China danst de samba in Latijns-Amerika

Latijns-Amerika wekt China’s interesse om zijn voorraad aan natuurlijke rijkdommen, meer bepaald soja en granen, ijzererts en olie uit Brazilië. Maar China importeert ook olie uit Venezuela en Ecuador. Maar Latijns-Amerika heeft één groot nadeel: de natuurlijke barrières van het Amazone- en Orinocobekken en de overweldigende Andes zorgen voor een gebrekkige wegeninfrastructuur.

China is vastbesloten die hindernis weg te werken en stevig te investeren in Latijns-Amerikaanse infrastructuurwerken.

De vorig jaar opgerichte Aziatische Investeringsbank voor Infrastructuur en het (Latijns-Amerika & Caraïben) LAC-China Infrastructuurfonds moeten helpen om die investeringen mogelijk te maken.

De Superhaven van Açu, in de Braziliaanse deelstaat Rio de Janeiro, is het vertrekpunt van de transcontinentale spoorlijn die de Atlantische kust van Brazilië met de Stille Oceaan in Peru moet verbinden.

De haven van Açu is een megaproject van een slordige 2,10 miljard euro die sinds oktober 2014 in werking is. De haven ligt langs de kustlijn van Rio, op een oppervlakte dat even groot is als 12.000 voetbalvelden en is specifiek gericht op de export van grondstoffen.

De haven van Açu geldt als het meest zichtbare symbool van China’s aanwezigheid in Zuid-Amerika en heeft capaciteit voor 380 meter lange boten, de Chinamax, die zo’n 400 000 ton vrachtvoer kunnen verschepen.

Vorig jaar is bij het Chinese staatsbezoek de tripartite overeenkomst tussen Peru, Brazilië en China voor de transcontinentale spoorlijn getekend, met een kostenplaatje van 10 miljard dollar.

Het bedrijf dat geïnteresseerd is in de uitvoering heet China International Water & Electric (CWE) en is in meer dan 30 landen actief. Het is een dochterbedrijf van de China Three Gorges Corporation, een van de grootste Chinese multinationals.

Het voorgestelde traject loopt van de Braziliaanse haven Açu in Rio de Janeiro door de staten Mato Grosso, Goiás, en Rondonia om in Acre de grens met Peru te bereiken.

Voor het traject in Peru zijn er twee opties: de Fetras-lijn die zou lopen over Madre de Dios, Cusco, Puno en Arequipa.

Er bestaat ook een ontwerp voor een meer noordelijke lijn, de Fetab- lijn (Ferrovía Transcontinental Brasil-Perú) van Piura, over Cajamarca, Amazonas, San Martín, Pasco, Huánuco en Ucayali naar Brazilië

Eens de spoorlijn er is, zou de prijs van bijvoorbeeld graan met 30 dollar per ton kunnen dalen.

Het project zou over zes jaar klaar moeten zijn. Of dat gaat lukken is maar de vraag want de milieu-impactstudies moeten nog opgezet worden. De aanleg zal ook niet zonder slag of stoot gaan omwille van het verzet van de lokale bevolking. Zo’n 600 inheemse gemeenschappen zullen door het project hun natuurlijke habitat zien veranderen. Zij vragen op de eerste plaats om duidelijk geïnformeerd en geconsulteerd te worden.

Coca Codo

China is ook betrokken bij talrijke andere infrastructuurprojecten van wegen, pijpleidingen en energiecomplexen in Zuid-Amerika. In Ecuador bijvoorbeeld is er het Coca Codo Sinclair project voor hydro-elektriciteit in het Amazonebassin, op de grens van de provincies Napo en Sucumbios mogelijk gemaakt met Chinees kapitaal.

Tweeduizend mensen zullen getroffen worden en de grootste watervallen van Ecuador zullen waarschijnlijk droogvallen.

Dit is het grootste energiecomplex in de geschiedenis van Ecuador, met een installatie van 1500 megawatt. De centrale zou jaarlijks gemiddeld 8,63 gigawatt per uur moeten produceren. Dit komt overeen met 44 procent van de elektriciteitsbehoeften van het land en past in de energietransitie die Ecuador wil maken om thermische (op olie gestookte) centrales te vervangen door hydro-elektrische stroom.

De uitvoerder en eigenaar van dit project is het Cocasinclair EP, een Ecuadoraans staatsbedrijf dat in 2010 speciaal voor dit project is opgericht.

De grootste kritiek op het project is dat tweeduizend mensen die in de streek wonen, getroffen zullen worden door de werken en dat het risico zeer reëel is dat de San Rafael watervallen, de grootste van Ecuador, zullen droogvallen door dit project. De centrale zou dit jaar klaar moeten zijn.

Ortega’s droom

Het meest opzienbarende Chinese project in Centraal-Amerika is het Nicaraguakanaal, door president Daniel Ortega met veel poeha gepromoot als megaproject om Panama, dat in de loop van dit jaar zijn vernieuwde kanaal opent, de loef af te steken.

De droom van zo’n tweede interoceanisch kanaal in de istmus is zo oud als Nicaragua zelf. Met de hulp van China hopen de Nicaraguanen dat die droom in vervulling kan gaan.

In maart 2012 keurde het Nicaraguaanse parlement, waar het regerende FSLN een meerderheid heeft, een wet goed voor de aanleg van zo’n kanaal en in juni 2013 verwierf zakenman Wang Jing van het Chinese bedrijf Hong Kong Nicaragua-Canal Development Group (HKND) de hele landstrook in concessie voor 50 jaar, verlengbaar met nog eens 50 jaar.

Het Grote Kanaal zoals de Nicaraguanen het noemen, zou met zijn 280 km ruim drie keer zo lang zijn als het Panamakanaal en twee keer zo diep. Bij de werken zou 4,5 miljard kubieke meter grond verplaatst worden, de grootste grondverplaatsing ooit op aarde. Heel die klus zou op vijf jaar tijd moeten geklaard worden, voor een bedrag van 50 miljard dollar, evenveel als vijf keer het bnp van Nicaragua.

Het megaproject bestaat eigenlijk uit een cluster van projecten. Behalve het kanaal zelf omvat het ook een haven aan beide kanten, een oliepijplijn, een vrijhandelszone, een internationale luchthaven, meer dan 6.500 km nieuwe wegen, twee bruggen en een aantal toeristische complexen.

Sue Kellerman (CC BY-NC-ND 2.0)

Het meest opzienbarende Chinese project in Centraal -Amerika is het Nicaraguakanaal, door president Daniel Ortega met veel poeha gepromoot als megaproject om Panama de loef af te steken.

Megalo-waan project

Op 22 december 2014 gingen – weliswaar onder hevige protesten van de betrokken bewoners – de eerste werken van start. Men schat dat zo’n 7.000 gezinnen getroffen zullen worden, in totaal zo’n 30.000 mensen, die een nieuwe woonplaats moeten zoeken.

Toch is het nog helemaal niet zeker dat dit kanaal er ook echt komt. De milieu-impactstudie die door het bedrijf was besteld, is in juni vorig jaar door wetenschappers van verschillende universiteiten met de grond gelijk gemaakt als niet transparant en volkomen ontoereikend. Ook de situatie van geldschieter Wang Jing oogt niet zo fraai sinds zijn telecombedrijf Xinwei Telecom Technology Group zware klappen kreeg op de Chinese beurs. De kans is reëel dat het megaproject gereduceerd wordt tot de verschillende “droge” onderdelen.

 

 

Dit artikel werd geschreven voor het lentenummer van MO*magazine. Voor slechts €20 kan u hier een jaarabonnement nemen!

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.