In Thailand is een mening tegen de wet

Analyse

In Thailand is een mening tegen de wet

In Thailand is een mening tegen de wet
In Thailand is een mening tegen de wet

Sarah Haaij

17 mei 2016

Vergeet de stranden en de gouden stoepa’s. Thailand is misschien nog een vakantieparadijs voor westerse toeristen, maar achter de coulissen trekt een militaire junta de touwtjes steeds strakker aan. Studenten belanden in de cel om Facebook-berichtjes, journalisten en politici moeten verplicht op heropvoedingscursus en over de nieuwe grondwet mag je wel stemmen, maar je mag er geen mening over verkondigen.

Maandagavond 18 april, het is spitsuur op treinstation Victory Monument in Bangkok; bezwete forenzen haasten zich over de loopbrug naar de koelte van de sneltrein. Met de ogen gericht op hun smartphones, struikelen ze bijna over een clubje in het wit geklede mensen, dat in het midden van het gedrang tot stilstand is gekomen. ‘Vote NO!’, klinkt het op uit de samenscholing. En net als in de film, The Hunger Games, gaan er als teken van verzet drie vingers de lucht in.

Bijna niemand durft nog wat

Maar wat een eerste demonstratie tegen de grondwet had moeten worden, raakt nog voordat het goed en wel van start kan, in de kiem gesmoord. Een overmacht van louter vrouwelijke politieagenten verschijnt op de loopbrug en dringt het protest in één klap terug. Vijf minuten later lijken de meeste witte T-shirts verdwenen in de mensenmassa en zijn er vier demonstranten gearresteerd.

Twee jaar militaire junta
Twee jaar geleden werd de regering van premier Yingluck Shinawatra afgezet met een militaire coup. De enorme straatprotesten van tegenstanders van haar regering hadden zes maanden geduurd. Op 22 mei 2014 grepen de militairen in om naar eigen zeggen de orde en veiligheid in het land te herstellen. Twee jaar later zitten de militairen er nog altijd en zijn de beloofde vrije verkiezingen meermaals uitgesteld. Terwijl de junta de touwtjes strakker aantrekt klinkt er meer en meer gemor op vanuit alle politieke hoeken.

Onder de gearresteerden bevindt zich één de bekendste activisten uit het Thailandse studentenverzet, de 24-jarige Sirawith Seritiwat**.** ‘Nee, bang was ik niet’, lacht hij een paar dagen later in het cafetaria van de Thammasat universiteit. ‘Dit was niet de eerste keer dat ze me meenamen. Sinds de junta aan de macht is, ben ik er gewend aan geraakt.’

Seritiwat is de zachtaardige voorman van New Democracy Movement (NDM), een los netwerk van Thaise studentenactivisten dat zich openlijk tegen het repressieve bewind van de militaire junta keert. ‘Mensen zijn zo bang geworden’, legt hij in overhemd en met fijne gebaren uit, ‘zodra je je uitspreekt kan dat onverwachte gevolgen hebben. Bijna niemand durft dus meer wat.’

De jonge honden van de NDM en Resistant Citizen Group, een tweede actiegroep waar Seritiwat ook bij betrokken is, spreken zich wel uit en schuwen daarbij de publieke ruimte niet. Zo werd het publiek tijdens de demonstratie op het treinstation opgeroepen om nee te stemmen tijdens het aankomende grondwetreferendum.

 Narituko Jukisaki -CC BY-SA 4.0

Prayut Chan-o-cha, liet weten dat iedereen die actief campagne voert, voor of tegen de ontwerpgrondwet, tot tien jaar gevangenisstraf riskeert. ‘Als u niet bang bent, dan is het helemaal aan u’

Narituko Jukisaki -CC BY-SA 4.0

Referendum zonder meningen

De militaire regering van Thailand, de National Council for Peace and Order (NCPO), die in 2014 met een coup aan de macht kwam, beloofde de bevolking stabiliteit een nieuwe grondwet en verkiezingen. Na veel uitstel ligt er nu, twee jaar later een ontwerpgrondwet waar de Thailanders zich op 7 augustus in een referendum over uit zullen spreken.

Iedereen die actief campagne voert voor of tegen de ontwerpgrondwet riskeert tot tien jaar gevangenisstraf

Maar er is een probleem; de bevolking mag wel stemmen over de grondwet, ze mag er alleen geen ‘onrust veroorzakende’ mening over verkondigen. Juntaleider en premier Prayut Chan-o-cha, liet weten dat iedereen die actief campagne voert, voor of tegen de ontwerpgrondwet, tot tien jaar gevangenisstraf riskeert. ‘Als u niet bang bent, dan is het helemaal aan u’, voegde hij daar tijdens een persconferentie fijntjes aan toe.

De jonge Seritiwat weet maar al te goed wat deze woorden kunnen betekenen. Niet alleen lopen er twee rechtszaken van het regime tegen hem, hij is meermaals gesommeerd voor een heropvoedingscursus – een eufemisme voor militaire detentie en verhoor waarbij critici van het regime voor een paar dagen verdwijnen, zonder dat de familie op de hoogte wordt gebracht of een advocaat aanwezig is.

De ‘cursist’ wordt onder druk gezet om zijn of haar acties in lijn te brengen met NCPO-beleid. Afgelopen januari was een dieptepunt voor Seritiwat, toen hij door militairen van straat werd geplukt en in een bos in elkaar geslagen, alvorens te worden gearresteerd.

Toch zet de jonge activist de stem-nee campagne door, bezorgd als hij is dat de junta het referendum alleen maar zal gebruiken om haar eigen macht te rechtvaardigen. ‘Alleen als we nee stemmen kunnen we laten zien dat deze junta, die nooit door ons gekozen is, geen legitimiteit heeft’, aldus Seritiwat.

Het nieuwe normaal

‘Tja’, verzucht Sunai Phasuk senior onderzoeker bij Human Rights Watch Thailand. ‘Dit is het Nieuwe Normaal.’ Als mensenrechtenactivist volgt hij de detenties en ontwikkelingen rondom de NDM en andere critici, journalisten, kunstenaars en academici op de voet. In dit nieuwe Thailand is er geen persvrijheid, geen ruimte voor satire, worden mensen opgesloten zonder aanklacht en zijn vredige beenkomsten van meer dan vijf personen al twee jaar lang verboden. ‘Zelfs dit T-shirt’, zegt hij terwijl hij naar zijn borst wijst, ‘een hemd met de opdruk speech limit 0, is opruiend en dus eigenlijk verboden!’

Met lede ogen ziet Phasuk toe hoe de militairen Thailand steeds verder van de beloofde transitie naar democratie weg bewegen. Met zogenoemde NCPO-orders trekt de junta meer en meer politieke en wetgevende macht naar zich toe.

Generaal Chan-o-cha: ‘Waarom respecteren mensen de wet niet eens gewoon, in plaats van de hele tijd maar om democratie en mensenrechten te vragen?’

Sinds 30 maart hebben militairen dezelfde bevoegdheden gekregen als politieagenten en kunnen soldaten nu verdachten oppakken en vasthouden zonder tussenkomst van een rechtbank. ‘Met order 13/2016 kan Chan-o-cha eigenlijk doen wat hij wil, zonder controle of verantwoording. De transformatie naar een militaire staat is compleet’, vat Phasuk samen.

Ook in de ontwerpgrondwet hebben de militairen hun invloed verzekerd. De tekst voorziet in een door de militairen aangewezen Eerste Kamer en de mogelijkheid om de komende vijf jaar wetten te overzien. Daarbij bestaat de kans dat ook na eventuele verkiezingen een van de juntageneraals de nieuwe premier wordt.

Critici zijn bang dat de grondwet de diepe verdeeldheid in Thailand enkel aan zal scherpen. En de generaal? Die wuift elke vorm van kritiek consequent weg met één van zijn beruchte oneliners: ‘Waarom respecteren mensen de wet niet eens gewoon, in plaats van de hele tijd maar om democratie en mensenrechten te vragen?’

CC Melenama (CC BY-SA 2.0)

CC Melenama (CC BY-SA 2.0)

Schrijf niet over de Koning

Thailandse media hebben ondertussen moeite om evenwichtig verslag te doen van de politieke ontwikkelingen. Reporters Without Borders plaatste Thailand vorige maand twee treden lager in haar persvrijheidrangorde.

Het land van de glimlach bungelt nu op nummer 136, ergens tussen Honduras en Jordanië. ‘Junta leider en premier Prayut Chan-o-cha, is het nieuwe roofdier van informatie´, luiden de alarmerende woorden van de media-ngo.

Op de burelen van non-profit nieuwsmedium Prachatai proberen ze zich zo min mogelijk van de overheidsdruk aan te trekken. Vorig jaar won journaliste Mutita Chuachang nog een internationale prijs voor haar onverschrokken verslaggeving over rechtszaken over majesteitsschennis, die onder de junta zijn verdubbeld.

Het beledigen van de monarchie is een misdaad onder de lèse majesté wet, die in vijftien jaar gevangenisstraf kan resulteren

Het beledigen van de monarchie is een misdaad onder de lèse majesté wet, die in vijftien jaar gevangenisstraf kan resulteren. ‘Over het toegenomen lèse majesté veroordelingen schrijven is eigenlijk al risicovol. Net zoals schrijven over critici van het referendum,´ zegt Chuachang op de redactie. ´Maar iemand moet het doen, ik zie hoe de NCPO de wet misbruikt om elke vorm van ideeënuitwisseling of kritiek de kop in te drukken.’

Toen haar collega Thaweeporn Kummetha vorig jaar een monarchie-gerelateerd artikel publiceerde, kreeg ze de junta op haar dak. ‘Ze zijn me zelfs bij mijn ouders komen zoeken’, zegt ze nog altijd verbaasd. ‘Uiteindelijk ben ik me gaan melden.´

Kummetha herinnert zich die ontmoeting als beleefd maar tegelijkertijd ook intimiderend. De militairen bleven de journaliste aanspreken met Moo, een kooswoordje dat ouders hier alleen voor de allerkleinsten bewaren. De ontmoeting heeft de journaliste dusdanig angst ingeboezemd, dat ze eerder gepubliceerde online artikelen alsnog heeft aangepast.

CC Roberto Trombetta (CC BY-NC 2.0)

CC Roberto Trombetta (CC BY-NC 2.0)

Het verzet is nog niet dood

De repressieve en soms ronduit neerbuigende houding van de NCPO naar vrouwen, boeren en studenten, begint weerstand op te roepen bij alle politieke kleuren van de bevolking. Toen de premier onlangs één van zijn “grapjes” maakte en vrouwen met snoepjes vergeleek, die er het beste uitzien als ze goed ingepakt zijn, barstte er een bommetje op de sociale media.

Daarbij komt er ook meer kritiek uit het politieke kamp dat de junta in 2014 nog in het zadel hielp. Kraisak Choonhavan, voorstander van de coup en politicus uit het anti-Shinawatra kamp, maakt zich openlijk zorgen over de manier waarop critici van het regime behandeld worden.

‘Deze mensen mogen niet voor een militair tribunaal worden berecht, dit zijn schrijvers en politieke activisten, geen opstandelingen met oorlogswapens’

‘Deze mensen mogen niet voor een militair tribunaal worden berecht, dit zijn schrijvers en politieke activisten, geen opstandelingen met oorlogswapens’, liet hij in een interview weten. Zijn partij, De Democratische Partij, heeft zich inmiddels ook tegen de grondwet uitgesproken.

Online en ook in de straten van Bangkok gist er iets. ‘De demonstratie op het treinstation was de eerste vorm van openbaar verzet die we in lange tijd gezien hebben,’ zegt Phasuk van Human Rights Watch.

Het protest van groepen als de NDM en Resistant Citizen is nog klein en ongeorganiseerd in vergelijking met de massale manifestaties van rood- en geelhemden die in afgelopen jaren Thailands’ straten kleurden, maar de acties krijgen wel veel aandacht en vinden nu ook vaker plaats.

‘De belangrijkste boodschap in de aanloop naar het referendum is nu duidelijk gemaakt´, aldus de mensenrechtenonderzoeker, ´het verzet is nog niet dood!’

Of het verzet groot genoeg is op de grondwet op 7 augustus weg te stemmen, en de legitimiteit van de junta publiekelijk te bevragen, is moeilijk te peilen. Voor of tegen, gezichtsverlies of niet, de meeste Thailanders verwachten dat de junta toch wel een vorm zal vinden om voorlopig in het zadel te blijven. Dat kan één jaar duren of langer zeggen critici, maar ondertussen zal de druk toenemen.

Blogster ThaiTalk, die in scherpe tweets de politiek van anoniem commentaar voorziet, vergelijkt de situatie met een ´deksel over een rommelende vulkaan’. De scenario’s waarop die vulkaan tot uitbarsting kan komen variëren afhankelijk van wie je spreekt; nieuwe semidemocratische verkiezingen, striktere militaire regels, massademonstraties, een volgende coup, of een politieke impasse na een troonwisseling in het koningshuis? Niemand kan vertellen hoe het Nieuwe Normaal van Thailand er na deze zomer uit zal zien.