitserland, met strengere opvangwetten dan de rest van Europa, geen ideale eindbestemming. Een significant aantal van deze jongeren verdween van de radar sinds 2016.

Een (on)zekere toekomst

Of het nu gaat over ouders die met hun kinderen illegaal de Amerikaanse grens oversteken, of ouders die hun kinderen genoodzaakt alleen richting Europa sturen, de motivatie achter hun beslissing is eensluidend: een betere toekomst voor hun kroost, weg van oorlog en miserie. De grote vraag daarbij is echter of de trauma’s die de kinderen onderweg en eenmaal aangekomen in het land van bestemming en het gemis opwegen tegen het verlangen naar een betere toekomst.

‘Je moet je soms de vraag stellen of het voor kind-vluchtelingen echt gemakkelijker is om opnieuw te beginnen, een nieuw leven te starten in een ander werelddeel. Ja, kinderen leren de taal veel sneller dan volwassenen, en ze kunnen nog aan alles beginnen. Maar zo simpel is het niet.’ Legrand werkt voor het Hospice Général, een liefdadigheidsinstelling opgericht in Genève (Zwitserland) in 1535 om hulp te bieden aan de armen. Sinds 2015 is ze door haar werk steeds vaker in contact met niet-begeleide minderjarige vluchtelingen uit conflictgebieden.

‘We kunnen op papier alles correct uitvoeren: ervoor zorgen dat ze allemaal een bed hebben, voedsel, onderwijs, maar over de realiteit achter al die technische zaken wordt er nooit genoeg nagedacht’

‘Hoe hard wordt een kind getekend, als het helemaal alleen van een oorlogsgebied per boottocht naar een nieuw land met nieuwe regels en nieuwe mensen moet gaan? We vergeten iets cruciaals.’ In haar krachtige pleidooi voor een nieuwe manier van omgaan met de jongste vluchtelingen verwijst Legrand naar de honderden niet-begeleide minderjarige asielzoekers die de voorbije jaren verdwenen zijn uit Genève. ‘Ze vragen asiel aan, verblijven in een centrum en plots zijn ze weg.’

In 2016 verdwenen maar liefst 539 niet-begeleide minderjarige vluchtelingen van de Zwitserse radar volgens het Zwitserse staatssecretariaat voor migratie. Meestal zijn het jongeren wiens asielaanvraag geweigerd is. Ze vrezen de gevolgen en lopen weg en komen op straat terecht of reizen door naar een ander land.

Volgens Legrand hebben de jongeren, ongeacht het antwoord dat ze kregen, meer nood aan geruststelling, een constante herinnering dat het nooit weer wordt als vroeger. ‘We kunnen op papier alles correct uitvoeren: ervoor zorgen dat ze allemaal een bed hebben, voedsel, onderwijs, maar over de realiteit achter al die technische zaken wordt er nooit genoeg nagedacht. Met de jongste vluchteling is het lukt het niet altijd. Na al wat zij op hun prille leeftijd al hebben meegemaakt, kan je niet anders dan begrijpen dat het misschien ergens is misgelopen’, aldus Legrand.

En als het goed gaat, blijkt uit getuigenissen dat het wel echt goed kan gaan. ‘Er zijn altijd voorbeelden van heel weerbare kinderen’, zegt Legrand. Maar voor pijnlijk veel gevallen lijkt de stress van eventuele uitwijzing zodanig groot dat ze er voortdurend onder lijden. Of in bepaalde gevallen zelfs verdwijnen. ‘Dat mag niet.’

Fantaseren over de toekomst

Een van de grootste opvangcentra voor niet-begeleide minderjarige vluchtelingen in Genève, opvangcentrum Étoile, ligt op enkele kilometers van het centrum. Het is er etenstijd, maar aan tafel zit bijna niemand. ‘Ze zijn allemaal naar de voetbalmatch gaan kijken op het stadsplein’, zegt een begeleidster. Een van de overgebleven jongeren vraagt of ik mee wil gaan. Zijn naam is Abdullah (16), hij is geboren in Eritrea en verblijft al anderhalf jaar in Genève. ‘Het is hier leuk in de stad’, zegt hij terwijl hij zijn laatste hap neemt. ‘En de mensen zijn vriendelijk. Maar ik wil hier niet blijven. Ik wil terug naar Eritrea.’ We wandelen samen met een groepje van het centrum naar het stadsplein.

Abdullah is een van de weinigen in de groep die vrijwillig wil terugkeren. ‘Het klimaat in Eritrea is geweldig’, zegt hij overtuigend. ‘We hebben alleen geen democratie’, zegt hij erbij alsof het niets is. De rest lacht zijn commentaar weg. ‘En daarbij hebben wij allemaal een f-permit gekregen’, zegt Abdullah nog. ‘Zelfs als we willen blijven is dat onmogelijk. Je mag dus niet teveel fantaseren over de toekomst.’

Vluchtelingen, ook de jongeren, die in Zwitserland asiel aanvragen kunnen naar gelang de criteria van hun aanvraag verschillende types vergunningen krijgen. Met een b-vergunning worden asielaanvragers officieel als vluchteling erkend, zij die geweigerd worden, moeten onmiddellijk terug. Een f-permit valt ergens tussenin. In principe is het een weigering en moeten ze terugkeren naar hun thuisland, maar omdat de situatie er momenteel als onveilig wordt beschouwd, mogen ze tijdelijk in Zwitserland verblijven.

Lang niet iedereen vindt dat een goede zaak. Dariush (14) uit Afghanistan betreurt nu al het moment waarop hij ooit terug zal moeten. ‘Ik voel me hier thuis, ik heb leuke klasgenoten en ik weet niet wanneer ik afscheid zal moeten nemen. Misschien heb ik tegen dan ook mijn moedertaal verleerd’, zegt hij. Hij verblijft al drie jaar in Zwitserland. ‘Hier heb ik al die tijd niet moeten denken aan slechte dingen.’

‘Als het echt leefbaar is in hun thuisland, begrijp ik dat ze terug moeten. Maar we hadden voor de kinderen toch een uitzondering kunnen maken?’

Dariush vertelt heel voorzichtig dat veel van zijn vrienden in Genève daarom zijn weggelopen. ‘We woonden met zes op de kamer. Mijn kamergenoten gingen naar het park en sommigen zijn gewoon nooit teruggekeerd.’ De rest van de groep doet alsof ze niets hebben gemerkt. We zijn intussen bij het groot voetbalscherm beland, en zowel Dariush als Abdullah vinden er hun vrienden terug. Op dit moment lijken ze allemaal echte Genevois.

Genève is een echte metropool: elk individu, elk gezin heeft een geschiedenis die hoogstwaarschijnlijk niet in Genève begon. Meer dan de helft van de bevolking, 61 procent, heeft een migratie-achtergrond. Al eeuwen dient de stad als een toevluchtsoord: van vervolgde protestanten uit het hele Europese continent in de zeventiende eeuw tot hedendaagse vluchtelingen. Maar vandaag, in de nasleep van de Europese vluchtelingencrisis in 2015, is er zelfs voor de jongste vluchtelingen bescherming niet gegarandeerd.

Inmiddels is het bijna 30 jaar geleden dat in Genève het Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind ondertekend werd. Daarin staat geschreven: ‘bij alle maatregelen betreffende kinderen, ongeacht of deze worden genomen door openbare of particuliere instellingen voor maatschappelijk welzijn of door rechterlijke instanties, bestuurlijke autoriteiten of wetgevende lichamen, vormen de belangen van het kind de eerste overweging.’ Steeds vaker wordt de vraag gesteld of dat decennia later in de praktijk ook het geval is. Maar zelfs Legrand stelt dat een staat niet eeuwig alle jonge vluchtelingen kan blijven opvangen. ‘Als het echt leefbaar is in hun thuisland, begrijp ik dat ze terug moeten. Al had ik het liever anders: we hadden voor de kinderen toch een uitzondering kunnen maken?’

Degenen die oud genoeg zijn om te beseffen wat op het spel staat, weten dat zij net als volwassenen geweigerd kunnen worden. En wanneer ze geluk hebben, is de kans nog groot dat het om tijdelijke opvang gaat. Voor Abdullah is die tijdelijke opvang misschien genoeg, maar honderden anderen leven, net als Dariush, in angst voor een verplichte terugkeer. ‘Soms zijn ze enkele dagen zo overstuur dat ze niet komen eten. We horen dat ze niet opdagen op school. En ’s avonds in de gemeenschappelijke ruimte moet je toch gewoon positief blijven,’ voegt een begeleidster van het opvangcentrum Étoile nog toe.

Voetbal en koffie

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, mag je gratis naar al onze events en kan je in dialoog gaan met onze journalisten. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

Genève is een stad van internationale bedrijven, grote banken en hun big money men, maar tegelijk ook van armoede en mensen die op zoek zijn naar een beter leven. En dat is op zo’n zomerse dag in de stad meteen zichtbaar. De zon lokt het volk naar buiten, meer bepaald naar het meer of het stadsplein, waar het groot voetbalscherm nu staat. Ook vandaag, zaterdag, zijn vele jongeren van verschillende opvangcentra naar het centrum afgezakt.

Terwijl de markt aan de linkerkant van het plein alle toeristen bezighoudt, en de voetbalmatch weer een groot deel van de jeugd zoethoudt, is er aan de rechterkant van het plein een andere, bijzondere bijeenkomst gestart. Op initiatief van Hospice Général staat op een groot bord het woord rencontre, of kennismaking. Het doel is om mensen aan te moedigen om hier vandaag in contact te komen met nieuwkomers uit Eritrea, Afghanistan, Syrië en verder. Er staan schotels met voedsel van alle uithoeken van de wereld. Een jonge vrouw Eritrese serveert koffie tegen een vrije gift. De overige aanwezige jongeren spelen voetbal.

Omar (16) neemt een bord en komt naast me zitten. Net was hij nog aan het voetballen, in al zijn vrolijkheid leek hij wel bevriend met alle aanwezigen. Al heeft hij een b-vergunning gekregen en erkend is als vluchteling, is hij alles behalve tevreden met de opvang in Genève. ‘Ik vind dat het hier te streng is. Ik heb na drie jaar dan wel een b-permit gekregen, maar dat kan ook op elk moment weer worden ingetrokken. Ik ben te jong om zo te denken, maar je mag hier niet gerust zijn, het lijkt wel of het je niet gegund is’, zegt hij terwijl hij zijn bord met falafel, lebbe en kookoo verorbert. Hij spreekt over zijn vorige opvangcentrum, en hoe ze daar met 300 jongeren opeengepropt zaten en amper begeleiding hadden. ‘We houden ons bezig, weet je? En als de zon schijnt, dan vind je ons op het stadsplein.’

Geven en nemen

Toch is niet iedereen misnoegd over de manier waarop Zwitserland de jongeren ontvangt. Kian, intussen 25, blikt tijdens een diner met nieuwkomers terug op zijn tijd als niet-begeleide minderjarige in de grootstad. ‘Toen ik aankwam had ik het even moeilijk. Ik denk dat dat normaal is. Maar na enkele jaren voelde ik mij hier zodanig thuis dat ik er alles aan wou doen om hier te kunnen blijven.’ Hij heeft dan ook geluk gehad. Na vier jaar in Genève kreeg hij een b-permit, en nu, bijna negen jaar later, is hij zelfs Zwitsers staatsburger. ‘Het leven kan niet beter, ik heb alles wat ik wil.’

‘Ik hoop dat ze allemaal evenveel geluk hebben als ik, al moet ik wel zeggen dat het bijna een decennium geduurd heeft!’

Over de vrees van de andere jongeren weet Kian dat het net die veiligheid is die Zwitserland kan garanderen, die de dingen ook streng en onzeker maakt. ‘Eens je binnen bent, blijf je binnen. Ik hoop dat ze allemaal evenveel geluk hebben als ik, al moet ik wel zeggen dat het bijna een decennium geduurd heeft!’

Elke donderdag komt Kian als vrijwilliger naar Carouge Acceuil, een wekelijkse bijeenkomst voor alle mensen van de stad, waar alle leeftijden en achtergronden samenkomen om Frans te spreken, om eten te delen en om elkaar te steunen. ‘Mijn vrienden zeggen dat ik erg Zwitsers geworden ben op enkele jaren tijd. Ik vind dat grappig. Wat betekent dat immers? Ik kom hier wekelijks met nieuwkomers converseren, ik kom hen helpen met inschrijvingen enzovoort’, zegt hij tijdens een partijtje scrabble met de jongste deelnemers. ‘Ik herinner mij dat begin nog heel goed.’

‘De reden waarom ik zo goed vooruit ben gegaan wordt belichaamd door de vrouwen die deze organisatie op poten hebben gezet’, zegt hij, terwijl hij wijst naar drie glimlachende vrouwen die rondgaan met wat fruit. ‘Volgens mij is dat de sleutel tot integratie: mensen vinden die willen helpen. Mensen die honderd procent iets zijn wat jij niet bent, maar wil worden. En dan is het gewoon geven en nemen, tot je allebei zoveel hebt bijgeleerd dat je niet meer zonder de ander kan.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift