In gesprek met politiek econoom Hielke Van Doorslaer over de inflatie- en koopkrachtcrisis

‘Waarom zijn het steeds dezelfde mensen die winnen en verliezen?’

© Sociaal.Net / Lisa Develtere

Hielke Van Doorslaer: ‘De inflatie treft niet iedereen gelijk. Alleenstaanden en mensen met een laag inkomen hebben het lastiger dan hoogopgeleide tweeverdieners met zonnepanelen en een warmtepomp.’

Na een economische crisis volgt géén nieuw evenwicht dat optimaal is voor iedereen — in tegenstelling tot wat klassieke economen geloven. Politiek econoom Hielke Van Doorslaer neemt daarom liever de machtsverhoudingen onder de loep. Wie wint en wie verliest? ‘De inflatie treft niet iedereen gelijk. Opnieuw zijn het kwetsbare groepen die het meest onder druk staan.’

‘Klassieke economen denken dat het rationele, individuele gedrag van mensen ons economisch systeem bepaalt’, klinkt het aan het begin van ons gesprek met politiek econoom Hielke Van Doorslaer (Universiteit Gent). ‘Hun mensbeeld is dat van de homo economicus, die perfect kan inschatten wat er in de toekomst zal gebeuren en op basis daarvan handelt.’

‘Al die individuele acties samen vormen dan onze economie. Af en toe doet er zich een crisis voor, maar dan is er altijd een onzichtbare hand die zorgt voor een terugkeer naar een evenwicht. Op basis daarvan zien klassieke economen zichzelf als neutrale spelers die de evolutie naar dat evenwicht enkel een beetje versnellen. Onzin, natuurlijk.’

Het is een grijze dag in een Antwerpse koffiebar. Van Doorslaer is moe. Hij is net vader geworden en de nachten zijn kort. Toch gaat hij meteen bevlogen van start.

Politiek-economische keuzes

U rekent zichzelf niet tot de groep klassieke economen?

Hielke Van Doorslaer: Nee, ik heb meer affiniteit met de postkeynesiaanse school. Dat is een minderheidsstroming, die de wind in de zeilen heeft. Door de financiële crisis en de huidige inflatie- en koopkrachtcrisis stoot het klassieke economische denken immers op zijn grenzen.

‘Door de inflatie- en koopkrachtcrisis stoot het klassieke economische denken op zijn grenzen.’

Aanhangers van dat postkeynesiaanse denken zijn er niet van overtuigd dat het economisch systeem na een crisis automatisch tot een nieuw evenwicht komt dat voor iedereen in de meest optimale situatie voorziet. Zij hebben vooral oog voor de machtsverhoudingen in onze economie: Wie wint? Wie verliest? In het jargon heet dat het ‘distributief conflict’.

Daarover horen we bekende economen in praatprogramma’s niet spreken.

Hielke Van Doorslaer: Wat mij vooral zorgen baart, is dat in die tv-programma’s er amper doorgevraagd wordt. Het klopt dat het allemaal erg technisch is, maar het is jammer dat economie zo’n ontoegankelijk aura heeft gekregen, alsof het enkel iets is voor specialisten.

Dat maakt dat die experts al snel een houding krijgen van ‘Wij weten hoe het werkt’ of ‘Wij zorgen voor een uitkomst die voor iedereen de beste is’. Alsof daar geen politiek-economische keuzes achter schuil gaan.

U gaat daartegen in?

Hielke Van Doorslaer: Als politiek econoom leg ik de focus op de drie I’s: ideas, interests en institutions. Wat zijn de heersende economische ideeën? Hoe rijmen die met de belangen van verschillende groepen? En hoe wordt dat vormgegeven binnen bestaande instellingen zoals de Europese Centrale Bank?

Centrale banken en inflatie

Voor de leken onder ons: wat doet de Europese Centrale Bank (ECB)?

Hielke Van Doorslaer: De ECB is voor Europa de bank der banken. Als jij en ik geld nodig hebben, stappen we naar een commerciële bank. Als die commerciële bank op haar beurt geld nodig heeft, stapt ze naar de centrale bank die haar het geld leent of toestopt. Ultiem beheert de centrale bank dus de geld- en kredietstromen in de economie. Kortom, de ECB is de hoeder van ons financieel systeem.

Hoe neemt ze die rol op?

Hielke Van Doorslaer: De ECB is politiek onafhankelijk. Ze neemt autonoom beslissingen in functie van haar belangrijkste doelstelling: het bewaken van de prijsstabiliteit. Als ideaal stelt de ECB een inflatie van 2% voorop. Dat is zelfs in haar statuten vastgelegd.

Maar als je weet dat de inflatie in de Eurozone in november 2022 maar liefst 10,63% bedroeg, begrijp je dat de Europese Bank zich tot handelen gedwongen voelt. Vanwege die strikte focus op prijsstabiliteit hebben veel centrale bankiers het gevoel dat hun geloofwaardigheid op het spel staat.

© Sociaal.Net / Lisa Develtere

Wat mij vooral zorgen baart, is dat in die tv-programma’s er amper doorgevraagd wordt.

Hoe gaan centrale banken om met de huidige hoge inflatie?

Hielke Van Doorslaer: Het klassieke recept is het verhogen van de basisrentevoet. Wat al gebeurd is in juli, september, november en december. Zoals het woord zegt, dient deze rente als basis voor andere rentes in de economie: van de rente die je op je spaarboekje krijgt, tot de rente die ons land moet betalen als het staatsobligaties uitschrijft.

Je moet die rente zien als de prijs van het geld. Als de rente laag is, is geld goedkoop en zal er dus meer geld in de economie rondgaan. Is de basisrente hoog, dan zal er minder geld voorhanden zijn. Dat is een belangrijk inzicht als we het over inflatie hebben.

Waarom?

Hielke Van Doorslaer: De idee van klassieke economen is dat inflatie steeds veroorzaakt wordt door een florerende economie, meer bepaald door de grote vraag naar goederen en diensten. Om dat te bolwerken, moeten bedrijven op zoek naar werknemers, wat die laatsten in de positie stelt om meer loon te eisen. Die looneisen zullen worden doorgerekend, wat uiteindelijk de prijzen doet stijgen.

Het is die opwaartse spiraal van lonen die de centrale bank wil doorbreken door de rentevoet op te trekken. Geld wordt duurder, waardoor bedrijven minder zullen investeren. Er zal minder werkgelegenheid zijn, wat maakt dat mensen minder geld te besteden hebben en dat werknemers hun looneisen moeten temperen.

Minder jobs door renteverhoging

Begrijp ik het goed dat het doel van zo’n renteverhoging is om werkloosheid te creëren?

Hielke Van Doorslaer: Dat zal niet altijd zo expliciet gezegd worden, maar daar komt het wel op neer. Een centrale bank beslecht het distributief conflict daarmee de facto altijd in het voordeel van het kapitaal. Daar zie je dus het belang van de drie I’s. Centrale banken zijn instellingen die bepaalde ideeën uitdragen en daar belangen mee dienen, maar toch denken dat ze neutraal en apolitiek zijn. Dat is een fabel.

‘Cru gezegd worden de maatschappelijk kwetsbare groepen geofferd op het altaar van de prijsstabiliteit.’

Henry Ford zei ooit dat ‘het maar goed is dat de bevolking het monetair systeem niet begrijpt, anders zou er een revolutie plaatsvinden’.

Hielke Van Doorslaer: Dat is heel scherp gesteld, maar het monetair beleid is per definitie wel klassenpolitiek. De werkende klasse is het eerste slachtoffer van een renteverhoging. Meer zelfs: in deze groep zijn het ook nog eens op de eerste plaats mensen in een kwetsbare positie die het gelag betalen omdat er minder jobs zullen zijn.

Omgekeerd is krapte op de arbeidsmarkt vooral voordelig voor mensen in een kwetsbare positie. Het is immers pas wanneer de keuze uit het aantal arbeidskrachten beperkt is dat werkgevers mensen aanwerven die niet over de perfecte set competenties beschikken.

Maar die krapte op de arbeidsmarkt gaat de Europese bank nu wel te lijf?

Hielke Van Doorslaer: Cru gezegd worden de maatschappelijk kwetsbare groepen geofferd op het altaar van de prijsstabiliteit. Als je inflatie bestrijdt met een rentestijging, veroorzaak je werkloosheid. We weten op voorhand wie daar de dupe van zijn: kortgeschoolden, interimmers, mensen met een precair arbeidscontract. Zij zijn ook de laatsten die weer aangenomen worden als de economie opnieuw aantrekt.

Crisis, maar niet voor iedereen

Tegelijk moet er wel iets gebeuren. We zitten volop in een koopkrachtcrisis.

Hielke Van Doorslaer: Dat hangt ervan af hoe je het bekijkt. Als je op nationaal niveau kijkt, kan je voor België niet van een koopkrachtcrisis spreken. Dat komt door het bekende indexmechanisme, dat de crisis misschien niet volledig compenseert maar wel verzacht.

‘De huidige inflatie is in de eerste plaats het gevolg van onze blijvende afhankelijkheid van gas en olie.’

Een recente studie van de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, samenwerkingsverband van 38 rijke landen, red.) laat zien dat inwoners van landen zonder indexsysteem veel dieper in de problemen zitten dan wij. Ondanks alle kritiek is onze index dus een probaat middel om de koopkracht te handhaven. Eigenlijk zouden we het op Europees niveau moeten hebben.

Maar hoe komt het dan dat veel sociaal werkers toch overspoeld worden met vragen van mensen die hun facturen niet kunnen betalen?

Hielke Van Doorslaer: Als je het op individueel niveau bekijkt, zie je dat inflatie niet iedereen gelijk treft. Opnieuw zijn het kwetsbare groepen die het meest onder druk staan. Alleenstaanden, mensen met een laag inkomen en huurders zitten met een gigantisch probleem. Hun uitgaven zijn enorm gestegen door de heersende energiecrisis.

Hoogopgeleide tweeverdieners met zonnepanelen en een warmtepomp hebben het een pak beter. Bovendien worden zij nu overgecompenseerd, terwijl ze sowieso al een lager deel van hun beschikbaar loon aan energie en basisgoederen uitgeven. Opnieuw dat distributief conflict: sommigen winnen, sommigen verliezen.

Alternatieve oplossingen

Als kwetsbare burgers zo onder druk staan, dan kunnen we toch niet anders dan optreden tegen de stijgende prijzen?

Hielke Van Doorslaer: Natuurlijk moeten we maatregelen nemen. Iedereen is het erover eens dat te hoge inflatie bekampt moet worden. Mensen zien af. Maar het is wel een beetje pervers dat door het huidige beleid mensen die nu al onder druk staan, nog meer zullen afzien. Vooral omdat er betere alternatieven zijn.

Vertel eens.

Hielke Van Doorslaer: Van waar komt de inflatie? Die ligt vandaag alvast niet aan de stijgende lonen van de werknemers. Het verhaal is complexer.

De oorlog in Oekraïne heeft de prijzen van fossiele brandstoffen en energie door het dak doen gaan. De huidige inflatie is dus in de eerste plaats het gevolg van onze blijvende afhankelijkheid van gas en olie.

Vergeet ook niet de impact van de coronacrisis. Die heeft de aanbodszijde van onze economie helemaal overhoop gehaald. Door corona zag je een verschuiving in ons consumptiepatroon. We konden niet meer op restaurant of café. Wat we massaal kochten waren geen diensten maar verbruiksgoederen: verf om de kamer te schilderen, een ergonomische stoel voor het werk, of een nieuw televisietoestel om ’s avonds naar te kijken.

Maar dat soort verbruiksgoederen zijn prijsgevoeliger dan diensten. Ze zijn sterk onderhevig aan het vlot functioneren van de toeleveringsketens. En laat die ketens nu nog steeds aan het herstellen zijn van de effecten van corona.

Het kost meer moeite dan voordien om goederen uit China te laten overkomen?

Hielke Van Doorslaer: Bedrijven wilden vóór corona zo weinig mogelijk betalen voor het stockeren van goederen. Ze werkten steeds meer via just in time-leveringen. Alleen liep dat principe door de lockdowns in het honderd.

Op de lange duur gingen grote bedrijven anticiperen op die tekorten door massaal voorraden in te kopen. Dat wakkerde de artificiële schaarste aan en dreef de prijzen verder op. Daar ligt ook een belangrijke oorzaak van de inflatie.

Een renteverhoging zal daar niets aan veranderen?

Hielke Van Doorslaer: Het gaat inderdaad om processen waar een lineaire renteverhoging niets aan verhelpt.

Bovendien zien we dat er zoals steeds winnaars zijn. De winstmarges van bedrijven zijn vandaag historisch hoog, dat geldt zeker voor de energieproducenten. Hun overwinsten afromen is dus een evidentie.

‘Het beste anti-inflatiebeleid is een gericht investeringsbeleid. Op die manier pak je inflatie, klimaatopwarming en ongelijkheid aan.’

Verder is het beste anti-inflatiebeleid vandaag een gericht investeringsbeleid. Centrale banken zouden zich hierin kunnen inschakelen door de prijs van gerichte, groene investeringen laag te houden.

Zo kunnen we meerdere vliegen in één klap vangen: de economie vergroenen, maar er ook voor zorgen dat de huizen van kwetsbare groepen de eerste zijn die we isoleren of op een warmtenet aansluiten. Op die manier pak je inflatie, klimaatopwarming en ongelijkheid aan.

Monetair beleid en technocraten

Dat klinkt verstandig, maar waarom gebeurt dat niet?

Hielke Van Doorslaer: Omdat een aantal dogma’s dat verhinderen. De ECB en vele klassieke economen zien zichzelf als politiek neutraal. Dat wil zeggen dat zij zich niet geplaatst voelen om keuzes te maken die bepaalde economische sectoren of activiteiten bevoordelen.

Meer politieke sturing zou dat kunnen verhelpen. De Europese centrale bankiers moeten vandaag wel verantwoording afleggen aan het Europees Parlement. Alleen zie je dat onze Europarlementsleden in regel niet kritisch genoeg zijn. Als je de onafhankelijkheid van de ECB in vraag stelt, stel je jezelf al snel buiten de marges van het debat. Het is quasi onbespreekbaar.

Wat zijn dan argumenten om dit cruciale beleid in handen van technocraten (van de ECB, red.) te geven?

Hielke Van Doorslaer: De angst is dat politici geneigd zullen zijn om, zeker voor verkiezingen, extra geld bij te creëren en onverantwoord vrijgevig te zijn naar hun kiezers. Dat zal dan inflatie creëren en het monetair systeem instabiel maken.

Vandaar de keuze voor zogenaamd politiek neutrale technocraten. Het gros van de centrale bankiers gaat ervan uit dat ze de best mogelijke oplossing afleveren, doordat zij autonoom en met kennis van zaken handelen, en dat hun beslissingen daarom neutraal zijn. Maar opnieuw: dat is een fictie.

© Sociaal.Net / Lisa Develtere

‘Het beste anti-inflatiebeleid is een gericht investeringsbeleid. Op die manier pak je inflatie, klimaatopwarming en ongelijkheid aan.’

En niemand binnen de ECB stelt zich daar vragen bij?

Hielke Van Doorslaer: Het is genuanceerder dan dat. Maar toch: vergeet niet dat je dit beleid uitbesteedt aan een kleine groep mensen die erg op elkaar lijken, zeer sterk dezelfde ideeën delen en zelden of nooit worden blootgesteld aan mensen in een kwetsbare positie die hun beleid moeten ondergaan.

‘We moeten het monetair beleid politiseren. Confronteer centrale bankiers met de gevolgen van hun keuzes.’

Hoe veranderen we dat?

Hielke Van Doorslaer: We moeten het monetair beleid politiseren. Ik kijk daarvoor op de eerste plaats naar de vakbonden, maar ook naar het sociaal werk. De mensen waarvoor jullie werken, zijn de eerste slachtoffers van dit technocratisch beleid. Confronteer centrale bankiers met de gevolgen van hun keuzes.

In de Verenigde Staten organiseerde de Amerikaanse centrale bank (ook gekend als The Fed, red.) een paar jaren geleden FED listen events om haar beleid waar nodig bij te sturen. Een aantal sociale organisaties zijn er toen in geslaagd om belangenbehartigers van achtergestelde groepen aan het woord te laten. Zij brachten de boodschap dat het klassieke economische beleid hen steeds opnieuw benadeelt zonder dat zij er ooit de vruchten van plukken.

Op korte termijn zag je toen dat er andere afwegingen gemaakt werden, maar de huidige inflatiecrisis gooide opnieuw roet in het eten. Toch zie ik er een sprankel hoop in.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Toch lijkt het een haast onmogelijke opgave om het tij te doen keren.

Hielke Van Doorslaer: Als ik wanhoop, denk ik aan een paar versregels van de Nederlandse schrijver Remco Campert: ‘Jezelf een vraag stellen/daarmee begint verzet/en dan die vraag aan een ander stellen.’

Waarom zijn het steeds dezelfde mensen die het sterkst onder inflatie lijden? En waarom worden zij ook nog eens getroffen door de zogenaamde oplossingen? Waarom zijn het steeds dezelfde mensen die erbij winnen?

Ik ga niet ontkennen dat we met ongelijke wapens kampen, maar daar mag je de strijd niet voor staken. Want ook dat is politiseren: een gevecht dat bij voorbaat verloren lijkt, toch voeren.

Dit interview verscheen eerder bij sociaal.net.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift