‘Sociale leiders in quarantaine zijn een makkelijk doelwit’

Oorlog in tijden van pandemie: sociale leiders in Colombia lopen nu nog meer gevaar

© Luisa Gonzalez / Reuters

De afgelopen twee weken werden al minstens negen leiders vermoord in verschillende delen van Colombia. Gewapende groepen grijpen het virus aan om hun greep op conflictzones te versterken.

De noodsituatie vanwege het coronavirus heeft het geweld tegen sociale leiders en mensenrechtenactivisten in Colombia nog verder doen oplaaien. De afgelopen twee weken werden al minstens negen leiders vermoord in verschillende delen van het land. Gewapende groepen grijpen het virus aan om hun greep op conflictzones te versterken.

De laatste dag van haar leven zamelde Carlota Salinas voedsel in voor de armste families van haar dorp San Pablo, ter voorbereiding van de nationale quarantaine die diezelfde avond nog in zou gaan. Carlota verdedigde sinds tien jaar de rechten van vrouwen in San Pablo, een dorp hard getroffen door het gewapend conflict in Colombia. Diezelfde avond schoten onbekende gewapende mannen haar dood.

Hetzelfde lot trof de broers Omar en Ernesto Guasiruma, leiders van een inheems Embera reservaat in de Cauca Vallei in het zuiden van het land. De broers, eveneens in quarantaine, werden thuis overvallen door een tweetal gewapende mannen op motorfietsen, die de gemeenschapsleiders zonder pardon doodschoten.

En zo werden nog minstens vijf andere gemeenschapsleiders vermoord in verschillende delen van Colombia, in de twee weken sinds het ingaan van de noodmaatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus in Colombia.

De noodsituatie brengt duizenden lokale gemeenschapsleiders en andere activisten nog meer in gevaar

Het moge duidelijk zijn: ook een pandemie kan het geweld in Colombia niet stoppen. Integendeel. De noodsituatie brengt duizenden lokale gemeenschapsleiders en andere activisten nog meer in gevaar.

‘De veiligheidssituatie is zeer zorgwekkend, met name voor sociale leiders’, zegt Isabel Zuleta, leider van Ríos Vivos, een protestorganisatie tegen de bouw van megadam HidroItuango in het departement Antioquia. Het afgelegen gebied is een doorvoerroute voor de drugshandel en wordt daarom hard bevochten door de verschillende gewapende groepen. Bovendien raakten duizenden bewoners ontheemd door de bouw van de dam.

‘Nu we thuis moeten blijven, zijn we een makkelijk doelwit geworden. Niet alleen omdat we nu eenvoudig te lokaliseren zijn, maar ook omdat de politie en het leger is opgehouden met patrouilleren vanwege de quarantaine. Daarbij wonen we ook nog eens verspreid in een gigantisch gebied. Het aantal bedreigingen is toegenomen, en één van onze leiders is al vermoord.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
“Sociale leiders”

Al even zorgwekkend is de humanitaire situatie in het gebied. De bevolking ziet niet alleen haar gezondheid bedreigd door de pandemie, maar ook haar basisbehoeften als de voedselvoorziening en elektriciteit. Dat geldt zeker voor de sociale leiders, die hun werk doorgaans onbetaald doen en leven van werk in de informele economie.

‘Nu alles stilligt, blijven boeren met hun oogsten zitten en vissers kunnen hun vis niet meer verkopen. Daarbij zijn de voedselprijzen gestegen tot het driedubbele van voordien. Mensen hebben nu al geen geld meer om eten te kopen of hun elektriciteitsrekening te betalen. De wanhoop onder de bevolking, na slechts een paar dagen in quarantaine, is groot’, zegt Zuleta in een telefoongesprek.

De “sociale leiders”, zoals ze in Colombia bekend staan, zijn de duizenden lokale gemeenschapsleiders die hardnekkig blijven strijden voor vrede, mensenrechten en ontwikkeling in hun territorium. Dat is nodig, want ondanks het vredesakkoord met de rebellenorganisatie FARC, is het gewapend conflict in “hun Colombia” nooit weggeweest. In hun gebieden overleeft de bevolking zonder de meest noodzakelijke voorzieningen als zorg, onderwijs of schoon water.

Sinds het het vredesakkoord van eind 2016 zijn meer dan 800 sociale leiders vermoord in Colombia

Door hun volgehouden inzet, zijn ze een doorn in het oog van de vele gewapende groepen die nog altijd grote delen van Colombia in hun greep hebben. Sinds het sluiten van het vredesakkoord tussen de Colombiaanse regering en guerrillabeweging FARC eind 2016 zijn meer dan 800 sociale leiders vermoord in Colombia, volgens de teller van NGO Indepaz in Bogota.

Hoewel het gewapend geweld in het algemeen sinds de vrede met de FARC is afgenomen, nam het selectieve geweld tegen deze lokale leiders juist toe. 2020 is bijzonder bloedig voor hen begonnen: Alleen al tussen 1 januari en 20 februari telde Indepaz 53 vermoorde leiders.

Het gevaarlijkste land ter wereld

Volgens de VN was Colombia in 2019 het gevaarlijkste land voor mensenrechtenactivisten ter wereld, zo schreef de organisatie eind februari in een rapport over de mensenrechtensituatie. Ook riep ze de Colombiaanse regering op om maatregelen te nemen tegen het geweld.

Maar de regering bagatelliseert de moorden door die af te doen als ‘lokale ruzies tussen rokkenjagers’ en onlangs stelde minister van Binnenlandse Zaken Alicia Arango dat ‘er meer mensen doodgaan aan een overval op straat dan aan het geweld tegen sociale leiders.’

De regering bagatelliseert de moorden door die af te doen als ‘lokale ruzies tussen rokkenjagers’

Ondertussen gaat het geweld in de regio onverminderd verder, ondanks de quarantaine, zegt Zuleta. ‘Afgelopen vrijdag nog waren er confrontaties tussen de guerrilla en paramilitairen in Ituango. Het conflict trekt zich niets aan van een pandemie.’ Ook in andere delen van Colombia vinden nog steeds confrontaties plaats.

‘De situatie is kritiek’, zegt ook Berenice Celeita, mensenrechtenactiviste en oprichtster van NGO Nomadesc, een organisatie die sociale leiders in het departement Valle de Cauca bijstaat. ‘We zien meer criminaliteit omdat mensen geen voedsel meer kunnen betalen, en meer geweld tegen leiders. Die situatie bestond al, maar met de pandemie is het allemaal nog erger geworden.’

Moordenaars handhaven de wet

Bovendien grijpen de gewapende groepen de pandemie ook aan om nog meer terreur te zaaien onder de lokale bevolking. In verschillende delen van het land verspreidden paramilitaire groepen en de guerrillabeweging ELN pamfletten waarin ze aankondigden de naleving van de quarantaine te zullen controleren. Met ‘drastische gevolgen’ en ‘revolutionaire straffen’ voor degenen die zich daar niet aan houden, aldus de verschillende pamfletten.

‘Zelfs het vermoorden van iemand die besmet is met het virus, wordt als een legitieme oplossing beschouwd’

Zo wordt Yina Paola Sanchez Rodríguez, mensenrechtenactiviste in het departement Córdoba, met de dood bedreigd sinds ze met verkoudheidssymptomen terugkeerde van een bezoek aan Bogota. ‘Het geweld is zo genormaliseerd in de conflictregio’s dat nu ook het virus wordt gebruikt om leiders te stigmatiseren’, zegt Zuleta. ‘Zodat zelfs het vermoorden van iemand die besmet is met het virus, als een legitieme oplossing wordt beschouwd.’

Maar ironisch genoeg zijn het ook de gewapende groepen zelf die voor verspreiding van het virus kunnen zorgen. ‘Hun troepen blijven zich verplaatsen, waarmee ze mogelijk zelf het virus verspreiden. En wanneer er een confrontatie is, zullen mensen op de vlucht blijven slaan, daar kan geen pandemie verandering in brengen’, zegt Zuleta.

Pandemie stopt geweld niet

‘De illegale activiteiten van gewapende groepen, zoals drugshandel en illegale mijnbouw, die gaan door, daar verandert het coronavirus niets aan’, zegt ook Leonardo Gonzalez, onderzoeker van ngo Indepaz. ‘Maar door de pandemie lopen de bewoners van de conflictregio’s wel dubbel gevaar. In regio’s waar geen overheidsaanwezigheid is, geen zorg, geen onderwijs, niets, is het al onmogelijk om een pandemie te bestrijden. En omdat iedereen nu bezig is met het virus, van politie tot de burgerwachten van inheemse reservaten, hebben gewapende groepen vrij spel.’

‘Alsof het geweld onder normale omstandigheden wel geoorloofd is. Ze zouden de wapens voor altijd moeten neerleggen.’

De afgelopen weken riepen verschillende ngo’s, politici en de VN de gewapende groepen op tot een staakt-het-vuren zolang de pandemie duurt. Vooralsnog heeft alleen guerrillabeweging ELN daaraan gehoor gegeven, met de aankondiging om een maand lang eenzijdig de wapens neer te leggen. Toch gaat er een nefaste boodschap uit van die oproep, meent Gonzalez. ‘Alsof het geweld onder normale omstandigheden wel geoorloofd is. Ze zouden de wapens voor altijd moeten neerleggen.’

Het toenemend geweld tegen sociale leiders en de humanitaire situatie als gevolg van de maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus laten meer dan ooit de noodzaak van de uitvoering van de vredesakkoorden zien, zegt Gonzalez. ‘Doordat de regering heeft nagelaten de akkoorden uit te voeren, is het conflict weer toegenomen en blijven de buitengebieden verstoken van zorg en andere basisvoorzieningen. Daar zien we nu de gevolgen van.’

Maar ook voor bedreigde sociale leiders heeft de pandemie nu prioriteit. ‘Het is de keuze tussen het leven of de begraafplaats, en voor het leven moeten we alles overhebben’, zegt Miyela Riascos, sociaal leider in havenstad Buenaventura. ‘Ik zei afgelopen week tegen mijn moeder dat wat de wereld nu meemaakt, aanvoelt als de doodsbedreiging die wij als leiders voortdurend voelen. Maar dit keer is het een collectieve doodsbedreiging.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2848   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur