Een lijf om in te dansen

Tijdens de hete zomermaanden beschouwt MO* columniste de vijftig tinten van het Marokkaanse gekoloniseerde lichaam. Over henna en haar, huid, kleur en krul, Aya fileert schoonheidsidealen en danst doorheen eeuwen van zelfhaat, slavernij en extensions. 

  • © Brecht Goris Aya Sabi © Brecht Goris

Toen ik jong was kreeg ik altijd complimenten voor mijn niet donkere huid. Ik was licht voor iemand die haar roots in Afrika heeft. Een van de koosnaampjes van familieleden voor mij was ‘zbida’ wat zoveel als ‘botertje’ betekent.

Echte boter is een kostbaar en duur product voor Marokkanen, maar vooral heeft het de juiste kleur: het is wit. Mijn zusje daarentegen werd altijd geprezen voor haar niet-bruine ogen en mijn jongste zusje voor haar niet krullend haar (nu krult het ondertussen tot grote spijt van sommigen).

Bewuste ontkenning

Ik beschrijf deze uiterlijke kenmerken bewust met een ontkenning. Alles wat niet Marokkaans, niet Afrikaans aan ons was, was per definitie mooi. En ik had het ‘geluk’ dat ik de ‘juiste’ kleur had, want heel mijn lijf werd ermee omgeven en ik wilde niet in een fout vel opgesloten worden.

Het was een hete zomerdag in een van de kleine steden rond Casablanca waar het rode stof van Marokko nog oplaaide, omdat het niet steeds vertrappeld werd door de mensen, auto’s, karren en trekezels in de miljoenenstad even verderop.

Opgelucht dat we bij de kapster konden schuilen voor de middagzon. Het was vandaag de henna-dag van mijn nicht. De handen van de bruid en die van de vrouwen en meisjes die het dichtst bij haar staan, zouden versierd worden met henna als voorbereiding voor de bruiloft.

‘We hadden ze al vaak genoeg gezien op gelegenheden, Marokkaanse vrouwen met een gezicht vele tinten lichter dan de kleur van hun hals’

Ik wilde me heel graag laten opmaken voor deze dag, het liefst met een natuurlijke look, maar de kans dat ik er als een met glitters besprenkelde geisha uit zou zien, was enorm.

Een grapje dat ik plaatste op mijn social media maar waar heel veel Noord-Afrikaanse vrouwen de werkelijkheid in herkenden.

We hadden ze al vaak genoeg gezien op gelegenheden, Marokkaanse vrouwen met een gezicht vele tinten lichter dan de kleur van hun hals.

In het beste geval was hun hals ook bepoederd en verraadden alleen hun handen dat ze die middag in een kappersstoel gesitueerd in een van de volksbuurten gezeten hadden.

Ik wilde dat risico niet nemen en tegelijk was er een stemmetje in mijn hoofd dat steeds ‘whatever’ riep. ‘Doe het gewoon’ zei ze. Dat stemmetje heeft me vaak in moeilijkheden gebracht, ik luisterde er gretig naar, maar hoe langer ik op mijn beurt wachtte, hoe zachter de stem werd.

Aan de twee spiegels hingen voorbeelden van extensions, zacht, stijl haar, meestal blond, zoals ook alle voorbeelden van haarverf, er waren pakjes voor hairstraighteners, chemische middelen waarmee het haar van zevenjarigen soms al werd behandeld. Alles moest lichter, stijler.

Foundation met symbolische lading

In de kapperstoel werd ik helemaal overtuigd: de vrouw had maar één tint foundation, de aller lichtste, zo licht is 1 procent van de Marokkaanse vrouwen dacht ik.

Was dit een plek om je mooier te maken of meer Westers?

‘De kleur van mijn huid is reden tot compliment in Marokko, maar hier -in het land waar ik leef en solliciteer, is het niet de juiste kleur’

De kleur van mijn huid is reden tot compliment in Marokko, maar hier -in het land waar ik leef en solliciteer- is het niet de juiste kleur, hoewel mijn huid bleek afsteekt -ach wat hou ik van woordgrapjes- naast mijn hoofddoek.

Mijn levensovertuiging is in de wereld na 11 september 2001 een groter struikelblok dan de kleur van mijn huid. Toch blijft het fascinerend hoe iets onbeduidends en willekeurig als een kleur door een verstrengeling van het heden en verleden, door machtsverhoudingen, kolonialisme, slavernij, zoveel politieke en symbolische lading krijgt.

Marokko is zelf gekoloniseerd geweest door de Fransen, ja, maar is eeuwenlang zelf ook schuldig geweest aan mensenhandel en het houden van zwarte Afrikanen als slaaf. Mijn tante herinnert zich nog hoe de overbuurman trouwde met een vrouw die met een zwarte slaaf uit haar ouderlijk huis in Marrakech vertrok. Het was een teken dat ze uit een welgestelde familie kwam. Dit was de vorige eeuw.

Open wonden van de geschiedenis

De gevolgen van deze geschiedenis zijn overal als open wonden zichtbaar. Ze zijn niet eens genoeg geheeld om een litteken te zijn, maar de geschiedenis zelf is verzwegen. Ik herinner me één les op de middelbare school in Vlaanderen waar we het over slavernij gehad hebben.

‘Alsof het een geschiedenis is waarin we schrappen en vergeten zodat we trots kunnen blijven, maar de geschiedenis is er juist om ons te herinneren aan wat niet opnieuw mag gebeuren’

Zoveel eeuwen, zoveel doden, zoveel slachtoffers en wat rest ons? Stilte en een paar standbeelden alsof het een geschiedenis is waarin we schrappen en vergeten zodat we trots kunnen blijven, maar de geschiedenis is er juist om ons te herinneren aan wat niet opnieuw mag gebeuren.

En gelukkig zijn er schrijvers en activisten die helaas deze geschiedenis meedragen en er met hun stem een verhaal van maken dat de buitenwereld niet altijd wilt horen, maar ze blijven spreken, zoals Dalilla Hermans en Hélène Christelle.

Mijn verhaal is niet zoals dat van hen, mijn kleur ook niet, ik kan alleen naar hen luisteren en in de wereld om mij heen hun verhalen herkennen, herkennen dat inderdaad in post-kolonialistische landen mensen opgezadeld zitten met een collectief minderwaardigheidsgevoel, een constant omhoog kijken zolang dat je nek ervan pijn gaat doen en een snijdend racisme tegenover donkere mensen.

Schuilen voor de zon

Zoveel vrouwen die schuilen voor de zon om het witst te kunnen zijn, die uren baden, weken en schrobben in hamams alsof ze zich van een stuk huid en haar willen ontdoen.

‘Een heersend ideaal dat Westers is en ingaat tegen alles wat je bent en uitademt en hoe je lijf gekleurd is, is een gevangenis’

Een heersend schoonheidsideaal is toxisch, dat weten we allemaal, maar een heersend ideaal dat Westers is en ingaat tegen alles wat je bent en uitademt en hoe je lijf gekleurd is, is een gevangenis.

Ik kan het weten. Het kind in mij kan dat helaas bevestigen. Ik had dan wel een lichte huid, maar er waren andere dingen die mooier konden. Minder Marokkaans. Minder Afrikaans.

Gelukkig veranderde dat in mijn puberjaren. Toen was ik tevreden met hoe ik eruitzag. Ik putte juist meer inspiratie uit mijn eigen roots, maar ook uit die van mensen om mij heen, deed uitzonderlijke kleding aan, doste me uit op feestjes.

Al wat authentiek etnisch was, wat duidde op een gemarginaliseerde geschiedenis en traditie, hing ik aan mijn lijf om de verscheidenheid van de wereld te vieren. Want schoonheid begint met een lijf waar je betoverend in kan dansen, vrij van alle betekenissen die de wereld op je plakt.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur