Intellectueel klaarkomen, hoe doe je dat?

Binnenkort beginnen de Gentse feesten. Doorgaans laat Tobias Leenaert zich daar niet of nauwelijks zien, ook al woont hij maar een krachtige boogscheut van het feesten-epicentrum vandaan. ‘Goedkope wijn drinken uit plastieken bekers tussen de mensenzee: ik voel er weinig voor. En ik heb sowieso niet veel met muziek van na pakweg 1900.’

  • © Brecht Goris © Brecht Goris

En toch maken diezelfde feesten me af en toe onrustig. Simpelweg omdat er altijd ergens de gedachte is dat ik misschien wel iets zou kunnen missen. Want soms, weet je wel, is het daar leuk. Als je de juiste mensen tegenkomt en de juiste hoeveelheid alcohol drinkt en de sfeer goed zit. FOMO heet dat vandaag: fear of missing out, de angst om iets leuks te missen.

En dus laat ik me, na lang wikken en wegen, af en toe toch eens overtuigen. Ik loop dan wat rond tot ik weer kan concluderen dat ik er niets aan vind. Wanneer ik dan terug naar huis stap en de meute rond me zie uitdunnen, slaak ik altijd een zucht van verlichting.

Het idee dat we iets zouden kunnen missen, en dat we dus vanalles moeten doen, moeten  ervaren, moeten proberen, is, denk ik, een recept voor stress en uiteindelijk uitputting.

Het idee dat we iets zouden kunnen missen, en dat we dus vanalles moeten doen, moeten  ervaren, moeten proberen: is er iets dat meer bijdraagt aan innerlijke onrust dan dat? Gecombineerd met de enorme overvloed aan keuze die we vandaag op alle gebied hebben (keuzes maken betekent per definitie dat je bepaalde dingen niet zal hebben of ervaren), is het, denk ik, een recept voor stress en uiteindelijk uitputting.

Onze economie draait op die angst om iets te missen. We krijgen te horen dat we dit restaurant moeten geprobeerd hebben, die plek moeten gezien hebben, die rijervaring moeten hebben, onze kinderen toch zeker dit of dat moeten hebben meegemaakt in hun jonge leven, enzovoort.

Mijn eigen grootste angst om iets te missen draait om informatie en antwoorden. Ik vind de wereld en het leven onvoorstelbaar fascinerend. Ik wil alles weten over psychologie, astronomie, technologie, filosofie en nog veel meer. Maar ik kan jammer genoeg maar een klein deel doornemen van wat binnen die en andere gebieden geproduceerd wordt. Dat kan mij serieus nerveus maken.

Op reis vind ik boekenwinkels de meest interessante lokale bestemmingen, maar ik word terzelfdertijd zenuwachtig zodra ik ze binnenstap, en ik moet mijn bezoeken dus doseren. Als ik één boek oppik om te lezen, dan betekent dat dat ik er zovele andere niet aan het lezen ben (opportunity cost, noemen economen het).

Op mijn smartphone heb ik honderden geweldige artikels opgeslagen die ik nog moet aanpakken. Die overload aan interessante info maakt dat ik soms blokkeer en gewoon nergens aan begin. Ik hoop voor u dat u geen idee hebt waarover ik het heb.

Heeft u er al eens bij stilgestaan hoe geweldig het is dat wij op het gebied van bijvoorbeeld seks en eetlust werkelijk bevredigd kunnen zijn op een bepaald moment? Stel u voor dat daar geen sprake van was: dat we constant geil zouden rondlopen, of voortdurend in vanalles trek hadden, gelijk hoe veel of hoe vaak we seks hebben of eten? Nooit een moment van: dit is genoeg.

Ik zou het fijn vinden als dat soort van bevrediging op alle gebied bestond. Zelf zou ik graag intellectueel kunnen klaarkomen. Ik denk aan een hoogtepunt waarna je eventjes de boeken, de artikels, de video’s aan de kant kan schuiven omdat je genoeg geleerd hebt. Maar die verlichting komt nooit. Er is geen bevrediging. Het blijft allemaal veel te opwindend en fascinerend.

Wellicht zijn we allemaal naar hetzelfde op zoek: een fundamentele bevrediging, een rust, een antwoord op onze vragen, een opvullen van de gaten in onszelf.

Wellicht komt de angst om iets te missen, het idee dat we vanalles moeten - of het nu gaat om ervaringen opdoen of spullen kopen of boeken lezen - allemaal vanuit dezelfde bron. Wellicht zijn we allemaal naar hetzelfde op zoek: een fundamentele bevrediging, een rust, een antwoord op onze vragen, een opvullen van de gaten in onszelf.

“Wie zoekt, die zoekt”, schreef de jong gestorven Vlaamse dichter Jotie T’ Hooft. Is het voor altijd, dat zoeken? Is het deel van het mens zijn? Soms vind ik een zekere troost in de bekende woorden van Rilke in zijn brieven aan een andere jonge dichter: “wees geduldig met alles wat onopgelost is in je hart, en probeer te houden van de vragen zelf.”

Ik apprecieer de gedachte, Rilke, maar ‘t blijkt makkelijker gezegd dan gedaan. Misschien moet ik het toch maar eens op een stevig zuipen zetten tijdens de Gentse feesten. Die juiste dosis alcohol kan de dingen zo af en toe een heel stuk eenvoudiger maken.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur