160 miljoen mensen dreigen uitgesloten te worden

Vaccineren wordt nachtmerrie in Afrikaanse conflictgebieden

AU-UN IST Photo / Stuart Price (CC0)

Oegandese en Burundese soldaten tijdens de Somalische missie van de Afrikaanse Unie (AMISOM) 2012.

Het gevoel dat vaccinatie geen prioriteit is, wantrouwen tegenover een “buitenlands medicijn” en de dreiging van aanslagen: het zijn maar enkele van de uitdagingen waarmee gezondheidswerkers te maken krijgen nu ze miljoenen mensen in Afrikaanse conflictgebieden willen vaccineren.

De Somalische veehoeder Omar Hussein (een alias, nvdr) doet niet mee aan de wereldwijde race om een ​​COVID-19-vaccin. Hij betwijfelt zelfs of de prik zijn belegerde stad in het zuidwesten van Somalië zal bereiken.

Voordat we het vaccin krijgen, hebben we andere dingen nodig. We hebben voedsel, water, gezondheidszorg en onderdak nodig.’

Hussein, die een groot deel van zijn leven heeft gewoond in een volatiele regio, geïnfiltreerd door aan Al Qaeda gelinkte islamitische groepen, heeft grotere problemen aan zijn hoofd.

‘Ik weet dat COVID-19 een moordenaar is, dat weet iedereen’, zegt de vader van drie. ‘Het heeft velen gedood in westerse landen, maar niet hier dankzij God. Voordat we het vaccin krijgen, hebben we andere dingen nodig. We hebben voedsel, water, gezondheidszorg en onderdak nodig. Onze mensen sterven vanwege basisbehoeften. We hebben het vaccin pas nodig als we worden bevrijd.’

Veel obstakels

Miljoenen mensen in conflictgebieden in Afrika, van Somalië en Zuid-Soedan tot Libië en Nigeria, denken er net zo over.

‘De kans om het vaccin te bemachtigen mag niet worden bepaald door waar iemand woont of hoeveel geld die heeft’

Of het nu gaat om dringender prioriteiten, angst voor “buitenlandse” geneesmiddelen of de voortdurende dreiging van aanslagen - er zijn veel obstakels voor de vaccinatie van mensen in conflictgebieden, zeggen hulporganisaties.

Hulpverleners zijn bang dat, wanneer de nationale vaccinatieplannen starten, mensen als Hussein vergeten zullen worden.

‘Vaccins moeten voor iedereen beschikbaar zijn en de kans om het vaccin te bemachtigen mag niet worden bepaald door waar iemand woont of hoeveel geld die heeft’, zegt Sean Granville-Ross, Afrika-directeur van de internationale liefdadigheidsinstelling Mercy Corps.

‘We moeten de meest kwetsbaren erbij betrekken - onder wie mensen die in conflictgebieden wonen. Zij hebben sneller te kampen met discriminatie en marginalisatie en dreigen zo over het hoofd gezien te worden.’

Hogere risico’s

De Wereldbank schat dat 2 miljard mensen - een kwart van de wereldbevolking - in landen wonen waar de ontwikkelingsresultaten worden beïnvloed door kwetsbaarheid, conflicten en geweld (fragility, conflict and violence of FCV).

Van de 39 landen op de FCV-lijst van de Wereldbank zijn er 21 Afrikaans. Het gaat onder meer om Burkina Faso, Kameroen, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Mozambique en de Democratische Republiek Congo.

De risico’s zijn er al hoger als gevolg van krappe, overvolle levensomstandigheden, gebrek aan schoon water of sanitaire voorzieningen en een gezondheidszorgsysteem dat door conflicten onder zware druk staat, zeggen organisaties. Als er uitbraken zijn in die landen, verspreiden ze zich snel.

Staakt-het-vuren

Ten minste 150 gezondheidswerkers lieten het leven, meer dan 500 raakten gewond en ongeveer 90 werden ontvoerd.

Gewoon al de vaccins naar de betwiste en vaak afgelegen gebieden krijgen is moeilijk. Voeg daaraan nog de uitdaging toe om miljoenen mensen te bereiken die op de vlucht zijn voor geweld, en je krijgt een idee van de omvang van het vaccinatieprobleem.

Een tweede obstakel: hoe geraak je er. In veel conflictgebieden is de basisinfrastructuur verloren gegaan. Wegen, bruggen, telecommunicatie, elektriciteit: ze kunnen allemaal kapot of zwaar gehavend zijn.

Maar de grootste hindernis is de onzekerheid, waarbij gezondheidswerkers dood, verwonding of ontvoering riskeren.

Volgens de Safeguarding Health in Conflict Coalition (SHCC) waren er in 2019 meer dan 1200 aanvallen op gezondheidswerkers, medische voorzieningen en voertuigen in twintig conflictlanden.

Ten minste 150 gezondheidswerkers lieten het leven, meer dan 500 raakten gewond en ongeveer 90 werden ontvoerd.

Zo staken Mai-Mai-milities een ebola-vrijwilliger neer in de DRC, werd een arts in Somalië gedood met een geïmproviseerd explosief in zijn voertuig, en deden Boko Haram-militanten een inval in een ziekenhuis in Kameroen, waarbij vier mensen omkwamen.

Hulporganisaties en verschillende landen pleiten daarom voor een staakt-het-vuren en veilige corridors om gezondheidswerkers toe te laten de meest kwetsbaren veilig te vaccineren.

160 miljoen uitgesloten

De Britse minister van Buitenlandse Zaken Dominic Raab zei woensdag op de VN-Veiligheidsraad dat 160 miljoen mensen het risico lopen te worden uitgesloten van vaccinaties als gevolg van conflicten, onder meer in Zuid-Soedan, Somalië en Ethiopië.

‘Lokale wapenstilstanden zijn essentieel om levensreddende vaccinaties mogelijk te maken. En ze zijn essentieel om de dappere gezondheidswerkers en humanitaire hulpverleners te beschermen die in ongelooflijk moeilijke omstandigheden in conflicten werken’, zei Raab.

‘In het verleden is dat ook gebeurd om de meest kwetsbare gemeenschappen te vaccineren - er is geen reden waarom we dit niet zouden kunnen’, zei hij, verwijzend naar een Afghaans vaccinatieprogramma tegen polio.

Desinformatie aanpakken

Maar ook dan is het pleit nog niet gewonnen, zeggen hulporganisaties. Zelfs als vaccins kunnen worden gekocht, vervoerd en afgeleverd in oorlogsgebieden, moeten ook de mensen zelf nog overtuigd worden om zich te laten inenten.

Door zwak bestuur worden mensen in conflictgebieden sneller blootgesteld aan verkeerde informatie en desinformatie. Geruchten - zoals dat het coronavirus alleen buitenlanders kan treffen of dat vaccinaties een middel zijn tot massale sterilisatie - gaan als een lopend vuurtje rond.

‘De gemeenschappen wantrouwen niet alleen het vaccin, maar ook wat hen wordt verteld, omdat ze echt niet weten of de informatie die ze krijgen correct is.’

Het vertrouwen is vaak moeilijker te winnen in een conflictgebied, zeggen hulporganisaties. De bevolking krijgt er vaker te maken met discriminatie, corruptie, marginalisering en verwaarlozing - vaak door de eigen regering.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Als mensen gezondheidscampagnes in verband brengen met regeringen, kan dat gebrek aan vertrouwen een vaccinatiecampagne snel dwarsbomen.

‘We moeten erkennen dat het vertrouwen in veel van deze contexten ontbreekt’, zegt Esperanza Martinez, hoofd Wereldwijde Gezondheid bij het Rode Kruis (ICRC). ‘De gemeenschappen wantrouwen niet alleen het vaccin, maar ook wat hen wordt verteld, omdat ze echt niet weten of de informatie die ze krijgen correct is.’

Volgens hulpverleners kunnen er lessen getrokken worden uit eerdere ebola-uitbraken in Afrika, waar liefdadigheidsinstellingen samenwerkten met gemeenschapsleiders om desinformatie te bestrijden en maatregelen zoals handen wassen te promoten.

Organisaties als Mercy Corps hebben bijvoorbeeld meer dan 15.000 “boodschappers” in Liberia opgeleid om verkeerde informatie in hun eigen dorpen te helpen bestrijden. Zo hebben ze 2,4 miljoen mensen bereikt.

In amper vijf maanden is de acceptatie in die gebieden gestegen van 15 naar 68 procent.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij IPS-partner Thomson Reuters News Foundation.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift