Vrede voor 7,4 miljoen ontheemden in Colombia?

Het gewapend conflict in Colombia verjoeg miljoenen Colombianen van hun thuis. Een van de grootste uitdagingen in de postconflictperiode is de tegemoetkoming van de slachtoffers. En het einde van de FARC als gewapende guerrilla betekent niet het einde van het geweld. Colombianen blijven hun thuis ontvluchten omwille van mensenrechtenschendingen.

  • © Lisa Couderé​​ Een gemeenschapsleidster in La Delicia, Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Een gemeenschapsleider in La Delicia, Cucuta die meer dan tien jaar geleden van Cartagena naar Cucuta vluchtte. © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ La Delicia, een buitenwijk in Cucuta die sinds 2015gelegaliseerd is en zo toegang heeft tot sociale voorzieningen. © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Gemeenschapsleiders in La Delicia, in Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Gemeenschapsleiders in La Delicia, Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Gemeenschapsleidsters in La Delicia, Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Op 27 juni leverde de FARC-guerrilla officieel hun wapens in in Meseta, Meta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Een gemeesnchapsleidster toont haar huis in de recent gelegaliseerde buitenwijk La Delicia, Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Een bibliotheek in een van de huizen in La Delicia, om de rechten van de slachtoffers van het gewapend conflict te kennen. © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ La Delicia, Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ De Wet 1448 van de Slachtoffers uit 2011 nam voor de eerste keer de guerrilla, paramilitairen en criminele bendes in rekening voor de slachtoffers. © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ De Wet 1448 van de Slachtoffers uit 2011 nam voor de eerste keer de guerrilla, paramilitairen en criminele bendes in rekening voor de slachtoffers. © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Een gemeenschapsleider in La Delicia, Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Gemeenschapsleidsters in la Delicia, Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Op 27 juni leverde de FARC-guerrilla officieel hun wapens in in Meseta, Meta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Sonia, een gemeenschapsleidsters in haar huis in de buitenwijk La Delcia, in Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Sonia, een gemeenschapsleidsters in haar huis in de buitenwijk La Delcia, in Cucuta © Lisa Couderé​​
  • © Lisa Couderé​​ Sonia, een gemeenschapsleidsters in haar huis in de buitenwijk La Delcia, in Cucuta © Lisa Couderé​​

Afgelopen maanden ging zowel de internationale als nationale (media)aandacht naar de 26 landelijke overgangszones waar de FARC-guerrilla zich concentreerde om te ontwapenen. Na de ontwapening komen andere cruciale punten van het vredesakkoord boven op de agenda, zoals de Speciale Rechtbank van de Vrede.

Na de FARC hopen de slachtoffers van het conflict hun vruchten van het vredesakkoord te plukken. En dit betekent niet alleen aandacht voor het platteland. Ook de stedelijke gebieden en de periferieën van de steden hebben grote nood aan investeringen. De intern ontheemden in de steden verloren geliefden en land, en proberen in uiterst moeilijke omstandigheden hun leven herop te bouwen.

MO* bezocht de in 2015 gelegaliseerde buitenwijk La Delicia in Cúcuta, in het departement Norte de Santander. De settlements rond Cúcuta ontpopten zich begin jaren tweeduizend aan de periferie van deze grensstad met Venezuela. La Delicia is als een mini-Colombia waar mensen die vanuit heel het land het geweld ontvluchtten, samenkwamen en een gemeenschap opbouwden. Anderen ontvluchtten dan weer de provincie Norte de Santander naar andere uithoeken van Colombia. De paradox van vluchten. Ondertussen komen in de noordoostelijke grensstreek ook Venezolaanse vluchtelingen aan. Het vredesakkoord staat op de test.

Vluchten en het Colombiaans conflict

Volgens de VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR wonen er 340.000 Colombiaanse vluchtelingen in het buitenland. Zij vonden voornamelijk bescherming in Ecuador, Venezuela, Panama en Costa Rica. Het grootste aantal vluchtelingen bevindt zich binnen de landsgrenzen van Colombia. Het Zuid-Amerikaanse land telt maar liefst 7,4 miljoen Internally Displaced People (IDPs), of intern ontheemden.

Tussen januari 2012 en augustus 2016 kwamen er 28.898 intern ontheemden bij.

De vredesonderhandelingen met de FARC begonnen dan wel in 2012, maar beide partijen kondigden pas in augustus 2016 officieel een bilateraal staakt-het-vuren af. Terwijl de onderhandelaars in Havana punt na punt de moeilijkheden overwonnen, kwamen er tussen januari 2012 en augustus 2016 28.898 intern ontheemden bij.

In het rapport Global trends. Forced Displacement in 2016 van de VN-Vluchtelingenorganisatie dat in juni uitkwam, staat Colombia nog steeds op de niet benijdenswaardige eerste plaats als land met de meeste intern ontheemden wereldwijd, voor Syrië en Irak.

Sonia in La Delicia

In het gemeenschapshuis van La Delicia komen mannen en vrouwen uit heel Colombia samen: Cauca in zuidwest Colombia, Maria La Baja in het noordelijke departement Bolivar, Pamplona in Norte de Santander, Tumaco in het zuidwestelijke departement Nariño en Cartagena aan de Caraïbische kust.

© Lisa Couderé​​

Een gemeenschapsleidster in La Delicia, Cucuta

‘Ik ging van stad naar stad op zoek naar vrede en veiligheid’

Sonia zag zich genoodzaakt haar thuis in Tumaco, in het zuidwestelijke departement Nariño, te ontvluchtten: ‘Ik ging van stad naar stad op zoek naar vrede en veiligheid’. Haar levensverhaal verbeeldt de harde realiteit van intern ontheemden in Colombia. In 2001 vluchtte de vrouw van Nariño, in zuidwest Colombia aan de pacifische kust, naar Cali, meer noordwaarts. Enkele jaren later moest ze ook daar vluchten.

Sonia verbleef een tijd in Bogota, in het centrum van het land. In de hoofdstad kreeg ze de eindjes niet aan elkaar geknoopt, waarop ze naar Cúcuta vertrok. Ze heeft haar zus in Bogota al zes jaar niet meer gezien. De middelen laten het niet toe. In 2005 kwam Sonia aan in Cúcuta. Haar vlucht ging dwars door het land, van zuidwest Colombia aan de Ecuadoraanse grens tot in het noordoosten aan de grens met Venezuela.

De moeder van drie vertelt dat het uiterst moeilijk was toen ze aankwam in Cúcuta: ‘Ik had er geen familie, niemand, ik kwam alleen aan met mijn zonen. De paramilitairen vermoordden de vader van mijn kinderen. Ik heb geen rouwproces kunnen doorlopen, want er was geen familie meer ter plaatse om de resten van mijn man op te halen. Ik vind het moeilijk, in Cúcuta leven. Het is hier helemaal anders dan ik gewend ben, maar ik ben hier opdat mijn kinderen in rust kunnen opgroeien.’

Intern ontheemd en het vredesakkoord

Wat is de hoop voor de intern ontheemde bevolking in Colombia, nu het vredesproces verder uitvoering vindt? Jozef Merkx, de nationale vertegenwoordiger van de VN-Vluchtelingenorganisatie in Colombia, vertelt dat er grote hoop leeft. Punt vijf van het vredesakkoord gaat over de slachtoffers van het conflict en een groot deel van de slachtoffers zijn intern ontheemd. De intern ontheemden maken dus indirect deel uit van het vredesakkoord.

© Lisa Couderé​​

Een gemeenschapsleider in La Delicia, Cucuta

Toch is het voor al deze mensen niet zo voor de hand liggend om naar hun thuis terug te keren. ‘Het thema van terugkeer is niet gemakkelijk’, bevestigt Merkx. Slechts een kleine percentage van de intern ontheemden zal volgens Merkx terugkeren naar hun plaats van afkomst, naar hun dorpen en de landelijke gebieden.

‘Waarom zou ik terugkeren naar daar waar mijn leven en dat van mijn kinderen gevaar loopt.’

Hoewel Sonia het moeilijk heeft in Cúcuta vertelt ze: ‘Waarom zou ik terugkeren naar daar waar mijn leven en dat van mijn kinderen gevaar loopt.’

Merkx vertelt dat veel van de intern ontheemden al vele jaren in de grote steden wonen, ze hebben er kinderen die er geboren zijn en willen vaak niet terug. Er is ook niet overal de garantie dat de zones waar ze vandaan vluchtten vandaag veilig zijn.

Vredesopbouw in de steden

© Lisa Couderé​​

La Delicia, Cucuta

Een groot deel van de intern ontheemde bevolking van Colombia woont in de grote steden. De nadruk op plattelandsontwikkeling in het vredesakkoord is belangrijk. Ongelijke landverdeling lag mee aan de basis van het gewapend conflict. De staat moet zijn rol opnemen in de afgelegen gebieden, zodat gewapende groepen de leegtes niet innemen. Maar om de slachtoffers tegemoet te komen en voor duurzame vrede is ook stedelijke ontwikkeling cruciaal.

‘Het vredesproces moet niet alleen de situatie in de 26 overgangszones -waar de FARC zich bevindt- veranderen, het is meer dan dat. De president herhaalt het ook steeds: “De slachtoffers bevinden zich in het centrum van het akkoord.” We weten dat meer dan negentig procent van de slachtoffers intern ontheemden zijn en we moeten dus zien waar zij zich bevinden’, legt Merkx uit. ‘Maar het is een moeilijke balans, vrede in de landelijke zones en vrede in de stad.’

Merkx wijst er op dat het fenomeen van intern ontheemden niet nieuw is: ‘Een groot deel van de 7,4 miljoen intern ontheemden is al meer dan tien jaar ontheemd. Velen van hen bevinden zich in wat wij “een verlengde situatie” noemen. Bovendien woont 55 procent van deze bevolking in de grote steden, bijvoorbeeld het zuiden van Bogota. Er zijn buurten waar veertig procent van de bevolking ontheemd is. Vandaag zien we dat de desplazados steeds meer deel uitmaken van de marginale en vaak informele wijken van de grote steden’, aldus Merkx.

‘De meest realistische oplossing is lokale integratie. De intern ontheemden kunnen blijven waar ze nu wonen en daar hun situatie proberen te verbeteren’, vertelt Merkx. De legalisatie van buitenwijken in de steden is de eerste stap voor de intern ontheemde bevolking om toegang te krijgen tot sociale investeringen.

‘Vrede zonder onderwijs, vrede met honger is geen vrede.’

Maar het is een hele uitdaging. De noodzaak is enorm: water, wegen, onderwijs, gezondheidszorg, maar ook werkvoorziening zodat deze mensen de middelen hebben om te overleven. La Delicia is een goed voorbeeld van hoe de legalisatie van de buurt de nodige basisvoorzieningen met zich meebracht. De inwoners van La Delicia benadrukken het belang van basisrechten voor gerechtigheid: ‘Vrede zonder onderwijs, vrede met honger is geen vrede.’

De inwoners van La Delicia zijn trots op wat ze bereikt hebben. Een van hen bedenkt wel: ‘We bouwden een thuis, maar dit is nog geen huis. Het is een constructie van platen.’ En toch: de foto’s aan de muren van het huis symboliseren de thuis die ze rechthielden, de diploma’s hun doorzettingsvermogen.

© Lisa Couderé​​

Sonia, een gemeenschapsleidsters in haar huis in de buitenwijk La Delcia, in Cucuta

Vrede en geweld

Hoewel sommige soorten van geweld zoals moorden, afpersing, kidnapping, afnamen, blijven er pijnpunten om volledige vrede bereiken. Alejandro Reyes Posada beschrijft in zijn geschiedenis over landroof in Colombia de uitdaging van de toekomst als volgt: ‘De veiligheid zal verbeteren, maar moeilijkheden ondervinden door de georganiseerde misdaad, de routes van de drugstrafiek en de algemene misdaad, die handel zullen proberen de handel te controleren die voordien in handen van de guerrilla was.’

© Lisa Couderé​​

De Wet 1448 van de Slachtoffers uit 2011 nam voor de eerste keer de guerrilla, paramilitairen en criminele bendes in rekening voor de slachtoffers.

De problemen in de steden zijn anders dan die in de landelijke gebieden van het land. Een van de problemen in de marginale buurten is de onveiligheid. Vaak zijn gewapende groepen er ook heel actief. Merkx legt uit hoe het in de steden om criminaliteit gaat, veralgemeend geweld. Er is bijvoorbeeld veel micro-drugstrafiek, veel geweld dat van een andere aard is dan het geweld op het platteland. Iemand in La Delicia vertelt mij dat wapens de ronde blijven doen en benadrukt dat er zo geen vrede kan zijn.

Merkx vindt dat vrede in Colombia om veel meer dan het gewapend conflict draait: ‘We hebben het allemaal over het vredesproces, maar als de drugstrafiek niet ophoudt zal er altijd geweld zijn, of als de illegale mijnbouw en de illegale smokkel niet stoppen.’

Heeft de overheid genoeg aandacht voor deze andere vormen van geweld? Merkx: ‘Initieel ging de aandacht naar de demobilisatie van de FARC; het inleveren van meer dan zevenduizend wapens. En dat is belangrijk, dat de FARC erin slaagt geen guerrillagroep meer te zijn, is een grote prestatie, maar het is niet genoeg.’

7371 nieuwe ontheemden

Volgens cijfers van de VN-Vluchtelingenorganisatie vonden er in de periode van januari tot mei dit jaar 42 gewelddadige gebeurtenissen plaats. Maar liefst 2056 families en 7371 personen moesten hun thuis verlaten. Merkx legt uit dat deze incidenten vooral plaatsvonden aan de Stille Oceaan en de grensstreek met Venezuela.

© Lisa Couderé​​

Gemeenschapsleidsters in La Delicia, Cucuta

‘Er is veel bezorgdheid’, vertelt Merkx, ‘want we zien dat er veel zones met serieuze problemen zijn.’ Merkx legt uit dat er in de eerste fase van een vredesakkoord veel onzekerheid is. Er zijn groepen die de zones die de FARC achterliet, innemen. De landenvertegenwoordiger van de VN-vluchtelingenorganisatie vertelt dat de organisatie dit ook in andere landen in de wereld waarnam: ‘Bij het ondertekenen van een vredesakkoord is niet meteen alles beter. En dus krijgt ook de interne ontheming niet meteen een oplossing van de ene dag op de andere.’

‘De meerderheid van de ontheemden zijn inheemsen of Afro-Colombianen’

‘De FARC is gedemobiliseerd, maar er blijven ander groepen heel actief en er zijn dissidenten van de FARC’, zegt Merkx.

Slaagt de overheid erin om in deze zones hun aanwezigheid te stabiliseren? ‘Er is de ELN, er zijn post-gedemobiliseerde groepen en andere groepen waar we vandaag veel van horen zoals de Clan del Golfo [een van de machtigste paramilitaire groepen van het land verbonden met de drugshandel, nvdj]. Deze groepen gaan de confrontatie aan tussen elkaar en met de ordediensten.’ ‘De meerderheid van de ontheemden zijn inheemsen of Afro-Colombianen, dat is een ander groot probleem’, vertelt Merkx.

Systematisch vermoorden van sociale leiders

Ook de moord op sociale leiders baart de Verenigde Naties en mensenrechtenorganisaties zorgen. ‘De sociale leiders vertegenwoordigen grote groepen mensen. Zij klagen onrecht, interne ontheming, gebrek aan veiligheid en het gebrek aan respect voor de mensenrechten aan. Zij staan aan het hoofd van grote groepen die nog steeds hun rechten geschonden zien. En dat komt sommigen niet goed uit’, aldus Merkx

Mensenrechtenorganisaties nemen het de overheid kwalijk hier niet genoeg op te reageren. Begin dit jaar zei de minister van defensie dat de moord op sociale leiders niet systematisch was. Dat stootte op veel kritiek. Alleen dit jaar al zijn meer dan vijftig sociale leiders vermoord. ‘Het is een groot probleem’, vindt ook Merkx. Op 8 juni werd Bernardo Cuero Bravo, leider van de Nationale Organisatie van Ontheemde Afro-Colombianen, vermoord. ‘Er zijn leiders die altijd met ons hebben samengewerkt rond het thema van ontheming en die nu bedreigd worden’, zegt Merkx. ‘We zijn hier heel bezorgd om.’

‘De moorden op sociale leiders zijn systematisch en een directe bedreiging voor het vredesproces.

Het jaarlijks rapport van de VN-mensenrechtenorganisatie meldt dat in 2016 127 sociale leiders zijn vermoord. In het recent rapport Dynamieken van de moord op rurale leiders van het Observatorium van Restitutie en Regulatie van Grondrechten zijn Antioquia, Cauca, Valle del Cauca en Narino de departementen met de meeste moorden op sociale leiders in de voorbije tien jaar. De auteurs wijzen erop dat die moorden sterk toegenomen zijn, en roepen de staat op haar verantwoordelijkheid te nemen. Volgens het rapport zijn de moorden wel systematisch en een directe bedreiging voor het vredesproces.

Ingewikkelde vrede

Vrede bereiken in Colombia is volgens Merkx heel ingewikkeld. ‘Er zijn zoveel gewapende groepen die in illegale teelten, illegale mijnbouw, drugstrafiek en smokkel betrokken zijn en de rekrutering van kinderen blijft aanhouden.

Is er hoop op verbetering en echte vrede? Merkx antwoordt met realistische hoop: ‘Ik geloof in het vredesproces. Het moet verder uitvoering vinden. Hopelijk bereikt de overheid ook met de ELN een vredesovereenkomst. Als er bij iedere stap minder gewapende groepen zijn, is dat een grote vooruitgang. Maar we moeten niet te naïef zijn. Er zal niet van een dag op de andere vrede zijn.

© Lisa Couderé​​

Een gemeenschapsleider in La Delicia, Cucuta die meer dan tien jaar geleden van Cartagena naar Cucuta vluchtte.

Vrede op televisie

Dezelfde dag van de bijeenkomst van de gemeenschapsleiders die lokaal aan vrede werken, legt de FARC-guerrilla officieel de wapens neer. In Meseta, in het departement Meta, vindt op 27 juni een ceremonie met president Santos en FARC-leider Timochenko plaats. In Bogota organiseren verschillende burgerorganisaties bijeenkomsten om samen deze historische gebeurtenis te vieren.

© Lisa Couderé​​

Op 27 juni leverde de FARC-guerrilla officieel hun wapens in in Meseta, Meta

‘Wij willen vrede, echt waar. Maar deze vrede heeft veel tegenstrijdigheden’

In La Delicia zit een groep intern ontheemde Colombianen met andere zorgen. Sommigen onder hen herhalen dat ze vrede willen, en in vrede geloven. Het weerklinkt als een hoopvolle echo, maar ze zijn realistisch en hebben hun kanttekeningen. ‘Wij willen vrede, echt waar. Maar deze vrede heeft veel tegenstrijdigheden’, vertelt een jonge man.

Sonia’s zoon kijkt op televisie naar de ceremonie. FARC-leider Timochenko zegt aan de aanwezigen en de kijkers thuis dat het neerleggen van de wapens betekent dat de boeren op het platteland zullen kunnen produceren. Twee vrouwen die het platteland moesten ontvluchtten en alle dagen een strijd leveren voor het overleven van hun familie in de stad kijken stil toe.

De inwoners in La Delicia vinden het moeilijk dat er zoveel aandacht naar het proces van de FARC gaat. ‘Ze hebben zoveel aangericht, en nu staan ze in de aandacht’, klinkt het.

Sonia kijkt nog even zwijgend naar de ceremonie op televisie en stapt naar buiten, het minivredesproces van haar gemeenschap binnen.

De slachtoffers in het centrum

Het pilootproject in La Delicia is een succesvolle minivrede. ‘We zijn als een familie’, klinkt het. 'In het begin was er wrijving want we kwamen allemaal uit verschillende plaatsen in het land.' 'Wij zijn de vrede die er in het land niet is’, besluit een man van zestig jaar die alleen vanuit Cartagena aankwam. ‘De legalisatie van onze buurt was een groot succes. Wij zijn arm en leven nog steeds in precaire omstandigheden, maar de legalisatie van onze buurt bracht basisvoorzieningen met zich mee.’

Er is dan nog geen volledige vrede in Colombia, deze mensen bouwden een nieuwe thuis op en zijn een voorbeeld voor integratie en menselijke relaties.

© Lisa Couderé​​

Gemeenschapsleiders in La Delicia, Cucuta

President Santos en FARC-leider Timochenko ondertekenden bijna een jaar geleden op 26 september feestelijk het eerste vredesakkoord in Cartagena de Indias. De volledige ontwapening van de FARC is ook plechtig bezegeld.

President Santos en de guerrillaleden van de FARC waren de hoofdrolspelers van het vredesproces in de pers. Ondertussen bevinden dappere overlevers van het conflict zich letterlijk en figuurlijk aan de buitenkant; in de periferie van de steden en buiten het oog van de internationale media. Ook zij willen vrede, inclusieve vrede. De Twitter-account van de president bericht deze laatste weken van augustus over investeringen in de aanleg van wegen, realisaties in het onderwijs, productiviteit op het platteland en werkcreatie.

‘Vandaag begint de opbouw van een nieuw land’, zei president Santos afgelopen week bij de ceremonie waarbij de laatste container met FARC-wapens wegreed. Wapens zijn er nog op het Colombiaans grondgebied. Hopelijk is deze nieuwe fase van het vredesproces wel een nieuw begin voor de slachtoffers van het conflict en voor de bevolking.

© Lisa Couderé​​

Een bibliotheek in een van de huizen in La Delicia, om de rechten van de slachtoffers van het gewapend conflict te kennen.

Sonia vertelt dat ze haar middelbare opleiding aan het afronden is. Ze begeleidt slachtoffers van het conflict en toont haar persoonlijke bibliotheek waarin ze haar rechten vindt. ‘Ik blijf vechten. Mijn droom is de slachtoffers van het conflict helpen. Ik wil graag advocaat of psychologe worden.’

© Lisa Couderé​​

Een gemeesnchapsleidster toont haar huis in de recent gelegaliseerde buitenwijk La Delicia, Cucuta

‘Vroeger was ik bang, nu niet meer’, zegt Sonia.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift