'Knuffel een vluchteling' in Brazilië

De Braziliaanse vluchtelingenorganisaties Adus en Atados zetten begin juli taallessen op voor Brazilianen gegeven door vluchtelingen. Er wordt Frans, Engels, Spaans en Arabisch aangeboden voor geïnteresseerden. Alphonse is leraar Frans in het project getiteld ‘Knuffel een vluchteling’. John Beya geeft het politieke kader weer waarbinnen de Congolezen in Brazilië leven.

  • © Daniela Schmidt De Congolese gemeenschap in Brazilië is met 6000 mensen aanzienlijk. © Daniela Schmidt

De Congolese gemeenschap in Brazilië telt zo’n 6000 leden waarvan 3000 vluchteling zijn. Daarmee zijn de Congolezen na de Syriërs de tweede grootste groep vluchtelingen.

Het doel van de gemeenschap is hun cultuur te bewaren, en voor sociale integratie en assistentie te zorgen. Het aantal Congolezen in Brazilië zit in stijgende lijn.

Dicht bij Santa Cecilia, het oude stadscentrum van São Paulo, bevindt zich een Arabisch cultureel centrum BibliAspa. Daar geven vluchtelingen taallessen aan Brazilianen die niet meer de wereldtalen vanuit een westers oogpunt willen leren, maar de wereldtalen die in andere ontwikkelingslanden gesproken worden.

Ik had er een gesprek met Alphonse Nyembo. Hij is een gemotiveerde, enthousiaste en positieve Congolees uit Noord-Kivu die is moeten vluchten omwille van de endemische oorlog in Oost-Congo.

Enkele dagen later ontmoete ik John Beya, de Vice-President van de Congolese gemeenschap. Hij geeft omkadering over de problematiek van Congolese vluchtelingen vanuit een Congolees-Braziliaans standpunt.

Het vluchtelingenverhaal van Alphonse Nyembo 

‘De multicrise DRC’

Zoals de traditie het wil in Congo, beginnen veel politici hun carrière als journalist, vandaar dat Alphonse al van jongs af aan actief was als journalist. Hij leerde in Oost-Congo Belgische ngo’s kennen zoals Broederlijk Delen en Vredeseilanden. Alphonse is afkomstig uit Beni, op 300 km van Butembo in Noord-Kivu. Hij was actief in een politieke beweging, maar kreeg de kans om aan de universiteit van Lubumbashi (Katanga) een bachelor journalistiek te beginnen omdat zijn vader daar een job aangeboden kreeg. Zo kon hij zijn passie verder zetten.

Volgens Nyembo kwam hij en zijn vrienden in de Kassapa-wijk (de studentenwijk) in Lubumbashi in conflict met het regime van Kabila, omdat de bewoners van Kivu daar niet graag gezien zijn. Dus vluchtte hij naar Tanzania, waar enkele vrienden hem geld gaven en het idee inplantten om naar Brazilië te gaan.

Als dakloze werken aan de toekomst 

Alphonse Neyembo kwam drie jaar geleden in Brazilië aan, hij was toen dakloos en plooide zichzelf terug op zijn gemeenschap. Hij kreeg van Caritas een protocol om in Brazilië te blijven, maar er was geen geld om hem als vluchteling op te vangen omdat hij één van de eerste ter plekke was.

Hij moest dus het heft in eigen handen nemen en besloot een studie elektronica aan te vatten en Engels te leren omdat er geen toekomst is als freelance journalist in Brazilië als je in het portugees schrijft omdat medianetwerken heel de markt controleren.

Hij overleefde op straat met het minimum en leefde in groep met andere Congolezen. Ondertussen spendeerde hij zijn dagen met lezen om vooruit te geraken in het leven.

Hij geraakte door zijn ingangsexamen (vestibular) om te beginnen studeren. Toen hij op de universiteit zat begon hij engelse en franse les te geven in de verschillende taalinstituten van São Paulo. Heel de dag was hij in de weer met les geven, het was precies bandwerk en ‘s avond moest hij naar de andere kant van de stad om naar de universiteit te gaan. Hij overleefde nog steeds met het minimum en omdat het ritme enorm hoog lag was het een zeer zware periode van hem. Toch zal hij nooit vergeten dat hij enorm veel hulp en solidariteit kreeg van zijn medestudenten op de universiteit.

Dakloze af

Ondertussen is hij afgestudeerd en is er geld vrij gekomen van de Braziliaanse overheid voor vluchtelingen zoals Alphonse omdat de laatste drie jaar ongeveer 10.000 vluchtelingen vooral uit Syrië, Congo en Nigeria de oversteek naar Brazilië hebben gemaakt. 

Alphonse heeft nu een appartement en leeft niet meer op straat.

Het project van Adus en Atados: ‘Knuffel een vluchteling’ geeft hem de kans om zich meer te integreren in de samenleving. Folha de São Paulo, de grootste krant van de stad, wijde al een artikel aan hem en vergeleek hem met de oude koning van Portugal/Bas-Congo Afonso.

Hij wou niet naar Europa gaan omdat hij daar moeilijk binnen zou zijn geraakt en zijn kansen in Brazilië zijn beter. Graag zou graag verder studeren en ingenieur worden.

Ondertussen is hij aan het solliciteren voor een job met zijn diploma elektronica en de cursus neemt hij er graag bij omdat hij zijn land kan vertegenwoordigen en zijn cultuur kan uitdragen. Hij is dus een echte ambassadeur voor zijn land als leraar frans. Ondertussen ondervindt hij het probleem dat zijn frans achteruit gaat, omwille van zijn vooruit gang in het Portugees. En heeft veel hoop op een nieuw leven in São Paulo. 

Het politiek kader

Wat is uw rol als vice-president van de Congolese gemeenschap in Brazilië?

Beya: De Congolezen kunnen in de zogenaamde ‘missiones de paz’ leven, gedurende een maand, als ze toekomen in Brazilië. Daarna komen ze vaak op straat terecht. De Congolese gemeenschap helpt hun dan en vangt hun op door bv. appartementen te kopen of te huren. Ik heb bijvoorbeeld mijn verantwoordelijkheid genomen door 4 Congolese vluchtelingen in mijn huis op te vangen. Ik vertegenwoordig de Congolese gemeenschap bij de Braziliaanse instituties en NGO’s. Ondanks was ik nog te gast op de conferentie van de MERCOSUL, de EU van Zuid-Amerika. Ik reis vaak naar het buitenland om de belangen van de Congolese gemeenschap in Brazilië te verdedigen. 

Als ex-manager van een mijnbedrijf, wat vindt u dat er met de mijnen moet gebeuren in de DRC?

Het kan mij niet schelen aan wie wij onze bodemrijkdommen verkopen, zolang het grootste deel van de winst voor de basisbehoeften van de Congolezen wordt gebruikt’

Beya: Het is tijd dat de Congolezen zelf het heft in handen nemen. De DRCongo heeft al zoveel miserie doorstaan dat wij geen wereldmacht meer willen worden. Wij willen gewoon dat onze basisbehoeften worden ingevuld zoals een huis, eten en toiletten en dit moet betaald worden met de vruchten van onze bodemrijkdommen. Wie onze bodemrijkdommen in handen heeft maakt ons niet uit, maar het is belangrijk dat de winst voor een groot deel in de DRC blijft en dat dit ten goede komt aan de Congolezen.

Hoe kijkt u naar de relaties tussen België en de DRC?

Beya: De historische band met België willen wij niet verliezen omdat België ons de beschaving heeft gebracht. De Belgen leerden ons een broekriem te dragen, hoe we een hemd en een vest moesten aan doen. Een volk dat zijn verleden niet kent is een ontworteld volk. Hier in Brazilië hebben de Portugezen een infrastructuur achtergelaten. Dit is het probleem met de Belgen dat zij zijn vertrokken en zij hebben niets achtergelaten. België heeft veel problemen in Congo veroorzaakt. Op dit moment controleert België de DRC nog. Het is dus tijd dat het haar greep op Congo los laat, dan zal er duurzame ontwikkeling aangevoerd door de BRICS komen in Congo.

Welke rol is er voor de BRICS in de DRC?

Beya: Wij zijn niet meer opzoek naar een redder van Congo zoals de Belgen waren, omdat dat zelfmoord is in deze geglobalizeerde wereld. Bijvoorbeeld moest Rusland een rol van betekenis beginnen spelen in Congo zou dit botsen met de belangen van de VS om de Uranium reserves, die gebruikt zijn voor de kernbommen in Japan tijdens de tweede wereldoorlog, te blijven controleren. Rusland mag daar van de VS echt geen greep op krijgen. Toen Mzee Kabila, de vader van de huidige president aan de macht was, wou hij economisch beginnen samenwerken met Noord-Korea, China, Iran en Rusland. Echter werd hij hiervoor, volgens mij, vermoord. De samenwerking met deze landen is gewoon zelfmoord voor een Congolese president. Echter vind ik dat het tijd is dat de BRICS ons komen steunen. Voor mij is het duidelijk dat de Chinezen als handelaren naar Congo komen, maar zij proberen ook hun politieke belangen te verdedigen. Zo werken Chinezen in de republikeinse garde van Kabila, in het leger en ze nemen publieke functies op zoals de Libanezen in de DRC.

Kan u meer specifiek spreken over hoe de Brazilianen de DRC kunnen vooruit helpen?

Beya: Hier in Brazilië heb ik geleerd dat de Brazilianen een win-win situatie willen voor Congo: Een horizontaal partnerschap. Ik heb bijvoorbeeld weet dat er in Kisangani Brazilianen in de goudmijnen werken. Het is echt belangrijk dat Brazilië haar rol opneemt in Congo. Ook de oppositie leider van de UNC Vital Kamerhe verwijst steeds vaker naar het ontwikkelingsmodel van Brazilië. Dit omdat Brazilië haar ontwikkeling in eigen handen heeft genomen en niet door het buitenland is gecontroleerd geweest. Van de sociale inclusie in Brazilië kunnen wij ook veel leren.

Willemjan Vandenplas is fotograaf, bekijk zijn werk op zijn website.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur