Begrafenisvervalsing

‘Als er iets bestaat als een paradijs of een hemel, dan moet dat binnen in onszelf te vinden zijn.’ Columnist Tobias Leenaert reflecteert over de dood.

  • © Brecht Goris © Brecht Goris

Onlangs was ik op een begrafenis. Dat gebeurt gelukkig niet vaak, maar telkens ik er eentje bijwoon komen er veel gedachten bij me op. Begrafenissen zijn zeer interessante momenten. Zelf wil ik alles uit mijn eigen begrafenis halen. Ik heb een online document, gedeeld met een aantal mensen, waarin de liedjes en de teksten staan die ik dan aan bod wil laten komen (los van wat anderen over me willen vertellen - en dat mogen gerust mijn kleine kantjes zijn).

Je eigen begrafenis is misschien wel het ultieme moment waarop anderen écht luisteren naar wat je te zeggen hebt. Wanneer zetten hun mensen hun gsm helemaal af? Juist, tijdens het opstijgen van een vliegtuig, en bij een begrafenis. Dus ik zal mijn kans grijpen. Mijn familie, vrienden en kennissen zijn bij deze gewaarschuwd voor een allerlaatste preek.

Wat me altijd het meest treft, is wat we allemaal pas doen wanneer iemand dood is. 

Wat me altijd het meest treft, is wat we allemaal pas doen wanneer iemand dood is. We gaan eens langer bij hen stilstaan. We beseffen dat we ze missen nu ze er niet meer zijn. En tijdens de eulogie op de begrafenis horen we dingen over de overledene die we helemaal niet wisten. In dit geval: ik had er geen idee van dat nonkel Robert vroeger een goede voetballer was. Of een begenadigd tangodanser. Of dat het houten bedje waarin ik als peuter sliep, waarin aan het hoofdeinde “Tobias” gegraveerd stond en waarin na mij nog vele neven en nichten en hun kinderen hebben geslapen… dat dat bedje in elkaar getimmerd was door nonkel Robert. Dat kwam ik allemaal pas te weten tijdens zijn begrafenis.

Ik herinner me ook hoe ik, toen mijn grootvader langs vaderszijde net overleden was, ik voor het eerst zijn bureau binnenkwam en daar allerlei boeken aantrof die even goed in mijn kast hadden kunnen staan. Blijkbaar zat een interesse voor aliens, weerwolven, heksen, Atlantis en het oude Egypte ergens in de genen verstopt. Had ik het geweten, ik had iets gehad om over te praten met mijn grootvader.

Ooit had ik het idee om een verhaal te schrijven over een bedrijf dat fake begrafenissen organiseert

Ooit had ik het idee om een verhaal te schrijven over een bedrijf dat fake begrafenissen organiseert (een beetje genre, u weet misschien wel, die film die ik niet ga vermelden, kwestie van hem niet te “spoilen” als u hem nog niet zag). Mensen zouden even geconfronteerd worden met verlies voor het echt zover is. Ze zouden in lijf en leden kunnen voelen wat het zou betekenen als de persoon in kwestie niet langer onder hen zou zijn. Ze zouden gedwongen worden even stil te staan en na te denken over welke goede herinneringen ze koesteren, en wat hij of zij voor hen betekent.

Het hangt er natuurlijk van af wie er allemaal in het complot zit, maar de nabestaanden zouden wellicht nooit zoveel empathie voelen als dan. Ook dat zou hen deugd doen. En dan, de vreugde (en de boosheid, ongetwijfeld) wanneer we te weten komen dat het allemaal niet echt is. Dat we een tweede kans krijgen. Het moment om in werkelijkheid te doen wat we even tevoren nog zaten te denken: wat zou ik hem of haar nu zeggen en vragen als hij hier nog was, en wat zou ik samen met hen doen?

Ons denkbeeldig bedrijf voor begrafenisvervalsing zou ook een ander programma kunnen aanbieden (nog minder ethisch verantwoord, maar denk even mee). Beeld je in dat Jef een enorme mopperpot is (genre Jack Nicholson in As good as it gets). Hij is heel cynisch, geniet niet van het leven, en heeft geen echte banden meer met anderen… Een soort verloren geval. In overleg nu met een of meer familieleden of vrienden van de betrokkene, zou ons bedrijf helpen ensceneren dat Jef een terminale ziekte heeft.

Een verdovend middeltje in een drankje, en een paar uur later wordt hij wakker in een nagemaakte ziekenhuiskamer met een acteur-dokter die hem zegt dat het einde nabij is: Jef heeft nog maar een paar dagen te leven. Er wordt duchtig afscheid genomen en misschien - misschien - verandert er, in het aanschijn des doods, iets binnen in Jef. 

Als er iets bestaat als een paradijs of een hemel, dan moet dat denk ik binnen in onszelf te vinden zijn - het koninkrijk gods zit binnen in u, zoals Jezus dat zou gezegd hebben.

Vele ideeën van onze vriend Sigmund Freud zijn onbewezen gebleven of achterhaald, maar een van de mijn inziens meer correcte en belangrijke zaken die hij heeft geschreven (in het fascinerende Het onbehagen in de cultuur) is dit: ‘Wij zitten zo in elkaar dat we intens genot enkel kunnen halen uit contrasten, en maar heel weinig uit toestanden.’

We moeten, met andere woorden, iets geweldigs vinden of winnen of krijgen om een piek in ons gemoed te ervaren. Daarna wordt het gewoon verworven, wordt het een toestand, en is er iets nieuws nodig om een volgende piekervaring te bereiken. Of we hebben een tegenslag of verlies nodig om ons te realiseren hoe goed het was ervoor. 

Als er iets bestaat als een paradijs of een hemel, dan moet dat denk ik binnen in onszelf te vinden zijn - het koninkrijk gods zit binnen in u, zoals Jezus dat zou gezegd hebben. Het heeft weinig of niets te maken met dingen in de externe wereld. Het moet iets zijn als vreugde kunnen ervaren zonder reden, oorzaakloos. Vreugde en geluk die blijven hangen, en niet steeds opnieuw moeten worden geboost door dingen die ons overkomen. Vreugde en geluk die er gewoon zijn.

Mogen ze u vinden. Als het kan, nog in dit leven.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

randomness