Geen oplossing in zicht voor "Engelstalig conflict"

Waarom de langverwachte ‘Grote Nationale Dialoog’ in Kameroen een maat voor niets is

Bedekt lichaam in provincie Northwest, Kameroen © private

 

In Kameroen moet een nationale dialoog een halt toeroepen aan het bloedvergieten in de Engelstalige regio’s van het land. Die regio’s worden sinds 2016 getroffen door een separatistische opstand, die bloedig onderdrukt wordt door het leger. Maar de dialoog dient vooral de belangen van president Biya zelf. ‘Dit is een belediging, een valstrik’, klinkt het in separatistische kringen.

De dialoog ging van start op 30 september in ’s lands politieke hoofdstad Yaoundé. Grote afwezigen zijn president Paul Biya zelf, en de belangrijkste Engelstalige separatistische leiders. Die zitten namelijk ofwel in de gevangenis, ofwel vrezen ze erin terecht te komen als ze komen opdagen.

Escalerende crisis

Engelstaligen maken zo’n twintig procent uit van het Centraal-Afrikaanse land, dat voorts Franstalig is. Ze bevolken Northwest en Southwest, twee provincies die aan Nigeria grenzen. Na de val van het kolonialisme smolt dit Engelstalige deel samen met het Franstalige gedeelte tot de federale staat Kameroen, op 1 oktober 1961. Die federatie werd in de loop der jaren langzaam uitgekleed, en in 1972 keerde Kameroen terug naar de unitaire staat.

Het Engelstalige deel van het land werd intussen bewust economisch uitgekleed door de politieke elite, die bijna volledig Franstalig is. Langdurige gevoelens van marginalisatie en discriminatie begonnen heviger de kop op te steken bij de Engelstalige minderheid.

De protesten werden gewelddadig de kop ingedrukt en verschillende betogers werden gedood.

In 2016 schoot de vlam in de pijp. Leraars en advocaten kwamen op straat om het gebruik van het Engels in scholen en rechtszalen te handhaven. Niet zelden gebeurde het dat Engelstalige kinderen in het Frans – de andere officiële landstaal – onderwezen werden, of dat Franstalige rechters Engelstalige beklaagden in het Frans veroordeelden.

De protesten werden gewelddadig de kop ingedrukt en verschillende betogers werden gedood. Een jaar later begonnen de separatisten zich de bewapenen en startten een guerrilla-oorlog tegen het regime. Op 1 oktober 2017 – dag op dag 56 jaar na de oprichting van de federale staat Kameroen – riepen de twee Engelstalige provincies eenzijdig de onafhankelijkheid uit. Republiek Ambazonië was geboren.

Twee jaar na die eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring zijn er volgens International Crisis Group zo’n drieduizend doden gevallen – volgens andere waarnemers is dat te optimistische schatting. Meer dan een half miljoen mensen sloeg op de vlucht.

President Paul Biya, al bijna vier decennia aan de macht, dacht aanvankelijk beroep te kunnen doen op zijn leger om een militaire overwinning tegen de separatisten uit de brand te slepen. Dat leger ging zich te buiten aan grove mensenrechtenschendingen. Op sociale media is te zien hoe soldaten dorpen platbranden en willekeurige executies uitvoeren op de burgerbevolking in het gebied van de opstandelingen.

Ook de separatisten begaan mensenrechtenschendingen. De meeste scholen in de regio zijn al meer dan drie jaar gesloten op bevel van de rebellen. Burgers geen steun verlenen aan de opstandelingen bekopen dat in sommige gevallen met hun leven. Ook die feiten worden uitvoerig gedeeld op de sociale media.

Marc Bareta, invloedrijk Engelstalige activist en actieve bepleiter van de gewapende strijd, ontkent niet dat dat er gevallen zijn waarbij separatistische groeperingen zich te buiten gaan aan ongeoorloofd geweld. ‘Vergeet niet dat we opereren in een oorlogszone. Waar geen wetten zijn, doet iedereen maar wat hij wil. Maar als we lucht krijgen van wantoestanden, klagen we die wel steeds aan’, stelde hij in een interview met MO* in 2018. ‘Bovendien is het zo dat de regering valse rebellen inzet, die gewelddaden plegen om de gewapende strijd te compromitteren.’

In augustus maakten de ADF-rebellen zich sterk dat ze intussen 80 procent van het territorium controleren.

Twee jaar na het begin van de oorlog lijkt de militaire overwinning in ieder geval niet dichterbij te komen. In augustus maakten de ADF-rebellen zich sterk dat ze intussen 80 procent van het territorium controleren. In combinatie met de toenemende internationale druk op zijn regime acht Biya de tijd intussen rijp voor een dialoog.

Biya’s voorafgaande pogingen om de lont uit het kruitvat te halen werden te licht bevonden. In 2017 liet hij bijna driehonderd gevangenen vrij. Sommigen daarvan zaten opgesloten voor futiliteiten zoals het delen van een sarcastisch sms’je over Boko Haram. De oprichting van een ministerie van Decentralisatie bracht ook geen zoden aan de dijk. De minister is een partijgenoot van Paul Biya, en bovendien Franstalig.

Cosmetische ingrepen, oordeelden de separatisten. Een duizendtal Engelstalige activisten zitten nog steeds achter de tralies. Journalisten die kritisch berichten, wordt het leven zuur gemaakt of verdwijnen in de gevangenis. Intussen weigerde de regering elke vorm van dialoog, waaronder een poging van het Zwitserse ministerie van Buitenlandse Zaken. Op het terrein gaan de wreedheden van het leger onverminderd door.

Applaus?

Het kwam dus als een complete verrassing toen Biya zijn bereidheid tot dialoog aankondigde in een zeldzame toespraak op 10 september, uitgezonden op de nationale televisie. Maar waar iedereen hoopte op vergaande maatregelen gericht op echte vrede, draaide menige Engelstalige buik al snel om bij het aanhoren van Biya’s speech. Biya opende namelijk koudweg met zichzelf te prijzen. Volgens de president gingen de maatregelen die hij nam om de angel uit de protesten van 2016 te trekken ‘ver voorbij wat er gevraagd werd’.

Menige Engelstalige buik draaide om bij het aanhoren van Biya’s speech.

In wat volgde schoof Biya de volledige verantwoordelijkheid voor de wreedheden in de schoenen van de separatisten. Geen woord van erkenning voor de vermeende marginalisatie die de Engelstaligen ondergaan. Geen woord over de brutaliteiten van zijn ordetroepen – die ongewapende betogers met scherp raakten. Geen woord over de uitermate wrede tactieken van het nationale leger, waarvan meermaals bewezen is dat het betrokken is bij standrechtelijke executies van onderdanen die het behoort te beschermen – waaronder oude vrouwen en kinderen. Geen woord over de lange lijst van dorpen die datzelfde leger platbrandde gedurende de afgelopen twee jaar.

Op het moment dat de 86-jarige president zijn toespraak beëindigde met ‘Kameroen blijft één en ondeelbaar’, had hij geen woord Engels gesproken. Het voorstel tot dialoog werd dan ook allerminst op applaus onthaald op separatistische banken.

Valstrik

Ook Marc Bareta kreeg een uitnodiging om deel te nemen aan de gesprekken. Hij bedankte voor de eer in een lange brief, gericht aan gastheer en Eerste Minister Joseph Dion Ngute. ‘Uw regering verkoos om de Ambazoniërs met de loop van het geweer het zwijgen op te leggen. Uw regering koos ervoor om tijd te kopen door enkele onoprechte maatregels en commissies in het leven te roepen. Deze nationale dialoog behoort daar in mijn ogen ook toe’, staat er te lezen.

Bareta wijst er graag op dat de separatisten niet tegen een dialoog op zich zijn. ‘Integendeel – voor de arrestatie van onze revolutionaire leider Julius Ayuk Tabe was hij de enige die opriep tot dialoog.’ Ayuk Tabe werd samen met 27 andere separatisten in 2018 opgepakt in de Nigeriaanse hoofdstad Abuja. Op 10 augustus van dit jaar werd hij tot levenslang veroordeeld.

‘Mijnheer de Eerste Minister, de juiste mensen om mee te spreken, bevinden zich recht onder uw neus’, verwijst Bareta naar Ayuk Tabe, die zich intussen in een zwaarbeveiligde gevangenis bevindt op slechts een paar kilometer van het conferentiecentrum. ‘De dialoog zal eindigen in een fiasco, omdat het idee ingaat tegen alle conventies van conflictresolutie.’ Naast het vrijlaten van de politieke gevangenen vindt Bareta dat de dialoog zou moeten plaatsvinden op neutraal terrein, en in het bijzijn van een neutrale, derde partij. Niet in het hol van de leeuw, in de politieke hoofdstad van wat Bareta “buurland” Kameroen noemt.

‘Welke zinnige mens zou er een uitnodiging aanvaarden van dezelfde onderdrukker die moordt en verminkt terwijl ik dit schrijf?’

Voorts vreest hij dat de hele dialoog mogelijk op poten is gezet om een valstrik te spannen voor separatistische leiders. ‘Ik vrees dat ik gearresteerd zal worden zodra ik voet zet op Kameroenese bodem’, laat de activist via Whatsapp weten aan MO*. ‘Welke zinnige mens zou er een uitnodiging aanvaarden van dezelfde onderdrukker die moordt en verminkt terwijl ik dit schrijf?’

Witwassen

Ondertussen is de vijfdaagse dialoog van start gegaan – zonder een Engelstalige separatistische leider van enig belang, en zonder president Paul Biya lui-même. De Engelstalige delegatie bestaat voornamelijk uit de gouverneurs van de Engelstalige provincies – ambtenaars die werden aangeduid door Yaoundé. De perceptie in Engelstalige kringen is dan ook dat dit geen dialoog is, maar een monoloog. Een monoloog die voornamelijk gericht is op het witwassen van Biya’s regime voor het oog van de internationale gemeenschap.

Daarnaast is er ook een delegatie aanwezig die zichzelf presenteerde als ex-strijders van de rebellengroep Ambazonia Defence Forces. Maar verschillende aanwezige politici en journalisten beweren dat het betaalde acteurs zijn. Verschillende journalisten klagen dat hen de toegang tot de conferentie werd ontzegd – zelfs nadat ze geaccrediteerd waren door het ministerie van Communicatie.

Een van de belangrijkste discussiepunten tot nu toe bleek – geen verrassing – de staatsvorm van Kameroen te zijn. De Engelstalige delegatie pleitte voor een twee-, dan wel tiendelige federatie, terwijl de Franstalige delegatie pleitte voor meer decentralisatie. De gemoederen liepen zodanig hoog op dat een politie-interventie nodig was.

Verschillende belangrijke figuren verlieten de gesprekken intussen. Onder hen oppositieleider Jean-Jacques Ekindi, die in een kort telefoongesprek met de gezaghebbende journaliste Mimi Mefo verklaarde dat hij ‘met niemand wilde botsen’. Ook de invloedrijke advocaat Akere Muna trok de deur achter zich dicht. Hij verklaarde dat de staatsvorm en de vrijlating van de politieke gevangenen deel zouden moeten uitmaken van de gesprekken.

Op drie oktober kondigde president Biya andermaal aan gevangenen te zullen vrijlaten — ditmaal 333. Toch interpreteren weinig mensen dit als een uitgestoken hand. ‘Too little, too late. Ze zouden in de eerste plaats nooit in de gevangenis hebben moeten gezeten’, wordt gehoond op sociale media. Tegelijk stellen velen zich de vraag of de gevangen uit de vorige massa-amnestie (289 gevangenen, eind 2018), wel degelijk allemaal zijn vrijgelaten.

Tegelijk blijft de vaststelling dat er zelfs na hun vrijlating nog steeds zo’n 700 mensen achter de tralies zullen zitten — waaronder zo goed als alle politieke kopstukken.

Intussen op het terrein

Pro-onafhankelijkheidsstrijders, die niet aanwezig zijn in het conferentiecentrum, sloegen uit onvrede terug met intensere ghost town-acties in de oorlogszone. Daarbij wordt het volledige publieke leven in Engelstalige dorpen en steden platgelegd. In de provincie Northwest werd het afgehakte hoofd van een cipier van de gevangenis van Bamenda op straat teruggevonden.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Volgens Mimi Mefo bestormde het leger het dorp Munyenge op de vooravond van de aftrap van de Nationale Dialoog.

Volgens Mimi Mefo bestormde het leger het dorp Munyenge op de vooravond van de aftrap van de Nationale Dialoog. Tien dagen daarvoor werd het dorp al eens geraid, waarbij vijf doden vielen. De tweede aanval beoogde de gevluchte inwoners, die zich na de eerste aanval schuilhielden in de jungle.

In het dorp Owe werd op diezelfde dag de ADF-commandant Obi gedood in een aanval. Dat bericht werd bevestigd door rebellenleider Lucas Cho Ayaba.

Intussen gingen op één oktober ook de feestelijkheden van start ter gelegenheid van Ambazonië – dat twee jaar geleden eenzijdig onafhankelijk werd verklaard. Rebellenleider Ayaba ordonneerde een militaire parade in uniform en het te berde brengen van het volkslied. ‘In veilige gebieden moet de bevolking deelnemen aan de parade. In de gevechtszones moeten onze gewapende troepen de vijand opzoeken’, klinkt het.

Op videobeelden is te zien hoe een groep van een veertigtal strijders marcheren, zwaar uit de maat en in een samenraapsel van uniformen. De strijders tellen vrouwen onder de rangen. Ze zijn zwaarbewapend. We zien kalasjnikovs en wapens die lijken op Belgische FN FAL’s en shotguns. Dat spreekt andere, vroegere berichten tegen. Die stellen dat de rebellen het moeten zien te rooien met huis-, tuin- en keukenwapentuig. Ze worden gadegeslagen en toegejuicht door dichte drommen burgers.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur