Hoe de cellosuites van Bach het klimaatprobleem helpen oplossen

Het is een teken van de tijd: de oproep om klassieke concerten korter te maken omdat mensen anders te snel verveeld zijn. Kunnen we niet gewoon een beetje tijd verlenen aan de aandacht? Misschien stelt het ons beter in staat ‘s werelds problemen onder ogen te zien, meent Jan Mertens. 

  • © Brecht Goris Jan Mertens © Brecht Goris

Het is niet dat we niet weten hoe het met de wereld gesteld is. Je kunt het in de krant lezen. Je kunt de foto zien van het jongetje van Aleppo. In dat ene beeld zie je ineens iets van het grote gruwelijke drama. Je kunt het artikel op de frontpagina lezen dat je uitlegt dat de klimaatverandering in de cruciale fase is aanbeland. Eigenlijk zou de temperatuurstijging tegenover de pre-industriële periode niet hoger dan 1,5°C mogen zijn. We zitten nu al aan 1,3°C. Het zal de volgende jaren nieuws zijn als er eens geen warmterecord wordt gebroken.

Een deel van het drama in beide gevallen is een vorm van ‘niet willen weten’. Ja, we weten wel (of we zouden het gemakkelijk kunnen weten) dat het ernstig is, maar we willen er toch niet te veel onze gemoedsrust door laten verstoren, dat zou vervelend zijn. En we willen nog minder zelf iets veranderen als dat echt ingrijpend zou zijn. ‘Ja, ik weet dat het niet goed is voor mijn ecologische voetafdruk, maar ik ben deze zomer…’

Nooit vervelend

Er zijn eindeloos veel dimensies aan deze discussie. Een ervan zou kunnen zijn dat niet willen weten een vorm van gebrek aan aandacht is. Niet in staat zijn tot volgehouden open aandacht. Een vorm van aandacht waarvoor je je hart moet openstellen en waardoor je je dus zou kunnen laten raken. Open aandacht, raakbaarheid, toelaten van verdriet, het zijn elementen van een houding die het tegenovergestelde is van cynisme. En cynisme is het ultieme failliet…

Misschien gaat een klassiek concert op den duur zo wel lijken op een speeddate.

Het is misschien een omwegje, misschien net te groot, maar ik moest eraan denken toen ik een artikel las in de krant over de lengte van klassieke concerten. Een Brits-Australische pianist stelde enkele dagen geleden dat we bij concerten de pauze zouden moeten afschaffen en dat we die concerten ook korter zouden moeten maken. Dat zou nodig zijn om jonge mensen weer in de zalen te krijgen. Onderliggend idee is dat mensen zich niet zo lang kunnen concentreren. Het antwoord zou dan zijn dat we alles korter, flitsender, afwisselender moeten maken. Niet te veel inspanning vragen van de mensen. Meer in lijn met de hedendaagse manier van leven, die het onmiddellijke erg hoog acht.

Een beetje zoals dat je tegenwoordig bij sommige artikels op het internet al meteen kunt lezen hoeveel minuten je nodig zult hebben voor die ‘longread’. Want alles moet efficiënt zijn, tijd is kostbaar. Misschien gaat een klassiek concert op den duur zo wel lijken op een speeddate. In vier minuten snel voelen of er een ‘klik’ of een ‘match’ is en dan over naar de volgende. Zo wordt het ook nooit vervelend…

Het andere ritme

Niet dat dat op zich allemaal zo erg hoeft te zijn, maar er is iets essentieels van de tijd dat zo verloren gaat. Als je een roman leest, moet je je een beetje uit handen geven aan de tijd. Je komt in een ander ritme, soms traag, soms snel, maar je moet als het ware de adem van een boek volgen. En dat ritme heeft iets dat ook nodig is voor het echte leven. Echt contact met een andere mens, liefde misschien wel, veronderstelt echte aandacht, en daarvoor is tijd nodig. Trage tijd, om dichter bij je kwetsbaarheid, je falen, je niet-weten, je verlangen te komen.

Als junks hunkeren we naar snelle aandacht van anderen, terwijl het net zou moeten gaan om de trage aandacht die je nodig hebt om naar de muziek te luisteren.

Als liefde alleen maar een efficiënte hapklare speeddate wordt, helemaal aangepast aan onze aandachtsspanne, komen we een stapje dichter bij iets wat op cynisme begint te lijken. Via onze smartphones kunnen we alles dan ook nog razendsnel en ‘clean’ regelen, op een manier die ons zo weinig mogelijk raakt en waarbij we zo weinig mogelijk direct menselijk contact hebben.

Dat alles wil niet zeggen dat klassieke muziek op een saaie manier moet gepresenteerd worden. Een zender als Klara bewijst dat het ook heel eigentijds kan. Maar laten we toch het element tijd bij zo’n concert op een goede manier blijven waarderen. Het stoort me verschrikkelijk dat steeds meer mensen tijdens een concert (klassiek of niet) blijkbaar nog de hele tijd op hun telefoon bezig moeten zijn.

Soms kun je het podium gewoon niet zien omdat de hele rij voor je bezig is met foto’s maken. Je bent er pas blijkbaar als je er een foto van maakt die je nog tijdens het concert kunt posten om nog wat extra aandacht te vragen. Als junks hunkeren we naar snelle aandacht van anderen, terwijl het net zou moeten gaan om de trage aandacht die je nodig hebt om naar de muziek te luisteren. Gewoon luisteren, en alleen maar luisteren, meer niet. En tijd is daarvoor nodig.

Alles zes cellosuites

Als ik na een drukke werkdag ‘s avonds in de schouwburg zit, merk ik soms dat het het eerste half uur niet gemakkelijk is. Er gaan nog veel dingen door mijn hoofd. De muziek dringt nog niet tot me door. Het vraagt de tijd die nodig is, als in een soort meditatie, maar in de loop van de avond lukt het me gewoonlijk wel om in de muziek te komen (tenzij het natuurlijk suffige of ondermaatse muzikanten zijn). En dan voel je hoe de muziek je overneemt, en meeneemt in dat andere ritme.

Het zal wel heel ouderwets zijn, en dat is dan maar zo, maar ik geloof er nog steeds in dat het waardevol is dat we leren om aandachtig te zijn, ook als dat tijd en inspanning vraagt. 

Ik herinner me nog een mooie avond vorig jaar met een uitvoering van alle zes cellosuites van Bach na elkaar. Er waren trouwens twee pauzes (gelukkig voor de muzikant en gelukkig voor mijn rug). Door de tijd die het neemt bij zo’n uitvoering, voel je dat je voor een keuze komt, of je je al dan niet zult openen voor de muziek. Als we alleen de ‘greatest hits’ van de cellosuites zouden hebben gehoord, zouden we dat misschien ‘mooi’ gevonden hebben, maar we zouden nooit op het punt gekomen zijn waar de muziek je gaat raken. En dat gebeurde nu wel. Diep ontroerd, sprakeloos en nederig bleef ik achter na het concert.

Het zal wel heel ouderwets zijn, en dat is dan maar zo, maar ik geloof er nog steeds in dat het waardevol is dat we leren om aandachtig te zijn, ook als dat tijd en inspanning vraagt. Ook als je daartoe moet kennismaken met een taal die je in eerste instantie wat vreemd lijkt of die niet overeenkomt met de tijdsbeleving die je normaal bent gaan vinden.

En het is waarschijnlijk heel naïef, en ook dat is dan maar zo, maar ik denk dat het soort ontwapenende aandacht dat we zo kunnen leren ons zou kunnen helpen om niet cynisch te worden. En zo kunnen de cellosuites van Bach misschien wel een heel klein rolletje spelen in het dichterbij brengen van het klimaatbeleid dat we zo hard nodig hebben, om maar iets te zeggen. Wie weet…

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Beleidsmedewerker Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling

    Jan Mertens woont in Leuven, werkt voor de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling, en is onder meer ook actief in de denktank Oikos.