“De operatietafel was verschroeid, de koelkasten gesmolten”

Projectcoördinatrice Sarah Maynard beschrijft de verwoesting die ze aantrof toen ze terugkeerde naar het AZG-ziekenhuis in Leer, Zuid-Soedan.

  • © Michael Goldfarb Het afgebrande en geplunderde ziekenhuis in Leer. © Michael Goldfarb
  • © Michael Goldfarb Het afgebrande en geplunderde ziekenhuis in Leer. © Michael Goldfarb

“We landden in Leer en wandelden van de landingsbaan naar het ziekenhuis. Er was niemand in de buurt. Doorgaans voetballen er tientallen kinderen onder de grote bomen vlak bij het ziekenhuis, halen moeders water bij de pomp of zijn er mensen op weg naar de markt.

We bereikten de poort achteraan het ziekenhuis. Minutenlang stond ik aan de grond genageld. Ik was totaal van streek.

De verwoesting door het vuur was onvoorstelbaar. De opslagplaats voor medisch materiaal ligt normaal gezien vlak voor ons als we aan de poort staan, maar nu was die onherkenbaar. Het gebouw was volledig afgebrand en het dak was ingestort. De ijs- en koelkasten waar we de vaccins in bewaarden, waren gesmolten tot witte hoopjes.

Als doelwit gebruikt, afgebrand en geplunderd

Ook de ruimte waar we het eten voor de patiënten en het therapeutisch voedsel voor ondervoede kinderen bewaarden, was afgebrand. Ik dacht toen bij mezelf: “Onze voorraad was echt een doelwit.”

De metalen containerunits, met o.a. het kantoor, waren volledig uitgebrand. De andere gebouwen, opgetrokken in baksteen en beton, waren nog enigszins intact gebleven, maar ze waren volledig leeggeroofd. Er viel geen enkel ziekenhuisbed meer te bespeuren op het hele terrein.

In een van de slaapzalen was het bureau van de verpleegkundigen vernield. Overal lagen documenten en geneesmiddelen, en elke kast was geopend. Op de vloer lagen een aantal metalen koffers waarvan de sloten stuk waren.

De spoedafdeling had zware brandschade opgelopen, en de operatiezalen waren geplunderd. Er had een brand gewoed in een van de zalen en zelfs de operatietafel was verschroeid. In de sterilisatiekamer lag de grond bezaaid met chirurgische instrumenten die uit hun steriele verpakking waren gehaald.

Het therapeutisch voedingscentrum voor ondervoede kinderen was afgebrand en het dak was ingestort. Vroeger was het gebouw oranje, maar de temperatuur moet door de brand zo hoog opgelopen zijn dat het volledig verkleurd was.

We weten niet wie hiervoor verantwoordelijk is. Dat valt haast niet te achterhalen. De laatste lokale AZG-medewerkers verlieten Leer op 28 januari en zijn de rimboe in gevlucht. Toen was het ziekenhuis nog intact. Nadien was er geen enkele medewerker meer in de buurt die ons kan vertellen wat er is gebeurd.

Honderdduizenden mensen trokken zonder levensnoodzakelijke verzorging weg

Het ziekenhuis in Leer was een van de twee instellingen in heel Unity State waar secundaire gezondheidszorg werd verstrekt. (Volgens mij waren we een van de enige twee ziekenhuizen met een chirurgische afdeling, en ik ben niet zeker of er nog andere instellingen secundaire zorg aanboden. Misschien navragen bij de medisch coördinator?) Nu hebben bijna 300.000 mensen geen toegang tot een ziekenhuis of algemene gezondheidszorg, behalve dan de beperkte zorgen die onze medewerkers in de rimboe kunnen verstrekken. Zelfs al zouden de mensen morgen terug naar Leer kunnen, dan zouden ze een stad aantreffen waar geen enkele vorm van gezondheidszorg te vinden is. Niets in het ziekenhuis is nog bruikbaar.

Het ziekenhuis was een van onze oudste gezondheidsinstellingen in Zuid-Soedan, en het zag zijn activiteiten sterk uitbreiden sinds AZG 25 jaar geleden voor het eerst in Leer aan de slag ging. Sommige gebouwen zijn nog bruikbaar, maar grote delen van het ziekenhuis moeten zorgvuldig worden opgeknapt vooraleer het terug veilig is. En ik weet zelfs niet hoe we aan de gesmolten koelkasten en het verwrongen metaal moeten beginnen …

Overleven op rivierwater en waterlelies

Ik kon af en toe telefonisch contact opnemen met enkele van onze 240 lokale medewerkers die de rimboe in zijn gevlucht. Twee derde van de medewerkers zijn echter nog steeds onbereikbaar. We maken ons erg veel zorgen over hen en de duizenden mensen die in verschrikkelijke omstandigheden moeten zien te overleven in de rimboe, blootgesteld aan ziektes en geweld.

De lokale medewerkers vertellen me dat mensen ziek worden van het vervuilde rivierwater en de waterlelies die ze eten bij gebrek aan voedsel. Overdag verstoppen ze zich en enkel ’s nachts lijkt het hen veilig genoeg om buiten te komen. Het moet ontzettend beangstigend zijn voor hen.

De medewerkers waar ik mee sprak, leveren uitstekend werk. Ze proberen nog steeds een tiental ernstig zieke patiënten te verzorgen die met hen meegegaan zijn, en helpen ook de andere ontheemden die het AZG-team in de rimboe opzoeken. Ze krijgen het echter alsmaar moeilijker om de vluchtelingen te behandelen nu de voorraden slinken. Ze vertelden me dat ze verbanden moeten hergebruiken en dat ze vrezen dat bij sommige patiënten ledematen geamputeerd zullen moeten worden omdat hun wonden zodanig geïnfecteerd zijn.

We moeten absoluut bij hen zien te geraken, maar ik weet niet hoe we dat gaan doen. Het is nog steeds erg onveilig en uit vrees voor geweld durven ze de rimboe niet uit.

Terug naar Leer?

Het is niet duidelijk of en wanneer de gewone mensen terug zullen keren naar Leer. Als het zover komt, zullen we van nul moeten herbeginnen en zal het veel tijd vergen voor we staan waar we voorheen stonden. Het vertrouwen waar we nood aan hebben om ons werk uit te kunnen voeren, ligt aan diggelen. Om terug te kunnen keren, moeten we het onvoorwaardelijke respect afdwingen voor onze medische instellingen, het personeel en de patiënten. Het valt moeilijk in te schatten of we daarin zullen slagen.”

Meer weten over de noodhulp van Artsen Zonder Grenzen in Zuid-Sudan?

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur