Europa ondermijnt Afrikaanse landbouw. Afrikaanse leiders geven niet thuis

Afrikaanse leiders wijzen te snel met een beschuldigende vinger in de richting van Europa wanneer het over de belabberde staat van de landbouw gaat. Imports zijn inderdaad deel van het probleem, zeggen boeren, maar de overheid onderneemt zo goed als niets om hen bij te staan.

© Daan Bauwens

Kippenmarkt in de Upper East Region, Ghana

In navolging van de vorige Ghanese president, die in New York de schuld voor massale migratie in de schoenen schoof van de Westerse dumping van kippenvlees, haalde ook huidig president Nana Akufo-Addo eerder dit jaar stevig uit naar de ‘schandalige imports uit het buitenland die jongeren het platteland doen verlaten om op zoek te gaan naar onbestaande jobs in de stad.’

Akufo-Addo deed de uitspraak in april tijdens de afkondiging van zijn programma Planting for Food and Jobs waarmee hij wil investeren in voedselzekerheid en de migratie van het platteland naar de stad tegen wil gaan. Het is geen toeval dat de president het programma bekendmaakte in Goaso, een kleine stad op het platteland op een uur ten zuiden van Sunyani, de hoofdstad van Brong-Ahafo.

Onderzoek toont aan dat geldgebrek en voedselonzekerheid op het platteland de belangrijkste oorzaken voor migratie in West-Afrika zijn.

Deze regio stond ooit bekend als de tomatengordel van het land tot buitenlandse imports de markt overnamen. Nu is Brong-Ahafo de regio waar een derde van de kippenvleessector gehuisvest is, een sector die na zware klappen door invoer vanuit Europa nog maar drie procent van de markt in handen heeft. Het is tegelijk de regio die het grootste aantal migranten en bootvluchtelingen voortbrengt.

Het programma wordt volledig gefinancierd door donoren. De Wereldbank heeft al 125 miljoen dollar beloofd voor de volgende vijf jaar. Canada draagt voor dit jaar alleen al 50 miljoen bij. In totaal zouden door steun aan de landbouwsector 750.000 jobs gecreëerd worden.

De aanpak van Akufo-Addo klinkt logisch. Onderzoek van het Wereldvoedselprogramma dat eerder dit jaar uitgevoerd werd toont aan dat geldgebrek en voedselonzekerheid op het platteland de belangrijkste oorzaken voor migratie in West-Afrika zijn. Het VN-voedselagentschap toonde in 2012 al aan dat economische groei in de landbouwsector in sub-Sahara Afrika elf keer zo efficiënt is in het reduceren van armoede als groei in eender welke andere sector.

© Daan Bauwens

Plattelandsweg in de Upper East Region, Ghana.

Mooi op papier, maar ondoordacht

De kans is echter groot dat het ambitieuze plan zijn doel voorbij zal schieten. De korting van vijftig procent op kunstmest die door het programma gefinancierd wordt speelt volgens lokale boeren vooral in het voordeel van smokkelaars die winsten gaan opstrijken in de buurlanden. De Ghana Agricultural Chamber of Commerce geeft intussen aan dat enkel boeren met landerijen groter dan vijf hectare in aanmerking komen voor subsidies, waardoor meer dan tachtig procent van de Ghanese boeren in de kou blijft staan.

‘Een pilootproject met 300.000 kippen kwam niet van de grond wegens een gebrek aan elektriciteit en technische mankementen’

Het programma lijkt volgens lokale boeren daarom erg hard op het Ghana Broiler Revitalization Project dat door de vorige president John Mahama in 2014 werd gelanceerd.

Dit verplichtte distributeurs van kippenvlees om 40 procent van het verwerkte kippenvlees bij lokale producenten te kopen en dan pas imports aan te kopen. Dat alles om de kippensector -ooit de tweede grootste werkgever in het land- nieuw leven in te blazen.

Ook dat programma klinkt mooi, maar bleek achteraf bijzonder ondoordacht. Verdelers waren van de ene op de andere dag verplicht om 40.000 ton kippenvlees uit eigen land te vinden. ‘Nooit geweten waar we die moesten halen’, zegt Kwame Akufo, directeur vleesproductie bij het Ghanese ministerie van Landbouw.

‘Een pilootproject met 300.000 kippen kwam zelfs niet van de grond wegens een gebrek aan elektriciteit en technische mankementen. Het programma loopt nog, maar niemand is aangesteld om de monitoring te doen.’

© Daan Bauwens

Kip op een kippenboerderij in Tema, Greater Accra Region

Een verloren zaak

Volgens Ghanese kippenboeren zijn de programma’s emblematisch voor het regeringsbeleid, of eerder het totale gebrek eraan. John Vinacour is al meer dan dertig jaar kippenboer in Tema, een stad op twee uur filerijden van hoofdstad Accra. Volgens Vinacour verschuilen politieke leiders zich al te gemakkelijk achter Westerse imports om hun eigen verantwoordelijkheid te verdoezelen.

‘We hebben een beleid nodig dat ons kan helpen te concurreren met het buitenland’, zegt hij, ‘maar een reactie van de regering op de stijging van de imports is vooralsnog uitgebleven.’

Slechte wegen waardoor een deel van de maïsoogst verloren gaat, absurd hoge rentevoeten op leningen voor landbouwers en een dalend aantal veeartsen.

‘De enige manier om de industrie te redden is door de douane-inkomsten te investeren in verwerkende infrastructuur’

Het zijn maar drie uit de lange lijst problemen die door de overheid opgelost kunnen worden en Ghanese landbouwers op meer gelijke voet met Europese producenten kunnen brengen. ‘Maar elke belangstelling voor onze zaak ontbreekt’, zegt Vinacour, ‘we hebben sterk de indruk dat de overheid het als een verloren zaak beschouwt.’

De indruk van de kippenboer wordt bevestigd door Vincent Amanor-Boadu, professor agribusiness aan Kansas State University die in 2016 een studie publiceerde over de staat van de Ghanese kippenindustrie. ‘De enige manier om de industrie te redden is door de douane-inkomsten te investeren in verwerkende infrastructuur’, zegt hij, ‘maar de inkomsten vloeien allemaal naar de schatkist.’

Ondanks de scherpe woorden van John Mahama in de VN aan het adres van buitenlandse kippenimport, werd toen en ook nu nog niets ondernomen om eigen sector te helpen. “Er staan inderdaad geen nieuwe investeringen in de kippensector gepland”, aldus de professor.

© Daan Bauwens

Boerderij verscholen tussen de heuvels nabij Bolgatanga, Ghana.

Zijn invoertarieven de oplossing?

De weinige investeringen die wel gebeuren, komen net als in het voornoemde plan van president Akufo-Addo uit het buitenland. Om een totale instorting van de industrie tegen te gaan heeft de VS twee jaar geleden 56 miljoen dollar geïnvesteerd om de prijs van kippenvoeding te doen dalen. Het valt te betwijfelen of dit zal volstaan.

Ghana beschikt op dit moment nog over ongeveer 1500 commerciële kippenboerderijen. Er gaan er meer failliet dan er nieuwe opstarten.

Ghana beschikt op dit moment nog over ongeveer 1500 commerciële kippenboerderijen. Er gaan er meer failliet dan er nieuwe opstarten.

Om te verhinderen dat kippenboeren volledig uitsterven, raadden onderzoekers van de Universiteit van Ghana in 2015 nog aan om naast nieuwe investeringen de importtarieven dringend op te trekken.

Dat is sinds kort echter onmogelijk door toedoen van Europa. Het Economisch Partnerschapsakkoord dat Ghana vorig jaar tekende “beschermt” de kippensector. Dit betekent dat het huidige importtarief mag behouden worden. Het optrekken ervan wordt daarentegen door het akkoord quasi onmogelijk gemaakt, met alle gevolgen vandien voor de kippensector.

Economische schok

Terug naar het uitgangspunt van het dossier: is Europese dumping verantwoordelijk voor migratie? De tomaten- en kippencases laten overtuigend zien dat er wel degelijk een invloed bestaat. De beschreven dumping kende echter de grootste stijging rond de eeuwwisseling en de effecten - waaronder een stijging van armoede en migratie, onder meer naar Europa - bleven vele jaren nazinderen. 

Analisten leggen de oorzaak van deze spectaculaire stijging bij de economische schok die Ghana de laatste jaren meemaakt

Dumping geeft echter geen verklaring voor de plotse en heel recente toename van Ghanese migranten op Italiaanse kusten. In de jaren 2013 en 2014 strandden er meer Ghanezen op Europese stranden dan Libiërs. Met 4431 bootvluchtelingen die in 2015 de oversteek haalden werd Ghana dat jaar het elfde meest voorkomende land van oorsprong. In 2016 stegen de cijfers tot 5363, een derde meer. Dit jaar hebben tot eind september al 4650 personen uit Ghana een asielaanvraag ingediend.

Analisten leggen de oorzaak van deze spectaculaire stijging bij de economische schok die Ghana de laatste jaren meemaakt. In 2011 startte het land met de commerciële exploitatie van haar olievelden, wat meteen resulteerde in een economische groei van 15 procent, het hoogste percentage van de wereld in dat jaar.

Toen één van die olieprojecten het jaar erop niet de verwachte kwantiteit opleverde, had het drastische gevolgen voor de Ghanese schatkist. Die kwam ineens 410 miljoen dollar te kort. Door de invoer van een nieuw salarisschema steeg het kostenplaatje van de publieke sector, werd het begrotingstekort nog veel groter en ging de inflatie de lucht. Het land wordt nu bijgestaan door het Internationaal Monetair Fonds om de economische stabiliteit terug te brengen.

‘Worstelen met een reus’

Voormalig president John Mahama had dus ongelijk tijdens zijn speech voor de VN afgelopen jaar. Hij verborg de economische mismeestering van zijn land achter het dumpingverhaal. “Steeds hetzelfde verhaal: eerst beschuldigen, dan bedelen”, vat Philip Abayori, directeur van de Ghana Agricultural Chamber of Commerce, de logica van de Ghanese beleidsmakers samen.

Volgens Abayori zal de ondertekening van het Economische Partnerschap met Europa geen economische voorspoed brengen en de bedellogica nog meer versterken. “De handel wordt vrijgemaakt tussen een erg wankele economie en één van de sterkste economieën ter wereld”, zegt hij, “het valt te betwijfelen of wij erop vooruit zullen gaan. Het is als worstelen met een reus. En dan ga je achteraf komen zeggen dat je niet had gezien dat hij sterker was?”

Dit artikel kwam mede tot stand dankzij de steun van Journalismfund.eu / Flanders Connects Continents.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3091   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift