Diversiteit en culturele uitwisseling rond de Middellandse Zee

Tweerichtingsverkeer zorgt ook voor botsingen

© Anna Llsa Canito

Uit het project El Medreb, Algerije

Het is verleidelijk om de geschiedenis van de Middellandse Zee te herleiden tot een paar gemeenschappelijke kenmerken, om te proberen een “mediterrane identiteit” te bepalen’, schrijft David Abulafia op bladzijde 693 van zijn monumentale Geschiedenis van de Middellandse Zee.

Op 10 april vindt in Bozar de slotconferentie plaats van een meerjarenproject (SouthMed CV) waarin een aantal culturele projecten in landen ten Zuiden van de Middellandse Zee Europese subsidies kregen om verbindende projecten uit te voeren. Coördinator Toni Cotts: ‘Historically, the Mediterranean has been the centre of a thriving exchange of goods and ideas, and the cradle for cross-cultural encounters, artistic, religious, linguistic or commercial; encounters which have been engines of change and enrichment for the region and beyond. But we are now experiencing a paradoxical situation. At a time when we think of the world as flat, where ideas roam freely across the internet and opinions are debated spontaneously by anyone anywhere, we see the emergence across regions of new insurmountable physical and virtual barriers. Walls however, are not only those virtual ones that separate Europe from its southern neighbours; mobility across the Arab countries on the southern shore of the Mediterranean was and continues to be severally hampered by bureaucratic hurdles and political conflicts. Today, capital is mobile but labour is not. Security, stability and the flow of commercial exchange are privileged over human rights and enlightenment.’

‘Toch gaat dit zoeken naar een fundamentele eenheid uit van een verkeerd begrip van wat de Middellandse Zee heeft betekend voor de mensen die aan haar oevers hebben gewoond en op de eilanden erin, of die hem juist zijn overgestoken. We moeten niet zozeer naar eenheid zoeken, maar juist naar verscheidenheid.’ Want ‘de randen van de Middellandse Zee hebben voortdurend ontmoetingspunten opgeleverd voor mensen van de meest diverse pluimage’. Enkele bladzijden verder in dit boek luidt het: ‘Paradoxaal genoeg zit de eenheid van de mediterrane geschiedenis in zijn duizelingwekkende veranderlijkheid, in de diaspora van kooplieden en ballingen, in de mensen die zich zo snel mogelijk over het zeeoppervlak spoedden…’

Reductio ad Al Andalus

De Middellandse Zee is is als regio uitgesproken heterogeen, maar in die historische, culturele en economische heterogeniteit vindt ze juist een kenmerk dat breed genoeg gedeeld wordt om er een soort gemeenschappelijke identiteit in te funderen. De vraag is of dat diverse zelfbeeld een weerspiegeling is van een actuele realiteit en een keuze om die diversiteit te cultiveren, of dat het op de eerste plaats een gekoesterde en uitvergrote herinnering is aan een grotendeels geconstrueerd verleden.

CC Dani (CC BY-NC-ND 2.0)

De Mezquita in Cordoba, Andalucia

Wie de begrippen mediterraan en diversiteit aan elkaar koppelt, komt al snel uit bij Al Andalus. De periode van zeven eeuwen moslimbestuur onder Oemmajaden, Almohaviden, Nasriden en Almoraden-dynastieën in het zuidelijke deel van Spanje heeft in het actuele discours over diversiteit in Europa mythische dimensies gekregen, als de periode waarin de creatieve ontmoeting van islam, judaïsme en christendom tot hoogtepunten van (Europese) cultuur leidde.

En Al Andalus was bijlange niet de enige periode of plaats was waar de mediterrane kruisbestuiving tot prachtige artistieke en wellicht ook maatschappelijke vruchten geleid heeft. Cyprus, Egypte en de Ottomaanse periode leveren daarvan eigen voorbeelden, met telkens hun eigen sterktes en zwaktes. Het Parijse Institut du Monde Arabe maakte dit lles al duidelijk in 2000, door een tentoonstelling over Al Andalus een meervoudstitel te geven: Les Andalousies. Nasser El Ansary, toenmalig directeur van het IMA, vatte hetgeen kwam bovendrijven uit het onderzoek naar dat meervoudige Andaloesië samen in twee grote ideeën: een kruispunt van culturen en een vruchtbaar samenleven van verschillen. ‘De Middellandse Zee is wellicht de plek waar de sterkste interactie tussen verschillende maatschappijen op deze planeet plaatsvindt. En ze heeft een rol gespeeld in de geschiedenis van de menselijke beschaving die de rol van enig ander stuk zee ver heeft overtroffen’, zegt ook David Abulafia.

It’s the economy, intellectual

De verscheidenheid onder de bevolking werd door de meeste regimes uitdrukkelijk gemanaged op een manier die we vandaag onaanvaardbaar zouden vinden

De belangrijkste drijfveer achter de geroemde convivencia van culturen was zelden de ethische zoektocht naar de andere of de ideologische keuze voor diversiteit. Als de mediterrane wereld een regio is waar multiculturaliteit en diversiteit beoefend werden lang voordat de termen uitgevonden werden, dan is dat op de eerste plaats te danken aan de handel die de talloze havensteden groot maakte en de mensen tot in de verre hinterlanden engageerde. Het intellectuele gesprek was –zoals steeds- een randgebeuren in vergelijking met de handelsactiviteiten die de ontmoetingen noodzakelijk maakten. En de verscheidenheid onder de bevolking werd door de meeste regimes uitdrukkelijk gemanaged op een manier die we vandaag bijzonder onaanvaardbaar zouden vinden.

Abulafia noemt de handelaars dan ook “gewenste buitenstaanders” die vaak beperkt werden in hun bewegingsvrijheid –wat ook zijn consequenties had voor de dagelijkse diversiteit, zelfs in de kosmopolitische centra als Alexandrië, Constantinopel/Istanbul of Carthago. ‘Een stoutmoedige koopman staat bijna per definitie buiten de maatschappij; hij is iemand die fysieke en culturele grenzen overschrijdt, nieuwe goden tegenkomt, allerlei verschillende talen hoort en wordt blootgesteld aan de scherpe kritiek van de bewoners van de plaatsen die hij bezoekt op zoek naar goederen die in zijn eigen land niet voorhanden zijn.’ De dragers van diversiteit werden daarom zowel gevreesd als gerespecteerd, en dat zowel door heersers als door de bevolking.

Dat is nu verleden tijd

De enthousiaste reconstructies van de culturele, religieuze en wetenschappelijke uitwisselingen rond de Middellandse Zee tijdens de eerste zeven eeuwen van de islamitische tijdrekening doen meestal geen recht aan de ongetwijfeld grote complexiteit en de veelheid aan contradicties van de toenmalige werkelijkheid. Maar zelfs los van de vraag naar historische accuraatheid van de beschrijvingen van middeleeuwse ervaringen, is er de vaststelling dat de politiek-militaire evoluties van het voorbije millennium het samenleven en kruisbestuiven hoe langer hoe moeilijker maakten.

De katholieke reconquista van Spanje en de etnisch-religieuze zuivering die daarop volgde, de doctrinaire verharding en militarisering van de islam die persoonlijke vrijheid en verantwoordelijkheid in de religieuze ban sloeg, de kruistochten, de kolonisatie en de wedijver tussen machthebbers van gelijke of diverse religieuze achtergrond, de neoliberale wereldorde: als de diversiteit al niet te vuur en te zwaard bestreden werd, dan leefde ze in elk geval onder de steeds grotere bedreiging van machthebbers die niet alleen grondgebied veroverden, maar daarmee ook een claim legden op de overtuigingen en levenswijzen van de bevolkingen die er leefden.

De negentiende-eeuwse koloniale avonturen en het nationalisme en racisme van de vroege twintigste eeuw verminderden de diversiteit op de Europese oever

De negentiende-eeuwse koloniale avonturen en het nationalisme en racisme van de vroege twintigste eeuw verminderden de diversiteit op de Europese oever, terwijl de Afrikaanse en Aziatische landen tijdens de postkoloniale periode ook niet meteen de diversiteit van hun bevolkingen omarmden. De voortdurende strijd tussen islamistische herlevingsbewegingen en politieke ideologieën van socialistische en/of nationalistische snit heeft de ruimte voor dissidente ideeën en bewegingen in de brede Arabische wereld en dus ook in de Maghreb en de Mashrak voortdurend verkleind. Het gevolg is dat op beide oevers van de Middellandse Zee de perceptie leeft dat zich aan de andere kant van het gedeelde water een monoculturele wereld bevindt.

‘De Arabische wereld is een intellectuele woestijn’, zei de Marokkaanse schrijver Tahar Ben Jelloun in een gesprek met Samira Bendadi van MO* eind 2011, toen hij in Gent was om een eredoctoraat in ontvangst te nemen. Hij gaf daarmee nog eens een late echo van het eerste Arab Human Development Report, waarin dezelfde stelling met veel cijfers gestaafd werd. Ironisch genoeg kreeg Ben Jelloun zijn eredoctoraat niet omwille van zijn kritische of artistieke werk, maar voor zijn allereenvoudigste boekje, waarin hij het racisme uitlegt aan zijn dochter. Dat de intellectuele verwoestijning zich ook ten noorden van de Middellandse Zee voortzet, wou Tahar Ben Jelloun niet zeggen. Toch leek zijn eredoctoraat die vrees te bevestigen.

Wie is Arabier?

© Mohamed Zock

“Our City, Our Way”, Tripoli, Libanon

Okwui Enwezor, de paus van de hedendaagse kunst in en uit Afrika, verzorgde in 2011 Meeting Points 6, een multidisciplinair en reizend artistiek initiatief dat de hedendaagse creatie in de Arabische wereld onderzoekt en toont. Ik vroeg hem bij de Brusselse voorstelling van dat initiatief hoe hij zijn klassieke klemtoon op culturele kruisbestuiving en métissage vertaald had naar een wereld die daar zeker niet om bekend stond.

‘De Arabische wereld is geen monolitische realiteit op het vlak van culturele, etnische of sociale uitgangspunten of hiërarchieën’

‘De Arabische wereld is geen monolitische realiteit op het vlak van culturele, etnische of sociale uitgangspunten of hiërarchieën’, begon Enwezor zijn antwoord. ‘Je zou zelfs kunnen stellen dat de Arabische wereld dé syncretische ruimte bij uitstek is. Wie is een Arabier, tenslotte? Is dat een etnische categorie? Een linguïstische? Een religieuze? Libanon is de plek waar die hele fragmentering en diversiteit van de Arabische identiteit het meest zichtbaar is, maar ze speelt in heel de regio. Zelfs de nadruk die velen leggen op de Arabische wereld als een islamitische wereld is niet helemaal terecht. Al klopt het wel dat de joodse gemeenschappen de voorbije decennia bijna verdwenen zijn uit de regio.’

Enwezor weet dat het in de 21ste eeuw niet evident is om het Arabische deel van de Middellandse Zee te blijven zien als een plek waar culturen en etnische groepen elkaar ontmoeten. Toch ‘blijft ontmoeting en vermenging ook vandaag aanwezig,’ zegt hij, ‘al was het maar als oproep en uitdaging. Dat zie je bijvoorbeeld in het werk van de Frans-Marokkaanse kunstenaar Ivan Boccara. Hij creëert nu werk aan de hand van super8 films die zijn vader, een dokter, in het Atlasgebergte maakte, onder andere van de verdwijnende joodse gemeenschappen. Het is nu een nostalgische reflectie op de wereld en het land dat had kunnen zijn, op verloren kansen tot wederzijdse verrijking.’

Het is de schuld van …

De verantwoordelijkheid voor die gemiste kansen wordt in veel analyses op het conto geschreven van het Westen. En daar zijn tal van redenen voor: de barbarij van de kruistochten, de koloniale bezettingen, de kuiperijen en oorlogen van de dekolonisering, het militaire opbod van de Koude Oorlog, de blijvende dominantie in de voorbije decennia… Indien de overheden van Noord-Afrika en Klein-Azië de voorbije halve eeuw repressief en autoritair waren –en dus de erfenis van de veelkleurige middeleeuwen onwaardig- dan was dat niet alleen een gevolg van de lange schaduw van die Europese interventies, maar ook van de voortdurende westerse steun aan cliëntregimes in de regio, ongeacht hun omgang met mensenrechten, rechtsstaat en vrijheid.

Lakhdar Brahimi wijst niet alleen naar de overkant van de Middellandse Zee om te verklaren wat er fout ging in de regeringen van Marokko tot Libanon en verder.

De Algerijnse topdiplomaat Lakhdar Brahimi, die onder andere de VN-missies in Afghanistan en Irak leidde onmiddellijk na de door Amerika geleide aanvallen in respectievelijk 2001 en 2003, heeft daar zijn eigen mening over. Hij wijst niet alleen naar de overkant van de Middellandse Zee om te verklaren wat er fout ging in de regeringen van Marokko tot Libanon en verder.

‘Na de onafhankelijkheidsbewegingen in de jaren vijftig en zestig hadden de mensen hun vertrouwen gesteld in ons, in de seculiere intellectuelen die zouden zorgen voor vooruitgang, rechtvaardigheid en waardigheid. De politieke islam bestond toen al in zijn gematigde, conservatieve en radicale vormen, maar niemand luisterde naar hun oproep om de republiek te verwerpen te voordele van hun kalifaat. Maar we hebben dat vertrouwen niet waargemaakt. Het is dus niet zo dat de bevolking ons laat vallen, wij hebben de gewone mensen aan hun onfortuinlijke lot overgelaten. Wij kunnen dus niet anders dan onszelf de schuld geven van het feit dat veel mensen zich vandaag achter de vlag van de politieke islam scharen. Ook al moeten we daar natuurlijk aan toevoegen dat de internationale omgeving ons echt niet geholpen heeft om onze beloften te realiseren.’

Lakhdar Brahimi hoopte toen ik hem sprak eind 2011, samen met heel veel anderen, dat de Arabische Lente het herstel zou inluiden van open debat en reële verdraagzaamheid in zijn deel van de wereld. Nog voor die veelbelovende volksbeweging uitbarstte, waarschuwde de Libanese journalist en auteur Rami G. Khoury voor te veel en te gratuit enthousiasme voorde poging van honderden miljoenen mensen om te breken met de vazallen-van-het-Westen mentaliteit’.

Khoury: ‘De vele islamistische bewegingen in de regio zijn de belangrijkste dragers geweest van dit streven naar eigen identiteiten en belangen, maar zij blijven op de eerste plaats defensief en reactionair. Ze mankeren elke bewezen capaciteit om de massale noden op het vlak van werkgelegenheid, milieubescherming en politieke modernisering aan te pakken…Politieke liberalisering en democratisering liggen momenteel begraven onder het verpletterende gewicht van corrupte Arabische veiligheidsstaten, emotie- en angstgedreven massabewegingen en het ondermijnende impact van Israëlische, Amerikaanse of andere buitenlandse interventies.’

© Fanni Raghman Anni

“We are here / Gaza”, uit het Masar 1 project, Algerije

… het Israëlische optreden

‘De oudste en krachtigste motor van ongenoegen, onevenwicht en radicalisme in de regio: het Arabisch-Israëlisch conflict’

Rami Khoury verwijst terecht naar ‘de oudste en krachtigste motor van ongenoegen, onevenwicht en radicalisme in de regio: het Arabisch-Israëlisch conflict’. Dat conflict –en meer bepaald de koloniale praktijk van Israël- biedt de extremisten immers een voordeelpositie tegenover de gematigde strekkingen of pleitbezorgers van culturele uitwisseling met het Westen –wat vanuit mediterraan perspectief eigenlijk gewoon het Noorden is. Ook Brahimi zei dat ‘Palestina onveranderd het allerallergrootste probleem van het Midden-Oosten blijft’.

Als een conflict de geesten polariseert, blijft er weinig ruimte over om de zee, haar oevers en haar havens te laten functioneren als kruispunten en ontmoetingsplaatsen. Dat was in de middeleeuwen zo en dat blijft ook vandaag het geval. Dat betekent uiteraard niet dat iedereen zich maar heeft neer te leggen bij de vaststelling dat de doctrinaire ideologen het landschap (en de landbouwgebieden en de olievelden) van het Midden-Oosten bezetten. Interculturele dialoog is in elk tijdperk en in elke staat of regio een opdracht, een doelstelling waarvoor gestreden moet worden, niet een natuurfenomeen dat louter gesmaakt of verworpen kan worden.

Beminnende beschavingen

Als de mediterrane regio anno 2012 opnieuw een plaats wil worden waar een intense en voortdurende interactie plaatsvindt tussen mensen en volkeren met heel uiteenlopende overtuigingen en manieren van leven, dan volstaat het niet om romantische herinneringen te koesteren aan een wereld die nooit bestaan heeft noch om mondiale conferenties te organiseren, zoals die van de Alliantie van de Beschavingen van de Verenigde Naties. ‘We moeten af van het idee van de botsende beschavingen,’ zei professor Dhananjayan Srishkandarajah op een bijeenkomst van die Alliantie in Doha, Qatar, in 2011. ‘Vroeger werd cultuur genegeerd, daarna werd het geproblematiseerd en gezien als bron van conflict. Nu is het is tijd voor een nieuwe visie waarin verschillende culturen gevierd worden. We hebben nood aan een visie van beminnende beschavingen.’

Wat nodig is, is een aggiornamiento op alle oevers van de Middellandse Zee, een politieke beweging die alle ramen, deuren en –waarom niet- grenzen opengooit

Dat klinkt zo ongevaarlijk mooi, dat het zeker ontoereikend is. Wat nodig is, is een aggiornamiento op alle oevers van de Middellandse Zee, een politieke beweging die alle ramen, deuren en –waarom niet- grenzen opengooit. De Tunesische oed-speler Anouar Brahem, die voortdurend de grenzen van zijn muzikale territorium aftast en overschrijdt, zei in een internview enkele jaren geleden:

‘Mijn betrokkenheid op de wereld begon op mijn zeventiende. Ik wou een grote reis maken en mijn vader vond dat prima. Samen met een vriend reisde ik door Marokko, Algerije, Spanje, Frankrijk, België, Nederland, Duitsland, Zwitserland en Italië. Negen landen en ik had niet één visum nodig! Dat is vandaag helemaal anders. Terwijl de grenzen voor Europeanen verdwijnen, verschijnen er muren voor Maghrebijnen. Dat verklaart het grote isolement waarin jonge mensen vandaag opgroeien. Hun enige mogelijkheid om de wereld met al zijn verschillende tradities, smaken, muziek, religies en gewoonten te leren kennen, is het internet. Maar als je geen kans hebt om echte mensen in reële omgevingen te ontmoeten, verdwijnt de nieuwsgierigheid om er virtueel naar op zoek te gaan.’

© Adem Yahiaoui

Uit het Masar 1 project (Tunesië / Gaza). Beeld uit Gaza.

Botsende culturen zijn beter

Elke poging in (Zuid-)Europa, Noord-Afrika of Klein-Azië om echte mensen met elkaar in een onbevangen ontmoeting te laten treden, is een stap in de richting van het herstel van de “duizelingwekkende veranderlijkheid” en de historische diversiteit van de regio. De hele mensheid zou voordeel hebben bij zo’n hernieuwde interactie, het is dan ook niet onterecht om te verwachten dat de hele wereld in dat proces van de-polarisering, democratisering en debat zou investeren. Dat moet niet per se op moreel zuivere gronden. Toen de Ottomanen vanaf de zestiende eeuw actief zochten naar contact met het westerse denken, was dat ook niet onbevangen of louter voor het intellectuele plezier.

Tegenstellingen zichtbaar maken en veel confrontaties provoceren is niet tegengesteld aan ontmoeting, het is een van de vele verschijningen ervan. Botsende culturen zijn beter dan elkaar vermijdende en verwerpende culturen.

De periode van Lusignanbestuur in Cyprus tussen 1191 en 1489 was niet bepaald een voorbeeld van onbevooroordeelde contacten tussen Oost en West, maar dat belette niet dat de contacten plaatsvonden en resulteerden in tijdloze artistieke creatie. Net zo kunnen wij vandaag de politieke grenzen doorbreken voor handel, wederzijds toerisme, historisch onderzoek, intellectuele debatten, internationale solidariteit en kritische berichtgeving. Dat zal allerlei tegenstellingen zichtbaar maken en veel confrontaties provoceren. Dat is niet tegengesteld aan ontmoeting, het is een van de vele verschijningen ervan. Botsende culturen zijn beter dan elkaar vermijdende en verwerpende culturen.

‘Ik pleit niet voor zogenaamde tolerantie of voor een droom van rimpelloze diversiteit,’ zei de Frans-Libanese schrijver Amin Maalouf in een lang gesprek in Parijs, ‘maar voor een rechtvaardige en consequente houding.’ Maalouf had op de eerste plaats de discussie over integratie van Magrebijnse migranten in landen aan de noordzijde van de Middellandse Zee in gedachten toen hij verder ging: ‘De idee om mensen op te sluiten in hun culturele verschillen vind ik even onaanvaardbaar als gedwongen assimilatie. Ik pleit voor de vrijheid en de mogelijkheid voor iedereen om zijn of haar eigen keuzes te maken. Iedereen moet vrij en sereen kunnen leven zonder dat iemand anders hem of haar een identiteit oplegt of verbiedt.’

Die stelling is zonder meer ook valabel voor de situatie de de Amazigh in Marokko of Algerije, de Alevieten in Turkije, de Afrikaanse gastarbeiders en migranten in Libië…: ‘Iedereen moet kunnen leven zonder zijn naam, identiteit, gezicht, kleur of taal te moeten verbergen… Integratie is geen éénrichtingsverkeer.’

 

P.S. De interviews met Amin Maalouf, Lakhdar Brahimi, Anouar Brahem en Okwui Enwezor zijn volledig na te lezen op MO.be

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur