Anders denken is geen terrorisme

Blog

Anders denken is geen terrorisme

Anders denken is geen terrorisme
Anders denken is geen terrorisme

De muren van Santa Fe de Bogota, hoofdstad van Colombia, vertellen een verhaal, dat de regering met man en macht voor de buitenwereld probeert te verbergen.

Op het Paleis van Justitie staat met grote rode letters “Ik denk en ik verdwijn”,  in referentie aan de duizenden mensen die door het leger in samenwerking met paramilitaire structuren zijn “verdwenen”. Tegenover het Paleis op de supermarket in zwarte letters “Ik ruil de wonderlamp van Aladin in voor de computer van Raul Reyes”, in verwijzing naar de slachtpartij van begin maart, waarin de 2e man van de guerrilla beweging FARC-EP het leven liet en waarin zijn computer werd buitgemaakt. Sindsdien komen er allerlei “wonderbaarlijke” complottheorieen uit de computer naar boven, die figuren uit de nationale politieke oppositie verbinden met de FARC-EP en ook de presidenten van Ecuador en Venezuela in het diskrediet proberen te brengen.
Leven in Colombia is magisch realisme tot de werkelijkheid zien verworden, Garcia Marquez is er niets bij. De wereld staat hier dagelijks op zijn kop; paramilitairen, die tientallen duizenden op gruwelijke wijze hebben vermoord,  krijgen juridische voordelen, politieke posities  en op de kop toe miljoenen euros voor het opstarten van economische megaproyecten. Hun slachtoffers mogen op straat vragen om een aalmoes en moeten dagelijks zien te overleven in de stadjungles van cement.
Colombia gaat al decennia lang gebukt onder niet alleen een burgeroorlog, maar ook een sociaal en politiek conflict. Beide probeert de Colombiaanse regering zoveel moglijk onder het tapijt te schuiven. Volgens de regering van president Uribe, die sinds 2002 aan de macht is, bestaat er in het land niet zoiets als een burgeroorlog en is er slechts spraken van narcoterrorisme. De kranten stromen elke dag over met artikelen over vermeend terrorisme, zogenaamde banden tussen Venezuela en de marxistisch-leninistische FARC-EP en de economische vooruitgang onder Uribe. Aandacht voor de vier miljoen ontheemden en de rond de twintig miljoen mensen die onder de armoede grens leven is er nauwelijks. De massamedia zwijgen tevens de systematische banden tussen de politieke elite en extreem rechtse paramilitairen dood, hoewel er meer dan honderd politici uit het Uribe veld achter slot en grendel zitten vanwege directe banden met deze illegale tak van de staat.
De mensen die een ander geluid vertegenwoordigen, doen dat met gevaar voor eigen leven. Zo kreeg afgelopen week Ivan Cepeda, een prominent mensenrechtenverdediger en zoon van de in 1991 vermoorde senator Manuel Cepeda, de wind van voren. In een column voor een nationale krant maakte Cepeda verwijzingen naar een stuk grond van president Uribe, dat zich bevindt  in een gebied dat totaal onder paramilitaire controle staat. De doodsbedreigingen aan het adres van Cepeda zijn inmiddels meer de norm dan de uitzondering, maar dat zelfs Uribe in het publiek Cepeda criminaliseert, dat is nieuw. In een toespraak een aantal dagen later beschuldigde president Uribe Cepeda ervan zich te verkleden als slachtoffer om in het buitenland geld te zoeken, de regering zwart te maken en mensen tegen elkaar op te zetten en op die manier de mensenrechten in het land te schenden. Volgens velen is de reactie van Uribe overdreven. Anderen denken dat de recente arrestatie van de neef van Uribe onder druk van de beweging van slachtoffers van staatsterrorisme waar ook Cepeda deel van uitmaakt, een rol speelt.
In het politieke tumult praten de muren waar de massamedia en de regering het zwijgen proberen op te leggen. Op een mooie witte muur een paar straten van het Paleis van Justitie staat een stencil van een  boos kijkende soldaat met daarnaast een lezend kind. Daarboven in zwarte letters “Anders denken is geen terrorisme”.