Peter Luyckx, Bart Staes en Els Van Hoof over de Afrika-uitdaging voor Europa

Belgische politici: Onze politiek is te weinig bezig met Afrika

public domain (CC0)

 

Als Afrika onze grootste strategische uitdaging is op lange termijn – zie dossier https://www.mo.be/analyse/de-zorgen-van-afrika-zijn-eigenlijk-ook-die-van-europa  - zijn onze politici daar dan mee bezig? Hans Maertens, directeur van de Vlaamse werkgeversvereniging VOKA, vindt alvast dat het resultaat onvoldoende is: ‘Wat Europa doet, is onvoldoende. Laat ons eerlijk zijn: hoe is Vlaanderen na de oorlog heropgebouwd? Door lokale KMO’s, zeker, maar minstens evenzeer door de multinationals. Ik denk dat Afrika de twee nodig heeft: kleine maar ook grootschalige projecten. We moeten iedereen aansporen.’

‘Er is zoiets als een Europees Marshallplan voor Afrika nodig. Zonder belerend te zijn, het moet samen met de Afrikanen gebeuren. Onze ondernemers moeten meer beseffen dat Afrika ook een markt is en dat er grote mogelijkheden liggen. Als je kijkt naar hernieuwbare energie, dan kan Afrika het continent van de zon zijn waar massaal veel zonne-energie geproduceerd wordt voor Europa.’

Belgische politici – ten minste diegenen die zich op het continent toeleggen — staan open voor die gedachte, en erkennen elk op hun manier dat de Belgische politiek veel meer rond Afrika zou moeten werken.

‘Ons parlement kan een Afrikabeleid uittekenen’

Zegt Peter Luyckx, de Afrikaspecialist van de N-VA: ‘Ons beeld van Afrika wordt te sterk bepaald door de probleemlanden. Afrika is geen monoliet. Er zijn problemen, zeker, maar er is ook veel dynamiek, er liggen heel wat opportuniteiten. Afrika rijdt aan verschillende snelheden: er is Congo, maar er is ook Ghana. Er was sinds 2000 veel economische groei in Afrika, zij het dat die te afhankelijk was van te weinig grondstoffen. En dat hij onvoldoende groot was om de snel groeiende bevolking de nodige kansen te geven.’

N-VA-kamerlid Peter Luyckx vraagt zich of België geen Afrikanota moet uittekenen

Luyckx vindt dat de Belgische politiek te weinig aandacht heeft voor Afrika. ‘Dit zijn onze buren, die zullen altijd een belangrijke impact op Europa hebben. Natuurlijk overstijgen de investeringsnoden de Belgische mogelijkheden, dat moet je Europees aanpakken. Dat betekent evenwel niet dat je ook niet microniveau kunt werken: het opstarten van KMO’s, samenwerking tussen individuen.’ Luyckx en de N-VA zijn voorstanders van een mondiale aanpak via de multilaterale instellingen zoals de Wereldbank.

Is het dan niet aangewezen dat we onze investeringen in de Afrikaanse Ontwikkelingsbank opdrijven? ‘We hebben een aandeel in de Afrikaanse Ontwikkelingsbank van 0.641%. Kapitaalkrachtige grootmachten zoals China investeren veel in armere landen en plukken ook er veel zichtbaarder ook de vruchten van. Maar vaak slechts ten voordele van de eigen economie. Ontwikkeling zien vanuit een investeringsperspectief, waarbij beide partners delen in de voordelen past uiteraard in de visie van de N-VA. Een investering waar wij beter van worden mag niet haaks staan op een humaan ontwikkelingsbeleid. We dragen daarom ook actief bij aan het versterken van onze positie in deze regionale banken.’

‘Maar veel geld op tafel leggen is maar één deel van het verhaal, goed uitgekiende allianties binnen die organisaties en kwaliteitscontrole over hun output mogen zeker ook niet onderschat worden. Het is niet steeds het verhaal van wie het meeste nulletjes achter zijn naam heeft staan. We maken vandaag de dag ook meer de connectie tussen onze acties in de investeringsbanken en ontwikkelingssamenwerking. Vandaar dat ook de beslissing werd genomen deze legislatuur om te gaan voor een gedeeld voogdijschap in de ontwikkelingsbanken tussen Financiën en Ontwikkelingssamenwerking om meer te kunnen halen uit de gedeelde expertise.’

Die laatste beslissing bouwt voort op een strijd die de eerste groene staatssecretaris voor ontwikkelingssamenwerking, Eddy Boutmans, nog begon aan het einde van de vorige eeuw, te weten het doorbreken van het monopolie van het ministerie van Financiën op ons beleid in de Wereldbank.

Luyckx: ‘Misschien moeten we met de Kamer werken aan een Afrikanota?’

Of migratie een rol kan spelen en Europa niet teveel een fort is geworden? ‘Dat Europese fort is een goeie zaak. Forten hebben immers ook deuren, en die moeten ons toelaten migratie op een gecontroleerde manier toe te laten. In functie van onze noden. Dat moeten we zeker niet uitsluiten. Tegelijk moet je op lange termijn de noden daar aanpakken. Voor mij mag er op dat vlak meer gebeuren. Een Marshallplan voor Afrika lijkt me wel iets. Het potentieel van Afrika blijft hier te veel onderbelicht. Misschien moeten we in de Kamer werken aan een heuse Afrikanota, in plaats van te focussen op Centraal-Afrika. Afrika ontbreekt ook omzeggens geheel in de parlementaire bespreking van de lopende handelsakkoorden. Heel Afrika is ook maar goed voor 3,7 procent van onze export.’

EU kan veel meer doen

Bij Groen onderzocht Europees Parlementslid Bart Staes of de EU verstandig inspeelt op de Afrika-uitdaging. In het rapport ‘Migratie, het eerlijke verhaal’ benadrukt hij dat het riskant is te doen alsof je migratie snel kan uitschakelen door te investeren in Afrika. ‘Alle onderzoek leert dat ontwikkeling in eerste instantie leidt tot meer migratie omdat daardoor meer mensen de middelen hebben om te emigreren. We moeten er ons voor hoeden de verkeerde verwachtingen te wekken,’aldus Staes. Pas als de welvaart leidt tot een inkomen boven een bepaald niveau — 8000 euro per jaar, wordt soms genoemd — dooft de migratie uit.

Bart Staes (Groen) besluit uit zijn onderzoek dat de EU veel beter kan doen in zijn Afrikabeleid

Staes vindt dan ook dat de EU, gezien het feit dat het geld dat migranten terugsturen naar hun landen van herkomst een enorme ontwikkelingsimpuls is, best ook legale manieren van immigratie organiseert.

Staes stelt tevens vast dat middelen voor ontwikkelingssamenwerking via het EU Emergency Trust Fund for Africa gebruikt worden voor migratiemanagement. Staes:“De instrumenten voor migratiecontrole in landen als Mali, Tsjaad of Niger hebben bovendien tot gevolg dat de traditionele migratie in West-Afrika ook bemoeilijkt wordt want er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de meerderheid van migranten die in de regio willen blijven en de minderheid die door wil reizen naar Noord-Afrika en Europa. Door geen onderscheid tussen beide te maken wordt een traditionele en succesvolle uitlaatklep voor sociale problemen weggenomen.’

Staes: ‘Ontwikkelingsgeld wordt gebruikt om migratie te controleren in transitlanden’

Staes signaleert dat er ook 400 miljoen euro aan EU-ontwikkelingsgeld wordt ingezet als investeringsgarantie bij het Extern Investeringsfonds dat de investeringen in Afrika wil stimuleren. Staes betwijfelt of dit soort “blending” (mengen) van ontwikkelingsgelden en investeringen altijd goed zal uitpakken inzake armoedebestrijding of goed bestuur.

Ook inzake het coherent maken van het handelsbeleid en het ontwikkelingsbeleid benadrukt Staes dat er nog stappen te zetten zijn. ‘Zo is de uitvoer van melkpoeder van de EU naar West-Afrika – waar de meeste immigranten vandaan komen — gestegen van 12.900 ton in 2011 naar 36.700 ton in 2016. Dat heeft alles te maken met de afschaffing van de melkquota waardoor de productie en dus de druk om te exporteren sterk is gestegen.’

‘Bovendien is er nog altijd geen gelijk speelveld tussen de Afrikaanse en de Europese boeren die naast de directe inkomenssteun ook steun ontvangen voor de opslag van melkpoeder. Momenteel wordt er liefst 380.000 ton melkpoeder opgeslagen. Volgens de ngo concord bedraagt de totale EU-subsidie in 2016 ongeveer vijftig euro per ton. Een eerlijker handelsbeleid, het recht van landen om zich tijdelijk wat af te schermen om — zeker inzake landbouw en voedsel — wat stabiliteit te creëren is cruciaal. ’

Tenslotte wijst Staes op de aanhoudende immense kapitaalvlucht vanuit Afrika naar de mondiale belastingparadijzen. Afrika is er bijzonder gevoelig aan omdat de rijkdom er erg geconcentreerd zit, en vaak ontstaat in de mijnsector die erg gevoelig is aan kapitaalvlucht.

‘Meer investeringen graag maar in een sociaal en ecologisch kader’

Kamerlid voor CD&V Els Van Hoof vindt dat het Belgische parlement veel te weinig bezig is met Afrika. ‘Altijd is er wel een dringender punt op de agenda. Dat is betreurenswaardig. De media zijn in hetzelfde bedje ziek waardoor het als politicus niet loont daaraan te werken. Gelukkig is MO* er nog.’

Van Hoof (CD&V): Denk niet dat meer ontwikkeling onmiddellijk de migratie zal doen ophouden

Net als Bart Staes waarschuwt ze voor te eenvoudige redeneringen als zouden investeringen en welvaartsverhoging meteen de migratie doen opdrogen. ‘Dat is een mythe. Migratie komt nu ook van de al wat rijkere landen. Dat betekent uiteraard niet dat we niet moeten investeren in betere levenskansen voor de Afrikanen, maar verwacht niet dat onmiddellijk effect heeft op de migratiecijfers.’

Van Hoof: ‘Er komt een moment dat we zelf weer economische migratie organiseren’

Van Hoof zegt er absoluut van overtuigd te zijn dat er een moment komt dat Europese landen terug zelf economische migratie gaan organiseren. ‘De poetsdiensten, de rustoorden zullen werknemers te kort hebben. Migratie is niet alleen maar een gepolariseerd verhaal maar ook een positief verhaal: wat migranten terugsturen, is vier maal de mondiale ontwikkelingshulp.’

Van Hoof die een verleden heeft bij de ontwikkelings-NGO Wereldsolidariteit van de christelijke arbeidersbeweging erkent dat er meer zal nodig zijn dan hulp om de miljoenen banen te scheppen die nodig zijn om de stroom Afrikaanse jongeren die elk jaar op de arbeidsmarkt komen, op te vangen. ‘We moeten afstand nemen van onze koudwatervrees tegenover bedrijven. Ngo’s wilden daar vroeger niet aan, maar ik denk dat de bereidheid om stappen te zetten nu groter is dan vroeger. We hebben globale coalities nodig van bedrijven en ngo’s. Die moeten ervoor zorgen dat de investeringen op een maatschappelijk verantwoorde manier gebeuren, met respect voor sociale en ecologische regels.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur