Het leven voor Syrische vluchtelingen ligt buiten de Europese grenzen

De Syrische vluchtelingen helpen hun leven opnieuw op te bouwen in de regio, dat is de prioriteit voor Alexander De Croo. ‘We moeten overgaan van humanitaire hulp naar meer ontwikkelingssamenwerking. De rol van Turkije hierbij is cruciaal’, zei De Croo aan MO* na zijn bezoek aan het vluchtelingenkamp in Gaziantep in Zuidoost-Turkije.

Ik kom uit Aleppo, ik uit Homs, ik uit … Ik kan het meisje niet goed verstaan. Een groepje kinderen verzamelt zich rond mij. Ze komen juist uit hun klas. Ze zijn twee, drie jaar en soms langer hier in het Nizip kamp in de provincie Gaziantep aan de grens met Syrië. De kinderen hebben al veel delegaties zien passeren.

© Samira Bendadi

Ze zijn blij met het bezoek van al die hoogwaardigheidsbekleders

‘Erdogan is hier geweest’, zegt één van de meisjes opgewonden. ‘We hebben zelfs prinses Moza (van Qatar) gezien’, zegt een andere. Ze zijn blij met het bezoek van al die hoogwaardigheidsbekleders. Er gebeurt tenminste iets in het kamp dat in the middle of nowhere onderdak biedt aan meer dan tienduizend Syrische oorlogsvluchtelingen. Het kamp wordt streng bewaakt.

De stad Gaziantep ligt 45 km verderop. Naar buiten gaan mag mits toestemming maar de inwoners mogen geen gasten ontvangen. ‘Als er hoog bezoek is geven ze ons nieuwe schriften’, vertelt één van de meisjes. ‘Maar als de bezoekers weggaan, nemen ze de schriften van ons terug’.

Het ondraaglijke gewicht van het vluchtelingenbestaan

In dit deel van het kamp hebben de vluchtelingen het “geluk” om in containers te wonen, maar iets verder op zijn het alleen tenten die na drie jaar niet de optimale bescherming tegen zon, stof en regen bieden. ‘Er zitten gaten in’, zegt één van de vrouwen die samen met drie anderen in een daarvoor voorziene container kleren aan het wassen was. ‘We hebben het erg moeilijk hier. We hebben dringend nieuwe tenten nodig’, zegt ze.

Na drie of vier jaar als vluchteling, zonder werk en deftig onderdak zijn de vrouwen het meer dan beu. ‘Ik zou willen teruggaan’, zegt één van hen. ‘Maar waar naartoe? Mijn huis is platgebombardeerd’. De vrouwen spreken door elkaar. De mensen die in vluchtelingenkampen verblijven krijgen voor elke persoon 85 Turkse lira (ongeveer 25 euro) van de Turkse overheid. Dat wordt maandelijks toegekend via een e-food kaart om levensgoederen en hygiënische producten te kopen.

‘Alles in het kamp is duur’, zegt één van de vrouwen. ‘De groenten zijn duur en van slechte kwaliteit. Suiker is duur en voor één kilo geven ze slechts 800 gram’, zegt een andere vrouw. De vrouwen mogen slechts één keer per week de wasmachines gebruiken en door de stoffige straten is hun dagelijkse hoofdbezigheid kleren wassen. Dekens buiten hangen is er verboden.

 ‘Alles is beter dan dit mensonwaardige leven’

‘We hadden nooit moeten vluchten, we hadden moeten terugvechten ook al zou dat onze dood betekenen’, zegt één van de dames die niet genoemd of gefotografeerd wil worden. ‘Alles is beter dan dit mensonwaardige leven’, zegt ze.

Dat de groenten hier duurder zijn dan in de stad en dat ze van slechte kwaliteit zijn, ontkent een medewerkster van UNICEF niet. Een verklaring hiervoor heeft ze niet. ‘In de stad zijn de meubels weer duurder geworden na de komst van de vluchtelingen’, zegt ze. ‘Maar wat problematischer hier is, is kinderarbeid’, zegt ze.

Er zijn mannen van het kamp die in de landbouw werken maar ook kinderen. ‘Dit proberen we tegen te houden door met de ouders te praten maar het lukt niet altijd’. Veel mannen hebben ondertussen het kamp verlaten op zoek naar een betere oplossing. Sommigen hebben Europa bereikt, zoals de vader van Marian.

© Samira Bendadi

Marian: ‘Mijn vader is in België’

‘Hij is nu in België’ zegt ze opgewonden. ‘Ook wij gaan naar België als hij zijn papieren krijgt’. Hoe haar vader België bereikt heeft? ‘Via mensensmokkelaars natuurlijk, en hij heeft er tweeduizendvijfhonderd dollar voor betaald’, zegt Marian.

Vluchtelingen en kampen

Er zijn in Turkije vijfentwintig vluchtelingenkampen. Daar verblijft slechts een kleine minderheid van de Syrische vluchtelingen. De overgrote meerderheid van de vluchtelingen, meer dan 85 procent, verblijft in de steden. Wanneer ze geregistreerd worden krijgen ze het statuut van “gasten”.

Via de zogenaamde community centra organiseert de overheid samen met de VN-vluchtelingenorganisatie UNCHR de opvang voor deze vluchtelingen. De gemeenschapscentra zorgen voor de registratie van de nieuwkomers en verwijzen hen, indien nodig, door voor medische of psychologische hulp.

Syrische kinderen kunnen er terecht voor onderwijs en er worden taallessen georganiseerd. Maar voor werk en huisvesting moeten ze zelf voor zorgen. 

Minister De Croo: Turkije doet héél veel

‘Ik hoor mensen in Europa zeggen dat Turkije meer moet doen. Ik denk dat Turkije veel inspanningen doet maar ze zijn niet allemaal zichtbaar’, zegt vice-eerste minister en minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo.

‘Als we alleen al naar de cijfers kijken, zijn er in Turkije ongeveer twee miljoen Syrische vluchtelingen. Dat is vijf keer meer dan in de achtentwintig landen van de Europese Unie samen’, zegt De Croo.

Ondertussen zijn in Turkije 66.000 Syrische kinderen geboren. Het grootste probleem voor de nieuwkomers is werk vinden en een dak boven het hoofd. ‘Een vluchtelingkamp blijft een vluchtelingenkamp met de uitzichtloosheid die ermee samenhangt. Maar relatief gezien is het aantal vluchtelingen dat in kampen verblijft, ongeveer 300.000, klein. Het grootste probleem stelt zich in de steden’, vindt De Croo.

© Samira Bendadi

Klas in onthaalcentrum Gaziantep

‘Het verhaal van de 1,7 miljoen vluchtelingen is van een andere orde en het verdient meer aandacht. Deze vluchtelingen zijn minder zichtbaar. Ze zijn een stuk meer vatbaar voor mensenhandel en ze krijgen te weinig aandacht’, vindt de minister.

Belgische hulp al tweede maal verhoogd

België heeft eerder dit jaar het bedrag voor humanitaire hulp aan de Syrische vluchtelingen met 30 miljoen euro verhoogd. Tijdens zijn bezoek aan het vluchtelingenkamp in Gaziantep verklaarde de minister nog eens 7,5 miljoen euro extra humanitaire hulp voor de opvang van vluchtelingen in de regio Syrië-Irak vrij te maken.

Dit brengt de humanitaire hulp van ons land voor de regio dit jaar op 51,7 miljoen euro. Dit bedrag gaat naar speciale fondsen van organisaties zoals UNCHR, het Rode Kruis, Unicef, … Deze organisaties gebruiken de fondsen naargelang de noden die er zich stellen. En dat op zich vindt de minister geen probleem.

De 7,5 miljoen die vorige week werd vrijgemaakt zal voor een groot deel naar de VN-vluchtelingenorganisatie UNCHR gaan en zal geïnvesteerd worden in de community centra.

Europese landen moeten meer doen

Hervestiging is voor De Croo een deel van een grote puzzel. Er moet ook gezorgd worden voor een degelijke ontvangst in Griekenland bijvoorbeeld. De Wereldbank zou met meer middelen over de brug moeten komen. En alle landen moeten hun steentje bijdragen. Ook de Oost-Europese landen.

‘Dat gebeurt nu niet’, zegt De Croo. ‘Maar de EU-steun voor die landen koppelen aan opvang voor vluchtelingen kan een manier zijn om de solidariteit af te dwingen’, zegt hij. Eén zaak is, volgens de minister, zeker. De Syrische vluchtelingen zullen de volgende decennia in de buurlanden blijven.

De Croo: ‘Men kan niet verwachten dat landen als Turkije, Libanon en Jordanië dit op hun eentje moeten doen.’

‘Men kan niet verwachten dat landen als Turkije, Libanon en Jordanië dit op hun eentje moeten doen. Wat nu moet veranderen, is onze benadering van de vluchtelingencrisis. We moeten dat nu doen op een manier die meer aansluit bij ontwikkelingssamenwerkingsprojecten, eerder dan bij humanitaire hulp zoals vandaag het geval is’, zegt minister De Croo.

Of de Oost-Europese landen hun houding tegenover de vluchtelingen zullen bijsturen, is zeer de vraag. Het EU-Turkije Actieplan dat vorige week opgesteld werd en waar sprake is van een bedrag van drie miljard euro om Turkije te ondersteunen in de opvang van de oorlogsvluchtelingen en dat ook de bedoeling heeft om hun tocht naar Europa tegen te houden, stuit op heel wat kritiek.

Guy Verhofstadt, eveneens van Open VLD en voorzitter van de Alliantie van Liberalen en Democraten in het Europees Parlement, schrijft op zijn facebookpagina dat de oplossing voor de vluchtelingencrisis er niet in bestaat om het vluchtelingenprobleem uit te besteden. De Europese Unie zou zich niet afhankelijk moeten maken van een land dat meer en meer autoritair wordt. Hij vraagt zich ook af of Brussel daadwerkelijk zijn beloftes kan waarmaken.

Samenwerken met Turkije

In het Europese plan voor Turkije is er ook sprake van een mogelijke versoepeling van de visumplicht voor Turkse onderdanen. Maar mogelijke toetreding tot de EU is niet aan de orde. De Croo twijfelt of de tijd er rijp voor is.

‘Wat wel belangrijk is, is samenwerken op het gebied van veiligheid en justitie. Het uitwisselen van gegevens en de relocatie van gevangenen kunnen onderwerp zijn van een samenwerkingsverband’, zegt De Croo nog.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur