Het witte goud als wondermiddel voor transitie

Boliviaans lithium, onze energietransitie en een staatsgreep in de Andes

OBT - Coordenação-Geral de Observação da Terra (CC BY-SA 2.0)

Een lithiummijn op de Salar de Uyuni-zoutvlakte in Bolivia, vanuit de lucht gezien. Het witte oppervlak is een zoutkorst, de blauwgroene gebieden zijn bedekt met pekel.

Bolivia beschikt over immense lithiumvoorraden, volgens sommigen de grootste van de wereld. Lithium is een strategische grondstof bij de omschakeling naar elektrische vervoersmiddelen.

Drie opmerkelijke vaststellingen uit de afgelopen lockdown-periode. Eén, de olieprijs was historisch laag en ging zelfs onder nul. Twee, oliegigant BP beslist een deel van zijn olievelden niet verder te ontwikkelen. En drie, de verkoop van elektrische fietsen steeg. Zijn we nu echt op weg naar een koolstofarme samenleving?

Tegen 2050 moeten we daar in elk geval aanbeland zijn, willen we de temperatuurstijging van de aarde beperken tot 1,5 graad Celsius in vergelijking met het pre-industriële tijdperk.

Voor die energietransitie zijn cruciale grondstoffen nodig, zoals lithium, kobalt en zogenaamde zeldzame aarden. De landen die deze bodemrijkdommen bezitten maken zich op voor de stijgende vraag op de wereldmarkt.

Maar onze energietransitie mag niet gebeuren op de kap van het Zuiden, waarschuwden noord-zuidorganisatie 11.11.11, Broederlijk Delen, Bond Beter Leefmilieu en enkele andere organisaties onlangs nog in een gezamenlijk rapport. Grondstofontginning is in deze landen al te vaak een race to the bottom geweest, met als gevolg dat de lokale bevolking er niet rijker, maar net armer van werd. De Bolivianen hebben dat goed begrepen.

Lithiumproductie in eigen handen

Sinds de kolonisatie is Bolivia, dat wel eens “een parel van de geologie” wordt genoemd, exporteur van grondstoffen. Vooral van goud, zilver en tin. Voor het grootste deel van de bevolking resulteerde dit in bittere armoede en een onzeker en ongezond bestaan.

Toen Evo Morales in 2006 aan de macht kwam als president, was hét speerpunt van zijn beleid dat hij die logica zou omkeren. Hij onderhandelde opnieuw over de contracten met de buitenlandse olie- en gasmaatschappijen, zodat er een groter deel van de koek terugvloeide naar de Boliviaanse staatskas, voor pensioenen, onderwijs en gezondheidszorg. In de nieuwe grondwet van 2009 werden de natuurlijke rijkdommen omschreven als ‘strategisch en van algemeen belang’.

Het witte goud van Latijns-Amerika

Het overgrote deel van de mondiale lithiumvoorraden (volgens sommige cijfers wel 85 procent) bevindt zich in de “lithiumdriehoek” Argentinië, Chili en Bolivia. In tegenstelling tot Australië, waar lithium wordt ontgonnen uit steen, is de exploitatie in het hart van Zuid-Amerika minder gecompliceerd, omdat lithium er uit zoutvlaktes gewonnen wordt.

In Chili en Argentinië wordt al jarenlang lithium ontgonnen en is de productie hoofdzakelijk in handen van buitenlandse bedrijven. In Bolivia was het nog onontgonnen terrein op het ogenblik dat Evo Morales in 2006 aan de macht kwam.

Onlangs werden ook lithiumvoorraden ontdekt in Sonora, Mexico, in gelijkaardige omstandigheden als in de lithiumdriehoek.

Tot voor kort werd lithium in relatief kleine hoeveelheden geëxploiteerd, voor gebruik in de glas- en porseleinproductie en in de farmaceutische industrie. Maar sinds kort is het een strategische grondstof voor de productie van lithium-ionbatterijen, voor elektrische wagens en voor de opslag van wind- en zonne-energie, cruciaal voor onze energietransitie.

België importeert lithium voornamelijk uit Chili (85,1 procent). Andere belangrijke exporteurs zijn Argentinië en de Verenigde Staten.

De 5 belangrijkste spelers op de lithiummarkt vandaag zijn:

  • Albemarle, een Amerikaans bedrijf werkzaam in Australië, Chili en de VS
  • Jiangxi Gangeng Lithium, een Chinees bedrijf werkzaam in Argentinië en Ierland
  • Livent Corporation, een Amerikaans bedrijf werkzaam in Argentinië
  • Sociedad Química y Minera de Chile (SQM), een Chileens bedrijf werkzaam in Chili
  • Tianqi Lithium Corporation, een Chinees bedrijf werkzaam in Australië, Chili en China


Er werd ook een nationale strategie uitgewerkt voor de industrialisering van het lithium in de Salar de Uyuni, de grootste zoutvlakte ter wereld. De strategie bestond uit drie fases.

De eerste fase omvatte de ontwikkeling van een pilootproject in Llipi, voor de initiële productie van lithiumcarbonaat. Dat bedrijf, de Planta Llipi, werd in 2013 ingehuldigd.

In de tweede fase ging men van start met de productie van lithiumcarbonaat, kaliumchloride en kaliumsulfaat op industriële schaal. De bedoeling was om hiermee zelfstandig de wereldmarkt te bevoorraden. In 2017 werd hiervoor het staatsbedrijf voor lithiumverwerking opgericht: Yacimientos de Litio Boliviano (YLB).

De derde fase zou dan bestaan uit de ontwikkeling van het afgewerkte product: hoogtechnologische lithium-ionbatterijen. Daarvoor moest Bolivia op zoek naar een strategische partner met de nodige knowhow. Na een grondige prospectie en afweging sloot Morales begin 2019 een akkoord met het Duitse ACI Systems, waarbij de Boliviaanse staat 51 procent van de aandelen zou behouden.

Het doel van de samenwerking met ACI Systems was om een bedrijf te installeren voor de productie van kathodematerialen en ion-lithiumbatterijen, op basis van het pekelresidu uit de zoutvlaktes. De afgewerkte producten zouden dan aan Europa verkocht worden. De grondstoffen en het productieproces zouden in Bolivia blijven.

Daarnaast tekende Morales vorig jaar ook een voorakkoord met het Chinese consortium Xinjiang BEA Group-Baocheng, voor de bouw van lithiuminstallaties in de zoutvlaktes van Coipasa en Pastos Grandes. De bedoeling is dat hier een soort pekel geproduceerd wordt voor metallisch lithium. Dat wordt gebruikt in spitstechnologie, onder andere bij BYD, de Chinese producent van elektrische wagens en tegelijk de grootste consument van lithiumcarbonaat en alle industriële producten daarvan afgeleid. In juni 2019 ondertekenden Morales en de Chinese president Xi Jinping nog een uitgebreid strategisch samenwerkingsakkoord.

Half oktober vorig jaar, enkele dagen voor de controversiële presidentsverkiezingen in Bolivia, huldigde Morales in Potosí een nieuw technologisch instituut in, gespecialiseerd in lithiumtechnologie. Bij die gelegenheid werd ook de Quantum op de markt gebracht, de eerste elektrische auto die honderd procent in Bolivia gemaakt werd, door het bedrijf Quantum Motors.

Voorwaarden en bezwaren

Weinig spelers konden overhaald worden tot samenwerking aan de voorwaarden van de Boliviaanse overheid.

Dat Morales erin geslaagd was het Duitse bedrijf te overtuigen van de samenwerking, aan die voorwaarde van 49 procent participatie, was helemaal niet vanzelfsprekend. Verschillende bedrijven opperden bezwaren, zoals de politieke instabiliteit in Bolivia en het feit dat ze zich moesten engageren zonder een meerderheidsaandeel te hebben.

Een ander bezwaar was het feit dat niet de grondstof vervoerd zou moeten worden naar de plaats van productie van de wagens, maar wel de zware, afgewerkte batterijen. Tot slot waren voor sommige bedrijven de eisen van milieu- en mensenrechtenorganisaties en van inheemse gemeenschappen ook een drempel om toe te happen.

Vandaar dat er weinig spelers met de nodige technologische kennis overhaald konden worden, aan de voorwaarden die de Boliviaanse overheid stelde. Ook al is in het klimaatakkoord ook een engagement opgenomen voor technologieoverdracht van het globale Noorden naar het Zuiden.

Een lithiumcoup?

Het lithiumproject met de eerste Boliviaanse elektrische wagen zag er voor Morales veelbelovend uit, tot aan de aanloop naar de verkiezingen van 20 oktober vorig jaar. In de loop van oktober kwam het burgercomité van de mijnstad Potosí ineens met allerlei bezwaren tegen het contract met het Duitse bedrijf, dat maanden eerder was afgesloten.

De inwoners van Potosí, onder leiding van voorzitter Marco Pumari, vonden dat de deal onvoldoende opleverde: drie procent aan royalties. Ze dwongen Morales onder aanhoudende protesten om het contract met het Duitse bedrijf te annuleren.

Morales bezweek en maakte op 3 november bekend dat hij het akkoord met het Duitse bedrijf zou opzeggen. Ruim een week later, op 10 november, vluchtte Morales het land uit, nadat het leger hem had “aanbevolen” om zich uit de voeten te maken.

De vraag rijst of er een verborgen agenda was achter de protesten die een hogere return van het ontginningsproject eisten. Hebben binnen- of buitenlandse machtsgroepen hier opzettelijk chaos gecreëerd? De leider van de protesten, Marco Pumari, presenteerde zichzelf eind december als kandidaat-vicepresident, aan de zijde van de rechtse presidentskandidaat Luís Fernando Camacho uit Santa Cruz.

Voor sommigen was het vertrek van Morales zonder twijfel een staatsgreep, ingegeven door de Verenigde Staten. Meer nog: het zou een lithiumcoup zijn, opgezet door de VS, die azen op Bolivia’s lithium.

Tesla-fabrikant Elon Musk is nauw bevriend met de Amerikaanse president Donald Trump, dat klopt. Op het moment dat de protesten om de moord op George Floyd in Minneapolis hoog oplaaiden, vond Trump het belangrijker om aanwezig te zijn op de lancering van de eerste commerciële raketvlucht Space X en zo zijn vriend Musk een hart onder de riem te steken.

Met het aantreden van de regering-Añez lijken er ook plannen te groeien voor een privatisering van het Boliviaanse Lithiumbedrijf.

Over het vertrek van Evo Morales uit Bolivia heeft de Ecuadoraanse econoom Alberto Acosta een uitgesproken mening. Costa specialiseert zich in de ontginning van grondstoffen in Latijns-Amerika en wegen naar alternatieven voor ontwikkeling. ‘Wat er gebeurd is noem ik een staatsgreep, omdat er een duidelijke breuk is gekomen’, vindt hij.

‘Maar Morales heeft de omstandigheden hiervoor volledig zelf gecreëerd. Hij heeft zelf de inheemse beweging in Bolivia verzwakt, onder meer door het conflict over de weg door het natuurgebied TIPNIS. Bovendien had hij zich niet voor een vierde keer kandidaat moeten stellen om president te worden, al zeker niet na de nederlaag bij het referendum dat hierover ging. Bovendien was er ongetwijfeld manipulatie in het spel bij de verkiezingen.’

Lithium en de inzet van de verkiezingen

Met het aantreden van de regering-Añez is de directie van het Boliviaans Lithiumbedrijf YLB vervangen. Er lijken ook plannen te groeien voor een privatisering van het bedrijf.

Luis Arce Catacora, de presidentskandidaat voor de partij MAS, was in de regering Morales minister van Economie. Hij maakt zich sterk dat hij zal doorgaan met het lithiumproject als hij verkozen wordt bij de komende verkiezingen. Interimpresidente Jeanine Añez heeft vorige zondag 21 juni bekendgemaakt dat die verkiezingen zullen gehouden worden op 6 september. Ze wilde de verkiezingen zelfs later organiseren, mar dat voorstel stuitte op protest uit de Boliviaanse senaat: die wilde geen latere datum aanvaarden.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
De bekendmaking van Añez komt er onder druk van toenemende politieke polarisering, vooral in El Chapare, het bolwerk van Evo Morales, en onder druk van aanhoudende protesten van de bevolking. Die is misnoegd over de aanpak van de coronacrisis: er is een tekort aan medisch materiaal en broodnodige ondersteuning, maar er zijn ook meer armoede en werkloosheid door de lockdown.

Volgens MAS-kandidaat Arce kan de lithiumindustrie Bolivia jaarlijks 4,5 miljard dollar opleveren. Het kan onmogelijk de bevoegdheid zijn van een overgangsregering zoals die van Jeanine Añez om zo’n belangrijke beslissing als het privatiseren van het lithium te nemen, aangezien dit een beslissing is die structureel is voor de Boliviaanse economie.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2630   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.