‘Ouders begraven hun kinderen met eigen handen in de tuin’
Iraniërs over de staalharde repressie: ‘Zelfs de doden worden gegijzeld’
Leden van de Schotse Iraanse gemeenschap hielden in Glasgow een wake bij kaarslicht ter nagedachtenis aan de demonstranten die zijn omgekomen bij de recente protesten in Iran.
© Cameron Scott/ZUMA Press Wire/Reuters
Leden van de Schotse Iraanse gemeenschap hielden in Glasgow een wake bij kaarslicht ter nagedachtenis aan de demonstranten die zijn omgekomen bij de recente protesten in Iran.
© Cameron Scott/ZUMA Press Wire/Reuters
Na drie weken van keiharde repressie tellen de Iraanse demonstranten hun doden. Het exacte aantal is moeilijk na te gaan, maar getuigenissen en beelden van overvolle mortuaria, massagraven en doelgerichte moorden suggereren een duizelingwekkende dodentol. MO* sprak met mensen in Iran en in de diaspora om de ware omvang van de staatsterreur van de ayatollahs in kaart te brengen.
‘Hierop een antwoord geven zou het moeilijkste zijn wat ik ooit heb gedaan’, antwoordt een man van in de dertig uit het zuiden van Iran op de vraag hoe het met hem gaat. Daarna verbreekt hij het contact.
De Iraniërs komen met mondjesmaat weer online, maar de schrik zit er goed in. Tussen 9 en 27 januari was het internet volledig afgesloten, en waren ze afgesneden van de buitenwereld.
Het regime legt tijdens protesten wel vaker het netwerk plat om georganiseerd verzet te bemoeilijken, maar vooral ook om te verhullen hoe de veiligheidsdiensten het burgerprotest bloedig neerslaan.
Nu hier en daar de verbinding terugkeert, dringt de omvang van het staatsgeweld door: beelden van massagraven, overvolle mortuaria en gerichte slachtpartijen gaan de wereld rond.
Eind december ontketende de onhoudbare inflatie een golf van verontwaardiging die al snel uitmondde landelijke protesten. Niet alleen de economische malaise, maar het hele theocratische systeem werd ter discussie gesteld. De roep om een nieuw bewind klonk luider dan ooit.
De ayatollahs, verzwakt door jarenlange sancties en het verlies van hun bondgenoten in de regio, sloegen nog harder terug dan gebruikelijk. Schattingen lopen uiteen van 6.000 tot 36.000 doden en tienduizenden arrestaties.
Het zijn duizelingwekkende getallen die moeilijk te bevestigen zijn en soms op twijfelachtige bronnen gebaseerd zijn. Toch spreekt ook de speciale VN-rapporteur voor Iran over ‘mogelijk tienduizenden slachtoffers’.
MO* sprak met mensen in Iran en met Iraniërs in de diaspora die via familieleden informatie ontvingen, om een beeld te schetsen van wat zich de afgelopen weken heeft afgespeeld onder de dekmantel van een van de grootste internetblokkades ooit.

Jongeren betogen op 11 januari in het district Punak, Teheran.
© Foto verkregen via Telegram
‘Shotguns en machinegeweren’
‘Mijn familie en ik leven nog. Velen hadden minder geluk’, zegt Fatemeh*, een maatschappelijk werkster uit de Iraanse hoofdstad Teheran.
‘Drie weken geleden heeft het islamitische regime duizenden Iraniërs gedood. Het legde het internet plat omdat het niet wil dat we weten wat er werkelijk gebeurde op 8, 9 en 10 januari. Het heeft gruweldaden gepleegd tegen demonstranten, die werden beschoten met shotguns en machinegeweren. De beelden van de begraafplaatsen zijn huiveringwekkend: rijen en rijen lichamen, terwijl families tussen de doden zoeken naar hun geliefden.’
‘Op vrijdag (9 januari, red.) stroomden overal mensen de straten op. Er klonken leuzen tegen het regime. Iedereen nam deel om onze samenhorigheid te tonen: we willen een regimewisseling. De neef van mijn vriend werd in het hoofd geschoten, alleen maar omdat hij zich in de menigte bevond. Hij liep gewoon mee in de betoging, samen met zijn vriendin’, aldus de jonge vrouw.
‘Ondanks de risico’s wil ik mijn verhaal delen. Ik verwacht niet dat mensen er echt iets om geven, maar ik wil gewoon dat ze weten wat er is gebeurd.’
‘Bullet money’
‘De ordetroepen maaien niet alleen mensen neer op straat, ze dringen ook woningen binnen’, zegt Rojin, een Iraans-Koerdische studente die in België woont. ‘Overal, ook bij mensen die niet eens aan het protesteren zijn.’
‘Mijn beste vriendin verloor haar nichtje. Haar zus moest haar lijk gaan identificeren. De veiligheidsdiensten noteren op de lichamen “normale persoon” of “demonstrant”. Bij wie als demonstrant wordt aangemerkt, eisen ze grote sommen geld om het lichaam vrij te geven.’
Deze praktijk, bekend als bullet money, is uitvoerig gedocumenteerd. De Iraanse autoriteiten vragen van families van demonstranten, dissidenten of gevangenen die door de staat zijn gedood of geëxecuteerd tot duizenden euro’s om de lichamen vrij te geven voor begrafenis.
Rojin kon haar familie in Iran kort spreken via Instagram, maar ze durven weinig te zeggen uit angst dat de overheid meeluistert. Enkele dagen geleden wist haar tante echter de Iraakse grens over te steken en vertelde ze uitvoerig wat ze had meegemaakt. Ze schetste een grimmig beeld van het westen van het land, waar veel Iraanse Koerden wonen.
‘De bevolking leeft in angst. Waar tijdens de protesten duizenden tegelijk de straat opgingen, blijven mensen nu grotendeels binnen uit vrees voor arrestaties of geweld. Ze verlaten hun huis alleen nog om snel eten te halen’, zegt de twintiger. Intussen hakt de economische malaise er diep in: brood en benzine zijn nauwelijks nog betaalbaar.
Financiële onzekerheid en extreme angst hebben het mentale welzijn van de bevolking zwaar aangetast. Rojins tante vertelde haar dat de repressie niet ophield nadat de protesten met geweld waren neergeslagen.
‘De straten zijn sterk gemilitariseerd, basij-eenheden patrouilleren voortdurend’, legt Rojin uit, verwijzend naar de paramilitaire militie van vrijwilligers die alleen verantwoording aflegt aan de Opperste Leider, Ayatollah Khamenei.
‘Wie nu de straat opkomt, loopt het risico te worden neergeschoten. Een ander nichtje durft zelfs niet meer naar haar boksschool om afleiding te zoeken, uit angst voor de vele sluipschutters op de daken. Het regime arresteert nu op grote schaal. Niemand weet waar deze mensen naartoe worden gebracht of wat er met hen gebeurt.’
Volgens haar familielid in Irak raakten de ziekenhuizen de voorbije weken overspoeld. ‘In de nacht van 9 januari was het ziekenhuis in Isfahan zo vol met doden en gewonden dat de brandweer het bloed van de vloeren moest spoelen. Opvallend veel slachtoffers waren in het hoofd geraakt. De Basiji’s in het ziekenhuis lachten de mensen simpelweg uit.’
‘Zijn dochter is ontroostbaar’
Zodra er even internetverbinding is, delen nabestaanden in besloten Telegram-groepen hoe hun geliefden tijdens de protesten zijn omgekomen. Er zijn duizenden berichten; hieronder volgen twee verhalen die MO* heeft kunnen verifiëren.
‘Mehdi Eskandarian ging de straat op om een betere toekomst voor zijn dochter te eisen’, vertelt Maryam*, een vriendin van een dicht familielid van de 44-jarige treinmachinist, via Telegram. Op vrijdag 9 januari, in Fardis, een buitenwijk van Teheran, schoten agenten van de oproerpolitie hem neer met een kogel van zwaar kaliber. Medebetogers brachten hem nog naar het Noor-ziekenhuis in de nabijgelegen wijk Shahriar, waar hij op maandagochtend overleed.
‘Had hij twee kleine kinderen, zijn dochter Paniz is kapot van verdriet’, voegt Maryam nog toe.
Diezelfde vrijdag werd Parnian Dabiri Abkenari van achteren neergeschoten door regeringstroepen. De zestienjarige volgde een opleiding interieurarchitectuur. ‘Toen we haar vader aan de telefoon hadden, kon hij door de tranen heen nauwelijks een woord uitbrengen’, vertelt Reza*, een kennis van het meisje, via Telegram. ‘Hij bleef maar herhalen: “Ik kan niet praten, ik kan niet praten.”’

Studente Parnian Dabiri Abkenari is een van de vele jonge mensen die uit het leven werden weggerukt.
© Foto verkregen via Telegram
‘Ouders begraven hun kinderen met eigen handen in de tuin’
In 2017 ontvluchtte Arash* samen met zijn broer Iran, nadat hij na een manifestatie tegen de dictatuur in de cel was beland en gefolterd werd. Hij verloor een tand en het gehoor in zijn linkeroor.
De voorbije weken zit hij aan zijn telefoon gekluisterd, om geen berichten te missen van zijn dierbaren in het thuisland. Hij vertelt hoe de ordediensten aanvankelijk kalm reageerden toen de bevolking op 8 januari in zowat alle grote steden op straat kwam.
‘Ze probeerden de betogingen in te dammen door begrip te veinzen. Maar de dag erna reden ze Teheran binnen met pick-ups waarop machinegeweren waren gemonteerd.’
Zijn schoonbroer werkt bij de gemeente en zag hoe grote hoeveelheden munitie aangevoerd werden naar de verschillende wijken. ‘Het waren kogels van een enorm kaliber, om koeien mee dood te schieten’, aldus Arash. ‘Het zijn vooral de Basij-eenheden die op burgers schieten. Deze fanatiekelingen zijn gehersenspoeld om hun medeburgers als vijanden te zien. Ze maaien mensen neer op pleinen en laten geen ziekenwagens toe. Ze plaatsen sluipschutters op de daken die mikken op het hoofd en de romp, schieten om te doden.’
De informaticus van opleiding weet eveneens dat families moeten betalen, soms tot 30.000 euro, om het lichaam van hun geliefde terug te krijgen. ‘Zelfs de doden worden gegijzeld’, aldus Arash. ‘Duizenden lichamen worden bewaard in koelruimtes van bedrijven, zelfs ijsfabrieken.’
Daar moeten gezinnen vaak snoep of gebak aan de moordenaars van hun naasten geven, om het lichaam te kunnen begraven. Velen brengen hun overledenen dan ook niet naar het ziekenhuis.
‘Ouders begraven hun kind met hun eigen handen in de tuin. Het is waanzin’, zegt Arash. Een vriend die verpleegkundige is, vertelde hem dat de hulpverleners systematisch gehinderd worden: ‘Artsen worden ontvoerd omdat ze demonsranten behandelen. Ziekenhuizen melden dat er al op grote schaal opgepakte betogers worden geëxecuteerd, zonder officiële aankondiging. Er zijn duizenden doden, maar minstens evenveel mensen zijn gewoon verdwenen.’
Volgens de dertiger is de dodentol van 36.000 zelfs een onderschatting. ‘Bijna elke familie heeft iemand verloren. Iran telt 90 miljoen inwoners, reken maar uit.’
Na een paar dagen radiostilte antwoordt ook Fatemeh uit Teheran opnieuw op de berichten.
‘We leven nog, maar de mensen zijn in shock’, vertelt ze. ‘De beelden die doorsijpelen van 8 en 9 januari kan ik amper bekijken. In één video zag ik tientallen vermoorde vrouwen, en zelfs twee baby’s. Dat heeft me gebroken. Ik hoop dat ze hiervoor boeten, ik hoop nog steeds dat er gerechtigheid komt.’
*Alle getuigen kregen een schuilnaam uit veiligheidsoverwegingen. Hun relaas is, voor zover dat mogelijk is, getoetst aan andere bronnen.
Word proMO*
Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in