De zomer van de zotte mensen

Krijgt de zomer van 2016 de bijnaam “bloedige zomer”? Bie Vancraeynest vraagt zich af of de oplossingen die worden bedacht om de aanslagen te verijdelen niet licht over de psychologische zorgnoden heen stappen. ‘Reflecties over de staat van onze geestelijke gezondheidszorg, die blijven uit’, merkt ze ongerust op. Maar ligt daar dan niet vaak het moeilijkste probleem als je de daderprofielen bekijkt?

  • © Brecht Goris © Brecht Goris

De zomer van 1976 is in het collectieve geheugen met het woord ‘warm’ opgeslagen. Wat zal het codewoord zijn voor 2016? Terreur? Bloederig? Verdoofd? Krankzinnig? In dit overgedocumenteerde tijdperk zie ik foto’s passeren van groepen mensen en barbecues en slaatjes. Licht verbrande gezichten van zachtjes aangeschoten mensen die er de moed inhouden. Of beeld ik mij de sluier in, die over deze beelden lijkt te hangen? Hoe hard we de tristesse ook trachten weg te spoelen met de cocktail van het jaar, de vermouth zorgt ook daar voor een bittere toets.

De zomer van de zotte mensen. In de ‘wat we nu weten over…’-daderprofielen ontwaar ik telkens dezelfde contouren. De termen ‘lone wolf’ of ‘loon wolf’ vallen, obsessies met seks en/of geweld, depressie en eerdere vergrijpen die wijzen op een of andere vorm van mentale instabiliteit. Bij de politieke reacties hoor ik over het plaatsen van betonblokken op invalswegen, over lijsten die beter moeten worden opgesteld én over migratie. Reflecties over de staat van onze geestelijke gezondheidszorg, die blijven uit.

Tussen prettig gestoord en stevig in de war

Toen ik pas in de Chicagobuurt aan de slag was, aangeworven om een jeugdhuis te runnen, wist ik niet dat er ook een ander soort werk bij kwam kijken. Wie werkt in een huis met een lage drempel, krijgt veel mensen over de vloer, van menig allooi. Zo leerde ik tijdens mijn eerste werkweek een ernstige man kennen, van een jaar of zestig. Verzorgd, vriendelijk, die op beleefde, maar op dwingende toon een beetje van mijn tijd vroeg. Het duurde een goed half uur tot ik door had dat hij een fantast was. Hij kwam een keer per week over de vloer, en hij was niet de enige.

In de acht jaar dat ik er werkte, liepen er wel vaker mensen binnen, tussen prettig gestoord en stevig in de war zijn. De jongen die binnenloopt en zich begint uit te kleden, midden in een instuif vol kinderen. De man in een groezelig werkpak die beweert een wegenwerker te zijn uit Aarlen, en dat hij beroofd is tijdens zijn middagdutje. Iemand die dé oplossing heeft voor de klimaatopwarming, als de mensen alleen maar eens zouden willen investeren in het project dat duidelijk in zijn hoofd zit, maar dat hij maar niet krijgt uitgelegd.

Luisteren met een kop koffie

De man die een erg goede breakdanser was, ‘een van de beste’, en ongelukkig ten val kwam toen de regenpijp afbrak waarlangs hij zijn huis weer insloop na een clandestien nachtje. Zijn rug is naar de vaantjes maar het is de verslaving aan pijnstillers die van hem een wrak heeft gemaakt.

Er is een meisje met achtervolgingswaanzin, een jongen die worstelt met ontluikende homoseksuele gevoelens. Het zijn allemaal mensen die niet in één of andere vorm van hulpverlening zitten. Om de meest uiteenlopende redenen. Sommigen onder hen, hebben het geprobeerd, eens ‘gaan praten met iemand’ maar er was zelden een echte connectie. Omwille van taalissues, culturele en religieuze verschillen, financiële overwegingen.

We zenden mensen liefdevol van het kastje naar de muur.

Wat ze wel hebben, zijn een aantal deuren die voor hen opengaan. Daarachter luisteren mensen, steeds opnieuw, met een kop koffie. Dan stellen ze voor om langs te gaan bij een andere bevriende organisatie. We zenden mensen liefdevol van het kastje naar de muur.

Er zijn best wat plaatsen waar kwetsbare mensen dan wel geen therapie vinden, maar wel veel andere dingen die essentieel zijn in een mensenleven: aanspraak, aandacht, het gevoel het verschil te maken. Het zijn zaken die moeilijk te registreren vallen. Veel kleine dingen die dagelijks gebeuren, in de luwte. Bescheiden menselijke interacties die in sé niets te maken hebben met de ‘convenant’ of de ‘missie’ van een organisatie. In geen database op te slaan, maar mogelijks grote menselijke drama’s voorkomend.

Ook bij die mensen komt deze bloederige zomer binnen, met klank en beeld…

De markt op

Wie de thuisloze mensen in onze straten ziet, ziet veel verslaafde en mentaal zieke mensen. In Antwerpen gaat de daklozenopvang de markt op. Ook een aantal buurthuizen worden mogelijk geprivatiseerd. Zou bij die ‘herkaveling’ van het middenveld rekening gehouden worden met die nauwelijks te becijferen invulling van zorg die door hen wordt geleverd? Zorg voor wie tussen de kieren dreigt te vallen in onze ontzuilde, geïndividualiseerde samenleving.

Welke zorg, fysieke en mentale, is er beter, duurzamer, kwaliteitsvoller geworden door te privatiseren? Wat winnen we door alles op de markt te gooien? En vooral, wie wint er?

Villa Voortman

De zomer, dat is ook leesschade inhalen. Ik herlees, in het aanschijn van recente gebeurtenissen, een prachtig portret in de Standaard Weekblad over het al even prachtige project Villa Voortman in Gent. Ik zag ook de aflevering van het onvolprezen ‘Radio Gaga’ dat daar enkele dagen is aangemeerd.

Psycholoog Dirk Bryssinck creëerde een plek waar niets hoeft, en waar mensen terecht kunnen met een dubbele diagnose, een verslaving gecombineerd met een psychische ziekte. Geen therapeutische plek, maar een landingsbaan, een tweede thuis. Die met vlieg en stuntwerk moet rondkomen.

Dubbele diagnose

In ons land zouden er 17.500 mensen zijn met een dubbele diagnose, staat er verder in het artikel. Er is een tendens om psychiatrische bedden af te bouwen. Die cijfers en feiten tollen in mijn hoofd. Samen met verhalen van getraumatiseerde vluchtelingen die nog geen diagnose hebben maar alvast meer nodig hebben dan bed, bad en brood.

Getraumatiseerde vluchtelingen hebben alvast meer nodig dan bed, bad en brood.

De terreur die een spoor trekt door de wereld, vraagt een meervoudig antwoord. In die zoektocht zou ik graag wat horen over hoe er zal gezorgd worden voor mensen. Voor hun ziel, hun hart, hun gedachten.

‘Wij zijn allen ballingen, levend binnen de lijsten van een vreemd schilderij. Wie dit weet, leeft groot. De overige zijn insecten.’

Op de muren van Villa Voortman staan deze woorden van Leonardo Da Vinci gekalkt.

De zomer van 2016 is een vreemd schilderij.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Coördinator van Vzw Toestand

    Bie Vancraeynest is coördinator van Vzw Toestand, een organisatie die leegstaande of vergeten gebouwen reactiveert tot tijdelijke en autonome socioculturele centra.