Rapporten Europese Commissie en VN, straatprotesten in Parijs en Londen

Klimaatbeleid moet ambitieuzer, maar ook rechtvaardiger

© Reuters / Henry Nicholls

Manifestanten dragen een doodskist door de straten van Londen tijdens een actie van “Extinction Rebellion”.

De kans is groot dat de Europese Commissie morgen uitnodigt en aanmoedigt om het Europese klimaatdoel op te schroeven naar nuluitstoot in 2050. Dit klinkt ambitieus, maar is niet meer dan noodzakelijk om de gemiddelde opwarming tot 1,5 graden te beperken. Minstens zo belangrijk als het verhogen van de doelstelling, is de uitwerking van een rechtvaardig klimaatbeleid.

Terwijl ik dit weekend het werkdocument rond de Europese klimaatstrategie voor 2050 doornam, stonden op mijn computerscherm twee beelden naast elkaar. Twee beelden uit twee steden. Een waarover veel werd verteld, een waarover men zweeg.

Misschien daarom dat ik het eerst over dat laatste wil hebben. Sinds 17 november komen in Londen mensen op straat. Ze blokkeren bruggen, drukke verkeersaders en kruispunten. Ze dragen vlaggen en hesjes in alle kleuren met een X in een cirkel of ze hebben diezelfde X in een cirkel op hun borst gespeld. Ze noemen zichzelf Extinction Rebellion en ze menen dat het tijd is voor burgerlijke ongehoorzaamheid om een sociaal rechtvaardig en doeltreffend klimaatbeleid af te dwingen.

Vorige zaterdag tilden ze een doodskist op hun schouders door de straten van Londen. Ze hakten kasseien uit Parliament Square om daar de aarde, de biodiversiteit en de schoonheid van onze planeet te begraven. Daarna trokken ze naar Buckingham Palace om hun verklaring van verzet en burgerlijke ongehoorzaamheid voor te lezen. Als hen gevraagd werd, waarvoor ze protesteerden, dan antwoordden ze: voor klimaatrechtvaardigheid.

Het was een bonte massa mensen. Jong, oud, man, vrouw, wit, zwart. Ze verontschuldigden zich bij boos toeterende autobestuurders voor de hinder, maar zeiden dat de levensbedreigende klimaatonwrichting te groot is om door te gaan met het gewone leven, er is geen tijd meer te verliezen en misschien was het goed om in plaats van boos te toeteren uit te stappen en mee op te stappen?

Bekennen media kleur?

Maar alle media-aandacht ging naar die stad aan de overkant van het kanaal. In Parijs vlogen brandende voorwerpen door de lucht. De gele hesjes die reageerden op de verhoging van de dieselprijs hadden na een week van blokkades van afritten van snelwegen en brandstofdepots opgeroepen tot een grote betoging. De sfeer was grimmig, de woede tastbaar. Al snel werd hun ongenoegen geïnterpreteerd als de weerbots van een groen beleid.

‘Het gaat niet op dat je eerst het spoorwegnetwerk afbouwt, dan iedereen een dieselauto aanraadt voor het klimaat en nu diezelfde dieselauto gaat belasten.’

Toen ik maandag naar Frankrijk vertrok, hoorde ik op de Franse radiozender Europa 1 een geel hesje diep zuchten bij die uitleg. Benjamin Bouchy uit Toulouse formuleerde het zo: ‘We zijn niet tegen de ecologische transitie. Die transitie is meer dan noodzakelijk. We zijn voor rechtvaardige fiscaliteit.’

Hoe verschillend de twee protestmarsen ook leken, in wezen was hun eis dezelfde. Klimaatrechtvaardigheid. Een meer billijke verdeling van de lasten en de lusten van een omslag naar een ecologische samenleving. ‘Het gaat niet op’, vertelde een ander geel hesje aan de microfoon van Europa 1, ‘dat de diesel die ik elke dag nodig heb om naar mijn werk te rijden wel belast wordt en de kerosine waarmee de rijken zich verplaatsen niet. Het gaat niet op’, ging hij verder, ‘dat je eerst het spoorwegnetwerk afbouwt, dan iedereen een dieselauto aanraadt voor het klimaat en nu diezelfde dieselauto gaat belasten.’

NightFlightToVenus (CC BY-NC-ND 2.0)

Manifestanten stappen over de Champs Elysée tijdens een protestmars, 24 november

 

Het is onrechtvaardig

In de kern is de klimaatontwrichting onrechtvaardig. Zij die het minste schuld hebben aan het probleem, zowel sociaal zwakkere mensen overal ter wereld als armere landen, dreigen de grootste slachtoffers te worden. De gevolgen zullen het zwaarst wegen en het hardst inbeuken op zij die het probleem het minst veroorzaakt hebben. Kustbewoners in Bangladesh of een gezin dat twee jobs moet combineren en genoegen moet nemen met een tochtig en slecht geïsoleerd huurhuis.

Het is niet hun consumptiepatroon dat roofbouw pleegt op de draagkracht van de aarde, toch worden zij lam geslagen met alles wat niet meer zou mogen.

Zij investeren zelden in de ontginning van steenkool of in het boren naar olie, zij vliegen niet op maandag naar New York, op dinsdag naar Berlijn en op woensdag naar Singapore en voor hun vakanties hebben ze geen yacht ter beschikking. Het is niet hun consumptiepatroon dat roofbouw pleegt op de draagkracht van de aarde, toch worden zij lam geslagen met alles wat niet meer zou mogen.

Ook al weten we dat honderd bedrijven verantwoordelijk zijn voor 75 procent van de uitstoot van CO2. En hoe leg je uit dat de fossiele industrie die eind jaren 1970 in interne documenten zelf erkende dat hun bedrijfsmodel tot een ontwrichting van het klimaat kon leiden, maar daarna besloot vooral twijfel te zaaien over die wetenschappelijk bevinding, nog steeds gesubsidieerd wordt? Dat maakt een man en de vrouw in de straat woest. Zij betalen een extra taks op diesel, terwijl men aan de productiezijde nog subsidies vangt.

Tegenstellingen en contradicties in een beleid worden maatschappelijk aanvaard zo lang de kloof van de ongelijkheid niet te groot en te diep wordt. Wie van klimaatrechtvaardigheid niet het hart maakt van zijn klimaatbeleid, krijgt vroeg of laat de rekening gepresenteerd.

Ambitie is voor de lange termijn

En dat brengt mij terug bij de Europese ambitienota die normaal gezien morgen voorgesteld wordt. De commissie zal haar voorkeur uitspreken om tegen 2050 klimaatneutraal te zijn, maar tegelijkertijd zullen in een werkdocument verschillende opties op tafel liggen, opties die niet bijster veel verschillen van de ambities die in 2009 in Kopenhagen geformuleerd werden, en waarbij men de scenario’s aftast die variëren tussen -80 procent en -95 procent uitstoot van broeikasgassen.

Toch is dit volgens milieubewegingen een stap vooruit. ‘Het is de eerste keer in dertig jaar dat de Commissie erop aandringt het ambitieniveau te verhogen. Wat ontbreekt – en daar zullen we op blijven hameren – zijn de tussentijdse doelstellingen. Als je in 2050 klimaatneutraal wil zijn, dan moet je in 2030 je uitstoot met zestig procent terugdringen, en niet met veertig zoals nu nog altijd het plan is’, vertelt Wendel Trio van Climate Action Network Europe.

Ter vergelijking: tussen 1990 en 2020 zal Europa er met moeite in geslaagd zijn de uitstoot met twintig procent te verminderen. En dan nog is het de vraag of dat wel werkelijk gelukt is. De uitstoot van onze consumptiegoederen die men elders produceert, komen in de statistieken niet voor. Wat als Europa amper iets bereikt heeft en de eigen uitstoot vooral geëxporteerd heeft?

NightFlightToVenus(CC BY-NC-ND 2.0)

 

De kloof is te groot, de inspanning te klein

Dat we sneller moeten gaan, staat buiten kijf. Het 2018 Emissions Gap Report dat de Verenigde Naties vandaag publiceert, maakt nog maar eens duidelijk hoe ver ambitie en realiteit van elkaar verwijderd zijn. Willen we een kans maken om de opwarming tot 1,5 graad te beperken, dan moeten alle landen van de wereld hun inspanningen verdrievoudigen.

Na drie jaar van stabilisatie is de uitstoot in 2017 opnieuw gestegen. De som is simpel: als de kloof tussen wat men wil en wat nodig is niet gedicht wordt voor 2030, dan geraakt ook het doel van 2 graden uit zicht.

Een beleid dat zich enkel concentreert op het becijferen van uitstoot, verliest al snel de rechtvaardigheidsfactor uit het oog.

Met de noodzaak aan versnelling komt het risico van verdrukking. Een beleid dat zich enkel concentreert op het becijferen van uitstoot, verliest al snel de rechtvaardigheidsfactor uit het oog. Of laat zich verstrikken in contradicties die later zuur opbreken. Neem opnieuw het Europese werkdocument.

Dat steenkool en ruwe olie er zo snel mogelijk uit moeten, daarover is men het eens, maar gas laten we helemaal niet of niet helemaal los. Hernieuwbaar gas is nu de nieuwe business case waarmee de gassector uitpakt. ‘Interessant’, meent Trio. ‘Maar dat zal altijd een beperkte rol spelen. Economisch gezien heeft die hele gasinfrastructuur die Europa uitbouwt weinig zin. Als je een emissievrije economie wil, dan is hernieuwbare energie de oplossing. Waarom zo veel investeren in een technolgodie die nog niet op punt staat, terwijl je een rijpe en steeds goedkopere technologie voor het grijpen hebt? Je kan van steenkool beter direct overschakelen op hernieuwbaar, je hebt die brug van gas niet nodig.’

Spanje heeft met zijn nieuwe energie- en klimaatplan alvast voor die sprong voorwaarts gekozen. Tegen 2050 wil het land draaien op volledig hernieuwbare energie, subsidies aan fossiele projecten worden bevroren en de steenkoolmijnen gaan dicht. Ook hier toont Spanje dat klimaatbeleid en rechtvaardigheid samen kunnen gaan. De regering voorziet zo’n 250 miljoen euro begeleidende maatregelen voor de arbeiders in de steenkoolindustrie.

Stop fossiele subsidies

Andere contradictie in de Europese strategie zoals die nu naar voor wordt geschoven, is de nadruk op Carbon Capture and Storage. Geen van de scenario’s is mogelijk zonder het grootschalig afvangen van CO2. De ene zegt omdat het te laat is om het zonder te doen, de ander beschouwt het als de voet tussen de deur van de fossiele sector. Als je grootschalig CO2 uit de lucht kan halen en ondergronds opbergen, dan kan je nog wel even verder met de verbranding van fossiele energie.

Alleen, die grootschalige CCS laat al even op zich wachten. ‘Er staat al iets minder CCS dan in de vorige roadmap’, vertelt Trio. ‘Volgens ons betekent het dat de Commissie ook beseft dat de technologie totaal prematuur is. Er is al heel veel geld van het Emission Trading System (ETS) naar de ontwikkeling van CCS gevloeid, voorlopig zonder concreet voorstel. Op kleine schaal is het zeker een zinvolle technologie voor de meest koolstofintensieve sectoren als staal of cement. Precies om die hoop op CCS de kop in te drukken, pleiten wij voor een koolstofloze economie in 2040, en niet in 2050. Technisch zijn we er. Voor een aantal sectoren zijn er zeker voldoende alternatieven. Als we inzetten op energiebesparing aan de ene kant – daar valt nog flink wat te halen – en voluit de kaart van hernieuwbaar trekken, komen we er. Wel moeten we onmiddellijk van de subsidies van gas af.’

Dat laatste is ook waar de Club van Rome in aanloop naar de klimaattop in Katowice op hamert. In het Climate Emergency Plan dat op maandag werd vrijgegeven, staat het tegen 2020 bevriezen van subsidies voor fossiele brandstoffen en een moratorium op de ontwikkeling van nieuwe ontginningen op nummer één. Ook een groep van bedrijven ijvert binnen de G20 voor het schrappen van alle subsidies voor fossiele brandstoffen.

Takver (CC BY-SA 2.0)

 

Investeren in alternatieven

Een noodzakelijke maatregel, maar opnieuw moet men waakzaam zijn voor de adder onder het gras. Bij gebrek aan werkelijke alternatieven voor de verbrandingsmotor, dus zonder de uitbouw van een gedeeld wagenpark, een goed verankerd openbaar vervoer en een fietsnetwerk, dreigt het schrappen van subsidies in het gezicht van de kleine verbruiker te ontploffen. Misschien bieden de ontwikkeling van hernieuwbare energie in Duitsland en Denemarken wel een venster op wat klimaatrechtvaardigheid betekent.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

In beide landen zijn het burgers in energiecoöperaties die de overgang naar zon en wind versneld hebben. In beide landen hebben net die energiecoöperaties de economie in economisch dode dorpen en regio’s weer aangezwengeld. Ondertussen worden aan die energiecoöperaties een vloot van gedeelde elektrische wagens gekoppeld. Waardoor de energietransitie mee de verandering van mobiliteit aanjaagt.

Het is precies wat Ecopower en Partago ook in Vlaanderen proberen. Het zijn initiatieven die bewijzen dat de tegenstelling tussen klimaatbeleid en rechtvaardigheid een gevolg is van slechte beleidskeuzes en een gebrekkige kijk op het werkelijke potentieel van alternatieven.

Kom op 12 december naar onze MO*talks over de klimaatcrisis met Ewald Engelen, Natalie Eggermont en Mathias Bienstman. Alle info vind je hier. 

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Klimaat en sociaalecologische transitie

    Tine Hens is historica, journaliste en auteur van Het klein verzet (Epo, 2015), het verhaal van mensen die van Griekenland tot Denemarken in hun eigen wijk of stad, of met hun eigen b

    Actieve thema's