De Leeuw van Al-Assad in São Paulo

Willemjan Vandenplas ontmoet Eduardo Elias (71) in de bijna honderd jaar oude Club van Homs in São Paulo. ‘Ik weet uit welk land jij komt, het zit daar vol met Syriëstrijders’, is zowat de openingszin van een acht uur durend gesprek met een van de spilfiguren van de Braziliaanse Syriërs. São Paulo is een zustergemeente van Damascus, en Elias verbroedert graag met het regime van Bashar Al-Assad.

  • © Willemjan Vandenplas 'Er zijn 13 miljoen Arabische afstammelingen in Brazilië. Bijna 5 miljoen van hen zijn Syrische afstammelingen. De Brazilianen noemen hen Turken, maar er zijn eigenlijk weinig Turken in Brazilië.' © Willemjan Vandenplas

Eduardo Elias (71) draagt een maatpak met bretellen en een speld met de officiële vlag van Syrië op de revers, en hij rookt traditionele Braziliaanse tabak in rieten blaadjes.

Elias is een spilfiguur van de Syrisch-Libanese gemeeschap in São Paulo en speelt een sleutelrol in de relaties tussen het regime in Damascus en de Braziliaanse regering.

Ik heb afspraak met Eduardo Elias in de bijna honderd jaar oude Club van Homs in São Paulo.  Hij inviteert me om samen iets te eten in het Arabisch restaurant van de Club. Vanaf de eerste zinnen van wat een acht uur durend gesprek zou worden over de Syrische gemeenschap in São Paulo en de relaties tussen São Paulo en Syrië, maakt hij duidelijk waar hij staat. Er is in Syrië geen sprake van een revolutie, zegt hij, maar van een aanval door buitenlandse huurlingen. Zijn waardering voor het Baath-regime, dat nu al veertig jaar aan de macht is in Damascus, is door de burgeroorlog zeker niet verminderd.

Elias is voormalig voorzitter van de Organisatie van Arabische Groepen (FEARAB) in Brazilië en huidig voorzitter van de FEARAB in São Paulo komt oorspronkelijk uit Homs, de plaats waar de meeste Syrische christelijke  immigranten in São Paulo vandaan komen. Hij werd in 2010 door toenmalig president Lula naar het Midden-Oosten gestuurd. Hij lijkt elke Arabische afstammeling op het continent met een beetje faam te kennen. Hij organiseerde een samenkomst van de Latijns-Amerikaanse FEARAB met vertegenwoordigers van de Syrische president Al-Assad in Antigua, Guatemala. Hij heeft een persoonlijke band met de secretaris-generaal van de Baath-partij in Syrië en hij kent Bashar Al-Assad persoonlijk. En hij is  een persoonlijke vriend van Bouthaina, de speciale gezant van het regime voor de diaspora.

‘Dus ik moest Arabisch leren om tegen mijn grootvader te kunnen spreken.’

Zijn grootvader kwam in 1908 aan in São Paulo en kreeg onmiddellijk een paspoort voor de hele familie. Twee jaar later arriveerde zijn driejarige zoon, de vader van Eduardo. Op dat moment kondigde de grootvader aan dat hij voortaan Braziliaan zou zijn en het Ottomaanse rijk zou vergeten, ‘want daar mochten we niet eens op het voetpad lopen.’ Toch leerde hij nooit Portugees en heeft hij zich nooit echt geïntegreerd. ‘Dus ik moest Arabisch leren om tegen mijn grootvader te kunnen spreken’, zegt Eduardo Elias. Toen hij in de jaren zeventig voor het eerst  naar Syrië ging, werd er echter met zijn negentiende-eeuwse dialect gelachen.

De Club van Homs is een van de opvallende instellingen die de aanwezigheid van de Syrisch-Libanese gemeenschap in São Paulo zichtbaar maakt.

Elias: Het eerste ontmoetingscentrum voor Syrische migranten in São Paulo was een kleine ruimte voor evenementen. In 1920 richten de Syrische immigranten de Club van Homs op, genoemd naar de Syrische stad waar de meeste Syriërs in São Paulo vandaan komen. Mijn grootvader was één van de stichtende  partners van de Club van Homs, zijn naam staat geschreven op een  grote steen aan de muur bij de ingang samen met de andere 400 partners.

Gedurende het bewind van Getulio Vargas (1930-45) moest elke Club in Brazilië met een buitenlandse naam van naam veranderen, maar dankzij de goede connecties van de Club van Homs met Vargas kon de Club haar naam behouden. Het symbool van de Club van Homs is de oorspronkelijke zwart-groene vlag van Syrië die werd vervangen door Hafez al-Assad, de vader van Bashar Al-Assad. Vandaag wordt deze gebruikt door de rebellen en de burgeractivisten tijdens de Syrische crisis.

Van oudsher huizen er verschillende meningen in de Club van Homs, maar iedereen is het erover eens dat het nationalistische geloof in Syrië voor eenheid zorgt. De Club is niet ideologisch ook al hangt er een groot portret van Bashar Al-Assad aan de muur. Het is officieel een club die de cultuur van Syrië promoot.  

De Syrische gemeenschap heeft nog andere opvallende initiatieven genomen in São Paulo?

Elias: Het beste ziekenhuis van Zuid-Amerika is het Syrische-Libanees ziekenhuis in São Paulo, dat werd opgericht door Syrische vluchtelingen in 1921. Hier worden alle politieke prominenten van het continent naartoe gevlogen.

‘Wat is dat voor een gemeenschap die niet eens voor haar eigen weeskinderen kan zorgen?’

En dan is er ook nog het weeshuis, dat ontstond om een groot aantal Syrisch-Libanese wezen op te vangen na de revolte van 1922 in São Paulo. De Syrische gemeenschap vroeg in eerste instantie hulp aan een Brits weeshuis maar kreeg als antwoord de vraag: ‘Wat is dat voor een gemeenschap die niet eens voor haar eigen weeskinderen kan zorgen?’ Daardoor begonnen twaalf Syrische families een weeshuis in São Paulo. Al de wezen kregen een baan in de 25 Maart-straat, die  tot op de dag van vandaag nog steeds de grootste Syrische straat is van de stad. De wezen moesten iedere maand een deel van hun loon afgeven aan het weeshuis. Het Syrische weeshuis bestaat nog steeds en het wordt nog steeds geleid door dezelfde twaalf families.

Is de Syrische cultuur nog te zien in het dagdagelijkse leven?

Elias: Er zijn 13 miljoen Arabische afstammelingen in Brazilië. Bijna 5 miljoen van hen zijn Syrische afstammelingen. De Brazilianen noemen hen Turken, maar er zijn eigenlijk weinig Turken in Brazilië.

Syrische Brazilianen gebruiken vaak Arabische woorden in hun “giria” of dialect. Veel Syriërs zijn  getrouwd met de leden van de Syrisch-Libanese Diaspora. Ik ben van de tweede generatie Syriërs en ik heb een Libanese vrouw.

Toen in 1973 Hafez Al-Assad aan de macht kwam in Syrië kreeg het politieke en culturele bewustzijn van de Syrische migranten in São Paulo een stimulans. Door de Club van Homs werden er reizen georganiseerd naar Syrië om de Syrische gemeenschap haar origine te laten ontdekken. Ik ben 27 keer op reis geweest naar Syrië en elke keer ging ik naar Homs. Er werden in de Club van Homs steeds meer culturele en culinaire activiteiten georganiseerd met typisch eten en dans. Ook meer Arabische afstammelingen begonnen weer Arabisch te leren.

U hebt Bashar Al-Assad ook ontmoet.

Elias: In juni 2010 deed Bashar Al-Assad een rondreis in Zuid-Amerika en Cuba. Hij deed daarbij ook São Paulo aan. Zijn doel was om de relaties tussen te Syrische gemeenschap in Zuid-Amerika en zijn land te reactiveren en de 2000 Syrische studenten in Cuba te bezoeken. Hij deelde anti-imperialistische politieke pamfletten uit om mensen te introduceren in de geopolitiek van het Midden-Oosten.

Al-Assad en zijn vrouw Asmaa waren in São Paulo. Toen ik Bashar Al-Assad ontmoette in de Club van Homs, maakte hij een verfijnde, intelligente en goed opgevoede indruk. Ik herinner mij goed dat zijn vrouw Asmaa me zei: ‘De Club van Homs is voor ons en het is onze thuis’, omdat zij ook van Homs is. Bashar Al-Assad nam de tijd om heel de gemeenschap toe te spreken, heel de Syrische gemeenschap was uitgenodigd. Het doel was om hun dichter bij hun origine te brengen. Ik was de laatste die hen persoonlijk sprak om 3u ’s nachts. Ik vroeg Al-Assad of hij niet moe was na tien uur handjes schudden en praten, terwijl hij juist van het vliegtuig kwam. Bashar antwoordde: ‘Ik ben blij om al deze nieuwe mensen te ontmoeten, wij kenden hier niemand, maar u stelde ons iedereen voor, hartelijk dank daarvoor.’ 

Heeft de Arabische Lente weerklank gekregen in São Paulo?

Elias: Het politieke en culturele bewustzijn is toegenomen bij de Syrische gemeenschap, en zeker bij de Palestijnse diaspora, die politiek veel actiever is in het buitenland. Ook de interesse in de Arabische taal is toegenomen om meer en rechtstreeks nieuws over Syrië te kunnen volgen, zonder afhankelijk te zijn van Amerikaanse persagentschappen zoals Reuters.

De Syrisch-Braziliaanse journalist Tammam Dabboul benadrukt dat de meeste Syrische Brazilianen onvoldoende informatie hebben om zich een politiek idee te vormen van de crisis in het “moederland”.  Dabboul was vroeger goede vrienden met  Eduardo Elias, maar sinds  de revolutie heeft hij met hem gebroken.

De echte breuklijn loopt tussen de nieuw aangekomen Syriërs -die voornamelijk tegen Al-Assad zijn- en de traditionele gemeenschap die pro Al-Assad is.

Van bij het begin van de Syrische crisis was de Syrische gemeenschap in São Paulo erg verdeeld. Volgens Elias staat zowat zeventig procent achter Al-Assad,  Syrische activisten houden het op zestig procent. De echte breuklijn loopt echter tussen de nieuw aangekomen Syriërs -die voornamelijk tegen Al-Assad zijn- en de traditionele gemeenschap die pro Al-Assad is. De reden voor de grote steun die het regime in Damascus krijgt van de traditionele Syrisch-Libanese gemeenschap in São Paulo, is net omdat ze schrik hebben dat er weer een grote immigratiegolf op gang gaat komen naar Brazilië.

Op dit moment vormen Syriërs al de grootste groep politieke vluchtelingen Brazilië. De orthodoxe gemeenschap is ook allesbehalve gerust in het lot van de minderheden in een post-Assad Syrië. Volgens Elias waren de christenen altijd beschermd door het Syrische regime, net als sjiieten en andere minderheden.

Hij is er van overtuigd dat de revolutie een opzet is van onder andere Saoedi-Arabië dat af wil van die minderheden. De bekeringsijver van Saoedi-Arabië veroorzaakt ook in Brazilië grote problemen, volgens Elias. Intussen zijn er ook vanuit Brazilië jihadisten naar Syrië vertrokken, een negentigtal, waarvan er naar verluidt al 37 dood zijn.

Lang niet iedereen is gelukkig met de pro-regimestandpunten van Eduardo Elias. Tijdens een van de demonstraties en sit-ins die georganiseerd werden om de oppositie te steunen, kwam het bijna tot een handgemeen tussen de activisten en Elias, die met de Syrische consul de activisten kwam uitschelden op straat. De Arabische Lente en haar nasleep zorgt niet alleen voor een scherper bewustzijn bij de Syrisch-Libanese gemeenschap, maar ook voor scherpere tegenstellingen. De zorgvuldig gecultiveerde gemeenschap dreigt te scheuren.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur