De wereld verwacht grotere klimaatambities

Slagen wereldleiders in 2019 voor hun klimaatexamen?

Greenpeace Polska CC BY-ND 2.0

Activisten sporen EU-landen aan grote klimaatambities na te streven

Na de technisch succesvolle maar politiek zwakke klimaattop in Polen volgt in 2019 een belangrijk klimaatexamen voor de wereld. Grote vraag is hoeveel en welke landen hun nationale klimaatplannen zullen opkrikken, en hoe.

Op de VN-klimaattop in het Poolse Katowice vorige maand werd de internationale gemeenschap het eens over de technische regels voor het klimaatakkoord van Parijs. In die zin was de top een succes. Maar op politiek vlak was er weinig nieuwe ambitie te merken.

Radicaal of suïcidaal

Nochtans is die ambitie hard nodig. Na de laatste wetenschappelijke waarschuwingen zei de premier van Fiji, Frank Bainimarama, dat landen hun huidige beloftes moeten vervijfvoudigen als ze een catastrofale klimaatverandering willen afwenden.

“Landen zoals de EU, China en India kijken hoe ze die stap samen, hand in hand kunnen nemen.”

VN-secretaris-generaal António Guterres schilderde het af als een keuze tussen radicale klimaatactie en een “suïcidaal pad.” Hij riep regeringen op om hun beloftes -in VN-taal bekend als de zogenaamde nationally determined contributions of NDC’s- in lijn te brengen met het klimaatpact.

Maar tot nog toe hebben alleen de kleine Marshall Eilanden nieuwe klimaatbeloften voorgelegd bij de VN. De komende maanden zal de druk toenemen op de grote uitstootlanden om dat voorbeeld te volgen, naarmate een nieuwe conferentie nadert die de VN-baas heeft vastgelegd in september.

Niemand wil als enige zijn nek uitsteken, zegt David Waskow, expert Klimaatbeleid aan het World Resources Institute (WRI). “Landen zoals de EU, China en India kijken hoe ze die stap samen, hand in hand kunnen nemen.”

China goed op weg

China, de grootste uitstoter van broeikasgassen ter wereld, wil geen bindende beloftes maken op het internationale toneel maar denkt intern na over een grotere ambitie.

De Aziatische gigant is goed op weg om zijn klimaatbeloftes tegen 2030 na te komen. Een studie door de Universiteit van East Anglia suggereert zelfs dat het die beloftes nu al gehaald heeft, met dank aan een verschuiving van steenkool en zware industrie naar meer hoogtechnologische sectoren en dienstverlening.

In juni vorig jaar raadde het National Centre for Climate Change Strategy and International Cooperation (NCSC), een denktank van de Chinese overheid, het land aan om “de klimaatbeloftes voor 2030 te evalueren en opties te zoeken om die te vernieuwen in 2020”. Dat was een belangrijk signaal, hoewel het op zichzelf geen beleidsverandering inhoudt.

Een NDC versterken kan zowel veranderingen aan de kwaliteit als de kwantiteit van de uitstootbeperkingen inhouden. Zo zou China niet-CO2-gassen zoals methaan kunnen integreren in zijn klimaatplannen. Dat zou een gevoelige verbetering zijn, zegt Waskow, en een gelijkaardige impact op het klimaat hebben als de totale uitstoot van een land als Indonesië.

Sterke variabele

Politiek is de vraag hoever China zal willen gaan zonder vergelijkbare inspanningen van de Verenigde Staten, de tweede grootste uitstoter ter wereld. De Amerikaanse president Trump heeft beloofd uit het klimaatakkoord van Parijs te stappen. Een meer ambitieuze klimaatbelofte voor 2020 is daardoor zo goed als onbestaande.

“Als Xi Jinping beslist aanwezig te zijn, dan is het redelijk te verwachten dat hij iets betekenisvol zal zeggen om de missie van de secretaris-generaal te helpen”

“De relatie tussen de VS en China is een sterke variabele”, zegt Li Shuo, energie-expert bij Greenpeace, verwijzend naar de handelsspanningen tussen beide landen. De grote vraag is of president Xi Jinping naar de VS zal afreizen voor de klimaattop van Guterres in september. “Als hij beslist aanwezig te zijn, dan is het redelijk te verwachten dat hij iets betekenisvol zal zeggen om de missie van de secretaris-generaal te helpen.”

Sinds de bocht van het Witte Huis heeft de Europese Unie geprobeerd om het diplomatieke vacuüm op te vullen. De EU riep een “high ambition coalition” in het leven van Europese lidstaten, eilandstaten en ontwikkelingslanden. De 79 leden van die coalitie beloofden in Katowice om hun NDC’s te verhogen tegen 2020.

Europees klimaatsecretaris Miguel Arias Cañete, een van de belangrijke initiatiefnemers van die coalitie, ijvert ook in eigen huis voor meer klimaatactie. Hoewel er tegenstand is uit Centraal- en Oost-Europese lidstaten, maakt hij zich sterk dat recente wetgeving op het vlak van hernieuwbare energie en efficiëntie het voor de unie mogelijk maken om diepere uitstootbeperkingen te beloven.

“De nieuwe doelstellingen betekenen de facto dat de Europese Unie in een positie is om het ambitieniveau van de NDC’s te verhogen en de uitstootbeperkingen van de huidige 40 naar 45 procent tegen 2030 te brengen”, zei hij in juni vorig jaar.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Partnerschap en groeilanden

Volgens Jahan Chowdury, directeur van het NDC Partnership, hebben Vietnam, de Filipijnen, Honduras, de Seychellen, de Marshall Eilanden, Rwanda, Guatemala, Mongolië en São Tomé en Príncipe allemaal al beloofd om hun NDC’s te versterken tegen 2020. Zijn organisatie is opgericht door verschillende Europese landen om ontwikkelingslanden bij te staan in het opschalen van hun klimaatactie.

NDC Partnership is ook in gesprek met nog vijftien andere landen: Armenië, Bolivia, Burkina Faso, Panama, Ethiopië, Jamaica, Kirgizië, Paraguay, Zimbabwe, Mexico, Nigeria, El Salvador, Ecuador, Indonesië en Uruguay.

Maar de grote vraag is wat de groeilanden zullen doen. Net als buurland China was India in Katowice terughoudend over zijn plannen. “Dat zal afhangen van hoe er collectief gehandeld wordt”, zei het hoofd van de Indiase delegatie A. K. Mehta op de top.

De regering-Modi benadrukt de zakelijke kansen in hernieuwbare energie, maar wijst ook op de historische verantwoordelijkheid van geïndustrialiseerde landen om als eerste te handelen.

Analisten bij het New Climate Institute oordelen dat India op weg is om zijn bestaande doelstellingen te halen en suggereren dat een hogere ambitie haalbaar is. De regering-Modi benadrukt de zakelijke kansen in hernieuwbare energie, maar wijst ook op de historische verantwoordelijkheid van geïndustrialiseerde landen om als eerste te handelen.

Brazilië lijkt dan weer van koers geraakt na de groeiende ontbossing vorig jaar. Nu de uiterste rechtse president Jair Bolsonaro is ingezworen, vrezen milieubewegingen een verdere terugval in de Braziliaanse ambitie.

In oktober zei Bolsonaro dat Brazilië in het klimaatverdrag van Parijs zou blijven zo lang dat geen gevolgen had voor de Braziliaanse controle over de Andes, het Amazonegebied en de oceaan. Maar veel van zijn beleidsmaatregelen bedreigen het grootste regenwoud ter wereld, en nog voor zijn ambtstermijn besliste Brazilië de VN-klimaattop van 2019 niet langer te organiseren.

Als de internationale gemeenschap sterkere klimaatbeloften wil van de landen in 2019, dan zal ze autoritaire leiders ervan moeten kunnen overtuigen dat het in hun nationaal belang is.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift