Is dit de nieuwe burgerregering waarop de EU wacht om relaties te normaliseren?

Thailand: de nieuwe premier is de oude dictator

Thailand State House Photo

Prayuth Can-ocha (centraal, beneden) met zijn coalitiepartners: zo ziet een burgerregering eruit in Thailand, anno 2019.

Het kan een tijdje duren eer een nieuwe regering gevormd is – dat hoeven we de Belgische lezer niet te vertellen. In Thailand wordt de nieuwe regering ingezworen op 16 juli, nadat de verkiezingen plaatsvonden op 24 maart. De nieuwe premier is voor het gemak gewoon de oude dictator, Prayuth Chan-ocha, en de nieuwe grondwet lost de oude problemen niet op, ze maakt die gewoon zo ingewikkeld dat de overheid er haar zin mee doet.

De regering was eigenlijk al wel even gevormd, maar in Thailand worden de ministers, net als in België, ingezworen voor de koning. In België moet de koning zich daarvoor beschikbaar houden, in Thailand moet de monarch daarvoor naar zijn eigen land terugkeren – want resideren doet koning Vajiralongkorn of Rama X in Europa. Maar vandaag is de koning terug in Bangkok, en dus kan premier Payuth Chan-ocha en zijn voltallige – en voor de volle honderd procent mannelijke – regering eindelijk de eed afleggen en aan de slag gaan.

Geluk voor Thailand

Even terugspoelen. Generaal Prayuth Chan-ocha kwam aan de macht door een staatsgreep – de twaalfde al sinds Thailand in 1932 een constitutionele in plaats van een absolute monarchie werd – op 22 mei 2014. Wat de eerste dagen een zachte coup leek, waarin het leger vooral uitrukte om een einde te maken aan de verlammende en in toenemende mate gewelddadige polarisatie in Thailand tussen roodhemden en geelhemden, wat in grote lijnen neerkwam op een belangstrijd tussen een politiek emanciperend platteland en een defensieve en royalistische middenklasse in de hoofdstad. Het leger koos uiteraard de kant van die tweede groep en kreeg daarvoor dan ook de stilzwijgende instemming van het koningshuis, toen nog onder de zieke maar immens populaire koning Bhumibol Aduljadei. Al heel snel werd duidelijk dat Prayuth zijn belofte over het snelle herstel van de democratie niet wou waarmaken en uiteindelijk ontpopte de generaal zich als een absoluut heerser in de oude traditie van een paternalist met een harde hand.

Prayuth hield zijn belofte over het snelle herstel van de democratie niet en ontpopte zich als een absoluut heerser in de oude traditie van een paternalist met een harde hand.

Voor wie van exotische details houdt: de generaal verspreidde zijn boodschap van wet en orde en nationale samenhang ook via de weg van het populaire lied: zijn Returning Happiness to Thailand werd min of meer bij decreet een hit op de lokale radiostations die niet gesloten waren omdat ze sympathiseerden met de oppositie. Wie de zaken liever structureel bekijkt, onthoudt vooral artikel 44 van de tussentijdse grondwet, die vanaf 2015 de krijgswet verving en die pas vorige week ingeruild werd voor een nieuwe grondwet die vorig jaar bij referendum goedgekeurd werd.

Dat Artikel 44 gaf generaal Prayuth absolute macht in het geval hij sociale harmonie bedreigd zag, verbood elke publieke manifestatie met meer dan vijf deelnemers, liet een publicatieverbod toe als de junta (de National Council for Peace and Order -NCPO) vond dat de informatie angst kon onder de bevolking teweegbrengen of de waarheid geweld aan deed, … Van mei 2014 tot mei 2019 moesten 1318 mensen zich melden bij de politie om politieke redenen, werden 625 mensen opgepakt, kregen 99 mensen een proces wegen majesteitsschennis, 117 wegens opruiing, 421 wegens bijeenkomsten met meer dan vijf personen, en werden 1886 mensen berecht voor een militaire rechtbank.

De dictator is een rekenwonder

De terugkeer naar de democratie was dan ook een een lang, moeizaam en uitermate ondoorzichtig proces met herhaald uitstellen van de verkiezingen. Toen die er, na opvallend veel protest begin dit jaar, dan toch kwamen, waren het allesbehalve vrije en democratische verkiezingen. Er was iets meer ruimte voor politiek debat dan bij het referendum over de grondwet in 2018, toen kritiek op het ontwerp, propaganda voor een neen-stem of meer algemene kritiek op de strategie van de NCPO gewoon tegen de wet en dus strafbaar was.

Voordat de kiezers de kans hadden “de kaarten te schudden”, werd het spel echter grondwettelijk vervalst. Want de nieuwe grondwet gaf generaal Prayuth Chan-ocha de ruimte om zowat de volledige Senaat (250 zetels) te benoemen voor een periode die de volgende legislatuur overstijgt. De 500 zetels in de Kamer werden verdeeld volgens een ingewikkeld systeem dat rechtstreekse verkiezing van 350 volksvertegenwoordigers combineerde met de verkiezing van 150 partijvertegenwoordigers.

Welke rekenkunde er uiteindelijk werd toegepast, kon niemand me begin juli in Bangkok vertellen

De verdeling van die 150 zetels was obscuur vanaf de voorstelling van het systeem en werd door de verkiezingscommissie nog aangepast tijdens het tellen van de stemmen – ongetwijfeld om er toch voor te zorgen dat Prayuth zichzelf kon laten verkiezen als de nieuwe premier. Welke rekenkunde er uiteindelijk werd toegepast, kon niemand me begin juli in Bangkok vertellen. Om tot het “gewenste resultaat” te komen, moest trouwens eerst nog de populaire Thai Raksa Chart partij ontbonden worden, nadat die partij uitpakte met prinses Ubolratana, de zus van de nieuwe koning, als lijsttrekster. Meteen werd het hele bestuur van die partij voor tien jaar uit zijn burgerrechten ontzet.

Hoe klein is het verschil?

Het einde van de militaire regering betekent ook dat Artikel 44 verdwijnt. De NCPO kondigde vorige week aan dat een honderdtal van de in totaal 511 verordeningen van de NCPO geschrapt zouden worden. In kleine letters gaven de generaals ook mee dat een aantal verantwoordelijkheden van de NCPO overgenomen worden door de Internal Security Operations Command (ISOC), een militair gedomineerde instelling uit een van de vorige staatsgrepen. De ISOC wordt ook onder de bevoegdheid van de premier geplaatst, in plaats van onder Justitie. Het is maar één van de symbolische stappen die aangeven hoe klein het verschil tussen de voorbije vijf jaar en de komende jaren zal zijn.

De nieuwe burgerregering in Thailand heeft democratische geloofsbrieven die zo stevig zijn als die van Louis XIV

Kortom: de nieuwe burgerregering in Thailand heeft democratische geloofsbrieven die zo stevig zijn als die van Louis XIV. Toch hopen heel wat waarnemers dat het einde van de NCPO en de noodzaak om andere partijen aan boord te houden in een behoorlijk wankele en erg krappe parlementaire meerderheid, de nieuwe premier zal dwingen om meer ruimte te laten voor democratisch debat en oppositiestandpunten.

Nochtans lijkt het er op dat het gerecht alweer ingeschakeld zal worden om de krachtigste oppositiepartij – de Future Forward Party, waarvoor onder andere ook een aantal gekende mensenrechtenactivisten verkozen werden – te fnuiken. Haar charismatische leider en miljardair, Thanathorn Juangroongruangkit, is namelijk aangeklaagd omdat hij aandelen bezat van een mediabedrijf – en dat is tegen de wet sinds het zwarte beest van de elite in Bangkok, Thaksin Shinawatra, mediatycoon, boegbeeld van de roodhemden en immens populair in het noorden en noordoosten van Thailand, uitgeschakeld moest worden. Dat V-Luck Media Co, het bedrijf waarvan Thanathorn aandelen had, niet actief is in de media, lijkt geen bezwaar voorlopig om hem, en wie weet met hem de hele partij, uit het parlement te proberen zetten.

Hoe gevoelig is de kroon?

Een andere stekelige kwestie is de vraag waar het naartoe gaat met de Lèse Majesté, de draconische wet op majesteitsschennis die in Thailand de voorbije jaren vooral ingezet is om critici van de heersende machtsverhoudingen het zwijgen op te leggen. In het epische conflict tussen roodhemden en geelhemden was geel niet toevallig de kleur van de hoofdstedelijke middenklasse, want het is traditioneel de kleur van de monarchie. Nogal wat mensen in Thailand dragen bijvoorbeeld op maandag een geel T-shirt of kledingstuk, omdat Rama X, net als zijn vader Bhumibol, op een maandag geboren werd.

De draconische wet op majesteitsschennis werd in Thailand vooral ingezet om critici van de heersende machtsverhoudingen het zwijgen op te leggen

Onder koning Bhumibol werd vooral de kroonraad verantwoordelijk gehouden voor het intimiderende gebruik van majesteitsschennis. Nu zowel de oude koning als de voorzitter van die kroonraad vervangen zijn, blijken er effectief veel minder tot geen nieuwe processen aangespannen te worden. Maar of er nu ruimte is om actie te voeren voor het afschaffen van de gewraakte wet, is allesbehalve zeker.

Nogal wat mensenrechtenactivisten vrezen dat de wettelijk geregelde repressie van de voorbije jaren nu vervangen wordt door een ander soort intimidatie. Het eerste semester van 2019 vonden er zes gewelddadige aanvallen plaats op bekende politieke activisten, uitgevoerd door gemaskerde mannen, op publieke plaatsen. De Thai Lawyers for Human Rights vrezen dat dit soort geweld het nieuwe normaal zou kunnen worden, nu een batterij andere middelen om de macht te controleren niet meer werkt. Ook opvallend, signaleert de organisatie: de aanvallen vonden bijna altijd plaats nadat een politieke actie aangekondigd werd bij de politie, zoals het hoort. Of daarmee bewezen is dat de politie banden heeft met de aanvallers, is veel te vroeg, maar TLHR vraagt verhoogde waakzaamheid.

Wat brengt dat op, die “democratie”?

Er zijn, met andere woorden, heel veel vragen bij de “terugkeer naar de democratie” die vandaag uitgebreid gevierd wordt in Thailand. Die vragen hebben ook heel tastbare consequenties, want Thailand wil zo snel mogelijk de relaties met de Europese Unie normaliseren, zodat het partnerschapsakkoord dat onderhandeld werd in voege kan gaan en zodat de gesprekken over een vrijhandelsakkoord op opnieuw opgestart kunnen worden.

Met twee grote concurrenten, China en de VS, die niet malen om mensenrechten, vrezen een aantal Europese landen en bedrijven dat ze de boot zullen missen.

Beide trajecten liggen stil sinds de staatsgreep in 2014, en dat irriteert niet enkel de Thailandse zakenwereld, maar ook heel wat Europese bedrijven. De EU is de derde belangrijkste exportmarkt voor Thailand (vorig jaar goed voor 22,9 miljard euro) en ook de derde grootste invoerder (15,1 miljard euro). De groeimarge is aanzienlijk, en met twee grote concurrenten, China en de VS, die niet malen om mensenrechten, vrezen een aantal Europese landen en bedrijven dat ze die boot zullen missen.

Toch zou Europa er volgens ingewijden best aan doen om voorbij het decorum te kijken en zijn benadering af te stemmen op de signalen van mensenrechtenverdedigers, sociale organisaties en andere bewegingen die aan den lijve ondervinden hoe reëel (of oppervlakkig) het democratisch herstel werkelijk is.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur