Het Europese militaire-industriële complex en de vluchtelingencrisis

Geen reddingsacties meer op zee, Europese grenzen verder gemilitariseerd

Public Domain

Militairen van Operatie Sophia bereiken een rubberbootje met vluchtelingen en migranten in de Middellandse Zee

De voorbije Europese bestuursperiode van vijf jaar, onder Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker, vonden 18.000 vluchtelingen en migranten de dood in de Middellandse Zee. Vanaf vandaag stelt de EU ook geen schepen meer ter beschikking van de eigen militaire Operatie Sophia om mensen op zee op te pikken. Nog meer vluchtelingen en migranten kunnen verdrinken, of zullen door de Libische kustwacht worden teruggebracht naar Libië waar ze in mensonwaardige gevangenissen worden gemarteld.

‘Daarbij komt de militarisering van de grensbewaking, die sinds de zogenaamde vluchtelingencrisis van 2015 in een stroomversnelling is geraakt’, zegt de Vlaamse ngo Vredesactie, die al jaren campagne voert tegen de militarisering van grenzen. ‘Dezelfde bedrijven die de wapens voor oorlog en onderdrukking produceren, leveren ook de grensbewakingsinfrastructuur om de gevolgen daarvan buiten te houden.’

Sinds 2015 verschijnen steeds meer hekken met hoogtechnologische grensbewakingsapparatuur in de Europese Unie. Verschillende lidstaten – waaronder Bulgarije, Hongarije, Slovenië, Oostenrijk, Kroatië en Tsjechië – stuurden ook militairen naar hun grenzen. Vaak duwen ze vluchtelingen met geweld terug zonder hen asiel te laten aanvragen, een schending van het internationale recht.

Operatie Sophia: eerste inzet van militairen

Na de incidenten met vluchtelingenbootjes in 2015 werd de Naval Force Mediterranean, ook Operatie Sophia genoemd, de allereerste militaire reactie van de EU op de komst van vluchtelingen. Militaire schepen van de lidstaten patrouilleren in de Middellandse Zee ‘om de smokkelroutes te bestrijden en het business model van de smokkelaars te verstoren’.

‘Europese militaire schepen redden zo al tienduizenden mensenlevens’, zegt een hooggeplaatste bron binnen de Europese Commissie. ‘Het is niet de kerntaak van de operatie, maar het is een morele en juridische verplichting.’

Het maritieme recht schrijft voor dat personen gered op zee naar de dichtstbijzijnde haven, in de praktijk dus Italiaanse havens, moeten worden gebracht. De Italiaanse minister van Binnenlandse Zaken Matteo Salvini weigerde eerder al vluchtelingen van ngo-schepen te ontschepen, maar nu doet hij hetzelfde voor een EU-operatie onder leiding van een Italiaanse viceadmiraal.

‘Als de martelingen voortduren, moeten we dan op een gegeven moment niet gewoon onze eigen wateren controleren zonder samen te werken met de Libische kustwacht?’

Daarom zullen er vanaf vandaag, de dag waarop het mandaat van Operatie Sophia zou aflopen, helemaal geen schepen meer patrouilleren. Operatie Sophia was volgens Europese ambtenaren nochtans succesvol in de bestrijding van mensensmokkel.

Om vluchtelingen op zee op te pikken zal de EU nog meer rekenen op de Libische kustwacht. Sinds 2016 trainen Europese militairen van Operatie Sophia Libische kustwachten. Amnesty International documenteerde dat deze kustwacht in dat jaar tot 3500 mensen per dag overbracht van zee naar detentiecentra, waar ze gemarteld werden.

‘Mensen krijgen er bovendien niet de kans om asiel aan te vragen, wat in feite betekent dat Operatie Sophia in samenwerking met de Libische autoriteiten onwettige pushbacks uitvoert’, schrijft Amnesty in het meest recente rapport. De martelingen duren tot vandaag voort. Een rapport van Artsen Zonder Grenzen, zo recent als vorige week, spreekt van ondervoeding.

‘Veel mensen verdronken in de Libische territoriale wateren, waar Europese schepen niet mogen komen. We trainen de Libische kustwacht dus niet om migranten tegen te houden, maar om hen te redden. We zijn op de hoogte van de mensenrechtenschendingen, maar wat moeten we anders doen?’, zegt de bron binnen de Europese Commissie.

‘Ik geloof wel dat de EU gedreven is door mensenrechten, maar hoe lang kan je dat volhouden als de martelingen na drie jaar erger zijn dan ooit?’, zegt Europarlementslid Kathleen Van Brempt (sp.a). ‘Dan begint het erop te lijken dat de EU het steunt. Moeten we op een gegeven moment niet gewoon onze eigen wateren controleren zonder samen te werken met de Libische kustwacht? Anderzijds verlies je dan wel de controle en steken er misschien weer meer mensen over. Dat is ook gevaarlijk.’

Vorig jaar kregen Libische kustwachten nog trainingen rond duiktechnieken en mensenrechten in Italië en Kroatië. Maar in de eerste helft van 2018 werden 1.111 mensen dood of vermist verklaard. Tussen juni en juli 2018 stierf zelfs één op zestien mensen die de oversteek waagden.

Public Domain Mark 1.0

De Italiaanse vice-admiraal Enrico Credendino is commandant van Operatie Sophia

Frontex: autonome Europese grenswacht

Er is wel nog Frontex, het grensbewakingsagentschap van de EU. Dat voert de regie over Eurosur, een koppeling van de surveillancesystemen van alle lidstaten om een volledig live beeld van de situatie aan de Europese grenzen te creëren. Frontex voert ook grensbewakingsoperaties uit op de Middellandse Zee.

In 2016 patrouilleerden schepen van Frontex samen met militaire schepen van de NAVO, de alliantie om militaire bedreigingen af te wenden, in de Turkse en Griekse territoriale wateren. Uit gelekte documenten van Frontex bleek dat politie en militairen toen schoten op bootjes met vluchtelingen, waarbij doden vielen.

Na een snel wetgevend proces in 2015 keurde het Europese Parlement de omvorming van Frontex tot Europese Grens- en Kustwacht goed, met een tweederdemeerderheid. Grensbewaking komt steeds meer op supranationaal Europees niveau. Als een lidstaat het migratiebeheer niet aankan of als er buitengewone druk ontstaat op de buitengrens van de Schengenzone kan de Europese Commissie grensbewakers van Frontex ontplooien zonder toestemming van die lidstaat.

Frontex kan nu eigen surveillancemiddelen aankopen. En voor 2027 staat een budget van 1,87 miljard euro in de planning. ‘Een grote klant erbij voor de veiligheidsindustrie.’

Helga Stevens (N-VA) was voor de ECR-groep in het parlement een van de drijvende krachten achter de omvorming: ‘Frontex kan nu eigen surveillancemiddelen aankopen. Voorheen was Frontex afhankelijk van EU-lidstaten, die vaak achterbleven bij hun toezeggingen.’ Het budget steeg ook. Waar het in 2005 begon met 6,3 miljoen euro was dit in 2019 gestegen tot 333 miljoen. Voor 2027 staat een budget van 1,87 miljard euro in de planning. ‘Dat betekent een grote klant erbij voor de veiligheidsindustrie’, zegt onderzoeker Mark Akkerman van de Nederlandse ngo Stop Wapenhandel en denktank Transnational Institute. Het aantal grensbewakers ter beschikking van Frontex zou bovendien stijgen tot 10.000.

Hoe stemden de Vlaamse Europarlementsleden?
De Europese Volkspartij (EVP) stemde voor. Ivo Belet (CD&V): ‘Concrete Europese antwoorden als deze zijn het beste weerwerk tegen populisten en Europa-bashers. We kunnen de lidstaten aan de buitengrenzen niet langer alleen laten: onze gemeenschappelijke buitengrenzen moeten we samen controleren. De Europese grenswacht is een cruciaal instrument om orde aan de Europese buitengrenzen te herstellen en zo te garanderen dat de binnengrenzen open kunnen blijven. De economische impact van interne grenscontroles is immers enorm.’

Ook de Socialisten en Democraten (S&D) zijn voorstander van een versterkt en autonoom Frontex. Kathleen Van Brempt (sp.a): ‘Dat we de Italianen in de steek hebben gelaten, was een van de grote vergissingen van de afgelopen bestuursperiode. Je hebt gezien tot welke regering dat heeft geleid in Rome. Maar dat de akkoorden om vluchtelingen buiten te houden er vlotjes komen, terwijl er nog altijd geen akkoord is om de vluchtelingen te beschermen en eerlijk te verdelen over de lidstaten, dat kan voor ons niet door de beugel. Versterking van Europese solidariteit rond grensbewaking kan niet losstaan van solidariteit in de vluchtelingenopvang. Met de verdere hervorming in februari van dit jaar hebben we ook alleen maar ingestemd omdat we extra garanties hebben ingebouwd. Dit zijn voor ons rode lijnen: geen militarisering, geen vuurwapens om vluchtelingen buiten te houden, niet opereren op het grondgebied van derde landen. Dat Frontex bijvoorbeeld een Soedanees vanuit Tunesië naar Soedan zou terugsturen, staat haaks op onze mensenrechtenbenadering.’

De Europese Conservatieven en Hervormers (ECR) stemde voor de omvorming, maar tegen bij de stemming in februari. Helga Stevens (N-VA): ‘Terugkeer van migranten organiseren vanuit een derde transitland naar een herkomstland mag niet van de linkse partijen. Hun mensenrechtendogma’s maken elke vorm van grensbewaking onmogelijk. De hervorming van Frontex die nu op tafel ligt, lijkt van de Europese Grens- en Kustwacht een mensenrechtenagentschap te maken. De grenswachters worden toch al gecontroleerd door het bestaande grondrechtenagentschap? Frontex moet net effectiever kunnen optreden.’

Hilde Vautmans (OpenVld), lid van de ALDE-groep, stemde voor. Greens: Bart Staes (Groen), lid van de Greens, stemde tegen.

(CC BY-SA 2.0)

Europees Commissaris voor Migratie Avramopoulos (r) en Frontex-directeur Leggeri (l) tijdens de lancering van de Europese Grens en Kustwacht in 2016

Hoe betaalt de EU dit allemaal?

In februari 2019 stemde het Europees Parlement in met de oprichting van het nieuwe Integrated Border Management Fund (IBMF). Dit fonds geeft subsidies aan EU-lidstaten voor de versterking van hun grensbewaking, bijvoorbeeld voor de aankoop van IT-systemen, surveillancemateriaal, schepen en helikopters, biometrische identificatiesystemen en trainingsmodules voor grenswachten.

Tussen 2021 en 2027 zal het IBMF een budget van ruim zeven miljard euro beheren. Dat is fors meer dan het budget onder de voorgangers van dit fonds: het huidige Internal Security Fund Borders (1,3 miljard euro tussen 2014 en 2020), het eerdere External Borders Fund (1,7 miljard euro tussen 2007 en 2013) en de Schengen Facility voor nieuwe lidstaten om te kunnen voldoen aan de voorwaarden voor toetreding tot de Schengenzone (1,46 miljard euro).

De top vijf van lidstaten die de meeste subsidies uit deze fondsen kregen zijn: Spanje (484 miljoen euro), Roemenië (422 miljoen euro), Italië (406 miljoen euro), Polen (397 miljoen euro) en Griekenland (375 miljoen euro). Kandidaat-lidstaten kregen van de EU ook subsidies om grensbewaking te moderniseren. Zo kreeg Turkije 469 miljoen euro en Servië 54 miljoen euro.

Hoe stemden de Vlaamse Europarlementsleden?
Helga Stevens (N-VA) stemde tegen, terwijl andere leden van haar parlementaire ECR-groep voor stemden. ‘Sommige elementen van de tekst realiseren open grenzen’, zegt Stevens. ‘De invoering van identiteitscontroles aan de landsgrenzen binnen de Schengenzone, zoals tijdelijk heringevoerd door sommige lidstaten in de strijd tegen terrorisme, wordt onterecht weggezet als onwettig. Bovendien wordt het Australisch push-backmodel dat wij bepleiten, onmogelijk gemaakt.’ Hilde Vautmans (OpenVld), Ivo Belet (CD&V) en Kathleen Van Brempt (sp.a) stemden voor. Bart Staes (Groen) stemde tegen.

Via het Noodtrustfonds voor Afrika, dat in november 2015 werd opgericht na de Europees-Afrikaanse migratietop in Valletta, financiert de EU grensbewakingsactiviteiten in Afrikaanse landen. Dit is vaak geld dat bedoeld is voor ontwikkelingssamenwerking en om de oorzaken van migratie aan te pakken.

‘De bedoeling is dat landen op migratieroutes richting Europa de rol van vooruitgeschoven Europese grensbewakers spelen om vluchtelingen tegen te houden voordat ze de Europese grenzen bereiken’, zegt Mark Akkerman. Zo financiert de EU de uitbouw van hoogtechnologisch bewaakte grenzen in landen als Mauritanië, Mali, Niger, Marokko en Tunesië. En zelfs in dictaturen Soedan, Tsjaad en Eritrea.

En in oorlogsland Libië. ‘Terwijl operatie Sophia de zeegrens tussen Libië en de EU versterkt, gaan middelen uit het Noodtrustfonds voor Afrika naar de versterking van de zuidelijke Libische grens. De Europese grens verschuift steeds verder zuidwaarts in Afrika’, zegt Akkerman.

In landen als Mali en Niger zijn legers van EU-lidstaten al actief om voor stabiliteit te zorgen in het kader van het Gemeenschappelijke Veiligheids- en Defensiebeleid. Dat staat los van migratiebeheer. Maar ‘bestrijding van irreguliere migratie’ wordt soms toegevoegd aan de doelstellingen van de missies. Zo kan de EU bijvoorbeeld de grenspolitie van Mali en Niger trainen en materiaal aan leveren.

In februari 2019 besloot de Europese Rekenkamer, die de begroting van de EU controleert, dat vooruitgang in deze programma’s ‘beperkt en traag’ is. ‘Het is frustrerend dat dit allemaal tijd vraagt’, zegt de bron binnen de Europese Commissie.

‘Smokkelnetwerken passen zich sneller aan omdat ze al jaren in de regio actief zijn. Maar tenminste komt er wat meer bewustzijn in Niger. Op termijn zal het effect hebben.’

‘Dictaturen worden vooruitgeschoven grensbewakers om vluchtelingen te stoppen voor ze Europa bereiken’

Volgens Akkerman ondermijnt dit beleid de ontwikkeling: ‘De interventies van de EU verstoren de economieën van die landen, die vaak gebaseerd zijn op lokale migratie; ze zorgen ervoor dat de landen minder budget overhouden voor sociale uitgaven; en ze legitimeren hun autoritaire regimes. Dit moedigt migratie juist aan. En het dwingt vluchtelingen om steeds gevaarlijkere routes te zoeken en drijft hen juist in de armen van smokkelnetwerken. De EU creëert zelf de markt die ze zegt te willen bestrijden.’

Onze bron binnen de Europese Commissie ziet dit anders: ‘De kritiek dat ons beleid tegen migranten is gericht, vind ik frustrerend. De capaciteiten van een land uitbouwen om de eigen grenzen te beheren, doe je niet om migranten te verhinderen grenzen over te steken, maar om de grenzen van een soeverein land te beschermen. Tegen smokkelaars, transnationale misdaad, terrorisme.’

Eind januari 2019 drukte de Commissie Ontwikkelingssamenwerking van het Europees Parlement haar bezorgdheid uit over het gebruik van ontwikkelingsfondsen voor grensbewaking, over schendingen van de rechten en vrijheden van vluchtelingen en over het gebrek aan parlementair toezicht over het Noodtrustfonds voor Afrika.

Deze bezorgdheid is breed gedeeld over alle politieke groepen. Achttien van de eenentwintig leden van de commissie stemden voor deze opinie, geen enkel lid stemde tegen. In deze commissie zetelen geen Belgische Europarlementsleden.

En wie profiteert ervan?

‘De bedrijven die het materiaal voor een gemilitariseerde grensbewaking leveren, hebben er een belang bij dat migratie eenzijdig geframed wordt als veiligheidsprobleem’, zegt Lene Jacobs van Vredesactie.

‘En wat blijkt? Zij duwen deze visie ook door in hun lobbyactiviteiten. Promotiefilmpjes waarin bedrijven als Indra en Flir hun producten aanprijzen, stellen vluchtelingen en migranten voor als indringers die je moet tegenhouden met hoogtechnologisch militair materiaal. Maar vaak gaat het om mensen op de vlucht voor oorlog en geweld.’

De internationale markt voor grensbewaking groeit gestaag. Vijf grote bedrijven kapen de bulk van de totale waarde van de Europese grensbewakingsmarkt weg – voor de crisis in 2015 nog 15 miljard euro, tegen 2022 zal die waarde verdubbeld zijn – en dat zijn: Airbus, Finmeccanica (vandaag Leonardo), Thales, Indra en Safran.

Dat zijn ook de belangrijkste Europese wapenbedrijven. ‘Cynisch genoeg verdient diezelfde industrie ook geld aan wapenleveringen aan landen in de conflictregio’s, waarmee ze de instabiliteit voeden die mensen aanzet tot vluchten’, zegt Akkerman.

‘Tussen 2005 en 2014 gaven Europese lidstaten hen vergunningen voor wapenexport naar het Midden-Oosten en Noord-Afrika ter waarde van 82 miljard euro. Tegelijkertijd kregen de lidstaten EU-subsidies uit om bij diezelfde wapenbedrijven infrastructuur voor grensbewaking aan te kopen ter waarde van 4,5 miljard euro tussen 2004 en 2020. Zo verdienen die bedrijven twee keer aan de zogenaamde vluchtelingencrisis.’

‘Dezelfde bedrijven die wapens voor oorlogen produceren, leveren de grensbewakingsinfrastructuur om de gevolgen daarvan buiten te houden’

‘Die wapenbedrijven hebben nu eenmaal de laatste nieuwe technologieën die wij moeten gebruiken voor civiele doeleinden zoals grensbewaking, bijvoorbeeld bij de nieuwe Europese Grens- Kustwacht’, reageert de bron binnen de Europese Commissie. ‘Zonder hen kunnen we onmogelijk weten of een analyse wel tot een nieuwe technologie kan leiden, en of een nieuwe technologie wel uitgevoerd kan worden op het terrein.’ De EU subsidieert deze wapenbedrijven wel om het onderzoek naar die technologieën te voeren.

Deze subsidies voor onderzoek en ontwikkeling gaan vooral naar Airbus, Indra, Thales, Finmeccanica en Safran. Het waren ook deze bedrijven die het sterkst hadden gelobby’t opdat de EU onderzoek en ontwikkeling van grensbewakingstechnologieën zou financieren.

‘Opvallend is dat Israël het enige niet-Europese land is van wie de bedrijven ook EU-subsidies voor onderzoek en ontwikkeling kunnen krijgen’, zegt Mark Akkerman. ‘Dat is omdat sommige EU-lidstaten de hoogtechnologische Israëlische controleapparatuur – om de bezetting van de Palestijnse gebieden te handhaven – aan hun grenzen willen inzetten om vluchtelingen en migranten buiten te houden.’

De lobbyorganisaties van de wapenbedrijven zitten regelmatig met de Europese Commissie aan tafel. Ze schrijven invloedrijke adviesdocumenten met voorstellen die soms letterlijk in EU-beleid overgenomen worden.

‘Zo pushte de European Organisation for Security in 2010 al het idee om een Europese Grens- en Kustwacht op te richten die autonoom apparatuur zou kunnen aankopen’, zegt Akkerman. ‘Frontex organiseert jaarlijks meerdere dagen waarbij bedrijven hun goederen en diensten voor grensbewaking komen presenteren. In 2013 was Airbus zelfs co-organisator van de International Border Security Workshop in Finland, samen met Frontex.’

‘Frontex is zeker niet altijd bereid om in te gaan op de vele voorstellen van de bedrijfswereld’, zegt Akkerman. ‘Maar nu Frontex autonoom aankopen kan doen, zal het militaire-industriële complex Frontex zeker actiever gaan belobbyen.’

Helga Stevens (N-VA) ziet er geen graten in: ‘De wetgever legt het kader vast, waarna het uitvoerend agentschap op zoek gaat naar apparatuur. Als die bedrijven dus stevig lobbyen, is dat om te mogen leveren. De insinuatie dat Europa het beleid inzake bewaking van de buitengrenzen op maat zou schrijven van wapenfabrikanten komt mij erg vreemd over.’

Maar Akkerman wijst op een vicieuze cirkel waarin het niet transparant is wie wie beïnvloedt: ‘Maken verkozen politici het beleid, waarna ze dat uitvoeren via aankopen van grensbewakingsapparatuur? Of ontwikkelen bedrijven de grensbewakingsapparatuur, waarna ze miljoenen investeren in lobbyen om politici te overtuigen dat hun producten noodzakelijk zijn? In ieder geval staat het vast dat de bedrijven die het meest investeerden in lobbyen, ook de meest winstgevende contracten kregen.’

‘De bedrijven die het meest investeerden in lobbyen, kregen ook de meest winstgevende contracten’

Statewatch documenteerde hoe militaire- en veiligheidsbedrijven zoveel mogelijk van hun toepassingen ingevoerd willen zien bij de uitbouw van Eurosur, een onderdeel van Frontex. Ze halen miljoenencontracten binnen. Het doel is om elke beweging aan een grens te detecteren. Het gevolg is dat smokkelaars nog meer geld aan vluchtelingen vragen en hen omleiden langs nog gevaarlijkere routes, om die detectie te omzeilen.

Het Internal Security Fund Borders voor EU-subsidies aan lidstaten doet vooral de winsten van Airbus en Finmeccanica toenemen.

Politieke akkoorden waarbij de EU derde landen financiert om te investeren in grensbewaking, zijn ook een extra bron van inkomsten voor het militaire industriële complex. Met subsidies van de EU en Italië kon de Libische regering van Khadafi in 2009 al een volledig uitgebouwd grensbewakingssysteem kopen van het Italiaanse bedrijf Finmeccanica voor 300 miljoen euro. Pas na de val van Khadafi werd het gebouwd in 2015.

En de Turkse kustwacht moest met een deel van de drie miljard euro Europese steun surveillance materiaal aankopen en meer schepen inzetten om te patrouilleren. Ook hier diende Finmeccanica zich aan als leverancier.

Europees Parlement: ambigue houding

Het Europees Parlement stemt in met de meeste voorstellen van de Europese Commissie en Raad rond versterking, militarisering en externalisering van de Europese grenzen.

‘Volgens het juridische kader moet het parlement niet worden bevraagd. Zo gaan de zaken vooruit, want ik stel vast dat bijna alle dossiers over de asielhervorming waarbij het parlement is betrokken, vastzitten’, zegt Helga Stevens (N-VA).

‘Het parlement hecht wel meer waarde aan de vermelding van fundamentele rechten, al blijft dat in de praktijk meestal dode letter’, zegt Mark Akkerman.

‘Het parlement staat ook kritisch tegenover samenwerking met autoritaire regimes. De Europese Commissie probeert het parlement dan ook regelmatig buitenspel te zetten. De omstreden migratiedeal met Turkije van 2016 was een afspraak tussen Turkije en alle afzonderlijke EU-lidstaten, waardoor het Europees Parlement er niet aan te pas kwam.’

‘Het parlement moet niet altijd worden bevraagd. Zo gaan de zaken vooruit, want ik stel vast dat bijna alle dossiers over de asielhervorming waarbij het parlement betrokken is, vastzitten’

Er was ook de resolutie van november 2015 waarmee het parlement een rapport van de Europese Ombudsman verwelkomde over schendingen van grondrechten van migranten tijdens gezamenlijke terugkeeroperaties onder leiding van Frontex. Het parlement steunde de oproep om een klachtenmechanisme op te zetten voor mensen die teruggestuurd worden naar hun land van herkomst. ‘Er waren bijzonder weinig schendingen’, zegt Helga Stevens (N-VA). ‘Daarom weigerde Frontex vele aanbevelingen van de Ombudsman. We willen voor terugkeeroperaties geen extra bureaucratie. De wirwar aan procedures dreigt de bewaking van onze buitengrenzen praktisch onmogelijk te maken.’ De andere fracties steunden de resolutie wel.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur