Het nemen van ecopauzes zal alles alleen maar erger maken

De klimaatcrisis, een mens zou er hysterisch van worden

© Brecht Goris

MO*columnist Jan Mertens

Blijven we de urgentie van de klimaatcrisis minimaliseren? Of beantwoorden met een cynisch ‘niet wij, niet hier, niet nu’? Die reacties geven in elk geval geen vertrouwen dat politici zullen doen wat nodig is, schrijft MO*columnist Jan Mertens. 'Een mens zou van minder hysterisch worden.'

Deze column is ook te beluisteren:

Tijdens een recente conferentie over jongeren en klimaat hoorde ik dat steeds meer jongeren te maken hebben met hevige klimaatemoties. Het zou, zo stelde iemand, ‘een taak zijn van het onderwijs om jongeren te helpen om hier voldoende “rationeel” mee om te gaan, zodat ze “constructieve” antwoorden zouden kunnen geven.’ Zouden ze soms ook gewoon kwaad mogen zijn? Dat vroeg ik me af.

Dat iemand na de hete zomer waar maar geen einde aan lijkt te komen enigszins hevig reageert, lijkt me eigenlijk alleen maar heel normaal. Wie vanuit de pijn of het verdriet dat zij of hij ervaart zoekt naar manieren om zinvol te handelen tegenover de klimaatcrisis, lijkt mij overigens veel constructiever dan wie cynisch blijft doen alsof er geen probleem is.

Uit een vroeger onderzoek, gepubliceerd in The Lancet, of een recent onderzoek van Milieudefensie blijkt dat er echt wel iets ernstigs aan de hand is. Heel veel jongeren maken zich zorgen, ervaren stress en voelen zich machteloos.

Ten aanzien van de politici die als goede voorouders zouden moeten handelen in het algemeen belang hebben veel jongeren het gevoel dat ze zich alleen en verraden voelen. De ervaring is dat leidende politici al te vaak vooral de kortetermijnbelangen van de betere middenklasse verdedigen, en veel minder bereid zijn te handelen vanuit een langetermijnperspectief dat ook de toekomstige generaties mee in beeld zou brengen.

Velen maken zich terecht zorgen over het dalende vertrouwen in de capaciteit van politici om adequaat te antwoorden op de maatschappelijke uitdagingen. Men heeft het dan vaak over groepen mensen die zich niet gehoord voelen, waarop iedereen dan ernstig begint te knikken.

Sommige mensen die zich zogenaamd niet gehoord voelen, maken nochtans heel veel lawaai. Die boze burgers die – bosbranden of niet – vonden dat ze het ‘recht’ hadden om te vertrekken naar een of ander eiland, of om er ook weer zo snel mogelijk van gerepatrieerd te worden, hebben we voldoende gezien in de journaals de voorbije maanden.

Andere burgers, helemaal onderaan de inkomensladder, die al jaren op een wachtlijst voor een sociale woning staan en te horen krijgen dat ze zo ongeveer een profiteur zijn die nog altijd niet genoeg geactiveerd is, roepen meestal niet zo hard. Misschien vermoeden ze, niet geheel onterecht, dat er niet zal geluisterd worden. Wie wel behoort bij de juiste electorale doelgroep en dan toetert, krijgt waarschijnlijk meer gedaan.

De uitspraak van de Vlaamse klimaatminister is minstens een klein beetje zorgwekkend.

Bij de groepen burgers die zich onvoldoende gehoord voelen, zijn evenwel ook veel jongeren die zich ernstig zorgen maken over een tekortschietend klimaatbeleid. Ze kregen eerder al van sommige politici te horen dat ze niet moeten betogen maar dat ze moeten studeren, om de technologische oplossingen te bedenken om die problemen op te lossen die de generatie van hun ouders zo heeft laten escaleren. Blaming the victim, om het vriendelijk te zeggen. Het is geen vorm van zwakte dat je je dan eenzaam en verraden voelt.

Ik krijg wel eens te horen dat ik al te vaak het goede wil zien in de mens. Dat lijkt me nog altijd een goede houding, eerlijk gezegd. Ik ging er dus de voorbije maanden af en toe van uit dat de reële klimaatcrisis die we elke dag opnieuw in het journaal zagen met branden, overstromingen, extreme hitte, … zou leiden tot enige bezinning over wat nu eigenlijk het algemeen belang is dat beleidsverantwoordelijken zouden moeten dienen. En met die blik begon ik interviews te lezen met de Vlaamse klimaatminister die recent een boek uitbracht.

“Rationeel”

Ik las boeiende en ontroerende dingen over hoe het is om op te groeien in moeilijke omstandigheden of over hoe je om kunt gaan met het vermoeiende machogedrag van veel politici. Ik keek uit naar een geruststellende uitspraak over de onloochenbare klimaatcrisis.

Ik had verwacht dat ze zou zeggen: ‘Die klimaatapathie, daar krijg ik het van!’ Tot mijn verbazing las ik echter: ‘Die klimaathysterie, daar krijg ik het van!’ In het kader van mijn klimaatemoties roep ik wel eens tegen de krant. Toen dus ook. (Het is een van de voordelen van alleen wonen, dat je met dat roepen anderen niet te veel hindert.)

Laten we dus zeggen dat de uitspraak van de minister minstens een klein beetje zorgwekkend is. Niet dat ik naar een minister kijk als een papa of mama, maar je zou mogen verwachten dat iemand met zo’n verantwoordelijkheid minstens probeert te doen wat nodig is. Ik zou als jongere het gevoel hebben dat die minister mij zegt dat ik gewoon moet ophouden met zagen (en dus ook negeren wat er onder meer in het recente IPCC-rapport staat). Het zou niet leiden tot een spectaculaire toename van mijn vertrouwen, om het vriendelijk te zeggen.

De regering pleit niet voor meer ambitie, maar integendeel voor een ecopauze. Dat zou zogenaamd ‘realistisch’ zijn, en wie iets anders vraagt, zal wel hysterisch zijn.

Er was een tijd dat sommigen vrouwen die zij “te emotioneel” vonden omschreven als “hysterisch”. Dat was natuurlijk een deel van een patriarchale strategie om de stem van vrouwen uit beeld te houden en met verwijzing naar de zogenaamd “rationele” mannen de gevestigde machtsbelangen niet in het gedrang te brengen. Vrouwen moesten ‘hun plaats’ kennen. (Heel wat vermoeiende macho’s denken dat trouwens nog steeds…)

We zullen er even van uitgaan dat de minister helemaal niet vindt dat onder meer jonge klimaatactivisten gewoon moeten zwijgen of dat zij hun stem in de maatschappelijke discussie wil smoren of kleineren. Maar zelfs met die aanname is er toch iets merkwaardigs aan de hand met de term ‘klimaathysterie’. Die impliceert enerzijds dat er eigenlijk geen reden is om zogenaamd te emotioneel te worden en anderzijds dat die gevoelens op zich ook slecht of niet rationeel zijn.

Ecopauzes

Na de warmste zomermaanden hebben we ondertussen de warmste september achter de rug. Klimatoloog Wim Thiery had het over “een klimaat op steroïden” en wees ons erop dat de situatie die we nu wereldwijd meemaken zo ongeveer het allerbeste is dat we kunnen halen als we de afspraken van het Klimaatakkoord van Parijs helemaal halen.

Hoe zou je niet emotioneel kunnen worden wanneer je probeert te voelen wat dat losgeslagen klimaat aan reëel menselijk lijden nu al betekent, over de hele wereld, en voor de levenskansen van onze kinderen en kleinkinderen als we niet alles doen om het tij zoveel mogelijk te keren?

Maar welk antwoord kregen we de voorbije jaren van de Vlaamse regering? Samengevat: we kunnen niet meer doen, we doen al genoeg, anderen moeten maar meer doen, we willen op geen enkele manier onze historische verantwoordelijkheid opnemen, we willen niet solidair zijn met kwetsbaren elders, maar we verwachten wel dat anderen solidair zijn met ons en beter proberen te begrijpen hoe moeilijk het is om zo welvarend te zijn als Vlaanderen.

De regering pleit niet voor meer ambitie, maar integendeel voor een ecopauze. Dat zou zogenaamd ‘realistisch’ zijn, en wie iets anders vraagt, zal wel te emotioneel of te kwader trouw, en nu dus ook hysterisch zijn.

Het doet ertoe, vechten voor elke tiende graad opwarming die we nog kunnen vermijden.

Merkwaardig toch dat onlangs een groep bedrijven (met daarbij Coca-Cola, Unilever en Velux) de EU opriep om de klimaatambitie te verhogen en dat de Europese Centrale Bank en de OESO vragen om de groene transitie te versnellen. Dat niet doen, zou ten nadele zijn van gezinnen en bedrijven.

Voor zover ik weet, staan de genoemde bedrijven en instellingen niet bepaald bekend voor hun overdreven hysterie. Ze zeggen integendeel dat het verhogen van de ambitie de meest realistische weg is. Het nemen van ecopauzes zal alles alleen maar erger maken.

‘Niet wij, niet hier, niet nu’

Misschien wordt het tijd dat we op een rustiger manier kijken naar de verschillende klimaatemoties die zovelen ervaren. Wie zich soms machteloos voelt tegenover de escalerende klimaatcrisis, verdient het niet om in een neerbuigende stem te horen dat zij of hij maar moet zwijgen en niet zo hysterisch doen.

De urgentie van de klimaatcrisis blijven minimaliseren of antwoorden met een cynisch ‘niet wij, niet hier, niet nu’ geeft geen vertrouwen dat politici zullen doen wat nodig is, integendeel. Bang of kwaad of verdrietig zijn, je verlamd voelen zijn op zich vooral een bewijs van grote menselijkheid en zorg. Jongeren die zich afvragen of het nog wel zin heeft en hoe hun toekomst eruit zal zien, verdienen het om serieus genomen te worden in die gevoelens.

Als we willen dat onze kinderen zich meer gedragen en geborgen voelen, zou het nuttiger zijn dat ze kunnen zien dat verantwoordelijke politici net wél willen vechten voor hun toekomst en net wél de ambitie in lijn willen brengen met wat de klimaatwetenschappers ons vertellen. Verkrampt optimisme met oogkleppen op zal ons niet helpen. Er rust meer hoop in handelen, ook al weet je nog niet wat de uitkomst zal zijn. Misschien schuilt er wel meer hysterie in zelfs na deze zomer nog altijd met de vinger blijven wijzen naar die mensen die zich – mee vanuit hun sterke emoties – willen inzetten voor een meer rechtvaardige en duurzame wereld.

In onze kwetsbaarheid kunnen we ons met elkaar verbinden. Het is mijn overtuiging dat verdriet, hoop en verzet innig met elkaar verbonden zijn in tijden van klimaatontwrichting. Het lijkt mij niet echt een goede boodschap dat we aan onze kinderen zeggen dat ze niet mogen voelen wat ze voelen wanneer ze ons vragen wat wij gedaan hebben om deze klimaatcrisis te voorkomen.

Het doet ertoe, vechten voor elke tiende graad opwarming die we nog kunnen vermijden. Ik had misschien, ondanks alles, gehoopt om na deze zomer die boodschap van de minister te horen. Niet dus. Een mens zou van minder hysterisch worden.

Op 28 oktober verschijnt mijn boek Het doet ertoe. Over verdriet, hoop en verzet.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 2828   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur

  • Beleidsmedewerker Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling

    Jan Mertens woont in Leuven, werkt voor de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling, en is onder meer ook actief in de denktank Oikos.

Met de steun van

 2828  

Onze leden

11.11.1111.11.11 Search For Common GroundSearch For Common Ground Broederlijk delenBroederlijk Delen Rikolto (Vredeseilanden)Rikolto ZebrastraatZebrastraat Fair Trade BelgiumFairtrade Belgium 
MemisaMemisa Plan BelgiePlan WSM (Wereldsolidariteit)WSM Oxfam BelgiëOxfam België  Handicap InternationalHandicap International Artsen Zonder VakantieArtsen Zonder Vakantie FosFOS
 UnicefUnicef  Dokters van de WereldDokters van de wereld Caritas VlaanderenCaritas Vlaanderen

© Wereldmediahuis vzw — 2024.

De Vlaamse overheid is niet verantwoordelijk voor de inhoud van deze website.