Dit is een canon- en vlagvrije column

De dilemma’s van de bewuste solidaire mens

© Brecht Goris

Bie Vancraeynest

Met de deur in huis: dit is een canon- en vlagvrij stuk. Sta mij toe om in een wijde boog rond de verhitte discussie van het moment te lopen. Ik wil niet meezwieren in een dans die de mijne niet is. Als ik iets wil reclaimen dan is het publieke ruimte, de straat, politieke besluitvorming maar niet de lading van een vlag.

Nu een nog rechtsere regering dan de vorige in de steigers staat, net zoals in quasi alle andere Europese landen, is het belangrijk om zuinig met mijn tijd en energie om te springen. Ik zie dat rondom mij veel mensen met dezelfde vragen worstelen. Hoeveel van je kostbare tijd spendeer je aan uitgebreide Facebookposts? Hoeveel aan het strijden tegen de hegemonie? Hoeveel aan het in de praktijk brengen en het groter maken van een wereld waar je wél in wil leven? Hoeveel aan het creëren van de alternatieven in de marge? Hoeveel aan het overtuigen van iemand die het niet met je eens is?

Een mens moet per slot van rekening ook nog eens zijn fiets laten herstellen, van de natuur genieten, zijn huur betalen, mediteren, voor zijn oude buren zorgen, schoolgerei kopen en helemaal omfietsen tot aan de biomarkt.

Time management voor wereldverbeteraars, daar zit vast een lucratief businessmodel in.

Verontwaardiging omzetten in daadkracht kost ook energie. Neem je zorg op voor kwetsbare mensen, of organiseer je samen met hen de strijd voor een structurele oplossing? De dilemma’s van de bewuste solidaire mens worden tegen de donkere wolken aan de hemel scherp gesteld. Time management voor wereldverbeteraars, daar zit vast een lucratief businessmodel in. Eentje in de sociale economie weliswaar.

Om alvast te weten waar ik me beter niet mee bezig houd, hanteer ik steevast die essaytitel van Audre Lorde: ‘The master’s tools will never dismantle the master’s house.’ Het is nu eenmaal verleidelijk om je net wel van het instrumentarium van de reactionairen te bedienen.

Les Lacs du Connemara

Onlangs was ik getuige van een bijzonder dispuut. Op dinsdagavond kan je in Sint-Gillis een participatieve uitzending van buurtzender Radio Moskou bijwonen. Een groep jongeren zet twee uur lang de meest uiteenlopende bewoners voor de microfoon. Die mogen nieuwtjes, anekdotes en schimmige theorieën delen en in ruil daarvoor komt een lievelingsnummer in de ether, op de onvolprezen Radio Panik. Een gouden formule, die wekelijks een bont publiek trekt. Vaste klanten zijn onder andere een groep Roma die na hun bedeltocht door de stad steevast hier tot rust komen. Ook zij vragen gretig nummers aan uit hun thuisland. Ze glunderen als het halve plein danst op een obscure Roemeense clubhit.

O. slaat ook geen uitzending over. Het is een man waarvan ik me afvraag in welk huis hij ’s avonds gaat slapen. Zijn fiets en rugzak hangen vol gadgets die je eerder bij jonge adolescenten dan bij een rijpe vijftiger verwacht. Hij drinkt een koude Duvel uit een glas dat hij steevast zelf meebrengt. Elke week komt hij met een vers verhaal. Dat we Elton John moeten boycotten omdat hij geld verdient op de kap van de dood van prinses Diana bijvoorbeeld.

Bij zijn voorlaatste passage vraagt hij na een lang discours een nummer aan van Michel Sardou. Als door een bij gestoken, springt een wat oudere man in het publiek recht. Ook hij heeft een kapsel dat eerder bij een veertienjarige zoekende punker past. ‘Sardou op Radio Panik? Maar zijn jullie nu helemaal gek geworden?’

Voor het ons opzadelen met “Les Lacs du Connemara” zou een levenslange boycot wat mij betreft al mogen volstaan, maar Sardou is ook politiek geen onbesproken persoon. Er ontstaat een felle woordenwisseling die bijna op een handgemeen uitdraait. O. druipt af met zijn fiets in de ene hand en een halve Duvel in de andere. Als hij wat tot rust is gekomen vertelt D. waarom hij dit niet kon laten passeren. Hoe zijn moeder en zus, notoire feministes, klappen hebben geïncasseerd tijdens de protesten die ontstonden nadat Sardou het nummer ‘Être une femme’ uitbracht in 1981. Sardou heeft een rist aan nummers die seksistisch, homofoob en racistisch kunnen geïnterpreteerd worden. Voor die teksten heeft hij zich nooit verontschuldigd, integendeel.

Met lede ogen kijkt hij naar de verkiezingsuitslag in Vlaanderen en het gemak waarmee dat donkere gedachtegoed weer terrein verovert, tot hier op dit plein en op zijn radio.

De jonge studenten die de radio beheren, trachten de gemoederen te bedaren. De bedoeling van het programma is net dat verschillende mensen elkaar ontmoeten. ‘Het is maar een liedje, zeggen ze dan’, briest hij. Het programma wordt pas later uitgezonden en kan nog gemonteerd worden. ‘Je vole’ komt niet op Radio Panik wordt hem verzekerd.

De week na “Sardougate” staat D. daar terug, met een tekst die hij speciaal voor het radioprogramma heeft geschreven. Woorden recht uit het hart, een boodschap gericht aan de generatie die hier nu aan de radioknoppen zit. Hij heeft de jaren ‘80 actief meegemaakt, toen de rechterzijde nog beter georganiseerd was dan nu. Toen hij meerdere keren voor de fascisten moest gaan lopen, en zij van hem.

Het is moeilijk voor mensen van zijn generatie om te zien wat er nu weer gebeurt. Met lede ogen kijkt hij naar de verkiezingsuitslag in Vlaanderen en het gemak waarmee dat donkere gedachtegoed weer terrein verovert, tot hier op dit plein en op zijn radio. Hij heeft nood aan afgebakende zones in de stad waar dat geen duimbreed wordt toegelaten.

Hij is niet alleen.

Brussel in Vlaamse handen

Op hetzelfde plein klampt een oudere dame met vuurrood haar zich vast aan een blik bier van een halve liter. Ze tracht met priemende ogen op me in te zoemen – de focus is na enkele blikjes ver in de namiddag zoek – en vraagt dan: ‘Tu es une Néerlandophone, hein?’ Waarop ze poneert dat ze Brussel nooit (Jamais! Jamais!) in Vlaamse handen zal laten vallen. Met een stelligheid die doet vermoeden dat ze gelooft dat dat effectief van haar zal afhangen.

Het idee van de onverdraagzame Vlaams-nationalist is springlevend.

Ik krijg de laatste tijd, voor het eerst in de twintig jaar dat ik hier woon, opmerkingen in die richting eenmaal mijn Vlaamse accent in het Frans is gedetecteerd. Ik voel me allesbehalve comfortabel in het hokje waarin ik word geduwd. Ik tracht dan soms wat nuance te brengen, maar het idee van de onverdraagzame Vlaams-nationalist is springlevend.

In Vlaanderen kan men behalve Di Rupo en Michel geen Waal bij naam noemen, maar in Franstalig België zijn de ogen scherp gefixeerd op Vlaanderen. Op de cover van de voorbije weekendkrant van Le Soir wijdde hoofdredactrice Beatrice Delvaux haar edito aan “de canon” en stond een interview met Bruno De Wever én met Tourist le MC. De onderburen zijn bezorgd, dat kan je wel stellen.

Bruce Lee

Terwijl ik zit na te denken over de verschillende generaties binnen het verzet, vergaap ik me aan filmpjes op Twitter van jonge actievoerders die het protest in Hong Kong in beeld brengen. De roep om meer democratie zwakt daar niet af, integendeel.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Ik ben geïntrigeerd door deze ogenschijnlijk leiderloze beweging. Een vierentwintigjarige studente die haar gezicht half verbergt achter een zwart masker verwoordt het eenvoudig: ‘Ik zit hier nu toch vast, dan kan ik even goed iets maken van de plek waar ik woon.’ Het parapluprotest bedient zich van Telegram om de Chinese autoriteiten om de tuin te leiden en overal en nergens te zijn. Of zoals het voorbije weekend vooral overal. Met lasers wordt de politie afgeleid.

Op verschillende ‘Lennon walls’ doorheen de stad drukken de manifestanten zich uit met post-its. Tijdens de protesten scanderen ze: ‘Be humble, be water, be wise, be brave’. Inspiratie halen ze daarvoor bij Bruce Lee, al sinds 1973 niet meer onder de levenden. Het filmpje, waar Bruce het op bezwerende wijze heeft over het zijn zoals water, bekijk ik enkele keren na elkaar.

‘I said: empty your mind, be formless, shapeless. Now if you put water into a cup, it becomes the cup, you put it in a bottle it becomes the bottle, you put it in a tea pot it becomes the tea pot. Now water can flow, or it can crash. Be water my friend.’

Ik begrijp niet helemaal wat hij daarmee wil zeggen, maar ik kan er vreemd genoeg wel iets mee.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Projectmedewerker bij Demos vzw

    Bie Vancraeynest is coördinator van Vzw Toestand, een organisatie die leegstaande of vergeten gebouwen reactiveert tot tijdelijke en autonome socioculturele centra.