Flexibel zijn in het concept van “thuis”

Zielsnomaden

© Brecht Goris

Warda Al Kaddouri

Bijna twee jaar woon ik in dit land van drop en stroopwafels, in deze stad van eindeloze grachten en ontelbare fietsen. Zodra ik mijn mond open doe, vindt iedereen mijn accent “schattig”. Ook hier blijft de vraag waar ik vandaan kom me achtervolgen, maar de lading is nu anders. ‘Wat brengt je naar Amsterdam?’ Ik wil antwoorden dat dit het lot is van de vrouwen in mijn familie, maar dat klinkt zo fatalistisch, dus zeg ik, verlegen toegevend als een kind dat betrapt is met de handen in de verboden koekentrommel, ‘de liefde’.

Al drie generaties lang verlaten de vrouwen in mijn familie hun land en volgen ze hun mannen naar onbekende oorden. Mijn grootmoeders verlieten Marokko en kwamen naar België en Nederland. Mijn moeder ruilde Nederland voor België. Mijn zus en ik maakten op onze beurt de omgekeerde beweging. Hoe gelijkaardig de reden voor onze migratieverhalen, zo anders is onze beleving er van.

Toen mijn grootmoeders bijna een halve eeuw geleden met hun kinderen de oversteek maakten, deden ze dat om hun familie weer compleet te maken. De gezinshereniging maakte van hen de onzichtbare vrouwen van de gastarbeiders. Het moet ongetwijfeld één van de meest beangstigende momenten in hun leven zijn geweest. Ze waren nog nooit uit hun dorp geweest, laat staan dat ze ooit een vliegtuig van dichtbij hadden gezien.

En daar stonden ze dan, hun hart in hun keel, niet wetende wat hun te wachten stond.

En daar stonden ze dan, hun hart in hun keel, niet wetende wat hun te wachten stond. De koude en de regen, de vreemde taal, het eten zonder kruiden dat naar niets smaakt, de klokken van de kerk. Ze voerden hun hele leven lang een strijd om te overleven in een vreemde cultuur die ze maar niet eigen konden maken. De verlangende gedachte naar de terugkeer is nooit verdwenen. Thuis is altijd Marokko geweest.

Wanneer ik mijn moeder opbel om te vragen hoe zij haar migratie heeft ervaren, begint ze te lachen. ‘Verhuisd voor de liefde? Haha. Dat is een goeie.’ Ik besef plots dat romantische liefde een relatief nieuw concept is. Liefde, zo zeggen de ouderen, is iets wat je kan leren.

Van kinds af aan hoor ik mijn moeder zeggen dat ze haar migratie van Marokko naar Nederland als minder ingrijpend heeft ervaren dan die van Nederland naar België. De eerste jaren waren zwaar en het voelde aan alsof ze hetzelfde lot onderging als haar moeder. Ondanks het gemis van haar familie was de terugkeergedachte volledig afwezig. ‘Waar is thuis voor jou, mama?’, vraag ik. ‘België’, antwoordt ze zonder enige aarzeling. ‘Maar in Nederland en Marokko voel ik me niet vreemd.’

Ik vraag me af wat voor mij “thuis” op dit moment is en in de toekomst zal zijn. Ik voel dat ik snel in de clichématige ‘ik ben wereldburger’-gedachte verval. Ik blijf me verbazen over het gemak waarmee ik België heb achtergelaten. Wanneer ik mijn zus naar haar ervaring vraag, zegt ze: ‘We zijn al een halve eeuw ontworteld. Sinds de dag dat onze grootouders Rif verlaten hebben, zijn we zielsnomaden. Het is voor ons als kind van migranten makkelijker om flexibel te zijn in het concept van “thuis”.’ Ik had het niet beter kunnen verwoorden.

Wanneer ik mijn man vertel dat deze herhaling van vrouwen in beweging voor de liefde betekent, dat als wij ooit een dochter zouden krijgen, ze misschien ook … — Maar hij onderbreekt me nog voor ik de zin kan afmaken met een strenge ‘vergeet het maar!’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift