We zijn uit het oog heeft verloren wat echt belangrijk is

Waarom het Westen zo slecht is voorbereid op de crisis

© Brecht Goris

Anya R. Topolski

Na twee maanden quarantaine zou MO*columniste Anya Topolski willen dat we – individuen met een moderne westerse seculiere wereldvisie – meer rituelen hadden. De coronacrisis openbaart dat het Westen uit het oog heeft verloren wat echt belangrijk is – het sacrale – en alleen nog lijkt te geven om winst en materialisme.

Ik bracht een van mijn laatste avonden voor de quarantaine door met vrienden om een prestatie te vieren: een vrolijke overwinning na veel strijd en lijden. We stonden samen stil bij de gelegenheid door middel van een Joods ritueel, het verwelkomen van de sabbat.

Geen van de andere gasten was Joods. Iemand hoeft niet “religieus” te zijn om de kracht van rituelen te waarderen. Maar iemand moet wel in staat zijn om het sacrale, dat wat rituelen eren, te waarderen. Rituelen vieren het feit dat mensen niet enkel materiële, maar ook spirituele wezens zijn. Rituelen zijn bovendien collectief. Ze waarderen wat ons verbindt op een emotionele en belichaamde manier. Dus brandden we kaarsen, braken we brood en uitten we onze gebeden voor een meer rechtvaardige en inclusieve wereld. Dit verbond ons met elkaar. Door het sacrale te vieren, voeden rituelen de geest van een gemeenschap. Ze zijn, zoals het Joods gezegde luidt, kippensoep voor de ziel.

Rituelen helpen ons betekenis te geven aan chaos en herinneren ons eraan om zowel de spirituele als de materiele aspecten van onszelf te omarmen. Sabbat is een ritueel dat orde creëert door de scheiding van de werkweek – seculiere tijd – en de dag van rust – sacrale tijd – te markeren. Het vertelt ons dat we moeten stoppen met werken.

Werk is voor sommigen een noodzaak om geliefden te onderhouden. Werk is dan een materieel middel voor een spiritueel doel. Voor anderen, die het geluk hebben om betekenis in hun werk te vinden, herinnert de sabbat hen eraan om te stoppen met consumeren en produceren en hun zegeningen te tellen. Voor iedereen geldt het als een herinnering dat we moeten rusten, zorgen voor de ziel van onze gemeenschap en verbondenheid vieren.

Nu, na twee maanden quarantaine, zou ik willen dat we – individuen met een moderne westerse seculiere wereldvisie – meer rituelen hadden. We hebben veel routines en ceremonies – maar de meeste hebben helaas geen verbinding met het sacrale. De reden hiervoor is dat de seculiere wereldvisie het spirituele aspect van het menszijn niet serieus neemt – het is niet wetenschappelijk, het is niet materieel, het kan niet worden gekwantificeerd, getest, bewezen volgens ons seculiere episteme (oud grieks voor Kennis, nvdr).

We zien onszelf als modern en rationeel en hebben geen nood aan alles wat ook maar naar spiritualiteit ruikt. We zijn superieur aan de onbeschaafde barbaren die nog altijd vasthouden aan religie. We geloven in de Rede, in objectiviteit en neutraliteit. Deze geven ons de illusie van controle. Alles kan worden gecategoriseerd en gecontroleerd. Dat houdt de chaos in bedwang. Het liefst waren we computers – zoals onze Avatar, niet belast met emoties.

Voel u zich vervreemd of geïrriteerd bij “religieuze” taal, bij woorden als ‘heilige’, ‘sacraal’ en ‘spiritueel’? Komt dat dan wellicht doordat onze wereldvisie dit dicteert? Ik durf te stellen dat het precies deze wereldvisie is die het Westen onvoorbereid liet bij de huidige crisis (net zoals vele andere crises). Als we bereid waren het sacrale te erkennen, zou deze crisis – zoals de Chinezen zeggen – een kans kunnen zijn om de verbondenheid te herstellen die in onze samenleving zo in de verdrukking is gekomen. De samenhorige gemeenschap, datgene dat mensen tot meer maakt dan machines. Helaas biedt de crisis nu alleen een kans aan neoliberalisme en kapitalisme, die de mens als louter materiële wezens zien, en geen oog hebben voor hetgene dat ons bindt

De ziel van onze samenleving, de geest van onze gemeenschappen en onze collectieve waardering van het sacrale hebben dringend behoefte aan zorg. Het Westen put de aarde uit, door haar slechts te zien als een verzameling natuurlijke ‘bronnen’. Maar het vernietigt ook. Over de hele wereld vernietigt het structureel gemeenschappen en culturen die de spirituele bronnen van de mensheid voeden. De Westerse wereldvisie is bang voor dat wat het niet kan controleren, categoriseren of definiëren.

Deze crisis kan niet worden losgekoppeld van andere globale crises als het klimaat, exclusie/ongelijkheid en migratie.

Maar we zijn belichaamde wezens die moeten worden gevoed, zowel fysiek als mentaal. We zijn geen autonome, puur rationele individuen. We zijn relationeel en emotioneel. Deze crisis maakt dat duidelijk. Veel mensen beseffen dat we onderling verbonden zijn nu de toegang tot de ander is weggevallen. Dit had een moment van verandering kunnen zijn. Een moment waarin we zouden realiseren wat we zijn – spiritueel en met grote behoefte aan verbondenheid, aan gemeenschap.

Maar in plaats van dit te realiseren, in plaats van manieren te vinden om een gemeenschap te vormen, neemt neoliberalisme het over? Omdat we liever teruggrijpen naar individualisme en materialisme dan naar gemeenschap en zorg? Helaas lijkt het erop dat het Westen deze kans niet heeft aangegrepen. Deze crisis kan niet worden losgekoppeld van andere globale crises als het klimaat, exclusie/ongelijkheid en migratie. En deze tijd is dus een gemiste mogelijkheid om het sacrale te vieren – onze spirituele verbinding of onze gemeenschappelijke ziel (waar vaak naar verwezen wordt als ons sociale wezen, maar ook die uitdrukking is weer gevaarlijk leeg van het sacrale element).

Op tragische wijze is de crisis, zoals Naomi Klein ons waarschuwde, een kans voor het kapitalisme om zichzelf te vieren – zijn overwinning in het reduceren van mensen tot hun geïsoleerde individualisme en materialisme. Hier zijn twee voorbeelden die ons misschien helpen deze gemiste kans in te zien.

Mondmaskers

Het is geen toeval dat de mensen die veel van het zorgwerk verrichten, net als zij die in supermarkten werken, disproportioneel vaak mensen van kleur, vrouwen en buitenlands zijn.

Ten eerste het voorbeeld van mondmaskers – het grootste gemeengoed van deze tijd. Misschien heb ik te veel superheldenshows gezien, maar ik blijf me maar afvragen of het dragen van maskers onthult of juist maskeert wie we als maatschappij zijn.

Ik waardeer het gebaar van het applaudisseren voor ons medisch personeel. Maar de leegheid van dit ritueel toont hoe oneerbiedig het is. De mensen die in de zorgsector werken, worden al veel te lang ondergewaardeerd, onderbetaald en onderbeschermd. Pas nu mensen egoïstisch vrezen voor hun eigen sterfelijkheid, geven ze symbolische erkenning. Het is ook geen toeval dat de lichamen die veel van het zorgwerk verrichten, net als zij die in supermarkten werken, disproportioneel vaak mensen van kleur, vrouwen en buitenlands zijn – allemaal groepen die worden gekleineerd door het Westen.

Het dragen van een masker is een manier om te zorgen voor de ander, de ander te beschermen, om zorg en solidariteit met de anderen te tonen. Triest genoeg werd ons in de eerste week van de crisis opgedragen geen masker te dragen, omdat er een terechte angst was dat mensen maskers zouden hamsteren en mensen in de zorgsector dus verder in gevaar zouden brengen. Zodra “experts” ons vertelden wat Aziaten al decennia weten, begonnen we met het dragen van mondkapjes.

Maar de grootste tragedie is waarom mensen nu maskers dragen: om zichzelf verder te isoleren van de ander. Maskers, die sacrale geschenken zouden kunnen zijn, en dat wellicht zijn voor sommigen, zijn nu uitdrukkingen van individualisme en materialisme.

Woorden doen ertoe

Liberalisme, de seksbuddy van kapitalisme, heeft sociale afstand al genoeg gepromoot.

Een tweede voorbeeld – en wellicht mijn grootste ergernis als een Engelssprekende in Vlaanderen – is de vreselijke term “social distancing”. Wetenschappers en experts promoten de term vaak met goede bedoelingen, maar de uitdrukking is misleidend en gevaarlijk. Misleidend omdat wat we – leden van een oneerbiedige samenleving – zeker niet méér sociale afstand nodig hebben. Liberalisme, de seksbuddy van kapitalisme, heeft sociale afstand al genoeg gepromoot.

Wat we nodig hebben om de curve af te zwakken, is fysieke afstand – van 1,5 meter wel te verstaan. Die afstand respecteren is wederom een manier om zorg voor de ander te tonen. Terwijl veel Engelstalige landen snel het probleem van “social distancing” inzagen en de term aanpasten, is dit helaas niet wereldwijd gebeurd. Het gevaar is dat als we de term blijven gebruiken, we de logica versterken. Woorden doen ertoe.

Het gebruik van deze taal heeft ertoe geleid dat mensen een soort afkeer van het lichaam van de ander ontwikkelen, als het te dichtbij komt en hen ogenschijnlijk bedreigt. Het gevolg van “social distancing” is dat te veel mensen – degenen die er het privilege toe hebben – de uitdrukking hebben belichaamd door verder inwaarts te keren. “Veiligheid” vindend in hun eigen bubbel, zichzelf afsluitend van de wereld – van andere mensen. Vasthoudend aan de illusie dat gesloten grenzen en muren tussen huizen hen veilig zullen houden – maar tegen welke kosten?

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Deze crisis openbaart dat het Westen uit het oog heeft verloren wat echt belangrijk is – het sacrale – en alleen nog lijkt te geven om winst en materialisme. We geloven niet langer in rituelen of religie, terwijl beide ons hielpen het sacrale te vieren en ons leerden wat belangrijk is – en dat is vaak het tegenovergestelde van wat vandaag als urgent wordt gezien.

Belangrijk zijn niet onze deadlines, maar onze spirituele band met de ander – en niet alleen de ander in onze bubbel, of de ander die we kiezen in onze nabijheid. Rituelen brengen ons samen en leren ons de waarde van verbinding. Ze leren ons om mensen boven winst te plaatsen. Want hoewel we zulke slogans nog steeds hebben, is de vraag of we deze ook kunnen naleven binnen de Westerse seculiere wereldvisie. Of kunnen we het sacrale alleen waarderen buiten de Westerse bubbel?

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • politiek filosofe

    Dr. Anya Topolski, geboren en getogen in Canada, is associate professor in de Politieke Filosofie en Politieke Theorie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.