Hoe de aardappel China verovert

Worden de Chinezen aardappeleters?

© Brecht Goris

Columniste Ching Lin Pang

Naar aanleiding van de terugkeer van Rode Duivelspeler Axel Witsel van China naar Europa eerder deze maand verscheen een misplaatste meme op de sociale media-kanalen van Sporza. De foto toont een halfportret van de voetballer in een soort quiz-setting, waarbij hij onder verschillende antwoordmogelijkheden ‘change team’ aanwijst. De foto is begeleid met de uitspraak: “Wanneer je genoeg rijst gefret hebt”.

Doorgaans negeer ik zulke wansmakelijk grappen over culturele stereotyperingen, ware het niet dat ik toen toevallig in de buurt was van Dingxi. Dit stadje in het noordwesten van China is voornamelijk bekend onder aardappeltelers in China en in Europa. Raar maar waar, China is de grootste aardappelproducent ter wereld, goed voor 1/3 van de globale productie.

Toch associëren we China niet meteen met de aardappel, uitgezonderd het recent fenomeen en neologisme van de ‘frietchinees’ in Vlaanderen. Maar dat is een heel ander verhaal.

Raar maar waar, China is de grootste aardappelproducent ter wereld.

Het merendeel van de productie wordt uitgevoerd of dient als veevoeder. De aardappel is niet nieuw in China. Deze veldknol uit Peru vond zijn weg naar China in de 16de en 17de eeuw via de Filipijnen, meegebracht door de Spaanse veroveraars.  De Chinezen zijn echter niet echt wild van de ‘aardboon’-de letterlijke vertaling van de Chinese term voor deze veldknol.

De aardappel geldt immers als voedsel voor armelui en werd voornamelijk gegeten in tijden van schaarste en hongersnoden ter vervanging van rijst of tarwe. Vandaar de negatieve connotatie van de aardappel, die in de Chinese keuken eerder als groente aanzien wordt dan wel als basisvoedsel.

In tegenstelling tot de armtierige reputatie van de aardappel staat rijst als symbool voor beschaving en noedels voor lang leven. Niettemin heeft de Chinese overheid in 2015 het plan opgevat om de aardappel op te waarderen. Dit kadert in het algemeen beleid van voedselveiligheid om China te voorzien van voldoende voedsel.

De beleidsmakers in China zijn zich ervan bewust dat wanneer een volk honger lijdt, het in opstand komt. Het is een historische wetmatigheid in China dat heersers die niet in staat zijn de bevolking te voeden ten onder gaan.

In de afgelopen jaren is de voedselinvoer in China gestegen. De import van maïs, graan maar ook sojabonen, fruit en vlees - vooral uit de VS - is aanzienlijk toegenomen. Om minder afhankelijk te worden van het buitenland heeft de overheid in 2015 beslist om van de aardappel basisvoedsel te maken na rijst, tarwe en maïs.

De voordelen van de aardappel zijn legio: hij is voedzaam, groeit makkelijk en snel, heeft minder water nodig dan rijst en - last but not least - heeft een hoge oogstopbrengst.

Promotie van de patat

Om Chinezen tegen het jaar 2020 te transformeren tot aardappeleters neemt de overheid maatregelen op verschillende niveaus. Op productievlak moet het aardappelareaal naar omhoog - verdubbelen zeg maar. Voortaan krijgen aardappeltelers dezelfde fiscale voordelen en logistieke voorkeursbehandeling als rijst- en tarweboeren.

Omdat niet alleen de kwantiteit maar ook de kwaliteit moet verbeterd worden, organiseerde China niet toevallig in datzelfde jaar het WPC of het Wereldaardappelcongres in Yanqing, een stad nabij Beijing. Op deze hoogmis voor de aardappelsector kon China rekenen op steun van internationaal gerenommeerde aardappelexperts. Ze moeten China helpen de kwaliteit en de opbrengst van de Chinese aardappel te verhogen.

Aardappelkenners beweren dat Chinese piepers meestal te zoet of te smakeloos zijn in vergelijking met hun westerse tegenhangers zoals bintjes of eigenheimers. Ook de opbrengst per hectare in China ligt veel lager dan in West-Europa. Naast de productie is er ook heel wat werk op vlak van de verwerking van deze aardknol in de vorm van frietjes of aardappelvlokken voor andere industriële bereidingen. Productkennis ontbreekt en handenarbeid is goedkoper dan mechanisatie.

Om de statusverhoging van de patat te bewerkstelligen wordt er geëxperimenteerd met het maken van Chinese broodjes op basis van aardappelpoeder in plaats van tarwemeel. Naast de vervanging van andere granen door de aardappel worden ook westerse bereidingen van de aardappel zoals kroketten, aardappelpuree of chips aangeprezen.

De friet is al een tijdje ingeburgerd in China en alom geliefd.

In elk geval: de overheid moet geen propaganda voeren voor frietjes omdat ze erg gesmaakt worden in China. McDonalds, KFC en consorten hebben in de jaren ‘90 van de vorige eeuw Chinezen frietjes en andersoortig vettig junkfood leren eten. De friet is dus al een tijdje ingeburgerd in China en alom geliefd. Tegenwoordig vindt men ook de betere westerse frietvorm in hipsterbiercafés, geserveerd met hamburger of in een mandje bij allerlei hapjes.

In Chinese restaurants wordt de aardappel vooralsnog als groente geserveerd, vaak sterk gekruid met chilipepers. Als we terugblikken in de eigen geschiedenis dan heeft de aardappel in Europa ook tijd nodig gehad om geaccepteerd te worden. Deze veldknol is geëvolueerd van een giftig ‘duivelsappel’ in de 16de, 17de en 18de eeuw tot het meest belangrijke basisvoedsel in de 19de eeuw en culmineerde tot nationaal cultureel symbool.  Dan is het niet geheel onmogelijk dat de aardappel een steile opgang tegemoet gaat in China.

Tenslotte is er een andere aardappelprimeur in de maak: over enkele maanden - in december - wordt het ‘Chang’e 4’ ruimteschip richting maan gelanceerd. Er wordt ook een koker met aardappelen en eieren van zijderupsen meegestuurd om te experimenteren of ze kunnen gedijen op de maan. Of dat lukt, valt moeilijk te voorspellen. Indien dat lukt, dan moeten we onze kennis en perceptie van de aardappel - of liever de maanappel - geheel herzien.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Antropologe

    Ching Lin Pang is antropologe verbonden met Universiteit Antwerpen en KU Leuven. Met een open blik bestudeert ze de hedendaagse ontwikkelingen in Azië met een focus op China.