Wanneer verhalen schrijven gevaarlijk wordt en het niemand wat kan schelen

In 2013 verklaarden de Verenigde Naties 2 november tot internationale dag voor de uitbanning van onbestrafte misdaden tegen journalisten. Warda schrijft in haar column over het belang van het vrije woord en het gebrek aan waardering daarvoor.

  • © Brecht Goris Warda El-Kaddouri © Brecht Goris

Vandaag vieren we de internationale dag voor de uitbanning van onbestrafte misdaden tegen journalisten. Eigenlijk valt er weinig te vieren. Volgens de Internationale Federatie voor Journalisten wordt er elke vijf dagen een journalist gedood omdat hij of zij verhalen probeerde te schrijven of beelden probeerde vast te leggen voor ons. Opdat wij zouden weten en niet vergeten.

De balans van de voorbije tien jaar is zwaar. Een onwaarschijnlijk aantal van 800 mensen werd vermoord. Een waarschijnlijk nog veel hoger aantal wordt geïntimideerd of verwondt.

Gerechtigheid is een hol woord in tijden van en in tijden na oorlog.

In 2013-2014 liep ik stage bij Unesco, het VN-agentschap dat niet alleen onderwijs, cultuur en wetenschap, maar ook media en journalistiek behandelt. Het viel me op dat er bij er regelmatig een soort kunstmatige verwondering heerste over het feit dat er slechts bij één op de tien gevallen een effectieve veroordeling van de daders komt.

Laten we even eerlijk zijn. Als zelfs niet eens de grote pionnen van het oorlogsspel veroordeeld kunnen worden, waarom zijn we dan verwonderd dat de daders van de moorden op  journalisten in conflictgebieden – waar al relatief weinig toegang tot informatie is en waar de daders dus in de meeste gevallen onbekend zijn – niet worden vervolgd? Gerechtigheid is een hol woord in tijden van en in tijden na oorlog.

De Verenigde Naties proberen hun gebrek aan politieke actie wel vaker te compenseren met het uitroepen van nieuwe internationale dagen met lange namen. In de meeste gevallen worden die symbolische dagen als een marketinginstrument gebruikt om bewustwordingscampagnes te lanceren. Een trend waar ngo’s ook graag in meegaan, maar waarbij ze onbewust de holle, diplomatiek correcte VN-retoriek overnemen en op hun eigenzinnigheid, scherpte en overtuigingskracht verliezen.

Apache

De media wordt niet voor niets de vierde macht genoemd. In de World Press Freedom Index scoort ons land met een 13e plaats relatief sterk inzake persvrijheid. Ik ben benieuwd of de recente vervolging van Apache daar enige verandering in zal brengen. Een van de weinige Vlaamse mediaplatformen die aan onderzoeksjournalistiek doen, wordt in het nauw gedreven met een rechtszaak voor laster en eerroof.

“Apache schrijft wat politici niet willen lezen, kranten niet mogen schrijven maar wat iedereen zou moeten weten”, luidt het op hun website. “Een lasterlijk medium”, volgens de machtigste politicus van het land.

Je weet dat je het bij het rechte eind hebt of gevaarlijk dicht in de buurt van moedwillig verdoken feiten komt, als invloedrijke personen je bestaan bedreigen door je financieel te ruïneren met een dure rechtszaak. Raak niet aan het imago van de heilige of je gaat ten onder.

Elke Vlaamse burger die het belang van het vrije woord, een van de basisprincipes van de democratie, hoog in het vaandel dragen, zou een abonnement moeten nemen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift