Marokko, cannabisproducent nummer één

Marokko is goed voor ruim veertig procent van de wereldwijde cannabisproductie. Volgens de Marokkaanse mensenrechtenactivist Chakib al Khayari lijdt de Rif-regio sterk onder de illegale cannabisteelt. Voor hem is legalisering hét antwoord op de drugsmaffia, corrupte ambtenaren en de armoede onder lokale boeren.

Gavin White / Creative Commons

Het Marokkaanse cannabisgebied bestrijkt officieel 47.400 hectare.

Deze plek voelt onheilspellend, alsof er elk ogenblik iets verschrikkelijks staat te gebeuren. Grimmige figuren kijken argwanend rond, de armoedige huisjes aan de kant van de onverharde weg staan op instorten, geblindeerde terreinwagens duwen gammele auto’s van Franse makelij aan de kant. De sfeer in Ketama, een dorp in het Marokkaanse Rifgebergte, is onrustig, maar op een of andere manier ook niet. Op een donker terrasje zit een tiental mannen loom rond kleine tafeltjes, met bloeddoorlopen ogen en een gelaten blik. Het bestelde kopje café au lait wordt geserveerd door de café-eigenaar, die zijn vuist opent. ‘You also want to smoke?’ In zijn handpalm een balletje hasj, dat hij behendig door zijn vingers laat rollen.

Twee euro per gram lijkt weinig, maar is in Ketama, het hart van het Marokkaanse cannabisgebied, aan de prijzige kant. Het aanbod van hasj overstijgt de vraag, bleek al op de route van de badplaats Al Hoceima naar het bergdorp. Jonge mannen sprongen rookgebarend uit de berm en Citroëns en Peugeotjes probeerden met getoeter en gevaarlijke inhaalmanoeuvres de buitenlander tot koop te dwingen.  

Tien miljard euro

Het Marokkaanse cannabisgebied bestrijkt officieel 47.400 hectare en strekt zich grofweg uit van Al Hoceima tot Tanger. Al vanaf de middeleeuwen verbouwen de boeren hier cannabis, waar hasj en marihuana uit wordt gewonnen. In 1958 bevestigde koning Mohamed V het verbod op de cannabisteelt dat eerder door de Franse bezetters was ingesteld. Maar na mislukte opstanden van de bewoners van de Rif in 1958 en 1959 moedigde de koning de boeren juist aan om meer cannabis te telen. Daarnaast stimuleerde hij de arbeidsmigratie, waardoor Europa op grote schaal bekend raakte met cannabis, kif in het Marokkaans. Hierdoor breidden de teelt en handel zo ver uit, dat Marokko nu de grootste exporteur van hasj is.

Pascal Terjan / Creative Commons

Driekwart van de hasj die vorig jaar wereldwijd in beslag werd genomen, komt uit Marokko.

Volgens het International Narcotics Control Board (INCB) wordt 42 procent van alle cannabis wereldwijd in Marokko geproduceerd. 72 procent van de hasj die vorig jaar in beslag werd genomen, is afkomstig uit het Noord-Afrikaanse land. De waarde van de jaarlijkse hasjexport wordt geschat op bijna tien miljard euro.

De meeste hasj gaat naar Europa en de VS, die al jaren Marokko onder druk zetten de cannabisteelt aan te pakken. Dat beweert het Noord-Afrikaanse land ook te doen. Marokko zou naar eigen zeggen honderdduizenden hasjboeren vervolgen en de drugsmaffia hard aanpakken. Het land claimt dat het aantal hectares cannabisteelt in tien jaar tijd met zestig procent is gedaald, maar in dezelfde tijd steeg de hasjproductie met zeven procent. De tegenstrijdige cijfers roepen internationaal vragen op.

Onderzeeërs vol hasj

‘Helikopters?’ Chakib lacht. ‘Onderzeeboten, dát is de laatste trend.’

In Ketama moet een buitenlander niet te lang rondhangen, waarschuwden kenners van het gebied voorafgaand aan het bezoek. Stel niet te veel vragen, koop of rook geen hasj en ga niet kijken bij de garages langs de weg, waar auto’s met smokkelwaar worden volgestouwd. De spanning in en rond Ketama zou momenteel groot zijn, omdat hasjboeren, maffia en de politie elkaar in de haren vliegen. Dat blijkt daags na het vertrek uit het gebied. De Marokkaanse krant Al Massae maakt melding van onenigheid tussen hasjboeren en drugsbaronnen, die de boeren toegang tot water ontzeggen. Ook schrijft de krant dat de politie helikopters inzet tegen drugshandelaren in de provincie Al Hoceima. Er zouden nieuwe drugsnetwerken actief zijn in Noord-Marokko, die met gebruik van helikopters en terreinwagens drugs naar Spanje smokkelen.

‘Helikopters?’ Chakib al Khayari (34) lacht. ‘Onderzeeboten, dát is de laatste trend.’ Met honderden kilo’s hasj aan boord zouden de eenmansonderzeeërs van de Marokkaanse kust naar halverwege de Middellandse Zee varen en daar hun vracht overladen op grotere Spaanse schepen. ‘Het schijnt erg goed te werken,’ heeft de mensenrechtenactivist, gespecialiseerd in de hasjteelt- en handel, gehoord.

Wachtwoord

Al Khayari zit op een terras dat uitkijkt over Mar Chica, een enorme lagune die zich uitspreidt voor de Noord-Marokkaanse stad Nador. Mar Chica was tot 2009 een groot smokkelnest, vanwaar de  Ketama-hasj naar Spanje werd vervoerd met honderden zodiacs, motorboten van zeventien meter lang. Op een servetje tekent Al Khayari het binnenmeer van Nador, met een kleine doorgang naar open zee. ‘Overdag lagen hier tientallen zodiacs op het water, die ’s nachts naar Spanje voeren met elk anderhalf ton hasj aan boord.’ De Riffijn wijst in de verte. ‘Daar, voor de opening naar zee, lag een boot van de Marokkaanse marine, die zodiacs doorliet als de bemanning het correcte wachtwoord meldde.’

Bart Speleers

Marokkaanse mensenrechtenactivist Chakib al Khayari

Al Khayari schreef een rapport waarin hij de hasjhandel blootlegde en ook aangaf wie ervan profiteert –hoge politiefunctionarissen bijvoorbeeld. Hij publiceerde het rapport in 2006 met een open brief aan koning Mohamed VI en liet buitenlandse journalisten de drugshandel ter plaatse zien. Het leidde tot de arrestatie van een drugsbende bestaande uit onder meer marinepersoneel en ambtenaren, maar ook tot die van Al Khayari zelf die in de media verkondigde dat de hoge bazen buiten schot waren gebleven. Hij werd tot drie jaar cel veroordeeld wegens ‘belediging van de staat’ en kwam in 2011 vrij.

Betalen met wapens

Al Khayari vertelt dat de handel de afgelopen jaren is veranderd. Van de circa tweehonderd zodiacs zijn er nog maar dertig tot veertig operationeel. Dit komt volgens hem door de strengere controle van de EU op mensenhandel, waardoor ook de pakkans voor de hasjboten is vergroot. De zodiacs die nog in gebruik zijn, liggen niet meer in Mar Chica, maar in huisjes aan zee. ’s Nachts komen ze tevoorschijn voor hun overtocht naar Spanje. De grote ladingen hasj verlaten Marokko in containers via havensteden als Casablanca en Tanger.

Al Khayari beweert dat de Marokkaanse hasjindustrie zich de laatste jaren  “vermengt” met cocaïne- en wapenhandel en terrorisme. ‘Cocaïne voor de Europese markt komt steeds vaker via de Sub-Sahara Marokko binnen. Het leidt tot een grote toename van harddrugsverslaafden in Marokko. Daarnaast worden de cocaïne en de hasj door de Europeanen deels betaald met wapens, die via Marokko naar allerlei terroristische groepen in Algerije en Mali verdwijnen. Dat is uiterst zorgelijk.’

Niet minder zorgen maakt de activist zich om de situatie van de cannabisboeren. ‘Een boer verdient vierhonderd tot zeshonderd euro per jaar aan de teelt van cannabis. Daar kan je niet van leven.’ Om rond te komen, steken boeren zich in de schulden bij de drugsbaronnen. Dit leidt volgens Al Khayari tot chantage en uitbuiting van de

Bart Speleers

760.000 Rif-inwoners leven van de cannabisindustrie.

Daarnaast worden de boeren opgejaagd door de politie, die zelf een graantje wil meepikken van de lucratieve hasjhandel. En lucratief is het, gezien het verschil tussen de gramprijs die de hasjboer ontvangt (dertig eurocent) en wat de consument in Nederland (acht euro) gemiddeld betaalt.  

‘Geen probleem voor de koning’

Om aan de marginalisering van de boeren en de toch al armoedige Rif een eind te maken, pleit Al Khayari al jaren voor de legalisering van de cannabisteelt voor medicinale en industriële doeleinden. ‘Daar wil ik een alternatieve economie mee creëren, die de bodem onder de criminaliteit weghaalt en de boeren een eerlijker leven biedt.’ Legalisering werd altijd afgedaan als iets voor ‘dwaze  Riffijnen’, maar het tij lijkt te keren.

De CMUMIK, een Marokkaans netwerk van onderzoekers en activisten waartoe ook Al Khayari behoort, publiceerde recent een wetsontwerp voor de legalisering van de cannabis in Marokko. Kort daarna namen twee van de grootste politieke partijen in Marokko, de Partij voor Authenticiteit en Moderniteit (PAM) ende Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (PJD), contact op met het netwerk. ‘De PJD reageerde positief op ons wetsontwerp en de PAM liet weten een wet te willen opstellen gebaseerd op ons voorstel’, zegt Al Khayari.

Mogelijk speelt de koning een rol in de ommezwaai, zegt de activist. ‘Een wet voorstellen kan niet zonder steun van de koning. Hij heeft niet gezegd dat hij tegen legalisering is, wat erop neerkomt dat hij er geen probleem van maakt.’ Daarnaast is de oprichter van de PAM een goede vriend van de koning, vult Al Khayari glimlachend aan. Op 4 december kondigde de PAM een wetsvoorstel aan op een informele hoorzitting over medicinale en industriële toepassingen van cannabis, die zij in het parlement had georganiseerd.

Hasj verkopen aan de overheid

Volgens Al Khayari is geen enkele politieke partij meer tegen legalisering gekant. ‘De discussie gaat niet meer over legalisatie, dat gaat gebeuren, maar over de uitvoering van de wet. De overheid moet bijvoorbeeld de boeren meer betalen voor de cannabis dan de maffia. Dat kost geld en zorgt voor discussie. Ook wordt er gekeken naar de verwerking van de cannabis in producten, als medicijnen en kleding.’

Bart Speleers

En wie weet, zegt Al Khayari, is legale levering aan de Nederlandse coffeeshops ooit een optie. ‘Waarom niet? Nu is de teelt en levering tot de coffeeshop strafbaar, maar de verkoop wordt gedoogd. Dat is toch schizofreen beleid? Neem straks de legale, zongerijpte cannabis uit Marokko en marginaliseer de criminaliteit ook in Nederland.’ Maar de activist is ook realistisch. ‘Legalisering neemt niet alle misdaad weg. Maar de handel zal zeker verminderen en boeren krijgen een keuze, verkopen aan de maffia of aan de overheid.’

Bart Speleers is een Nederlandse freelancejournalist, gespecialiseerd in internationaal nieuws en mensenrechten. Zijn artikels verschijnen onder meer in Het Parool, OneWorld en Opzij.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift